InfoNu.nl > Mens en Samenleving > Sociaal cultureel > Harvey Milk - Politicus en homorechten activist

Harvey Milk - Politicus en homorechten activist

Harvey Milk - Politicus en homorechten activist Harvey Milk was een homoseksueel politicus in de jaren 70 die sterk opkwam voor homo-rechten, en de eerste openlijk homoseksueel in een ambtsfunctie in Amerika. Vanuit zijn winkel in Castro, San Fransisco runde hij diverse campagnes voor de rechten van de LGBT gemeenschap. Later is het levensverhaal van Harvey Milk verfilmd in de film Milk, die daarvoor 2 Oscars won.

Jeugd en opleiding

Harvey Milk werd op 22 mei 1930 geboren in Long Island, New York. Tijdens zijn jeugd werd hij soms gepest om zijn grote oren en voeten. Na zijn middelbare school studeerde Milk aan de State University of New York in Albany, en specialiseerde zich als docent wiskunde. Een oud klasgenoot heeft later in een interview verteld nooit gedacht te hebben dat Harvey Milk homoseksueel was.
Na zijn studie besloot Harvey Milk zich aan te sluiten bij de marine, en werd geplaatst op een duikboot ten tijden van de Koreaanse Oorlog. Later werd hij overgeplaatst naar een basis in San Diego, waar hij een functie had van duikinstructeur. In 1955 verliet hij de marine met de rang van luitenant. Aansluitend verhuisde hij terug naar zijn geboorte stad, New York.

New York

In New York kreeg Milk een baan als wiskunde docent op de George W. Hewlett High School. In New York ontmoette hij Joe Campbell, in het Riis Park. Destijds was Riis Park een bekende ontmoetingsplek voor homoseksuelen. Verveeld door het leven in New York verhuisden zij samen naar Dallas in Texas, maar voelden zich daar alles behalve welkom en verhuisden dan ook snel weer terug naar New York. De relatie zou uiteindelijk zes jaar duren.

Milk kreeg een baan als statisticus bij een verzekeringsmaatschappij in New York. Hij probeerde zijn liefdesleven en werk zeer gescheiden te houden, wat tot dan toe goed lukte. In 1962 ontmoette hij de tien jaar jongere Craig Rodwell. Milk voelde zich naar eigen zeggen niet altijd bij Rodwell's betrokkenheid in het gay activisme, dat destijds op erg veel weerstand stuitte. Milk beëindigde de relatie nadat Rodwell opgepakt was in Riis Park voor het aanzetten tot rellen.

Milk stopte met zijn baan als statisticus en nam een baan aan als onderzoeker voor een Wallstreet firma, Bache & Company. In 1964 kreeg Milk een relatie met Jack Galen McKinley, die destijds nog maar 16 jaar oud was. Jack had de neiging erg depressief te worden, en Milk nam hem mee naar een ziekenhuis toen hij dreigde zelfmoord te plegen. In dit ziekenhuis lag Joe Campbell, zijn ex-minnaar met wie hij contact hield, te herstellen van een zelfmoordpoging.

San Fransisco en Castro

Castro, een klein wijkje in San Fransisco was van oorsprong een Iers-Katholieke wijk met strenge conservatieve normen, in vergelijking met de opkomst van meer sociale waarden in de jaren 70. In de jaren 60 verhuisden veel gezinnen naar betere wijken, 'suburbs', in de San Fransisco Bay Area. Castro kwam door de leegstand meer in verval en de huizenprijzen daalden enorm. Het nabij gelegen Haight-Ashbury, een wijk met min of meer dezelfde tendens en zéér geliefd onder de hippies, steeg enorm in populariteit onder de jong-volwassenen. Door het openen van een gay-bar in Castro verhuisden er nog meer van oorsprong Iers-Katholieke gezinnen. Daarnaast waren er in heel San Fransico meer homoseksuele mannen, voornamelijk afkomstig uit de marine, die na de Tweede Wereldoorlog niet terug naar hun geboorte stad wilden gaan uit angst voor uitstoting omwille van hun geaardheid. Het gros hiervan vestigde zich in Castro en Haight-Ashbury.

