InfoNu.nl > Mens en Samenleving > Religie > Tehilliem: Psalm 18 - een Joodse uitleg

Tehilliem: Psalm 18 - een Joodse uitleg

Tehilliem: Psalm 18 - een Joodse uitleg Psalm 18: Als men een wonder ervaart, moet men een lied aan G'd aanbieden, inclusief al de wonderen die plaats hebben gevonden sinds de wereld werd geschapen, als ook het goede dat G'd heeft gedaan voor Israël bij het geven van de Tora. En men moet zeggen: "Hij die deze wonderen heeft getoond, mag Hij hetzelfde met me doen." Koning David schreef dit gebed toen hij nog jong was en omgeven werd door vele problemen en ongelukken. Dit lied moest hem kracht geven voor de rest van zijn leven.

Tekst Psalm 18

Van den knecht des Eeuwige, van David, die tot de Eeuwige de woorden van dit lied sprak, ten dage dat de Here hem verlost had uit den greep van al zijn vijanden en uit de hand van Saul. Hij zeide: Ik heb U hartelijke lief, Here mijn sterkte, o Eeuwige, mijn steenrots, mijn vesting en mijn bevrijder, mijn G'd, mijn Rots, bij wie ik schuil, mijn schild, hoorn mijns heils, mijn burcht. Geloofd zij de Eeuwige, roep ik uit; want van mijn vijanden ben ik verlost. Banden des doods hadden mij omvangen, en stromen van verderf hadden mij overvallen, banden van het dodenrijk hadden mij omgeven, valstrikken van den dood lagen op mijn weg. Toen het mij bang te moede was, riep ik den Eeuwige aan, tot mijn G'd riep ik om hulp. Hij hoorde mijn stem uit zijn paleis, mijn hulpgeroep tot
…..
…..
Gij deed mij ontkomen aan de twisten van het volk, Gij stelde mij tot hoofd der natiën; volken die ik niet kende, werden mij dienstbaar; nauwelijks hadden zij van mij gehoord, of zij gehoorzaamden mij; vreemden veinsden onderdanigheid tegenover mij, Vreemden verloren hun kracht en verlieten bevend hun burchten. De Eeuwige leeft. Geprezen zij mijn Rots, en verhoogd zij de G'd mijns heils, de G'd, die mij wraak heeft verleend, die volken onder mij gebracht heeft, die mij van mijn vijanden heeft gered. Ja, Gij hebt mij verhoogd boven hen die tegen mij stonden, Gij hebt mij gered van den geweldenaar. Daarom loof ik U, o Eeuwige, onder de volken en wil ik uw naam psalmzingen. Hij schenkt zijn koning grote uitreddingen, en betoont trouw aan zijn gezalfde, aan David en zijn nageslacht voor altijd.

