InfoNu.nl > Mens en Samenleving > Religie > Theorieën over de ontstaansgeschiedenis van het kerstfeest

Theorieën over de ontstaansgeschiedenis van het kerstfeest

Theorieën over de ontstaansgeschiedenis van het kerstfeest Over het ontstaan van kerst is er, met name in de november- en decembermaanden, in kerkgemeenschappen veel gesprek. De reden hiervoor is dat men er doorgaans van uitgaat dat kerst is ontstaan uit een heidens feest, waardoor de vraag ontstaat of men eigenlijk wel kerst moet willen vieren. De vraag is echter of zomaar gezegd kan worden dat kerst is ontstaan uit een heidens feest. Hoewel de meest gangbare theorie, de History of Religion Theory luidt dat dit wél het geval is zijn er sterke aanwijzingen dat deze theorie onjuist is. Hiernaast is er een andere theorie, de Calculation Theory, die luidt dat de oude kerk de datum voor kerst koos door te berekenen wanneer Christus geboren is.

Het probleem

Over de ontstaansgeschiedenis van het kerstfeest zijn er twee populaire theorieën. De eerste, die het meest gangbaar is, is de History of Religion Theory. Deze theorie luidt in het kort dat het kerstfeest op 25 december is ontstaan als reactie op een populaire feestdag die deel was van de Romeinse zonnecultus. De tweede is de Calculation Theory die luidt dat christenen de geboorte van Christus op 25 december zijn gaan vieren, omdat dat 9 maanden na de verwekking van Christus zou zijn, die zij dateren op dezelfde dag als Pasen. Beide theorieën zijn echter zwak, omdat er voor beide theorieën geen harde bewijzen zijn. Hierbij heeft de History of Religion Theory te kampen met problemen rondom de voor de theorie geboden bewijzen.

In dit artikel staan beide theorieën uitgebreider beschreven, worden de bewijzen voor de theorieën behandeld (en wat er mis is met de bewijzen), wordt er beschreven welke bewijzen er tegen de theorieën zijn en wordt kort beschreven hoe en waarom de theorieën aan populariteit hebben gewonnen.

De (gangbare) History of Religion Theory

De gangbare theorie over de oorsprong van het kerstfeest is de History of Religion Theory (HRT). De belangrijkste bijdrage aan deze theorie is de hypothese van de Duitse filoloog en religiewetenschapper Hermann Usener (1834-1905). Volgens Usener is de viering van de geboorte van Christus in de winter een erfenis die is overgebleven van een syncretistische (een vermenging van meerdere religies) zonnecultus. In het jaar 274 was het keizer Aurelius die de cultus ontwikkelde met een feestdag op 25 december, namelijk de dies natalis solis invicti (geboortedag van de onsterfelijke zon). De kerk vreesde de populariteit van dit feest en besloot haar eigen, concurrerende, feest te houden op 25 december, namelijk het kerstfeest. Het is onbekend wanneer dit precies gebeurde, maar een gangbare schatting, op basis van de hieronder beschreven chronograaf, is dat dit in 336 of eerder was. Volgens Usener is het kerstfeest een voorbeeld van hoe christelijke elementen zich ontwikkelden vanuit een heidense context.

Een uitbreiding van Usener's theorie luidt dat de dies natalis solis invicti zou zijn getransformeerd tot het christelijke kerstfeest door keizer Constantijn. Hij zou opdracht hebben gegeven om kerst te vieren in zijn pogingen om het christendom tot staatsreligie te verheffen.

De bewijzen voor Usener's hypothese

Voor zijn hypothese had Usener weinig concrete bewijzen. Het belangrijkste bewijs dat hij had is een chronograaf (een collectie van chronologische teksten, waar ook feestdagen en sterfdata van martelaars op stonden) uit het jaar 354. Bij de datum 25 december staat er "N(atalis) Invicti C(ircenses) M(issus)" ("geboortedag van invictus, 30 paardenraces"). Naast deze feestdag wordt ook de geboorte van Christus in de chronograaf op 25 december gedateerd. Daarom is de verbinding tussen de Natalis Invicti en de geboorte van Christus gemakkelijk gemaakt.

