Herders en leraars in Efeze 4:11 - Eén of twee bedieningen?

Herders en leraars in Efeze 4:11 - Eén of twee bedieningen? Met name in evangelische of pinkstergemeenten wordt regelmatig gesproken over de vijfvoudige bediening die in Efeze 4:11 beschreven staat. Deze vijf bedieningen, apostel, profeet, evangelist, herder en leraar, zouden van cruciaal belang zijn voor het opstarten en voortbestaan van een gemeente. De grondtekst van Efeze 4:11 roept echter de vraag op of 'herderschap' en 'leraarschap' twee afzonderlijke bedieningen zijn, of beide functies zijn van één bediening, of ambt.

Het probleem

In de grondtekst van Efeze 4:11 staat de volgende zin:
"kai autos edōken tous men apostolous tous de prophētas tous de euaggelistas tous de poimenas kai didaskalous"

In de Statenvertaling wordt dit als volgt, op concordante wijze, vertaald:
"En Dezelfde heeft gegeven sommigen tot apostelen, en sommigen tot profeten, en sommigen tot evangelisten en sommigen tot herders en leraars"

In het vers worden de mensen die Christus aan de gemeente heeft gegeven gepresenteerd. Hun bedieningen staan bekend als de 'vijfvoudige bediening'. Bij het lezen valt echter op dat bij de leraars (didaskalous) wordt afgeweken van het woordgebruik. In het Grieks wordt tous de ('en sommigen') daar vervangen door kai ('en'). In de Nederlandse vertaling is dat zichtbaar door het ontbreken van de woorden 'sommigen tot'.

Over de vraag wat het gebruik van een ander lidwoord bij de leraars te betekenen heeft voor de verhouding tussen leraarschap en herderschap bestaan drie verschillende opvattingen. De eerste luidt dat herderschap en leraarschap twee functies zijn binnen één bediening.1 De tweede luidt dat er sprake is van een eenzijdige overlap tussen de bedieningen. De derde luidt dat er sprake is van twee compleet verschillende bedieningen.

Twee functies binnen één bediening

De theorie dat er sprake is van twee functies binnen één ambt luidt dat mensen die herder of leraar waren vanzelfsprekend allebei waren. Er wordt dan wel eens gesproken van de 'viervoudige bediening' (de herder-leraars naast de apostelen, profeten en evangelisten).

Er zijn vijf argumenten voor deze theorie. Het eerste luidt dat het gebruik van het lidwoord kai de theorie ondersteunt. Het tweede luidt dat Paulus zelf een herder-leraar was. Het derde luidt dat aan ouderlingen die onderwijzen dubbele eer toekomt. Het vierde luidt dat niemand herder kan zijn zonder leraar te zijn of andersom. Het vijfde luidt dat vroege kerkvaders de tekst ook zo interpreteerden.

Het andere lidwoord

In John Gill's Exposition of the Entire Bible stelt Gill dat hij denkt dat er sprake is van één ambt, omdat Paulus met het gebruik van het woord kai afwijkt van het gebruik van de woorden tous de, zoals hierboven beschreven. Als Paulus een sterk onderscheid had willen maken tussen herders en leraars dan had hij volgens Gill niet afgeweken. Het ambt is in Gills ogen het herderschap, waarbij het woord 'leraars' slechts dient om uit te leggen wat er met het figuurlijke woord 'herders' (in veel Engelse vertalingen: pastors) wordt bedoeld. Een uitleg die door Johnson en Yount nog steeds als evident wordt beschouwd.

Paulus had zelf de functie van herder-leraar in Efeze

In de Cambridge Bible for Schools and Colleges wordt gesteld dat de twee functies samengaan in de ene vaste 'voogd' van een lokale gemeente. Dit wordt gebaseerd op Handelingen 20:17-38, waarin Paulus afscheid neemt van de gemeente te Efeze, die vanaf dat moment op eigen benen moet staan. Paulus noemt de gemeente een kudde (vers 28-29), wat leidt tot de aanname dat Paulus de herder was. Ook heeft hij het over het onderwijs (didaxai, verwant aan het in Efeze 4:11 voorkomende didaskalous) dat hij hen gaf (vers 20). Paulus was dus herder en leraar tegelijk en denkt hier ook aan bij Efeze 4:11.

