InfoNu.nl > Mens en Samenleving > Pedagogiek > Autisme en gehechtheid

Autisme en gehechtheid

Autisme en gehechtheid Autisme is een ontwikkelingsstoornis die gepaard gaat met een beperkt sociaal vermogen, een handicap in de sociale interactie. Dit sociale vermogen lijkt echter van cruciaal belang bij het ontwikkelen van een hechtingsrelatie met de ouder of verzorger. Kinderen met autisme blijken inderdaad vaker dan kinderen zonder autisme een onzekere gehechtheid te vertonen.

Autisme

Autisme wordt door de DSM IV, het meest gebruikte classificatie hulpmiddel, beschreven als een pervasieve ontwikkelingsstoornis. De autistische stoornis wordt met behulp van drie kernsymptomen in kaart gebracht:
  1. Kwalitatieve beperkingen in de sociale interacties
  2. Kwalitatieve beperkingen in de communicatie
  3. Beperkte, zich herhalende stereotype patronen van gedrag, belangstelling en activiteiten

Kwalitatieve beperkingen in de sociale interacties

Autisme is een vorm van een contactstoornis. Mensen met autisme hebben moeite met sociale interactie. De vertaalslag hiervan naar de praktijk is zeer divers. De ene persoon sluit zich compleet af van de buitenwereld terwijl de ander zich opdringt op een inadequate manier aan andere mensen.

Kwalitatieve beperkingen in de communicatie

Mensen met autisme lopen dikwijls tegen communicatie- en taalproblemen aan. De communicatie verloopt vaak stroever dan het contact an sich. Sommige mensen met autisme leren zelfs nooit spreken. De mensen die wel hebben leren spreken vallen vaak op door het aparte stemgeluid en/of woordkeuze. Men heeft veel moeite met het bespreken van gevoelens daar men zich niet goed in kan leven in de gevoelens van de ander. Het interpreteren van non-verbale communicatie verloopt vaak ook niet vlekkeloos.

Beperkte, zich herhalende stereotype patronen van gedrag, belangstelling en activiteiten

Een grote groep mensen met autisme houdt zich sterk vast aan vaste rituelen. Men is bijvoorbeeld gefascineerd door treinen, of juist door cijfers. De verbinding met de werkelijkheid is vaak verstoord: prikkels komen te zwak of juist te sterk binnen.

Hoewel bovenstaande drie kenmerken de kernsymptomen zijn, wil het niet zeggen dat iedereen met autisme aan ál bovenstaande punten moet voldoen. Autisme is een stoornis die veel variëteit kent. De ene persoon heeft meer moeite met sociale interactie, terwijl de ander dit niet heeft maar een sterke obsessie voor automerken heeft. Klassiek autisme is bijvoorbeeld een van de subtypen.

Gehechtheid

Gehechtheid of hechting is de emotionele band die een kind ontwikkelt met zijn ouder of verzorger (Ainsworth 1979). Het gedrag dat een kind vertoont, met name in de vreemde situatie test van Ainsworth, weerspiegelt de verwachtingen die een kind heeft ten opzichte van de ondersteuning en veiligheid van de ouder of verzorger. Naar aanleiding van verschillende gebeurtenissen op jonge leeftijd ontwikkelt een kind een stabiel hechtingspatroon.

Ainsworth's vreemde situatie test

Ainsworth ontwikkelde een test die Vreemde Situatie genoemd wordt. Bij deze test wordt het kind samen met de ouder in een speelruimte gezet met speelgoed. Vervolgens wordt het kind aan een aantal condities blootgesteld, waaronder 2 keer scheiding van de ouder en 2 keer een ontmoeting met een vreemde. De reacties van het kind worden nauwkeurig geobserveerd en geregistreerd.