Hebreeuwse tekst van Psalm 18

א לַמְנַצֵּחַ לְעֶבֶד יְהוָה לְדָוִדאֲשֶׁר דִּבֶּר לַיהוָה אֶת-דִּבְרֵי הַשִּׁירָה הַזֹּאת בְּיוֹם הִצִּיל-יְהוָה אוֹתוֹ מִכַּף כָּל-אֹיְבָיו וּמִיַּד שָׁאוּל. ב וַיֹּאמַר אֶרְחָמְךָ יְהוָה חִזְקִי. ג יְהוָה סַלְעִי וּמְצוּדָתִי וּמְפַלְטִיאֵלִי צוּרִי אֶחֱסֶה-בּוֹ מָגִנִּי וְקֶרֶן-יִשְׁעִי מִשְׂגַּבִּי. ד מְהֻלָּל אֶקְרָא יְהוָה וּמִן-אֹיְבַי אִוָּשֵׁעַ. ה אֲפָפוּנִי חֶבְלֵי-מָוֶת וְנַחֲלֵי בְלִיַּעַל יְבַעֲתוּנִי. ו חֶבְלֵי שְׁאוֹל סְבָבוּנִי קִדְּמוּנִי מוֹקְשֵׁי מָוֶת. ז בַּצַּר-לִי אֶקְרָא יְהוָה וְאֶל-אֱלֹהַי אֲשַׁוֵּעַיִשְׁמַע מֵהֵיכָלוֹ קוֹלִי וְשַׁוְעָתִי לְפָנָיו תָּבוֹא בְאָזְנָיו. ח וַתִּגְעַשׁ וַתִּרְעַשׁ הָאָרֶץ וּמוֹסְדֵי הָרִים יִרְגָּזוּוַיִּתְגָּעֲשׁוּ כִּי-חָרָה לוֹ. ט עָלָה עָשָׁן בְּאַפּוֹ וְאֵשׁ-מִפִּיו תֹּאכֵלגֶּחָלִים בָּעֲרוּ מִמֶּנּוּ. י וַיֵּט שָׁמַיִם וַיֵּרַד וַעֲרָפֶל תַּחַת רַגְלָיו. יא וַיִּרְכַּב עַל-כְּרוּב וַיָּעֹף וַיֵּדֶא עַל-כַּנְפֵי-רוּחַ. יב יָשֶׁת חֹשֶׁךְ סִתְרוֹ סְבִיבוֹתָיו סֻכָּתוֹחֶשְׁכַת-מַיִם עָבֵי שְׁחָקִים. יג מִנֹּגַהּ נֶגְדּוֹ עָבָיו עָבְרוּ בָּרָד וְגַחֲלֵי-אֵשׁ. יד וַיַּרְעֵם בַּשָּׁמַיִם יְהוָה וְעֶלְיוֹן יִתֵּן קֹלוֹ בָּרָד וְגַחֲלֵי-אֵשׁ. טו וַיִּשְׁלַח חִצָּיו וַיְפִיצֵם וּבְרָקִים רָב וַיְהֻמֵּם. טז וַיֵּרָאוּ אֲפִיקֵי מַיִם וַיִּגָּלוּ מוֹסְדוֹת תֵּבֵלמִגַּעֲרָתְךָ יְהוָה מִנִּשְׁמַת רוּחַ אַפֶּךָ. יז יִשְׁלַח מִמָּרוֹם יִקָּחֵנִי יַמְשֵׁנִי מִמַּיִם רַבִּים. יח יַצִּילֵנִי מֵאֹיְבִי עָז וּמִשֹּׂנְאַי כִּי-אָמְצוּ מִמֶּנִּי. יט יְקַדְּמוּנִי בְיוֹם-אֵידִי וַיְהִי-יְהוָה לְמִשְׁעָן לִי. כ וַיּוֹצִיאֵנִי לַמֶּרְחָב יְחַלְּצֵנִי כִּי חָפֵץ בִּי. כא יִגְמְלֵנִי יְהוָה כְּצִדְקִי כְּבֹר יָדַי יָשִׁיב לִי. כב כִּי-שָׁמַרְתִּי דַּרְכֵי יְהוָה וְלֹא-רָשַׁעְתִּי מֵאֱלֹהָי. כג כִּי כָל-מִשְׁפָּטָיו לְנֶגְדִּי וְחֻקֹּתָיו לֹא-אָסִיר מֶנִּי. כד וָאֱהִי תָמִים עִמּוֹ וָאֶשְׁתַּמֵּר מֵעֲו‍ֹנִי. כה וַיָּשֶׁב-יְהוָה לִי כְצִדְקִי כְּבֹר יָדַי לְנֶגֶד עֵינָיו. כו עִם-חָסִיד תִּתְחַסָּד עִם-גְּבַר תָּמִים תִּתַּמָּם. כז עִם-נָבָר תִּתְבָּרָר וְעִם-עִקֵּשׁ תִּתְפַּתָּל. כח כִּי-אַתָּה עַם-עָנִי תוֹשִׁיעַ וְעֵינַיִם רָמוֹת תַּשְׁפִּיל. כט כִּי-אַתָּה תָּאִיר נֵרִי יְהוָה אֱלֹהַי יַגִּיהַּ חָשְׁכִּי. ל כִּי-בְךָ אָרֻץ גְּדוּד וּבֵאלֹהַי אֲדַלֶּג-שׁוּר. לא הָאֵל תָּמִים דַּרְכּוֹאִמְרַת-יְהוָה צְרוּפָה מָגֵן הוּא לְכֹל הַחֹסִים בּוֹ. לב כִּי מִי אֱלוֹהַּ מִבַּלְעֲדֵי יְהוָה וּמִי צוּר זוּלָתִי אֱלֹהֵינוּ. לג הָאֵל הַמְאַזְּרֵנִי חָיִל וַיִּתֵּן תָּמִים דַּרְכִּי. לד מְשַׁוֶּה רַגְלַי כָּאַיָּלוֹת וְעַל בָּמֹתַי יַעֲמִידֵנִי. לה מְלַמֵּד יָדַי לַמִּלְחָמָה וְנִחֲתָה קֶשֶׁת-נְחוּשָׁה זְרוֹעֹתָי. לו וַתִּתֶּן-לִי מָגֵן יִשְׁעֶךָ וִימִינְךָ תִסְעָדֵנִי וְעַנְוַתְךָ תַרְבֵּנִי. לז תַּרְחִיב צַעֲדִי תַחְתָּי וְלֹא מָעֲדוּ קַרְסֻלָּי. לח אֶרְדּוֹף אוֹיְבַי וְאַשִּׂיגֵם וְלֹא-אָשׁוּב עַד-כַּלּוֹתָם. לט אֶמְחָצֵם וְלֹא-יֻכְלוּ קוּם יִפְּלוּ תַּחַת רַגְלָי. מ וַתְּאַזְּרֵנִי חַיִל לַמִּלְחָמָה תַּכְרִיעַ קָמַי תַּחְתָּי. מא וְאֹיְבַי נָתַתָּה לִּי עֹרֶף וּמְשַׂנְאַי אַצְמִיתֵם. מב יְשַׁוְּעוּ וְאֵין-מוֹשִׁיעַ עַל-יְהוָה וְלֹא עָנָם. מג וְאֶשְׁחָקֵם כְּעָפָר עַל-פְּנֵי-רוּחַ כְּטִיט חוּצוֹת אֲרִיקֵם. מד תְּפַלְּטֵנִי מֵרִיבֵי-עָם תְּשִׂימֵנִי לְרֹאשׁ גּוֹיִם עַם לֹא-יָדַעְתִּי יַעַבְדוּנִי. מה לְשֵׁמַע אֹזֶן יִשָּׁמְעוּ לִי בְּנֵי-נֵכָר יְכַחֲשׁוּ-לִי. מו בְּנֵי-נֵכָר יִבֹּלוּ וְיַחְרְגוּ מִמִּסְגְּרוֹתֵיהֶם. מז חַי-יְהוָה וּבָרוּךְ צוּרִי וְיָרוּם אֱלוֹהֵי יִשְׁעִי. מח הָאֵל הַנּוֹתֵן נְקָמוֹת לִי וַיַּדְבֵּר עַמִּים תַּחְתָּי. מט מְפַלְּטִי מֵאֹיְבָי אַף מִן-קָמַי תְּרוֹמְמֵנִי מֵאִישׁ חָמָס תַּצִּילֵנִי. נ עַל-כֵּן אוֹדְךָ בַגּוֹיִם יְהוָה וּלְשִׁמְךָ אֲזַמֵּרָה. נא מַגְדִּל יְשׁוּעוֹת מַלְכּוֹוְעֹשֶׂה חֶסֶד לִמְשִׁיחוֹ לְדָוִד וּלְזַרְעוֹ עַד-עוֹלָם.

