Politiek voor dummies: Regering, (gedoog)kabinet, parlement

Politiek voor dummies: Regering, (gedoog)kabinet, parlement

De regering is het dagelijks bestuur in Nederland. Die bestaat uit het staatshoofd en minister. Iedere minister is verantwoordelijk voor een bepaald beleidsterrein. Verder: wat is het (gedoog)kabinet en parlement? En hoe verloopt het verkiezingsproces?

Regering en kabinet

De regering is het dagelijks bestuur in Nederland. De regering bestaat uit staatshoofd (koningin) en ministers. Iedere minister is verantwoordelijk voor een bepaald beleidsterrein, bijvoorbeeld Buitenlandse Zaken of Onderwijs. Beleidsvoornemens worden besproken in de gezamenlijke vergadering van de ministers, de ministerraad. De voorzitter van de ministerraad is de Minister-president, ook wel premier of eerste minister genoemd. Hij heeft wekelijkse gesprekken met de koningin over allerlei lopende zaken. De taken van de regering bestaan uit het volgende:
  • besluiten nemen over dagelijkse zaken.
  • besluiten nemen over meer uitzonderlijke zaken die zonder wetgeving en zonder goedkeuring van het kabinet kunnen worden genomen.
  • Wetsvoorstellen worden ingediend door ministers.
  • Ministers nemen Algemene Maatregelen van Bestuur (AMvB’s) om eerder genomen raamwetten(wetten die nog niet nauwkeurig en precies genoeg zijn) verder in te vullen. De ministers hebben hiervoor geen parlementaire goedkeuring nodig, het wordt geregeld bij het Koninklijk Bestuur.
  • De regering maakt jaarlijks haar beleidsplannen bekend in de troonrede die door de koningin wordt voorgelezen op Prinsjesdag.

Omdat het beleid van een minister soms heel groot is, heeft hij een aantal mensen onder zich staan die weer verantwoordelijk zijn voor een bepaald onderdeel van een beleid, daarom hebben sommige ministers staatssecretarissen. Zo heeft Buitenlandse Zaken een staatssecretaris die zich richt en specialiseert in Europese zaken en bij de Justitie houdt de staatssecretaris zich vooral bezig met kwesties rond asielaanvragen. Staatssecretarissen zitten niet in de ministerraad.

Kabinet

Het kabinet wordt gevormd door alle ministers en staatssecretarissen. Het kabinet heeft een medewetgevende taak, dit houdt dus in dat het wetten mag voorstellen aan het parlement. Ook zorgt het kabinet voor de voorbereiding en uitvoering van het overheidsbeleid (plannen van de coalitie in hun regeerperiode). Als de regeringspartijen binnen de coalitie niet meer samen werken en ook niet meer gesteund worden door de oppositiepartijen spreken we van een kabinetscrisis. Het kabinet wordt dan ‘demissionair’ verklaard. Er mogen geen nieuwe wetten meer ingevoerd of gewijzigd worden tot de nieuwe coalitie gevormd is door verkiezingen.

Gedoogkabinet
Ons huidige kabinet is een minderheidskabinet dat voortkomt uit een coalitie met gedoogsteun. Dit noemen we ook wel een gedoogkabinet. Met een minderheidskabinet bedoelen we dat de partij die gewonnen heeft, maar toch veel oppositie heeft, een kabinet moet vormen met (een) andere partij(en) (waarmee ze ook een coalitie vormen), anders kan de leidende partij nooit haar beleid uitvoeren, omdat het dan steeds verworpen zal worden door de meerderheid van de oppositie. Dus het kabinet moet altijd een meerderheid hebben, al dan niet samen met andere partijen. Het huidige kabinet bestaat uit ministers van de VVD en de CDA, maar er zitten geen ministers van de PVV in het kabinet, terwijl deze wel in de coalitie zit. Dit is een gedoogkabinet. De PVV steunt het kabinet en het kabinet moet ook doorvoeren wat de PVV in het regeerakkoord heeft gezet, maar de PVV kan nooit verantwoordelijk worden gesteld voor de uitvoer van het kabinet, omdat zij er niet in zit.

Staatshoofd

Ons staatshoofd is de koningin. Naast lintjes doorknippen en zwaaien naar de toeschouwers tijdens koninginnendag heeft ze nog een paar andere, (belangrijke) functies.
  • Handtekening plaatsen onder alle wetten.
  • Voorlezen van de Troonrede op Prinsjesdag.
  • Het benoemen van ministers en (in)formateurs bij de vorming van een nieuw kabinet.
  • Regelmatig overleg met de minister-president over het kabinetsbeleid.

Alles wat de koningin doet, is de verantwoordelijkheid van de minister-president.