Het probleem met dit argument is dat het helaas over één persoon gaat. Dat Paulus herder-leraar was wil niet zeggen dat alle herders ook leraars zijn of andersom. Hiernaast was Paulus voor de gemeente te Efeze ook de evangelist (Hand. 20:24). Deze laatste bediening wordt echter niet vereenzelvigd met het herderschap of leraarschap.

De uitspraak dat aan ouderlingen (herders) die onderwijzen dubbele eer toekomt

In de The Pulpit Commentary wordt gesteld dat het het best is om de functies van herder en leraar als één ambt te zien omdat hier ook sprake van is in 1 Timoteüs 5:17. In dat vers wordt gesteld dat aan ouderlingen, zoals herders ook genoemd werden, dubbele eer toekomt. Deze dubbele eer komt vooral aan hen "die zwoegen in woord en in onderwijzing (didaskalia)" toe.

Het probleem met dit argument is dat in 1 Timoteüs 5:17 onderscheid wordt gemaakt tussen ouderlingen die wel en niet onderwijzen door het gebruik van het woord 'vooral'. Het vers duidt er dus niet op dat herders per definitie ook onderwijzen, maar slechts dat herders ook kunnen onderwijzen.

Niemand kan één zijn zonder de ander te zijn

In Vincent's Word Studies (VWS) en door Yount wordt gesteld dat niemand een herder kan zijn als hij niet kan onderwijzen, en dat een leraar om te onderwijzen de kennis nodig heeft die pastorale (herderlijke) ervaring biedt. Beide functies horen volgens hen dus bij elkaar. Echter wordt door beide niet onderbouwd dat het men géén van de twee functies kan uitoefenen zonder de ander.

Vroege kerkvaders

Volgens Hughes vertaalden zowel Augustinus als Johannes Chrysostomos, voor wie Grieks zijn moedertaal was, Efeze 4:11 op een manier waarbij de herders en leraars als één werden gezien. Hughes vermeld hierbij echter niet waar zij dat doen, wat het in het geval van Augustinus moeilijk te controleren maakt. Chrysostomos doet dit in zijn elfde preek over de brief aan de Efeziërs:

First, he says, "apostles"; for these had all gifts; secondarily, "prophets," for there were some who were not indeed apostles, but prophets, as Agabus; thirdly, "evangelists," who did not go about everywhere, but only preached the Gospel, as Priscilla and Aquila; "pastors and teachers," those who were entrusted with the charge of a whole nation.

Deze vertaling is een sterk argument om aan te nemen dat de grammaticale structuur erop wijst dat de herder en leraar als één gezien moeten worden, omdat voor Chrysostomos Grieks zijn moedertaal was en hij dus zal hebben geweten wat het woord kai betekende.

Eenzijdige overlapping

De theorie dat er sprake is van een eenzijdige overlapping luidt dat herders altijd ook leraar zijn, maar dat leraars niet per definitie ook herder zijn. De herders zijn een subgroep binnen de groep leraars.

Er zijn twee argumenten voor deze theorie. Het eerste is dat de grammaticale structuur van Efeze 4:11 hierop duidt. Het tweede luidt dat in Nieuwtestamentische context Paulus wel schrijft dat herders leraars waren, maar dat dit andersom niet perse het geval was.

De grammaticale structuur van Efeze 4:11

Volgens Combs is het gebruik van het woord kai in Efeze 4:11 doorgaans onterecht gezien als een 'Granville Sharp constructie'.2 De reden hiervoor is dat, volgens Combs, er alleen sprake is van zo een constructie als de zelfstandig naamwoorden in het enkelvoud zijn. In Efeze 4:11 staan zij echter in hun meervoudsvormen.

Doordat mensen het gebruik van het woord kai zien als een 'Granville Sharp constructie' gaan ze ervan uit dat de twee zelfstandig naamwoorden (herders en leraars) gaan over één persoon, waardoor beide worden gezien als twee functies binnen één ambt, uitgevoerd door één persoon. Combs gaat hier tegenin door erop te wijzen dat de grammaticale structuur van het vers erop duidt dat de eerste groep, herders, een subgroep is van de tweede groep, leraars. Er zijn dus een aantal leraars, waarvan een aantal herder zijn. Herders zijn dus, volgens Combs, per definitie ook leraar, maar andersom gaat dit niet op.