Luister naar Psalm 18

Luister naar Psalm 18 in het Hebreeuws.

Toelichting op Psalm 18 van Rabbi Yitzchok Rubin

persoonlijke redding
Koning David schreef dit gebed toen hij nog jong was en omgeven werd door vele problemen en ongelukken. Dit lied moest hem kracht geven voor de rest van zijn leven. Hij had het lied dan ook altijd bij de hand voor persoonlijke redding.

Hashem liefhebben betekent kracht ondervinden
Hashem wordt geliefd door Zijn dienaar en dit geeft al kracht uit zichzelf. Dit is één van de wonderlijke kenmerken van Hashem hoe meer we Hem liefhebben hoe sterker we ons voelen. Hashem is niet alleen ons fort maar is ook de kracht die ons redt wanneer we dreigen weg te glijden van zijn fort. David kende vele vijanden, zowel buiten hem als binnenin hem. Door Hashem aan te roepen bleef hij gefocust op de waarheid.

De wondere manieren waarop Hashem ons redt
In veel gevallen leken de vijanden sterker te zijn dan David, maar door zich te focussen op de liefde van Hashem werden zijn vijanden vernietigd. Wij kennen allemaal momenten waarop het kwaad groter lijkt dan we aan kunnen. Maar dan is Hashem altijd aanwezig om ons redding te geven. Dit klinkt makkelijker dan het is, maar toch is het waar. Veel van de problemen hebben we zelf veroorzaakt omdat we onze spirituele potentie niet voldoende ontwikkeld hebben. Net zoals David dienen we deze psalm bij ons te dragen om problemen te overwinnen.