Milk en Mckinley verhuisden naar San Fransisco waar Milk een baan aannam bij een investeringsmaatschappij. Toen McKinley een baan aannam in New York, voor de productie van de musical Jesus Christ Superstar, besloot Milk in San Fransisco te blijven en kwam de relatie tot een einde. Milk verloor kort erna zijn baan nadat hij weigerde zijn lang gegroeide haar te knippen. Hij zwierf rond in Amerika zonder een duidelijk plan, om uiteindelijk terug te komen in New York, waar hij Scott Smith ontmoette. Samen zijn zij terug naar San Fransisco verhuisd en openden een camerawinkel in Castro: Castro Camera.

Gay Activisme en Supervisor

Juridisch gezien was homoseksualiteit nog altijd een misdaad in Amerika. Homoseksuelen liepen het risico opgepakt en vastgezet te worden door de politie, die meer dan eens patrouilleerde bij bekende homo ontmoetingsplaatsen. Een poging om deze wet aan te passen faalde in 1969 wegens te weinig steun.

Milk keek de ongelijke rechtspositie van homoseksuelen in Amerika met argusogen aan en besloot uiteindelijk zich kandidaat te stellen als supervisor van Castro. Deze positie is in zekere zin te vergelijken met het Nederlandse wethouderschap. De eerste nominatie in 1973 verloor hij echter, maar hij bleef zich eropvolgende keren beschikbaar stellen. In 1977 won hij uiteindelijk deze verkiezing, en werd daarmee de eerste openlijk homoseksuele Supervisor in de Amerikaanse geschiedenis. Milk zou uiteindelijk 11 maanden dienen als supervisor.

In de tijd tussen zijn eerste verlies en uiteindelijke verkiezing hield Milk zich voornamelijk bezig met zijn ongeorganiseerde campagne voor het supervisorschap. Hij runde deze vanuit zijn winkel in Castro, maar met weinig structuur. Fondsen kwamen meermaals uit de kassa van de winkel zelf, en de administratie werd gerund door een 11-jarig buurmeisje. Veel van zijn notities slingerden rond op losse papiertjes en er was nagenoeg geen lijst van vrijwilligers, ondanks dat deze naar schatting in de duizenden liepen. Door verschillende doodsbedreigingen vanuit het hele land, besloot Milk zijn gedachten op audio op te nemen, wat zijn uiteindelijke biografie mogelijk heeft gemaakt.

Wel bleek Milk een geboren politicus die zonder veel moeite enorme massa's (homoseksuele) mensen kon mobiliseren. Zo veroorzaakte hij een boycot van het biermerk Coors nadat deze in conflict lag met een werknemersbond en deze strijd dreigde te winnen. Ook zette hij een winkeliersvereniging op, die van Castro een bloeiende en welvarende wijk heeft gemaakt. Ook niet-homoseksuele winkeleigenaars, die voorheen tegen Milk hebben gestemd of in elk geval zijn afkeur hierover uitspraken, profiteerden enorm van de door Milk georganiseerde Fairs, waardoor Milk uiteindelijk toch hun steun ontving.

Briggs Initiative

Milk kreeg in 1978 landelijke media-aandacht in zijn weerstand op Proposition 6, ofwel het Briggs-Initiative. Dit wetsvoorstel, aangevoerd door John Briggs, verbood homoseksuelen om les te geven op Amerikaanse scholen. Hiermee zouden vele docenten hun baan kwijt raken. Ook sympathisanten van homoseksuelen, docenten die openlijk de gay gemeenschap steunden maar dit zelf niet waren, zouden hun baan verliezen door Proposition 6. Het argument voor dit wetsvoorstel was dat homoseksuele leraren kinderen zouden leren om homoseksueel te zijn, omdat schoolkinderen doorgaans hun leraar imiteren. Milk vroeg zich tijdens publieke debatten af hoe het dan kwam dat er niet ontzettend veel leraren zouden zijn.

De steun voor dit verzet groeide door het hele land. Toenmalig president Jimmy Carter sprak tijdens een toespraak in Sacramento in Los Angeles zijn steun uit voor Milk. Ook toenmalig goeverneur Ronald Reagan (die later president van Amerika werd) was openlijk tegen dit wetsvoorstel. Op 7 november werd er massaal tegen het wetsvoorstel en werd het verworpen met een meerderheid van 70%. In tegenstelling tot verschillende verliezen met andere, kleinere, wetsvoorstellen door het land heen, was dit een enorme winst voor de gay gemeenschap.

