Plato's Allegorie van de wagenmenner en de zorg voor de ziel

Plato's Allegorie van de wagenmenner en de zorg voor de ziel De Allegorie van de wagenmenner komt voor in Plato's dialoog Phaedrus uit circa 370 v.Chr. Het gesprek tussen Socrates en Phaedrus draait ogenschijnlijk om het onderwerp liefde, maar gaat eerder over de kunst van welsprekendheid. Een van de thema's die aan bod komen is zielsverhuizing of metempsychose, de Oud-Griekse opvatting van reïncarnatie. Van Socrates had Plato geleerd dat de menselijke ziel tijdens de incarnatie - de geboorte op aarde - niet alleen haar vleugels had verloren, maar ook alle kennis die zij ooit had bezeten. Hij zag het als de taak van de filosoof om zich die verloren kennis opnieuw te herinneren door de opvoeding van zijn ziel. Makkelijk was dat niet, want de mens was in zijn toestand hier op aarde de speelbal van zijn eigen lage lusten die hij eerst moest leren beheersen.

De allegorie als stijlmiddel

In de literatuur is een allegorie een stijlmiddel waarbij een verhaal als volgehouden metafoor een complex idee verbeeldt. Plato wendt het onder meer aan in zijn bekende Allegorie van de grot over het onderscheid tussen schijnkennis en de ware kennis van de Ideeënwereld. In de Allegorie van de wagenmenner vergelijkt Plato de ziel (Psyche) met een wagen. In deze allegorie introduceert hij een drievoudige ziel die bestaat uit een wagenmenner en twee paarden. De wagenmenner is het symbool van het intellectuele en logische deel van de ziel, en de twee paarden vertegenwoordigen respectievelijk morele deugden en hartstochtelijke instincten.

Zielsverhuizing in de dialoog Phaedrus

De opvatting van de onsterfelijke ziel en haar verlossing uit de aardse kerker door zuivering kenden Plato en Socrates van de mysteriecultussen, met name die van het orfisme. Aanhangers van deze religieuze stroming geloofden in beloning of straf voor de ziel in het hiernamaals, al naargelang iemand in zijn laatste incarnatie goed of slecht had geleefd. Het idee van zielverhuizing werd ook al door Pythagoras aan zijn volgelingen doorgegeven.

De drievoudige ziel

Deze allegorie vertelt over een wagenmenner die een wagen bestuurt die wordt getrokken door twee gevleugelde paarden: één ervan is wit, edel en onsterfelijk, en het andere is zwart, sterfelijk en precies het tegenovergestelde in afkomst en karakter. Het boosaardige paard staat voor het begerende deel van de ziel en is er verantwoordelijk voor dat de ziel zijn vleugels verloor in de sterrenwereld. De meeste mensen worden volgens Plato beheerst door dat laagste zielsdeel en slagen er tijdens hun leven niet in zich boven hun primitieve behoeften te verheffen. Het witte paard is echter evenmin geheel betrouwbaar, want het kan als symbool van het zielsdeel van de toorn zowel partij kiezen voor de voerman als voor het zwarte paard. Met andere woorden: de wagenmenner (de rede) heeft zijn handen vol om het onwillige span te leiden.

De bestemming van de wagenmenner

De wagenmenner zal er vooral voor moeten zorgen dat het laagste deel van de menselijke ziel, dat van de lichamelijke begeerten, het beste deel van de ziel kan onderdrukken en beletten om omhoog te vliegen, terug naar de sterrenwereld waar de ziel vandaan komt. De bestemming van de wagenmenner is immers de rand van de hemel, waarachter hij de Vormen 'Waarheid' en 'Absolute kennis' kan aanschouwen. Als de wagenmenner in staat is om de Vormen te aanschouwen, mag hij een nieuwe omwenteling rond de hemelen maken. Maar als hij de wagen niet met succes kan besturen, verwelken de vleugels van de paarden door gebrek aan voeding, of breken ze af wanneer de paarden elkaar aanvallen, of botsen tegen de wagens van anderen.

De val uit de hemelen

Wanneer de wagen uit de hemel valt, verliezen de paarden hun vleugels en wordt de ziel belichaamd in een menselijke, stoffelijke vorm. Hoe diep de ziel valt en welke hogere of lagere incarnatie haar te wachten staat, hangt af de hoeveelheid Waarheid die ze aanschouwde terwijl ze in de hemelen was.