Commentaar van Rashi op Psalm 18

Per vers het commentaar van Rashi, de Joodse Bijbelcommentator die leefde van 1040-1105. Rashi wordt beschouwd als de leraar van de leraren. Door alle traditionele Joden wordt Rashi als autoriteit op het gebied van de Joodse Bijbel en de Talmoed beschouwd. Vandaar dat het belangrijk is om zijn commentaar op de Psalmen weer te geven. Rashi gebruikt nieuw Hebreeuws aangevuld met Oud Franse woorden. Zijn taalgebruik is soms wat orakelachtig kort. Voor nadere verklaring is het verstandig een orthodox Joodse rabbijn te raadplegen.

Vers 1
Voor de geleider; van de dienaar van de Heer, van David, die tot de Heer de woorden van dit lied sprak op de dag dat de Heer hem redde uit de hand van al zijn vijanden en uit de hand van Saul.

op de dag dat de Heer hem redde, etc.: Toen hij oud werd en al zijn problemen al over hem heen waren gegaan en hij van hen was gered.

uit de hand van Saul: Was Saul niet inbegrepen? Maar [hij wordt specifiek genoemd] omdat hij het hardst tegen hem was en hem meer dan alle anderen achtervolgde. Evenzo zegt u (in Jozua 2:1): "zie het land en Jericho."

Vers 2
En hij zei: "Ik houd van U, mijn Heer, mijn kracht.

Ik houd van U: Hebr. ארחמך, ik houd van U, zoals de Targum weergeeft (Leviticus 19:18): "en je zult je naaste liefhebben", ותרחם.

Vers 3
O Heer, mijn rots en mijn vesting en mijn redder; mijn G'd, mijn rots, ik zal mijn toevlucht tot Hem nemen; mijn schild en de hoorn van mijn redding, mijn toevlucht.

mijn rots: Want U redde mij op de Rots der Divisies (I Samuël 23:28), toen ik gevangen zat tussen Saul en zijn mannen, om te worden gevangen, zoals wordt gezegd (in I Samuël 23:26): “maar Saul en zijn mannen omsingelden David en zijn mannen enz.”

en mijn vesting: Hebreeuws ומצודתי, een uitdrukking van een fort.

mijn rots: Hebreeuws צורי, een uitdrukking van een rots.

ik zal mijn toevlucht nemen: Abrier in het Frans (beschermen, bedekken; zie Rashi tot Jesaja 30:2, Joel 4:16).

ik zal mijn toevlucht tot Hem nemen: Ik zal beschutting zoeken in Zijn schaduw, zoals de zaak zegt (in Job 24:8): "en zonder beschutting (מחסה) omhelzen zij de rotsen," omdat de rotsen een beschutting en een schild zijn voor de reizigers tegen de wind en van de stortbui.

Vers 4
Met lof roep ik tot de Heer en van mijn vijanden zal ik gered worden.

Met lof roep ik tot de Heer: Met lof roep ik Hem en bid ik voortdurend voor Hem, d.w.z. zelfs vóór de redding prijs ik Hem, omdat ik ervan overtuigd ben dat ik zal worden gered van mijn vijanden.

Vers 5
Doodseskaders hebben me omsingeld, en stromen van schurken zouden me schrik aanjagen.

Doodseskaders hebben me omsingeld: Bij vele gelegenheden hebben slechte mensen mij omringd. אפפוני is zoals סבבוני. Evenzo (onder 40:13): "Want ontelbare kwaden ... hebben mij (אפפו) omsingeld."

Doodseskaders: Hebreeuws חבלי, kampen van vijanden, als (in I Samuël 10:5): "een band (חבל) van profeten." Maar Jonathan geeft weer: als een vrouw die op een geboortekruk zit, een uitdrukking van de pijn (חבלי) van een vrouw in opsluiting.

en stromen van schurken: Ook dat is een uitdrukking van troepen die als een stroom overstromen.

Vers 6
Groepen van de onderwereld hebben mij omringd; de strikken van de dood confronteerden me.

Groepen van de onderwereld: Zoals 'groepen van dood', kampen van slechte mannen, en ik - wat heb ik gedaan?