Naar aanleiding van het onderzoek presenteerde Ainsworht drie hechtingscategorieën:
  • Zeker gehecht: het kind gaat de speelruimte ontdekken maar houdt moeder in de gaten. Als moeder weggaat zijn ze enigszins van slag maar zodra moeder terug is begroeten ze haar en spelen weer verder. 60% van de kinderen valt in deze categorie
  • Onzeker gehecht ambivalent: kind blijft in de buurt van moeder en exploreert nauwelijks. Wanneer moeder weggaat zijn ze boos en wanneer ze terug komt stoot het kind haar af maar zoekt tegelijkertijd troost
  • Onzeker gehecht vermijdend: kind lijkt onverschillig tegenover moeder, kind wordt even makkelijk getroost door vreemde als door moeder

De kinderen die niet in een van de categorieën vallen worden gedesorganiseerd genoemd.

Sensitiviteit van de ouders

Een belangrijke factor bij hechting is de sensitiviteit van de ouders. Dat wil zeggen dat zij het kind niet te veel maar ook niet te weinig aandacht en steun etc. geven en dat zij op het juiste moment er zijn voor hun kind.

Het belang van gehechtheid

Wanneer kinderen een jaar of drie oud zijn is de Vreemde Situatie test geen representatieve afspiegeling meer van de gehechtheid. Het kind is dan namelijk in staat om met verworven cognitieve vaardigheden de situatie te doorzien en niet volgens een bepaald patroon te reageren. Toch stellen gehechtheidstheoretici dat de hechtingsstijl op jonge leeftijd het kind op latere leeftijd nog beïnvloedt.

Zeker gehecht

Kinderen met een veilige hechtingsstijl hebben al vroeg geleerd dat ze kunnen vertrouwen op de constante toegankelijkheid van de ouder of verzorger. Hierdoor voelen zij zich vrij om vanuit deze veilige basis de omgeving te exploreren.

Vermijdend/ambivalent gehecht

Men verwacht een minder goede cognitieve en sociaalemotionele ontwikkeling voor de angstig gehechte kinderen in het bijzonder. Deze kinderen lijken weinig vertrouwen te hebben in de ouder of verzorger en is daarom sterk gericht op deze persoon. Deze focus belemmert de cognitieve ontwikkeling doordat het omgevingsexploratie beperkt.

Deze beschrijvingen gaan echter niet voor iedereen op. Als een kind niet zeker gehecht is met de moeder, kan het best zijn dat er andere belangrijke gehechtheidsfiguren aanwezig zijn dit de hechting met de moeder kunnen compenseren waardoor het kind zich alsnog volstrekt normaal kan ontwikkelen.

Autisme en gehechtheid

In de derde editie van de DSM uit 1980 werd een onvermogen zich te hechten als een centraal kenmerk van autisme gezien. Dit is in latere edities gemodificeerd tot het idee dat de gehechtheidspatronen van kinderen met autisme bizar kunnen zijn en dat deze kinderen op sommige momenten, met name stressvolle momenten, helemaal geen veiligheid bij de ouder of verzorger zoeken of op een extreme manier.

Uit onderzoek van onder andere Buitelaar (1995) blijkt echter dat kinderen met autisme wel degelijk gehechtheidspatronen kunnen vertonen.

Zijn er verschillen in gehechtheid tussen kinderen met en kinderen zonder autisme?