Het probleem met dit argument is dat Combs niet uitlegt waarom de grammaticale structuur wijst op zijn interpretatie van Efeze 4:11. In plaats daarvan verwijst hij naar Wallace, die het vermoeden uitspreekt dat herders ook leraar moesten zijn en dat leraars niet perse ook herder waren, maar dit niet als feit poneert. Hij baseert dit vermoeden echter niet op de grammatica in Efeze 4:11, maar op het, verder niet door hem onderbouwde, idee dat volgens het Nieuwe Testament ouderlingen ook leraar moesten zijn.

Nieuwtestamentische context

In A Popular Commentary on the New Testament wordt gesteld dat Paulus schreef dat herders als deel van hun ambt ouderling en bijna altijd leraar waren, zoals in 1 Timoteüs 5:17. Andersom is dit echter niet het geval, een leraar is niet per definitie ook een herder of ouderling. Dit is een aanwijzing dat er sprake is van eenzijdige overlapping. Hiernaast worden leraren in het Nieuwe Testament als eigen groep gezien, zoals in 1 Korintiërs 12:28-29. Zij bestaan dus naast de herders, waardoor er geen sprake kan zijn van één ambt.

Het probleem met dit argument is dat in 1 Timoteüs 5:17 duidelijk wordt gemaakt dat er ook herders waren die zich niet bezig hielden met het geven van onderwijs, dus niet alle herders waren ook leraar. Herders kunnen daardoor niet worden gezien als subgroep van de leraars.

Twee verschillende bedieningen

De theorie dat er sprake is van twee bedieningen luidt dat herders en leraars beide hun eigen taken hebben waarbij er geen sprake is van overlap tussen beiden. De vraag is echter hoe de taken tussen beiden verdeeld zijn. Volgens de Jamieson, Fausset and Brown Commentary bouwde de leraar de kerk op, op het geloof dat mensen hadden dankzij de evangelist, terwijl de herder de gids van de gemeente was en haar bestuurde. Volgens de Geneva Bible Translation Notes zijn de herders degenen die de kerk besturen, terwijl de leraars degenen zijn die de scholen besturen. Deze standpunten worden echter niet onderbouwd met argumenten.

Het lijkt erop dat er in het Nieuwe Testament geen glashelder onderscheid wordt gemaakt tussen herders en leraars. De herders worden zelfs opgeroepen om de kudde (gelovigen) te voeden (Hand. 20:28). Met 'voeden' wordt in het Nieuwe Testament het onderwijzen bedoeld, zoals in 1 Korintiërs 3:2.

Eén of twee bedieningen?

Het idee dat de herder en leraar twee bedieningen hebben die geen overlap met elkaar hebben lijkt ongegrond. Het tegenovergestelde idee, dat Paulus in Efeze 4:11 wilde zeggen dat herders en leraars één en dezelfde groep mensen zijn, lijkt echter ook niet het geval, omdat herders volgens 1 Timoteüs 5:17 niet per definitie leraars zijn, en vice versa. Zelfs de vertaling door Chrysostomos doet hier niets aan af.

Er is dus in ieder geval sprake van overlap tussen de bedieningen, maar hoe die overlap in elkaar zit is moeilijk te beschrijven, omdat niet alle leraars ook herders waren en niet alle herders ook leraars waren. Het zou kunnen zijn dat Paulus deze moeilijkheid wilde uitdrukken met het gebruik van het lidwoord kai. Deze theorie lijkt op die in de Expositor's Bible Commentary, die stelt dat in Efeze 4:11 leraarschap en herderschap samen genoemd worden omdat zij vaak met elkaar geassocieerd werden, niet omdat zij onafscheidelijk zijn. Deze theorie, die helaas niets zegt over hoe herderschap en leraarschap zich precies tot elkaar verhouden, is de meest houdbare theorie.