Vers 7
Wanneer ik in nood ben, roep ik de Heer aan; ja, ik roep tot mijn G'd; uit Zijn tempel hoort Hij mijn stem, en mijn geroep komt voor Hem in Zijn oren.

Wanneer ik in nood ben, roep ik: Ik zou altijd een beroep doen op de Heer.

Vers 8
De aarde beefde en trilde, de fundamenten van de bergen beefden; en zij werden geschud toen Hij boos was.

De aarde beefde en trilde: Dit is niet verbonden met het voorgaande vers, maar het begin is verbonden met zijn einde; d.w.z. toen Hij boos was, beefde en trilde de aarde. [Het woord] wordt gebruikt als een uitdrukking van 'wanneer'. Toen Hij boos was en de wraak van Zijn volk, Zijn dienaren, op Farao en zijn volk kwam wreken, beefde en trilde de aarde.

Vers 9
Rook steeg op in Zijn neusgaten en vuur uit Zijn mond verslond; kolen vlamden van Hem af.

Rook steeg op in Zijn neusgaten: (En ses nariles in Old French, in zijn neusgaten.) Zo is het de gewoonte van elke woede, om rook uit zijn neusgaten te laten opstijgen.

Vers 10
En Hij boog de hemel en Hij daalde neer en dikke duisternis was onder Zijn voeten.

En Hij boog de hemel en Hij daalde neer: om door het land Egypte te gaan. "Hij kwam neer" moet in zijn eenvoudige betekenis worden begrepen. Een andere verklaring is "i atonvit" in het Oud-Frans, om af te vlakken, zoals (in Exodus 39:3), en het radicaal is רדד.

Vers 11
En Hij reed op een cherub en vloog; Hij dook op de vleugels van de wind.

Hij dook: Hebreeuws וידא, Hij vloog, als (in Deuteronomium 28:49), "zoals de arend duikt (ידאה)."

Vers 12
Hij maakte de duisternis tot Zijn schuilplaats om Hem heen als Zijn hut; de duisternis van water, dikke wolken van de hemel.

de duisternis van water: die in de dikke wolken van de hemel zijn, is de duisternis die over Hem gaat. Tenzij u zegt dat er in de duisternis geen licht is, zegt de Schrift ons: Vanuit de helderheid voor Hem, en vanuit Zijn scheidingswand, worden Zijn dikke wolken die om Hem heen zijn gespleten en hagel en kolen van vuur door hen heen gaan.

Vers 13
Van de helderheid voor Hem, Zijn dikke wolk ging voorbij, hagel en kolen van vuur.

ging voorbij: Hebreeuws עברו, trepasant in Oud Frans, is geslaagd. De hagel splitst en gaat door naar de Egyptenaren aan de Rietzee.

Vers 16
En de diepten van het water verschenen; de fundamenten van de wereld werden blootgelegd door Uw bestraffing, o Heer, door de ontploffing van de adem uit Uw neusgaten.

En de diepten van het water verschenen: toen de zee splitste.

de fundamenten van de wereld werden blootgelegd: want alle wateren in de wereld splitsen zich.

door de ontploffing: van het blazen.

Vers 17
Hij zond vanuit de hemel [en] Hij nam mij; Hij trok me uit vele wateren.

Hij zond vanuit de hemel: Zijn engelen om Israël te redden van de zee en van de Egyptenaren.

Hij trok me uit: Hebreeuws ימשני, een uitdrukking van uittrekken, zoals (in Exodus 2:10): "Ik trok hem (משיתהו) uit het water."

Vers 19
Ze confronteerden me op de dag van mijn rampspoed, maar de Heer was een steun voor mij.

Ze confronteerden me: Mijn vijanden haastten zich en vielen mij vroeg aan op de dag van mijn rampspoed, maar de Heer was, enz.

Vers 21
De Heer heeft mij beloond naar mijn gerechtigheid; volgens de reinheid van mijn handen vergoedde Hij mij.

naar mijn gerechtigheid: Volgens de gerechtigheid van het volgen van Hem in de woestijn.

volgens de reinheid: Hebreeuws כבד, een uitdrukking van reinheid, als (onder 24:4), 'en zuiver van hart'. Een andere verklaring: Hij zond van boven uit [en] Hij nam mij. [David] zei dit over zichzelf, over de engel die naar de Rots der Divisies kwam (I Sam. 23:27) om Saul van hem af te keren, zoals er staat: "En een engel kwam naar Saul, enz."

naar mijn gerechtigheid: dat ik hem niet doodde toen ik de rok van zijn jas afsneed. [Uiteraard legt Rashi de verzen 8-17 uit als verwijzend naar het vertrek van Israël uit Egypte. Alleen in vers 17 suggereert hij de verklaring dat David verwijst naar zijn eigen ervaringen.]