De beschrijving van de feestdag wordt doorgaans geïnterpreteerd als een feest ter ere van Sol (de zon), namelijk als de dies natalis solis invicti. Deze interpretatie is echter vergezocht, omdat het woord invictus kan worden vertaald als 'onsterfelijke', 'ongeslagene' of 'onverslaanbare'. Dat is niet een beschrijving die alleen maar op de zon toegepast kan worden, waardoor niet duidelijk is of de zon daadwerkelijk bedoeld wordt. Het zou zelfs zo kunnen zijn dat de tekst naar Christus zelf verwijst, maar ook dat is niet aantoonbaar. Ook maakt de chronograaf niet duidelijk welke er het eerst was, het kerstfeest of de Natalis Invict.

Hiernaast is er nog een probleem, namelijk dat de meer dan vijftig andere feestdagen die op de chronograaf staan allemaal gevierd werden met een aantal paardenraces in de tafel van 12, dus 12, 24 of 36. De Natalis Invicti werd echter gevierd met 30 paardenraces. Ook werd bij alle feesten aangegeven voor welke god of keizer deze gevierd werd, behalve bij de Natalis Invicti. Hijmans ziet deze gegevens als een aanwijzing dat de Natalis Invicti een latere toevoeging is geweest aan de chronograaf.

Een andere aanwijzing voor een verband tussen een zonnecultus en het kerstfeest is de rol die de zon speelde als symbool in christelijke kunst en literatuur uit de laat antieke tijd (+- tussen het jaar 300 en 476). In die kunst en literatuur wordt vaak naar Jezus verwezen als de 'ware zon' of 'de zon der gerechtigheid', op basis van Maleachi 4:2. Dit is echter geen direct bewijs, want hiermee is niet gezegd dat christenen een feestdag uit een zonnecultus hebben gekaapt en omgedoopt tot kerstfeest.

Naast deze aanwijzingen zijn er twee oude geschriften waarin wordt gesteld dat het kerstfeest is ontwikkeld ter vervanging van of als concurrent tegen een zonnecultus. De eerste is een anonieme preek uit de 4e eeuw. In de preek worden belangrijke christelijke data geplaatst in een kosmisch raamwerk, onder andere de geboorten van Johannes de Doper en Christus worden hierin beschreven. De auteur van de preek legt uit dat de geboorte van Christus is gedateerd op 25 december vanwege de winterse zonnewende. Hij stelt hierbij dat als heidenen hier een probleem mee hebben dat dat dan jammer is, maar dat die mensen zich moeten realiseren dat Jezus de ware zon is. Usener zag hier een bewijs in dat de datering van kerst is gebaseerd op een zonnecultus, terwijl dat helemaal niet is wat de schrijver wilde zeggen, of gezegd heeft.

Het tweede geschrift is een 12e-eeuws oosters-orthodox commentaar op een werk van de Syrische geleerde Bar Salibi. Daarin stelt de auteur dat kerst is ontstaan als tactische poging om de zonnecultus de kop in te drukken. Usener zag dit als bewijs voor zijn hypothese, maar ging voorbij aan het feit dat het commentaar was geschreven in een poging om aan te tonen dat Bar Salibi ongelijk had in zijn mening dat kerst op 25 december gevierd moet worden. Het geschrift is dus niet neutraal en dus hoogstwaarschijnlijk geen betrouwbare bron.

Andere problemen met de HRT

Naast de hierboven beschreven problemen met een aantal van Usener's bewijzen zijn er nog drie problemen met de HRT. Het eerste is dat keizer Constantijn in het jaar 330 de stad Constantinopel stichtte, maar daar nooit het kerstfeest introduceerde. Als Constantijn het kerstfeest introduceerde, dan zou hij het zeker in die stad hebben laten vieren. Het kerstfeest werd pas geïntroduceerd in Constantinopel in het jaar 380. Dit gebeurde door Gregorius van Nazianze (329-389), één van de kerkvaders van de vierde eeuw. Voor de invoering hield hij een preek die vandaag de dag genummerd is als 'preek 38'.