Uit een meta-analyse (van der Veer, van Ijzen-doorn en van Vliet-Visser 1986) bleek dat kinderen met autisme minder vaak een zekere hechting vertonen dan kinderen zonder autisme. Dit bleek vooral het geval te zijn bij kinderen met een ernstigere vorm van autisme. Het is mogelijk dat dit veroorzaakt wordt door de beperkte communicatieve vaardigheden van veel kinderen met autisme, waardoor responsiviteit van de ouders beperkt is.
© 2008 - 2018 Melod, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Autisme en andere stoornissenSoms komen stoornissen naast autisme ook een rol spelen, die lijken op de kenmerken van autisme (differentiaaldiagnose)…
Wat is Autisme?Autisme, klassiek autisme, autistische stoornis, de stoornis van Asperger, PDD-NOS, Ass, aan autisme verwante contactsto…
Feiten over autisme: autisme nader verklaardFeiten over autisme: autisme nader verklaardEr bestaan heel veel rare ideeën over autisme. Omdat mensen niet weten wat autisme precies is. Omdat ze geen informatie…
Autisme en erfelijkheidAutisme en erfelijkheidVroeger dacht men dat erfelijkheid en autisme niets met elkaar te maken heeft. Veel onderzoeken later blijkt dat de bove…
Autisme: algemene kenmerkenAutisme: algemene kenmerkenAutisme is een pervasieve ontwikkelingsstoornis waarbij waarbij sociale beperkingen, afwijkingen in de communicatie en s…
Bronnen en referenties
  • https://openaccess.leidenuniv.nl/bitstream/1887/10480/1/7_703_050.pdf Buitelaar, J. (1995). Attachment and social withdrawal in autism: Hypotheses and findings. Behaviour, 132, 319–350. Ainsworth, M. S. (1979). Infant–mother attachment. American Psychologist, 34, 932–937.

Reageer op het artikel "Autisme en gehechtheid"

Plaats een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Reacties

Johan, 22-08-2014 02:42 #3
Goedendag iedereen,

Ik heb altijd een HELE sterke band gevoeld met mijn vader. Mijn moeder integendeel heb ik volledig afgestoten… De reden hiervoor is mij onduidelijk, maar wel duidelijk is dat trauma's hierbij een rol spelen en ook de echtscheiding van mijn ouders… Maar hoe je het ook wendt of keert… Mijn moeder geeft kan mij geen liefde geven, maar mijn vader wel… Dit voel ik ook zo… En de daden van mijn moeder bevestigen dit… Hoe dan ook, ik heb de diagnose Autisme, maar ik ben zeker wel "Emotioneel Sociaal Voelend". Het tegenstrijdige bij mij in tegenstelling tot dit verhaal is dat ik wel sociaal-voelend ben op intuitief vlak, een normale intelligentie heb maar zeer slecht in staat ben om mezelf in het dagelijkse leven te onderhouden en verzorgen. Ook het "Praktische aspect van sociale interactie" ontbreekt… Zie het als een bibliotheek, maar de boeken van sociale interactie zijn verdwenen. Voor zover mij bekend is bij de meeste autisten ook het sociaal-groeps gevoel weg. DIT ONTBREEKT BIJ MIJ DUS NIET. Het enige wat mij dus ontbreekt is de kennis over de aanpak van een sociale situatie… Het gevoel is er dus wel, maar de intellectuele koppeling welke in een actie resulteert ontbreekt vaak.
Dit is voor mijzelf ook frustrerend en heeft mij er toe genoodzaakt om na te denken wat het gevoel betekend…
Een metaforische uitleg kan zijn:
Ik loop een winkel binnen. Opeens krijgt iemand een winkelkar tegen zijn ribben aan. Er komt vervolgens een gevoel in me op. Vervolgens ga ik mij de vraag stellen, wat zou dit specifieke gevoel kunnen beteken. Ik analyseer de situatie om de beste uitleg voor het gevoel dat ik zojuist binnenkreeg te beschrijven. Ik denk na wat kan mijn reactie zijn enz.enz. Dan koppel ik de intellectuele informatie aan het gevoel wat volledig intuitief binnen komt. Zo, over tot reactie in de winkel.!
Mijn gevoel werkt dus "normaal", maar er ontbreekt informatie. Daarnaast is het zo dat ik een "autistisch gedeelte" in mijn hoofd heb.