Vers 23
Want al zijn verordeningen waren vóór mij; en zijn inzettingen zal ik niet van mijzelf verwijderen.

Want al zijn verordeningen waren vóór mij: Ik plaatste ze altijd voor mijn ogen.

Vers 26
Met een vriendelijke, toon je jezelf vriendelijk, met een oprechte man, laat je jezelf oprecht zien.

Met een vriendelijke, toon je jezelf vriendelijk: Omdat zo Zijn wegen zijn, een maatregel betalen voor een maatregel. Soort ... oprecht ... puur, overeenkomend met de drie patriarchen.

Vers 27
Met een pure, toon je jezelf puur, maar met een onoprechte, ga je onoprecht.

Met een pure: een trouwe.

maar met een onoprechte: zinspeling op Farao.

Vers 29
Want U steekt mijn lamp aan; de Heer, mijn G'd, verlicht mijn duisternis.

Want U steekt mijn lamp aan: toen hij 's nachts vocht met de Amalekitische troep die Ziklag aanviel, zoals wordt gezegd (in 1 Samuël 30:17): "En David sloeg hen van avond tot avond tot de volgende dag."

Vers 30
Want door U loop ik op een troep en door mijn G'd beklim ik een muur.

Want door U: Door Uw verzekering.

door mijn G'd beklim ik een muur: Toen hij kwam om oorlog te voeren tegen Jebus, en hij zei (in I Kronieken 11:6): "Wie de Jebusieten, enz. verslaat, zal een leider en een prins zijn." Joab bracht een groene jeneverbesboom, boog het voorover, hing zich eraan op en klom op de muur. David zei (in Psalm 141:5): "Moge een rechtvaardige mij met liefderijke goedheid slaan", en de Heilige, gezegend zij, liet de muur zakken en schaalde deze (Mid. Psalm 18:24) .

Vers 31
[Hij is] de G'd Wiens weg perfect is; het woord van de Heer is verfijnd; Hij is een schild voor iedereen die op Hem vertrouwt.

verfijnd: Zuiver. Hij belooft en doet dat.

Vers 33
De G'd is Hij die mij met kracht omgord; en hij maakt mijn weg perfect.

en hij maakt mijn weg perfect: Hij verwijderde alle obstakels van mijn weg tot het perfect en verhard werd.

Vers 34
Hij maakt mijn voeten als hinden en zet me op mijn hoge plaatsen.

Hij maakt mijn voeten als hinden: De voeten van de vrouwtjes staan rechter dan die van de mannetjes.

Vers 35
Hij traint mijn handen voor de oorlog, zodat een koperen boog door mijn armen wordt gebogen.

zodat een koperen boog door mijn armen wordt gebogen: Hebreeuws ונחתה, een uitdrukking van het betreden van de boog, zoals (onder 38:3): "Uw pijlen werden (נחתו) in mij gedreven." Zijn radicale [of zijn actieve vorm] is נחת. Wanneer het wordt gebruikt in de passieve vorm, komt er een dagesh die ervoor zorgt dat de "nun" uitvalt. Daarom is נחתה afgeleid van ננחתה as (onder 69:4): "Mijn keel is gedroogd (נחר)", afgeleid van ננחר as (in Jeremia 6:29): "De balg is verhit (נחר)"; נדף, rammelen (in Leviticus 26:36) is afgeleid van ננדף; "Mijn ogen stromen (נגרה)" (in Klaagliederen 3:49), is als ננגרה; "werd gegeven (נתנה)" (Genesis 38:14 ) is als ננתנה; "zij werden geslagen (נגף)" (II Samuël 10:15) is afgeleid van ננגף. We kunnen het niet interpreteren als zijnde van het radicaal חתת, want dan zou het zeggen נחתתה, zoals [er staat] נעשתה, gedaan was vanuit עשה; נענתה, werd beantwoord, uit ענה. Een andere verklaring: en een koperen boog wordt gebogen door mijn armen: isית is een uitdrukking van het betreden van een boog, zoals (onder 38:3): "Uw pijlen werden aangedreven (נחתו)." ​​De "nun" is niet van de radicaal maar het is als נחלו "gaf voor erfdeel" (in Jozua 14:1), en de koperen boog werd gebogen door mijn armen. Koperen strikken hingen in het huis van David. De koningen van de naties zouden hen zien en tegen elkaar zeggen: “Denkt u dat David de kracht heeft om hen te buigen? Dit is alleen om ons bang te maken.” Maar hij zou [hen] horen en de bogen voor hen buigen.