Het tweede probleem zit in de inhoud van Gregorius' preek. Als kerst werd geïntroduceerd om te concurreren met de populaire en feestelijke zonnecultus, dan zou men verwachten dat de preek die kerst introduceert mensen oproept om feest te vieren. Gregorius moest hier echter niets van weten, in zijn preek zei hij namelijk het volgende over de vraag hoe kerst gevierd moest worden (Engelse vertaling):

"And how shall this be? Let us not adorn our porches, nor arrange dances, nor decorate the streets; let us not feast the eye, nor enchant the ear with music, nor enervate the nostrils with perfume, nor prostitute the taste, nor indulge the touch, those roads that are so prone to evil and entrances for sin; let us not be effeminate in clothing soft and flowing, whose beauty consists in its uselessness, nor with the glittering of gems or the sheen of gold (red. Rom. 13:13) or the tricks of colour, belying [logenstraffend/beliegend] the beauty of nature, and invented to do despite unto the image of God; Not in rioting and drunkenness, with which are mingled, I know well, chambering [seksuele immoraliteit] and wantonness [baldadigheid], since the lessons which evil teachers give are evil; or rather the harvests of worthless seeds are worthless. Let us not set up high beds of leaves, making tabernacles for the belly of what belongs to debauchery [losbandigheid]. Let us not appraise the bouquet of wines, the kickshaws [liflafjes/onbenulligheden] of cooks, the great expense of ointments. Let not sea and land bring us as a gift their precious dung, for it is thus that I have learned to estimate luxury; and let us not strive to outdo each other in intemperance [onmatigheid] (for to my mind every superfluity is intemperance, and all which is beyond absolute need)—and this while others are hungry and in want, who are made of the same clay and in the same manner.

Let us leave all these to the Greeks and to the pomps
[ijdelen] and festivals of the Greeks, who call by the name of gods beings who rejoice in the reek of sacrifices, and who consistently worship with their belly; evil inventors and worshippers of evil demons. But we, the Object of whose adoration is the Word, if we must in some way have luxury, let us seek it in word, and in the Divine Law, and in histories; especially such as are the origin of this Feast; that our luxury may be akin to and not far removed from Him Who has called us together. Or do you desire (for today I am your entertainer) that I should set before you, my good Guests, the story of these things as abundantly and as nobly as I can, that you may know how a foreigner can feed the natives of the land, and a rustic [boer] the people of the town, and one who cares not for luxury those who delight in it, and one who is poor and homeless those who are eminent for wealth?

We will begin from this point; and let me ask of you who delight in such matters to cleanse your mind and your ears and your thoughts, since our discourse is to be of God and Divine; that when you depart, you may have had the enjoyment of delights that really fade not away. And this same discourse shall be at once both very full and very concise, that you may neither be displeased at its deficiencies, nor find it unpleasant through satiety
[verzadigend]."

In het kort zegt Gregorius dat de christenen tijdens het kerstfeest géén feestelijke dingen moeten doen, geen feestelijke versieringen moeten maken en geen feestelijke kleding moeten dragen. Dat soort dingen kunnen ze beter aan de Grieken en ijdelen overlaten, omdat zij voor een christen ongepast zijn. Met zo een boodschap vormt kerst geen concurrentie tegen een populaire en feestelijke zonnecultus. Mensen die willen feesten zullen kerst eerder overslaan.