Tweede Kamer

De Tweede Kamer wordt hier als eerst genoemd, omdat de Tweede Kamer belangrijker is dan de Eerste Kamer. De voornaamste reden waarom de 2e Kamer belangrijker is dan de 1e Kamer, is omdat de 2e Kamer nieuwe wetten maakt en deze, of reeds bestaande wetten mag wijzigen. De Tweede Kamer telt 150 leden die rechtstreeks gekozen worden door het volk via rijksverkiezingen of 2e Kamerverkiezingen. De partijen die in de regering zitten, zitten in de coalitie. De partijen die niet in de regering zitten heten de oppositiepartijen. De leden van een partij in de Tweede Kamer heten fractieleden. Een leider van een partij wordt een fractieleider genoemd.

Tweede Kamerleden hebben een fulltime functie. De Tweede Kamer heeft twee hoofdtaken
  • De medewetgevende taak: net als de ministers mogen Tweede Kamerleden wetsvoorstellen indienen.
  • De controlerende taak: de Kamerleden volgen de activiteiten van de regering nauwlettend.

Medewetgevende taak
Om haar taak als medewetgever te vervullen heeft de Tweede Kamer een aantal rechten. Tot de formele middelen van de Tweede Kamer behoren:
  • Het stemmen over wetsvoorstellen. (1e en 2e Kamer)
  • Het recht van amendement, ofwel het recht om een deel van een wetsvoorstel te veranderen. (alleen 2e Kamer)
  • Het recht van initiatief. Dit is het recht om zelf wetvoorstellen in te dienen. (alleen 2e Kamer)
  • Het budgetrecht. Dit is het recht om de jaarlijkse begroting aan te nemen of te verwerpen. (1e en 2e Kamer

Controlerende taak
Bij de contolerende taak let de Tweede Kamer erop of zij het eens is met de beleidsdoelen van de regering. Maar ook of de middelen die worden ingezet om deze doelen te realiseren effectief en efficiënt zijn. Effectief wil zeggen dat het middel het verwachte resultaat heeft en efficiënt betekent dat het resultaat met zo weinig mogelijk middelen behaald wordt.

De controlerende taken gelden voor zowel de 1e als 2e Kamer. De 1e Kamer maakt minder gebruik van deze taken dan de 2e Kamer, dit is omdat de 2e Kamer alles al zo goed mogelijk gecontroleerd moet hebben bij een wetvoorstel voordat het naar de 1e Kamer gaat. De rechten die de 1e en 2e Kamer bij deze taak tot hun beschikking hebben, zijn de volgende:

Het vragenrecht
Het stellen van vragen aan de bewindslieden. Schriftelijke Kamervragen moet de minister binnen drie weken beantwoorden. Op dinsdagmiddag is er elke week een vragenuurtje voor dringende vragen van Tweede Kamerleden. Dit vragenuurtje wordt (live) uitgezonden op televisie.

Het recht van interpellatie
Het ter verantwoording roepen van bewindspersonen over het (voorgenomen ) regeringsbeleid. Er moet bij het gebruik van interpellatie altijd onmiddellijk een debat plaats vinden, dit noemen we een spoeddebat. Voor een verzoek van interpellatie is de steun van minimaal 30 Kamerleden nodig.

Het recht van motie
De mogelijkheid om een schriftelijke uitspraak te doen over het beleid van een minister. Bijvoorbeeld: De 2e Kamer roept in een motie de minister van Justitie op snel maatregelen te nemen om problemen met tbs’ers met verlof aan te pakken. Een motie kan ook een blijk van afkeuring zijn. Bij een motie van afkeuring wordt het beleid van een minister afgekeurd. Bij een motie van wantrouwen wordt de minister zelf negatief beoordeeld.

Het recht van enquête
De Kamers hebben hiermee de mogelijkheid om zelfstandig een onderzoek in te stellen als zij naar hun mening niet voldoende informatie krijgen. In zo’n geval kunnen getuigen worden gedwongen om voor de enquêtecommissie te verschijnen. De opgeroepen getuigen worden onder ede verhoord. De laatste jaren heeft de 2e Kamer steeds vaker gebruikgemaakt van het recht van enquête. De 1e Kamer heeft dat nog nimmer gedaan.

Eerste Kamer

De Eerste Kamer, ook wel de Senaat genoemd, telt 75 leden. Omdat de taak van de Eerste Kamer veel beperkter is dan die van de Tweede Kamer, is het lidmaatschap van de Eerste Kamer geen fulltimebaan. Er wordt dan ook maar één dag per week vergaderd. De Eerste Kamer vervult de rol van ‘de laatste controle’. Hij controleert bij wetsvoorstellen, die in de Tweede Kamer zijn gemaakt, of die in overeenkomst zijn met eerdere wetgeving en met de grondwet. De Eerste Kamer heeft niet zoals de Tweede Kamer het recht van amendement en kan dus geen veranderingen in een wetsvoorstel aanbrengen. Een wetsvoorstel kan dus alleen aangenomen of verworpen worden. Ook heeft de Eerste Kamer geen recht van initiatief en kan dus niet zelf een wetsvoorstel indienen.
De Eerste Kamer heeft wel het recht om schriftelijke vragen te stellen en het recht van enquête, maar in de praktijk wordt hier weinig gebruik van gemaakt. Dat komt doordat het primaat bij de Tweede Kamer behoort te liggen, dit betekent dus dat zij alles al gecheckt en gedaan horen te hebben. Het oordeel van de Tweede Kamer wordt zwaarder gezien dan die van de Eerste Kamer, dit komt omdat De Tweede Kamer rechtstreeks wordt gekozen. Leden van de Eerste Kamer worden indirect gekozen, namelijk door de Provinciale Staten.