Vers 36
U hebt me het schild van uw redding gegeven; Uw rechterhand heeft me gesteund en U hebt me met grote nederigheid behandeld.

U hebt me met grote nederigheid behandeld: U bent met grote nederigheid met me omgegaan.

Vers 37
U hebt mijn trede onder mij vergroot en mijn enkels zijn niet uitgegleden.

U hebt mijn trede onder mij vergroot: Iemand die zijn stappen verruimt valt niet gemakkelijk. Evenzo zegt de Schrift (in Spreuken 4:12): "Als je loopt, zullen je stappen niet worden belemmerd (יצר)."

uitgegleden: Hebreeuws מעדו aluverjert in Oud Frans, uitglijden.

mijn enkels: Hebreeuws קרסלי. Het zijn de voeten van de enkel die in Oud-Frans keville (cheville) wordt genoemd en onder [tot aan de hiel].

Vers 41
En van mijn vijanden hebt U mij de achterkant van hun nek gegeven; zij die mij haten, opdat ik hen afsnijd.

hebt U mij de achterkant van hun nek gegeven: Ze zouden hun nek omdraaien en vluchten.

Vers 42
Ze bidden maar niemand redt hen; [zelfs] tot de Heer, maar Hij antwoordde hen niet.

Ze bidden: tot hun afgoden.

maar niemand redt hen: Omdat het [hun gebed] geen kracht heeft en zij terugkeren en de Heer aanroepen, maar Hij antwoordt hen niet.

Vers 43
Toen smeet Ik ze op de grond als stof voor de wind; als de modder in de straten heb Ik ze gegoten.

Toen smeet Ik ze op de grond: Hebreeuws ואשחקם, een uitdrukking van verplettering.

heb Ik ze gegoten: zoals losse modder, die niet dik is, zoals (in Genesis 42:35): "toen zij hun zakken legen (מריקים)"; (in Jeremia 48:11), "is niet (הורק) van het ene vat naar het andere vat gegoten."

Vers 44
U stond me toe te ontsnappen aan de rivalen van het volk; U zult mij het hoofd boven de naties plaatsen; moge een volk dat ik niet ken mij dienen.

U stond me toe te ontsnappen aan de rivalen van het volk: zodat ik niet volgens de Joodse wet gestraft moet worden, voor het verdraaien van gerechtigheid of voor het onderwerpen van een Israëliet meer dan is toegestaan.

U zult mij het hoofd boven de naties plaatsen: voor wie geen straf is.

Vers 45
Zodra ze horen, zullen ze me gehoorzamen; buitenlanders zullen tegen me liegen.

Zodra ze horen: Zelfs in mijn afwezigheid, zolang ze mijn boodschap horen.

zullen ze me gehoorzamen: Ze zullen acht slaan op mijn biedingen en mijn bevelen gehoorzamen.

zullen tegen me liegen: van schrik.

Vers 46
Vreemdelingen zullen verwelken en zij zullen bang zijn voor hun gevangenschap.

zullen verwelken: Hebreeuws יבלו. Ze zullen moe worden, zoals (in Exodus 18:18): "u zult zeker verwelken (נבל תבל)", wat de Targum geeft: u zult zeker vermoeid raken. Menachem (Machbereth p. 45) verklaart het als (in Genesis 18:12): "nadat ik oud ben geworden (בלתי)", en hij legde נבל תבל op dezelfde manier uit.

en zij zullen bang zijn: Hebreeuws ויחרגו, een uitdrukking van angst; (in Deuteronomium 32:25) "en verschrikking van binnenuit", verklaart de Targum: ,רגת, angst voor de dood.

hun gevangenschap: Vanwege de martelingen van de gevangenissen in de kerker waar ik ze opsluit en waar ze hen martelen. Menachem (p. 94) interpreteert het als een uitdrukking van het losmaken van de gordel, en dus legt hij het uit: en zij zullen van hun gordels worden losgemaakt [wat betekent dat ze bang of verzwakt zullen zijn]. Dunash interpreteert ויחגרו ממסגרותיהם, en zij zullen lam worden uit hun ketenen, die op hun voeten worden geplaatst. De betekenis van ויחגרו is: ze zullen lam worden, zoals het Aramees voor een lamme persoon חגר is.