Het derde probleem is dat er geen bewijs is dat keizer Aurelius in het jaar 274 (of in een ander jaar) een zonnecultus invoerde. Het idee dat dit wél zo is is gebaseerd op een paar zeldzame munten uit Rome waarop de tekst dominus imperii Romani (God van Romeinse Rijk) was gedrukt en een afbeelding stond van de tempel van Sol. Dit is echter geen bewijs dat Aurelius van 25 december een feestdag maakte. We weten dus niet eens zeker of er wel een Romeinse feestdag was op 25 december.

De verspreiding van de HRT

De beschreven bewijzen voor Usener's hypothese over het ontstaan van kerst zijn erg karig. Dit roept de vraag op hoe de hypothese verspreid is geraakt en door velen als feit, in plaats van een hypothese, wordt gezien. Het antwoord op deze vraag is moeilijk te geven, maar het lijkt erop dat de theorie al in Usener's tijd in brede kring bijval vond, waardoor geleerden de theorie op redelijk onkritische wijze overnamen, waarbij nuances opzijgeschoven werden en gissingen veranderden in harde feiten.

Het zou kunnen zijn dat de bijval in brede kring typisch is voor het Duitsland van na de verlichting, waarin er steeds meer kritiek op de Bijbel en traditie ontstond. Hiernaast stelt Hijmans dat het mogelijk is dat geleerden de theorie gemakkelijk aanvaardden omdat zij óf geïnteresseerd waren in Sol, óf geïnteresseerd waren in kerst, maar nooit veel kennis van beide hadden.

De Calculation Theory

Vanwege de problemen met de HRT is er een groep geleerden, waaronder Thomas J. Talley, die met een andere hypothese komen, namelijk de Calculation Theory (CT). De CT luidt dat men de datum van kerst heeft gebaseerd op de dag dat Maria zwanger raakte van Christus. Deze dag zou volgens de CT door de vroege kerk zijn gedateerd op 25 maart, de dag dat men ook Pasen vierde en de dag dat Christus gekruisigd werd. De reden voor die datering is dat men aangenomen zou hebben dat Jezus een precieze hoeveelheid jaren op aarde geweest is, wat betekent dat er tussen de dag dat Maria zwanger werd en de dag dat Christus stierf precies een aantal jaren gezeten zou moeten hebben.

Als Maria op 25 maart zwanger raakte, dan zou de geboorte van Christus negen maanden later, rond 25 december hebben moeten plaatsvinden. Om die reden zou de kerk het kerstfeest op 25 december hebben ingesteld.

De bewijzen voor de CT

Ook voor de CT zijn er geen harde bewijzen, wel is er één aanwijzing. Dat is de datum waarop kerst in het oosten en in Noord-Afrika werd gevierd. Daar werd de geboorte van Christus (en Pasen) niet op 25 maart, maar op 6 april gedateerd. Vanwege de datering op 6 april vierde men het kerstfeest niet op 25 december, maar op 6 januari, precies negen maanden na Pasen. Zowel in het oosten als in het westen werd kerst dus gevierd op een datum die precies negen maanden na Pasen viel, wat het aannemelijk maakt dat men in beide gevallen op basis van de zwangerschapsduur van negen maanden en de datering van Pasen en de geboorte van Christus op de datum voor kerst uitkwam. Het blijft echter een aanname, er kan niet met zekerheid gezegd worden dat het daadwerkelijk zo gegaan is.

Problemen met de CT

Het enige probleem met de CT1 is dat er te weinig bewijs is. Doorgaans wordt de CT verdedigd met argumenten die gaan over de vraag waarom de HRT niet correct is, wat mensen ertoe drijft om de CT te omarmen. Hiermee wordt echter niet aangetoond dat de CT wél correct is. De CT heeft echter wel sterkere papieren dan de HRT, maar dat is slechts omdat er geen duidelijke aanwijzingen zijn dat de CT niet kan kloppen.

De verspreiding van de CT

De CT is minder wijdverbreid geraakt dan de HRT. De theorie wordt met name in de Engelstalige wereld en onder studenten die liturgische geschiedenis en theologie studeren omarmd. Onder hen is de theorie populair door haar eenvoud en omdat zij een alternatief biedt voor de HRT. Op het continent Europa en onder het algemene publiek wereldwijd gaat de voorkeur echter nog uit naar de HRT.