De mate van de val bepaalt ook hoe lang het duurt voordat de paarden hun vleugels opnieuw kunnen laten groeien en weer vliegen. Samengevat: hoe meer Waarheid de wagenmenner zag op zijn reis, hoe ondieper zijn val, en hoe gemakkelijker het voor hem is om op te staan en weer op weg te gaan naar een nieuwe verlichting van zijn ziel.

Hoe de ziel terug kan keren

Voor de ziel incarneerde, heeft zij dus de Ideeën of Vormen in de Ideeënwereld mogen aanschouwen. Incarnatie ('vleeswording', het lichaam als aardse kerker) beschouwt Plato net als Socrates als de val van de ziel. De ziel verlangt terug naar dat perfecte bestaan, en zal daarvoor gevoed moeten worden met kennis en inzicht. In de Allegorie van de grot wordt dat opvoedingsproces van de filosoof beschreven: door zich te richten op de wereld van de Ideeën kan hij de vergankelijke schijnwereld van de dagelijkse werkelijkheid achter zich laten. De worsteling en het streven van de menselijke ziel om zich uit de aardse gevangenis te bevrijden wordt verbeeld in de Allegorie van de wagenmenner. Zolang de ziel zich door het laagste deel laat meesleuren en een leven van genot en begeerten nastreeft, zal dit echter niet lukken.

Plato's indeling van de ideale staat op basis van de zielsdelen

De drievoudige indeling van de ziel met de wagenmenner als rede (logos), neemt Plato ook als basis voor de indeling van zijn ideale staat. Ieder krijgt daarin een taak die het beste bij hem past. Wie zich in zijn laatste incarnatie door genot liet meesleuren, behoort tot de laagste klasse. De controle op hun doen en laten is in handen van een middenklasse van 'wachters', het betere paard van de wagenmenner. De met rede begaafde voerman of filosoof-koning voert het leiderschap over de ideale staat.

Plato's gebruik van mythes

De Phaedrus is niet de enige dialoog waarin Plato gebruikmaakt van de mythe om zijn filosofische denkbeelden te verduidelijken en om zijn lezers te overtuigen van de juistheid ervan. In liefst veertien van zijn dialogen komen er mythes voor. De mythe van de gevleugelde ziel in Phaedrus verhaalt hoe de ziel vóór reïncarnatie door de hemelen reist, probeert de ware werkelijkheid te aanschouwen, en zich na de incarnatie weer tracht de eeuwige Vormen te herinneren.

"Het goddelijke is schoonheid, wijsheid, goedheid; en hierdoor worden de vleugels van de ziel gevoed en groeien ze snel; maar wanneer ze worden gevoed met kwaad en onreinheid en het tegenovergestelde van goed, verwelken ze en vallen ze af."- Phaedrus 246e.
© 2020 JGrandgagnage, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Plato: allegorie van de grotPlato: allegorie van de grotPlato was een Griekse filosoof en schrijver die leefde in de klassieke oudheid, van 427 voor Christus tot 347 voor Chris…
Levenskunst: Plato over de harmonie van de zielLevenskunst: Plato over de harmonie van de zielHoe zit de menselijke geest in elkaar? Waaruit bestaat het bewustzijn? En hoe kunnen we onze ziel zo mooi mogelijk maken…
Kabbala: reïncarnatie in het JodendomIs er een verband tussen zielen die nu leven en die vroeger bestonden? In het Jodendom wordt niet door iedereen in reïnc…
De Apologie van SocratesDe Apologie van SocratesEen van de eerste werken die Plato heeft geschreven, is de Apologie van Socrates. Socrates was aangeklaagd en moest zich…

Kierkegaard en Regine Olsen: een ongewoon liefdesverhaalKierkegaard en Regine Olsen: een ongewoon liefdesverhaalIn het voorjaar van 1837 ontmoet de later beroemde filosoof en theoloog Søren Kierkegaard voor het eerst de toen 14-jari…
De presocraten als pioniers van de westerse filosofieDe presocraten als pioniers van de westerse filosofieMet de presocraten begint de westerse filosofie. Deze filosofen leefden in de periode van ongeveer 600-350 v. Chr. en wo…
Bronnen en referenties
  • Inleidingsfoto: Jean Dodal, Wikimedia Commons (Publiek domein)
  • Stanford Encyclopedia of Philosophy https://plato.stanford.edu/entries/plato-myths/
  • Jules Grandgagnage: https://sites.google.com/site/filosofievanplato/

Reageer op het artikel "Plato's Allegorie van de wagenmenner en de zorg voor de ziel"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Infoteur: JGrandgagnage
Gepubliceerd: 10-08-2020
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Filosofie
Bronnen en referenties: 3
Schrijf mee!