Moord

Dan White, een andere supervisor uit San Fransisco legde zijn op 10 november 1978 functie neer nadat een voorstel voor loonsverhoging voor supervisors werd afgewezen, maar bedacht zich kort erop. De toenmalig burgemeester van San Fransisco, George Moscone, ging in eerste instantie akkoord met de terugkomst van Dan White, maar bedacht zich enkele dagen later en wilde een nieuw, meer ervaren persoon aanstellen als supervisor.

Op 27 november, kort voor een persbijeenkomst waarin een nieuwe supervisor aangekondigd zou worden, drong Dan White via een kelderraam het gemeentehuis binnen en eiste kort te spreken met Moscone. White schoot Moscone na een korte woordenwisseling dood en begaf zich naar zijn oude kantoor. Dit kantoor was naast dat van Milk, die zojuist een ontmoeting afsloot en onderweg was naar de persbijeenkomst. Milk ging akkoord White toch nog even te spreken. In zijn kantoor werd Milk door 5 schoten geraakt, waarvan 2 op korte afstand.

Dan White werd uiteindelijk door zijn vrouw naar de politie begeleid, en aangeklaagd voor moord. In zijn rechtszaak pleitte hij onschuldig, en zijn advocaten claimden een chemische disbalans door veel junkfood, waardoor White niet toerekeningsvatbaar zou zijn. Deze verdediging werd door de media 'The Twinkie Defense' genoemd, en had behalve hoongelach weinig resultaat. Dan White werd vrijgesproken voor moord maar schuldig bevonden aan dood door schuld voor beide slachtoffers en kreeg een gevangenisstraf van 7 jaar opgelegd. Na 5 jaar kwam hij vrij op gronde van goed gedrag, en pleegde na 2 jaar zelfmoord nadat zijn vrouw hem verlaten had.
Het motief voor de moord had volgens het publiek meer te maken met gevoelens van verraad, dan homofobie, al was Dan White niet gezind van homoseksualiteit in het algemeen.

Nalatenschap

Kort na de moord werd een stille protestmars georganiseerd door Milk's nabestaanden. Deze mars, die naar schatting 2,5 kilometer langs was, werd nationaal op televisie uitgezonden.

Milk's politieke nalatenschap was voornamelijk gericht op individuele aandacht voor minderheden in de politiek, en het belang van zeggenschap in bepaalde wijken. Milk werd geprezen om zijn eigen ervaring als een onderdrukte homoseksueel, die publiekelijk de dialoog over deze onderdrukking wilde voeren. Dit in een periode waar dit niet gebruikelijk was, en de mogelijke consequenties ook nog niet duidelijk waren. Milk heeft postmortem vele prijzen en onderscheidingen ontvangen voor zijn inzet voor de rechten van homoseksuelen in Amerika, waaronder de Presidential Medal of Freedom, uitgereikt in augustus 2009 door president Obama.

Film en media

Het levensverhaal van Harvey Film is verteld in de film 'Milk'. De film kreeg een Oscar voor 'Best Writing'. Harvey Milk wordt in de film gespeeld door Sean Penn, die hiervoor ook een Oscar kreeg uitgereikt. Daarnaast dragen verschillende LGBT instellingen zijn naam.
© 2015 - 2019 Pasnicky, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
APA stijl: LiteratuurlijstAPA stijl: LiteratuurlijstDe APA schrijfstijl is de standaard in met name sociale wetenschappen. Een van de meest uitgeschreven regels is de wijze…
Bubble Tea - thee met balletjesBubble Tea - thee met balletjesNa de koffietenten op elke hoek van de straat volgen de theebars: de theeverkopers gaan de strijd aan met de koffieketen…
Vrouwelijke internetactivisten in de Arabische wereldDe Arabische Lente zorgde voor veranderingen in deze regio. Opvallend is de rol van internetactivisten in deze protesten…
De Oscarwinnaars 2008De Oscarwinnaars 2008De Academy Awards van het jaar 2008. De beste films van dit jaar waren Slumdog millionaire, The curious case of Benjamin…
Ontbijten in BarcelonaOntbijten in BarcelonaBarcelona is een van de favoriete bestemmingen voor Nederlanders en Belgen, mede vanwege de vele bezienswaardigheden, de…
Bronnen en referenties

Reageer op het artikel "Harvey Milk - Politicus en homorechten activist"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Infoteur: Pasnicky
Laatste update: 14-06-2015
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Sociaal cultureel
Bronnen en referenties: 4
Schrijf mee!