Kunnen we de ontstaansgeschiedenis van het kerstfeest kennen?

Het antwoord op de vraag of wij kunnen weten hoe het kerstfeest ontstaan is luidt helaas 'nee'. Het is onmogelijk om te zeggen hoe, waarom, wanneer en door wie het kerstfeest ontstaan is omdat er geen harde bewijzen zijn die ook maar één van die vragen beantwoordt. Elke poging om deze vraag te beantwoorden op basis van de aanwijzingen die we tot onze beschikking hebben is helaas nog zinloos. Zowel de hierboven beschreven theorieën als andere theorieën die dat wel proberen, beschreven door Nothaft, zijn dan ook niet onderbouwd met harde bewijzen.

1 Een probleem dat veel mensen zien met de CT is dat Jezus niet in de winter geboren zou kunnen zijn omdat er in het geboorteverhaal van Jezus herders in de nacht buiten waren. Dat zouden zij in de kou normaal gesproken niet doen. Het zou dan ook raar zijn om aan te nemen dat de vroege kerk dacht dat dit wel het geval was. In het huidige Israël en Palestina zijn de winters echter niet per se te koud om in de nacht buiten te zijn. Hiernaast was het normaal voor de tempelherders om het hele jaar door dienst te doen, ook als het koud was. De kou is dus geen probleem voor de CT.

Lees verder

© 2016 - 2019 Theoloog, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Leuke, originele kerstwensenHet is weer bijna kerst, en met kerst versturen en ontvangen we allemaal graag kerstkaarten. Het is een teken van wederz…
Equity theory als middel om te mensen te motiverenEquity theory als middel om te mensen te motiverenEquity theory biedt een solide basis om werk zodanig vorm te geven dat de motivatie van werknemers niet negatief beïnvlo…
Social Judgment Theory (sociale-beoordelingstheorie)Social Judgment Theory (sociale-beoordelingstheorie)De Social Judgment Theory is een theorie voornamelijk ontwikkeld door Muzafer Sherif & Carolyn Sherif. De theorie wordt…
Het kerstfeest vroeger en nu: de verschillenHet kerstfeest vroeger en nu: de verschillenVroeger was het kerstfeest een eenvoudig feest. Het draaide om het samenzijn met de familie en samen eten. Tegenwoordig…
Organisatieleren: de actietheoretische benaderingDe actietheoretische benadering is één van de benaderingen waaruit gekeken kan worden naar het leren van organisaties. D…
Bronnen en referenties
  • Inleidingsfoto: Gerard Van Honthorst, Wikimedia Commons (Publiek domein)
  • S.L. Bruce, “Is Christmas Pagan.” Christianity Today 43, no. 14 (December 6, 1999): 85–85.
  • S. Hijmans, Usener's Christmas: A Contribution to the Modern Construct of Late Antique Solar Syncretism, in: M. Espagne & P. Rabault-Feuerhahn (edd.), Hermann Usener und die Metamorphosen der Philologie. Wiesbaden, Harrassowitz, 2011. 139-152
  • C.P.E. Nothaft, “The Origins of the Christmas Date: Some Recent Trends in Historical Research,” Church History 81, no. 4 (December 1, 2012): 905–908.
  • T.J. Talley, “Constantine and Christmas.” Studia Liturgica 17 (1987): 191–97.
  • G. Nazianzen, “Oration 38,” trans. C.G. Brown, J.E. Swallow, and K. Knight, New Advent, 2009, para. V–VI, http://www.newadvent.org/fathers/310238.htm, geraadpleegd op 24-02-2014.

Reageer op het artikel "Theorieën over de ontstaansgeschiedenis van het kerstfeest"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Infoteur: Theoloog
Laatste update: 11-12-2017
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Religie
Bronnen en referenties: 6
Schrijf mee!