Genocide: Armenië
De genocide in Armenië was een van de eerste van de twintigste eeuw, maar werd snel door de wereld vergeten. Het meest trieste is misschien nog wel dat de genocide tot op de dag van vandaag vaak niet erkend wordt. Niet door de Turken die de genocide begingen, maar ook niet door tal van andere landen, vaak uit politieke overwegingen. Een extra trap na voor de slachtoffers en hun nabestaanden.Wat er aan vooraf ging
Armeniërs zijn eeuwenlang omringd geweest door andersgelovigen. In de vierde eeuw kreeg Armenië een Christelijke koning en vanaf dat moment is het christendom de staatsreligie geweest. Al snel werd het kleine land door moslims omgeven, waaronder vooral Iran cultureel gezien een grote invloed op het land had, maar ondanks vervolging en discriminatie wanneer het land weer eens door anders-gelovigen werd geregeerd, hielden de Armeniërs koppig vast aan hun religie. Aan het einde van de negentiende eeuw was oost-Armenië in handen van de Russen en het westen was in handen van de Turken (of Ottomanen, zoals ze toen nog heten). Hoewel de Armeniërs in een achtergestelde positie verkeerden, leefden ze relatief harmonieus samen met hun Turkse overheersers. Maar het Armeense nationalisme groeide en de Armeniërs begonnen politieke hervormingen te eisen. Dit leidde tot een nog hardere onderdrukking, zowel door de Russen als door de Ottomanen. Tussen 1894 en 1896 vonden er in Turks-Armenië massamoorden plaats op Armeniërs, de zogenaamde Hamidian Massacres, vernoemd naar Sultan Abdul Hamid ll, die er opdracht toe had gegeven. In het Russische deel werden Armeense scholen, bibliotheken en kranten gesloten, het eigendom van de Armeense kerk werd geconfisqueerd. Ook onder Turken groeide het nationalisme, het eens zo machtige Ottomaanse Rijk begon af te brokkelen en werd de 'zieke, oude man van Europa'.De Genocide
In 1909 werd de Ottomaanse sultan omver geworpen door een groep die zich de 'Jonge Turken' noemde. Zij droomden van een moderne, op westerse leest geschoeide samenleving. De heerschappij kwam in handen van drie extremistische figuren: Talat, Enver en Jemal, zij waren degenen die het plan voor de genocide opstelden als een manier om hun pan-Turkse droom waar te maken. Tijdens het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog steunden deze Jonge Turken Duitsland, waardoor het land opnieuw in conflict kwam met buurman Rusland. De Turken verdachten de Armeniërs ervan met de Russen samen te zweren, christenen net als zijzelf. Veel Jonge Turken vonden dat het nu tijd was om de 'Armeense Kwestie' op te lossen. In 1915 werd besloten dat alle Armenen (ongeveer 1.750.000) Turkije moesten verlaten. De Eerste Wereldoorlog woedde, dus de wereld had haar aandacht bij andere zaken. De Armeniërs zouden de woestijnen van Syrië en Mesopotamië in worden gestuurd. Hierbij werden hele dorpen meedogenloos uit hun huizen verdreven, mensen werden afgeslacht of simpelweg op dodenmarsen gestuurd, richting een hun onbekende woestijn. Het wonderlijke was dat de Armeniërs zich willoos lieten afslachten, ze verzetten zich nauwelijks tegen de gebeurtenissen. Eerst werden alle mannen tot de wapenen opgeroepen. Ze werden vrijwel direct vermoord of moesten zich dood werken. In de dorpen bleven zo alleen vrouwen, kinderen en ouderen achter. Toen hen gevraagd werd om zich elders te vestigen en alleen hetgeen ze konden dragen mee te nemen, gaven ze daar vrijwel zonder commentaar gehoor aan. Tussen 1915 en 1926 (met uitlopers tot 1923) werd het Turkse deel van Armenië van Armeniërs ontdaan, degenen die de slachtingen overleefden vonden hun toevlucht in het Midden-Oosten (veelal Syrië), Rusland en de Verenigde Staten. Het aantal Armeniërs in Turkije had zo'n twee miljoen bedragen, daarvan werd de helft omgebracht (sommige bronnen spreken zelfs van anderhalf miljoen doden). De overigen werden uit hun huizen en van hun land verdreven, de facto was Turkije van Armeniërs ontdaan in 1923.De genocide was tot in de puntjes voorbereid, met gebruik making van de modernste middelen uit die tijd. Alle politiebureaus ontvingen het bericht om op dezelfde dag, 20 april 1915 met de operatie te beginnen. De uitvoerders hielden contact via telegrammen. Ook werd gebruik gemaakt van net aangelegde spoorwegen, de Istanbul-Bagdad spoorweg was inmiddels tot in de Syrische woestijn gevorderd en de Turkse overheid maakte hier gebruik van. Duizenden Armeniërs werden in treinen gestopt en naar het einde van de spoorweg gebracht, waar ze zonder eten en drinken aan hun lot werden overgelaten. Er waren enkele concentratie-kampen, waar de mensen van honger en dorst omkwamen. Turken die de Armeniërs bescherming aanboden, werden zelf vermoord. Iemand die veel Armeniërs wist te redden was de Amerikaanse ambassadeur Henry Morgenthau, hij zorgde ervoor dat de genocide in de Verenigde Staten bekend werd en er werd een hulp-comittee opgericht, Near East Relief, dat tienduizenden wist te redden. Ook na de oorlog hielpen ze overlevenden.