Het hele verhaal uitleggen wordt veel te complex voor een korte reactie, maar waar het specifiek op neer komt is dat er ook vormen van autisme bestaan niet zich niet uiten op de manier waarop autisme standaard wordt gezien. PDD-NOS bijvoorbeeld.
Ik zelf heb bijvoorbeeld een zwaar plichtsbesef(te zwaar om te dragen vanwege mijn autisme en trauma's in het verleden), gevoel van sociale afhankelijkheid zoals die voor ieder mens zonder autisme bestaat, maar kom uiteindelijk uit op een paradox tussen de autistische eigenschappen en de normale eigenschappen in mij met betrekking tot normen en waarden, sociale interactie, plichtsbesef en sociale afhankelijkheid. Dit kan worden begrepen als een paradox tussen de structuur van het autistische ''deel'' in mij en het normale ''deel'' in mij. Deze spreken elkaar tegen, vullen elkaar aan maar zijn ook elkaar vijanden op gebied van waarheidsbevindingen, mening en stellingen. Gelukkig blijft mijn eindoordeel en keuze in mijn eigen handen. Wat ik hier voornamelijk mee bedoel is dat mij intuitie en gevoel mij zeggen dat ik graag bij mensen ben. Maar mijn autisme vindt dit maar lastig!

Jeroen, 09-03-2014 01:34 #2
Beste Robert,

Jouw reactie is precies zoals ik (Asperger) het ervaar, mede daarom leid ik een wat meer teruggetrokken bestaan wat voor mij het beste werkt en klachten uit de omgeving vermindert,

Het is totaal niet zo dat ik contactgestoord ben, alleen erg slectief in de mensen waar ik omgang mee heb, de mensen die mij accepteren zijn degenen waar ik voor door het vuur ga, de critici de genen die ik mijd en buitensluit.

Het hebben van een andere prikkelverwerkong is lastig, dat voorop gesteld, maar ik voel mij er niet minder mens om.

Laat mij maar lekker obsessief zijn, ik voel me eindelijk weer goed!

Groeten jeroen

Robert, 30-07-2009 09:48 #1
Autisme is in eerste instantie een genetisch bepaalde hersenvariatie die gepaard gaat met een alternatieve informatieverwerking waardoor de betreffende persoon mogelijk anders reageert dan verwacht en een andere betekenisverlening hanteert. Het gevolg daarvan kan zijn dat die persoon in "sociaal" opzicht niet wordt geaccepteerd, maar dat doet de omgeving dus.

Autisme is geen stoornis en zeker geen geestesziekte en het is zeer verouderd om te doen alsof alles wat misgaat omheen zo iemand vooral te maken heeft met de persoon in kwestie. Autisme is namelijk vooral voor de omgeving een "probleem".

Dat steeds de nadruk wordt gelegd op de sociale disfuncties geeft aan dat dit voor neurotypische mensen zo geweldig relevant is terwijl autisme in eerste instantie helemaal niets te maken heeft met een doelbewust niet gericht zijn op andere mensen.

Autisme heeft vooral te maken met de belevingswereld van iemand en die zit aan de binnenkant. Nog te vaak denkt men dat mensen met autisme vooral herkenbaar zijn aan uiterlijk waarneembaar gedrag en dat is dus niet zo. Reactie infoteur, 30-07-2009
Hoi Robert,

ik denk dat dat bij veel psychische stoornissen het geval is, dat het met name een probleem van de omgeving is. Echter staat een persoon wel continu in interactie met de omgeving waardoor het een probleem van beide wordt.

Het is logisch dat een psychische stoornis vooral te maken heeft met de belevingswereld van een persoon, de term 'psychisch' geeft dit immers al aan. Echter, om een stoornis te kunnen concretiseren om er onderzoek naar te kunnen doen wordt er vaak gebruik gemaakt van gedragsmatige criteria, omdat dit het meest meetbaar en te objectiveren is.

Groetjes Kim

Infoteur: Melod
Laatste update: 13-11-2008
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Pedagogiek
Bronnen en referenties: 1
Reacties: 3
Schrijf mee!