De verkiezingen

Om de 4 jaar eindigt de regeerperiode van het kabinet. Dan krijgen de burgers die willen en kunnen stemmen de kans om opnieuw te stemmen op hun favoriete politieke partij. Hoe werkt dit? Dit proces van de verkiezingen noemen we heel simpel; het verkiezingsproces, ofwel de kabinetsformatie. Hier volgen een aantal stappen die laten zien hoe het proces in zijn werk gaat .

  1. De huidige kabinetsformatie eindigt door een einde van de regeerperiode, dus het kabinet is 4 jaar lang de baas geweest en nu is het tijd voor de baas om op te stappen en een nieuwe baas aan te nemen. Het kan óók voorkomen dat het kabinet ‘valt’ door een kabinetscrisis, dat wil zeggen dat de Tweede Kamer zijn vertrouwen heeft verloren in het kabinet, dus de baas wordt uit de laan gezet. We noemen deze manier van het vertrouwen opzeggen ‘een motie van wantrouwen invoeren’. Na een val van het kabinet wordt het kabinet demissionair (zonder missie) verklaard.
  2. De verkiezingscampagne wordt gehouden. Alle politieke partijen voeren campagne om reclame te maken voor hun partij. Ze komen op tv, radio, internet. Overal duiken ze op om hun visies te laten horen. Ze laten het volk horen wat zij vinden en hoe het beter kan in en met Nederland.
  3. Na de campagne komen de verkiezingen. Nu mag het volk gaan stemmen. De bevolking kiest de leden van de Tweede Kamer. Na de verkiezingen wordt op basis van de uitslag de zetelverdeling in de Tweede Kamer bepaald.
  4. Nu vindt de adviesronde plaats. De Koningin vraagt adviezen aan alle fractievoorzitters. Hieruit moet duidelijk worden welke coalitie het best gevormd kan worden.
  5. De Koningin benoemt een informateur, dit is vaak een ervaren politicus. De informateur gaat op zoek naar –zoals misschien duidelijk is- heel veel informatie gaat verzamelen. Hij gaat na welke samenwerkmogelijkheden er zijn en zouden gevormd kunnen worden.
  6. De informateur doet verslag bij de koningin over de samenwerkmogelijkheden. Hierna wordt de coalitie gevormd en het regeerakkoord opgesteld. Het regeerakkoord is opstel over wat de coalitie wil gaan doen in en bereiken in hun regeerperiode in brede lijnen, een soort raamwerk van wat ze willen.
  7. De koningin stelt nu een formateur aan (dit is vaak de nieuwe Minister-president), die de ministers verdeelt en mensen zoekt bij ministers- en staatssecretarisposten. Het kabinet wordt nu gevormd.
  8. De koningin benoemd de ministers en staatssecretarissen(het kabinet) en er wordt een foto gemaakt op de trappen van Paleis Noordeinde.

Naast de landelijke overheid kent Nederland de provinciale staten en de gemeentelijke overheid, want niet alles kan en hoeft in het parlement (=in den Haag) geregeld te worden. De rijksoverheid stelt de grote lijnen van het beleid vast en de gedetailleerde invulling wordt aan de ‘lagere overheden’ overgelaten. We noemen dit het subsidiariteitsbeginsel: Decentraal wat kan en centraal wat moet.

Lees verder

© 2011 - 2013 Martijnw, gepubliceerd in Politiek (Mens en Samenleving) op . Het auteursrecht van dit artikel en antwoorden op reacties ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.

Gerelateerde artikelen
De legislatuur op federaal niveau Het parlement is natuurlijk onderworpen aan de grillen van de politiek. Een legislatuur…
Nederlandse Staatsinrichting Omdat Nederland een koning(in) als staatshoofd kent en toch een democratie is de staatsinric…
Formatie kabinet, kabinetsformatie verkiezingen 2010 Hoe komt het nieuwe kabinet eruit te zien? Als de Tweede Kamer verki…
Staatsinrichting: De Informateur-formateur Om na de verkiezingen een nieuw kabinet samen te stellen die een meerderheid v…
De Tweede Kamer De Tweede Kamer der Staten-Generaal is het belangrijkste bestuursorgaan in Nederland. De Tweede Kamer is…

Bronnen en referenties
  • Maatschappijleer stencils
  • Maatschappijwetenschappen: Politieke Besluitvorming - Uitgeverij Essener

Reageer op het artikel "Politiek voor dummies: Regering, (gedoog)kabinet, parlement"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Naam: E-mailadres: Meld mij aan voor de wekelijkse InfoNu nieuwsbrief. Reactie:
Infoteur: Martijnw
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Politiek
Bronnen en referenties: 2
Schrijf mee!