Is de Koran een 'license to kill'?
Ten onrechte wordt tegenwoordig gesteld dat de Koran aanzet tot geweld, dat het boek algemene oproepen bevat om je medemens te 'beoorlogen'! Oproept om lukraak om je heen te slaan en te schieten! Maar, is dat wel zo? Als Moslim zou je je kunnen afvragen of je enig belang bij hebt, om je op deze manier zo vijandig op te stellen.Hoe zit het dan met de zogenaamde haatdragende verzen uit de Koran? Zet het volgende citaat dan niet aan tot geweld? "Houwt dan in op de nekken en houwt hen op al hun vingers". Het antwoord is: Nee. Sterker nog: Het is in tegenstelling tot de rest van de Koran niet eens tot de mens gericht! Hoe dat zit, leest u hieronder.
Koran 8:12
"Toen jouw Heer aan de engelen openbaarde: "Ik ben met jullie, sterkt dus hen die geloven. Ik zal de harten van de ongelovigen schrik aanjagen. Houwt dan in op de nekken en houwt hen op al hun vingers"
Als we het vers in zijn geheel lezen, valt duidelijk op te maken dat het niet de Moslims zijn die op de nekken in moeten houwen maar dat God een oproep doet aan de engelen om de gelovigen te sterken en met hen mee te vechten! Scheelt toch een hoop ellende wanneer we de teksten in een iets breder verband lezen.
Badr
Bovenstaand vers is afkomstig uit soera 8, deze soera handelt in zijn geheel over de slag om Badr, een plaats op ongeveer 150 kilometer afstand van Medina. Met 300 man, is het Moslimleger in een aanmerkelijke minderheid ten opzichte van hun vijand met ruim 1000 soldaten. Desondanks werd de grote militaire macht verslagen! Dit vers verteld dus dat het moslimleger is bijgestaan door de engelen. Meer doet dit vers niet.Vredesverdrag
Tussen de Moslims in Medina en de heidenen in Mekka was er een vredesverdrag gesloten, aangezien de Mekkaanse heidenen dit verdrag schonden, werd soera 9 geopenbaard, met als inhoud de verklaring van ontheffing tegenover de heidenen met wie de Moslims een verdrag hadden gesloten. Voor de heidenen is het nu erop of eronder, omdat ze zich niet aan de afspraken hielden, worden ze geacht te bekeren tot de Islam of een gewapende strijd aan te gaan. Geldt uiteraard niet voor iedereen, zie vers 9:4 tweede deel:"Als gij daarom berouw toont zal het beter voor u zijn, maar indien gij u afwendt, weet dan, dat gij aan God niet kunt ontsnappen. En geeft tijding van een pijnlijke straf aan de ongelovigen. Met uitzondering van diegenen der afgodendienaren met wie gij een verbond hebt gesloten en die in niets hebben gefaald, noch iemand tegen u hebben geholpen"
Dus wie zich wel aan de afspraak heeft gehouden hoeft geen gevecht of bekering te vrezen.
Het vers van het zwaard
Terug naar de afgodendienaren die het verdrag hebben geschonden.Koran 9:5
"Als de heilige maanden zijn verstreken, doodt dan de veelgodendienaars waar jullie hen vinden, grijpt hen en belegert hen en wacht hen op in elke mogelijke hinderlaag. Maar als zij berouw tonen, de gebed verrichten en de aalmoes geven, legt hun dan niets in de weg. God is vergevend en barmhartig"
Allereerst wordt rust in de heilige periode van vier maanden in acht genomen, waardoor de heidenen nog eens extra tijd hebben om zich te bedenken, wanneer deze periode voorbij is, kan er in alle hevigheid gevochten worden. Omdat het nu eenmaal een gewapend conflict is, kan de vijand er alleen vanaf komen als hij zich tot de Islam bekeerd, zie het tweede deel van het vers.
Asiel en goede behandeling
Maar het is niet altijd wapengekletter bij die Moslims, ook als iemand nog tijdens de oorlog en zonder zich tot de Islam te bekeren, zich overgeeft, moet er aan de overloper asiel worden verleent . Zie vers 9: 6"En als één der afgodendienaren u om bescherming vraagt, schenk hem dan bescherming dat hij het woord van Allah moge horen; voer hem dan naar de plaats, waar hij veilig is"
Zonder mitsen en maren blijkt duidelijk uit dit vers dat de Koran het verbiedt om diegenen te doden of iets aan te doen die zich hebben overgegeven.
Het volgende vers uit hetzelfde hoofdstuk benadrukkt dat alleen de schenders van het verdrag tot op zekere hoogte bestreden moeten worden.
Koran 9:7
"Hoe kan er een verbond bestaan voor de afgodendienaren met God en Zijn boodschapper, met uitzondering van hen, met wie gij in de heilige Moskee een verbond hebt gesloten? Zolang zij daarom getrouw jegens u zijn, weest getrouw jegens hen. Voorzeker, God heeft de godvruchtigen lief"
Dat de Moslims volgens het vers van het zwaard geen oorlog moeten beginnen maar alleen zichzelf moeten verdedigen blijkt uit dit vers. Nog steeds in hoofdstuk 9.
"Wilt gij een volk niet bestrijden dat zijn eden heeft gebroken en plannen smeedde om de boodschapper te verdrijven en dat het eerste was om tegen u te beginnen? Vreest gij hen? Neen, God is het meest waardig, dat gij Hem zoudt vrezen als gij gelovigen zijt"