Vers 47
De Heer leeft, en gezegend zij mijn Rots, en verheven zij de G'd van mijn redding.

De Heer leeft: Hij Die dit alles voor mij doet.

Vers 48
De G'd Die me wraak geeft en mensen vernietigt in plaats van mij.

Die me wraak geeft: Die me kracht geeft om mezelf te wreken op mijn vijanden.

en vernietigt: Hebreeuws וידבר, en hij doodde, een uitdrukking van דבר, pestilentie. Een andere verklaring: als (in Exodus 3:1): "en hij leidde (וינהג)", wat in het Aramees wordt vertaald als וּדְבַר. Menachem (p. 61) associeerde het ook op deze manier. Evenzo associeerde hij (onder 47:4): "Hij leidt (יַדְבֵּר) mensen onder ons."

in plaats van mij: Hebreeuws תחתי, in mijn plaats, zoals de zaak wordt verklaard (in Jesaja 43:4): “en ik geef mannen in uw plaats (תחתיך), (vers 3),” Ik heb Egypte als uw losgeld gegeven. [Cush en Seba in uw plaats (תחתיך)]."

Nadere toelichting op bovenstaande Joodse commentaren

Psalm 18 is een gebed voor persoonlijke redding. Bidden tot G'd levert ons kracht op. We bidden omdat onze ziel alleen is. De ziel hunkert naar zijn Bron. En daarom wacht het met smart op de gebedstijden zodat het in direct contact met G'd staat. De essentie van het bidden is onze behoeften te kennen, de bron te begrijpen, en de ware doeleinden te bevatten. Het gaat niet alleen om onze ziel maar ook om ons lichaam. Ons lichaam heeft voeding, gezondheid, veiligheid en comfort nodig en daar bidden we voor. We bidden tot G'd om onze afhankelijkheid van, onze waardering van en onze dankbaarheid te erkennen voor alle behoeften, vreugden en prestaties van het leven.

Lees verder

© 2009 - 2019 Etsel, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Mooie bijbelteksten en gedichtjes voor op een geboortekaartMooie bijbelteksten en gedichtjes voor op een geboortekaartChristelijke ouders kiezen er vaak voor om een bijbelse tekst, gedicht of versje op een geboortekaartje te zetten. Het k…
Bijbel - Psalm 4 in jonge taalBijbel - Psalm 4 in jonge taalAls je problemen hebt en geen hulp zoekt kunnen je problemen niet opgelost worden. Psalm 4 is een tekst om je aan te spo…
Bijbel - Psalm 2: in jonge taalBijbel - Psalm 2: in jonge taalDe schrijver van Psalm 2 heeft een boodschap voor de mensen die het voor het zeggen hebben in hun land. Hij wil hen waar…
Tehilliem: Psalm 23 - een Joodse uitlegTehilliem: Psalm 23 - een Joodse uitlegPsalm 23 wordt in vele Joodse gemeenten aan het eind van de dienst gezegd, gevolgd door het half-kaddiesj en bar'choe. T…
Bijbel - Psalm 1: in jonge taal voor mannenBijbel - Psalm 1: in jonge taal voor mannenPsalm 1 is zo vertaald naar de taal van jongeren dat het zoveel mogelijk aansluit bij de hedendaagse beleving. De tekst…
Bronnen en referenties
  • Inleidingsfoto: Hurk, Pixabay
  • Tenach (tekst Psalm 18)
  • Rhythm of the heart - Rabbijn Rubin
  • Chabad
  • Rashi's commentaar op de Bijbel - http://mens-en-samenleving.infonu.nl/religie/116426-joodse-denkers-rasji-bijbelcommentaar-in-joodse-traditie.html

Reageer op het artikel "Tehilliem: Psalm 18 - een Joodse uitleg"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Infoteur: Etsel
Laatste update: 16-10-2019
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Religie
Special: Psalmen
Bronnen en referenties: 5
Schrijf mee!