1 In verschillende kringen krijgen de vijf genoemde taken in Efeze 4:11 verschillende namen, zoals 'ambten', 'bedieningen' of 'gaven'. In dit artikel wordt de term 'bediening' gebruikt. Als het herderschap en leraarschap binnen één 'bediening' vallen worden zij in dit artikel 'functies' genoemd van de bediening 'herder-leraar'.
2 De eerste regel van Granville Sharp (van de in totaal 6) luidt als volgt: "When the copulative kai connects two nouns of the same case, if the article ho, or any of its cases, precedes the first of the said nouns or participles, and is not repeated before the second noun or participle, the latter always relates to the same person that is expressed or described by the first noun or participle." (bron: https://en.wikipedia.org/wiki/Granville_Sharp#Classical_grammarian, geraadpleegd op 01-03-2016).
© 2016 - 2024 Theoloog, het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming is vermenigvuldiging verboden. Per 2021 gaat InfoNu verder als archief, artikelen worden nog maar beperkt geactualiseerd.
Gerelateerde artikelen
De vijfvoudige bediening in Efeze 4:11De vijfvoudige bediening in Efeze 4:11In Efeze 4:11-12 noemt Paulus vijf groepen mensen die door Christus zijn gegeven aan de gemeenten om de heiligen tot vol…
De Oudduitse herdershondDe Oudduitse herdershondDe Oudduitse herder lijkt zoals zijn naam al doet vermoeden op de Duitse herder. Dit artikel zal wat meer informatie gev…
Bedevaartsoord voor Maria in Turkije: Meryemana in EfezeBedevaartsoord voor Maria in Turkije: Meryemana in EfezeIn Turkije, bij de stad Efeze ligt Meryemana. Dit is voor zowel christenen en moslims een bedevaartsoord. Men gelooft da…
De komma's in Efeze 4:12 - Wie doen het werk der bediening?De komma's in Efeze 4:12 - Wie doen het werk der bediening?In Efeze 4:11-12 staat een beschrijving van een aantal gaven die God aan mensen in de gemeenten heeft gegeven. De mensen…

Salafisme, de streng-islamitische leerSalafisme, de streng-islamitische leerHet salafisme staat sedert het begin van deze eeuw steeds meer in de belangstelling. Daaraan hebben zaken als wereldwijd…
De leer en daden van de Nikolaïeten in Openbaringen 2De leer en daden van de Nikolaïeten in Openbaringen 2In Openbaringen 2 worden de Nikolaïeten tweemaal genoemd. In vers 6 wordt de gemeente te Efeze geprezen om het feit dat…
Bronnen en referenties
  • Inleidingsfoto: Raphael, Wikimedia Commons (Publiek domein)
  • https://en.wikipedia.org/wiki/Granville_Sharp#Classical_grammarian, geraadpleegd op 01-03-2016
  • Chrysostom, J. “Homily 11 on Ephesians”. Vertaald door A. Gross. CHURCH FATHERS: Homily 11 on Ephesians (Chrysostom). Geraadpleegd 13 maart 2016. http://newadvent.org/fathers/230111.htm.
  • Combs, W.W. “The Biblical Role of the Evangelist.” Detroit Baptist Seminary Journal 7 (Fall 2002): 23–48.
  • Hughes, R.K. Ephesians: the mystery of the body of Christ. Preaching the Word. Wheaton, Ill: Crossway Books, 1990.
  • Johnson, D.S. “The Ministry and the Schoolmaster: The Relation and Distinction between the Offices of Pastor and Teacher in the Missouri Synod.” Logia 6, no. 3 (1997): 13–22.
  • Wallace, D.B. Greek Grammar beyond the Basics: An Exegetical Syntax of the New Testament with Scripture, Subject, and Greek Word Indexes. Grand Rapids, MI: Zondervan, 1996.
  • Yount, W.R. “The Pastor as Teacher.” Southwestern Journal of Theology 38, no. 2 (1996): 15–23.
  • Van de onderstaande bronnen is het gedeelte over Efeze 4:11 geraadpleegd via het Bijbelstudieprogramma E-Sword: A Popular Commentary on the New Testament (1879-1890)
  • Expositor's Bible Commentary (1887-1896)
  • Geneva Bible Translation Notes (1599)
  • Jamieson, Fausset and Brown Commentary (1871)
  • John Gill's Exposition of the Entire Bible (1809)
  • The Cambridge Bible for Schools and Colleges (1882-1921)
  • The Pulpit Commentary (1880-1897)
  • Vincent's Word Studies (1888)
  • De transliteraties van grondteksten zijn ontleend aan: http://www.scripture4all.org/pdf_interlinear/gnt_nl.php?cs=c39e149353a798b56de7a5ed9c416e2e&t=404826&b=eph&c=4, geraadpleegd op 01-03-2016
Theoloog (57 artikelen)
Laatste update: 11-12-2017
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Religie
Bronnen en referenties: 17
Per 2021 gaat InfoNu verder als archief. Het grote aanbod van artikelen blijft beschikbaar maar er worden geen nieuwe artikelen meer gepubliceerd en nog maar beperkt geactualiseerd, daardoor kunnen artikelen op bepaalde punten verouderd zijn. Reacties plaatsen bij artikelen is niet meer mogelijk.