InfoNu.nl > Mens en Samenleving > Pedagogiek > Opvoeden en gedragsverandering - Gedragstherapeutisch

Opvoeden en gedragsverandering - Gedragstherapeutisch

Opvoeden en gedragsverandering - Gedragstherapeutisch Een gedragstherapeutisch georiënteerde aanpak. Praktische, concrete richtlijnen om een kind met kleine of grotere gedragsproblemen op een doeltreffende (wetenschappelijk aangetoonde) manier iets aan of af te leren. Deze aanpak is in basis voor ouders geschreven, maar is ook goed bruikbaar voor beroepskrachten die met kinderen werken, zoals bv. leerkrachten, groepsleiders (medisch) kinderdagverblijf, peuterspeelzaal, crèche, naschoolse opvang en andere instellingen voor kinder- en jeugdzorg.

Gedragstherapeutische aanpak - aanleren & afleren

Gedragsverandering - gedragstherapeutisch

Deze aanpak is ontwikkeld door Compernolle (deskundig op het gebied van overbeweeglijkheid en ADHD). Maar deze aanpak is ook heel goed te gebruiken bij kinderen met zowel kleine als grotere gedragsproblemen, bv. kinderen die niet goed luisteren, zich agressief uiten, onrustig zijn etc. De doelstelling is om liefdevol kordaat het gedrag van het kind te beïnvloeden. Deze aanpak is een hulpmiddel om het kind te leren zijn kwaliteiten beter aan te wenden en zijn eventuele problemen zoveel mogelijk te overwinnen. Het is een aanpak die gebruikt is en wordt in de praktijk: degenen die het reeds toepasten, hebben duidelijke verbetering gemerkt in het gedrag van het kind.

Afwachten of aanpakken?

Geduld is een schone zaak, maar bij sommige kinderen helaas niet genoeg en afdoende. Bij sommige kinderen volstaan de gewone regeltjes niet. Vaak raken ouders of beroepskrachten radeloos en doodmoe en weten niet meer wat ze moeten doen. Toch is het mogelijk om ook het gedrag van kinderen die als lastig te boek staan, in juiste banen te leiden. Als ouders of beroepskrachten het m.b.v. deze aanpak anders aan gaan pakken, is het in het begin erg moeilijk. Ze krijgen te maken met een overgangsperiode waarin het kind de nieuwe regels uittest: een periode die met veel strijd gepaard kan gaan. Maar als je volhoudt, komt er een moment waarop de nieuwe regels gaan werken. In de praktijk is het volgens Compernolle verbazend hoe snel nukkige, boze, droevige kinderen veranderen. Ze worden meestal gelukkiger, vrolijker, enthousiaster vanaf het moment dat de teugels liefdevol-kordaat in handen genomen worden.

Beroepskrachten

Zoals gezegd was deze aanpak in eerste instantie gericht op overbeweeglijke (ADHD) kinderen. In de loop van het artikel zullen soms passages voorkomen die specifiek over overbeweeglijke kinderen gaan. Verder is de formulering van deze aanpak gericht op de ouders en zijn er situaties die voornamelijk in de thuissituatie voorkomen (bv. slapen 's nachts). Degenen die het beroepshalve lezen, kunnen i.p.v. ouder(s) leerkracht, leidster e.d. lezen.

Gedrag is iets dat je kunt waarnemen

Als een kind zich op een bepaalde manier gedraagt, zul je soms een bepaalde interpretatie maken van het gedrag zonder dat je je dit bewust bent. Als een kind huilt, dan denkt je dat het pijn heeft. Als een kind schreeuwt dan denk je dat het boos is. Toch weet je dat niet echt zeker. Als een kind in bed ligt en het huilt, kan het bang zijn, zich vervelen, misschien is het niet graag alleen etc. Belangrijk is om goed te kijken naar het verschil tussen wat we waarnemen/zien en wat we veronderstellen wat er aan de hand is/interpreteren. B.v. boosheid is geen gedrag. Wat we kunnen waarnemen/zien is schelden, schoppen, slaan: dat is gedrag! en dat kan veranderd worden.

Een boos gevoel hebben, kunnen (moeten) we een kind niet afleren, maar schoppen, schelden en slaan wel

Gedrag beter begrijpen door observeren

Belangrijk is om te kijken naar/rekening te houden met de situatie waarin het gedrag zich voordoet/ontstaat: in het gezin, op school, bij vriendjes? Als een kind overbeweeglijk is, kan dat het gevolg zijn van heel veel verschillende invloeden. Bv. de leerkracht van Jantje klaagt over diens overbeweeglijkheid en onrust. De ouders zeggen dat Jantje dit thuis niet heeft. Na (psychologisch) onderzoek van Jantje, waaruit geen overbeweeglijkheid blijkt, wordt een kijkje genomen op school. Daar blijkt dat Jantje gepest wordt en dit nooit thuis of aan de leerkracht heeft durven te vertellen. Toen Jantje uiteindelijk op een andere school geplaatst werd, verdwenen de onrust en overbeweeglijkheid op slag.

Gedrag is iets dat aangeleerd moet worden

Een kind leert lopen, zichzelf aan te kleden, naar de w.c. te gaan etc. Een kind leert dat van zijn omgeving. Zo kan overbeweeglijk, onrustig of agressief gedrag ook aangeleerd worden.

Kinderen leren van anderen

Kinderen leren van andere kinderen en volwassenen. Als je bv. snel geïrriteerd raakt, is de kans groot dat het kind ook snel geïrriteerd raakt. Als het gemakkelijk slaat, is de kans groot dat het kind ook agressief leert zijn. Als een ouder ongedurig en overbeweeglijk is, kan een kind dit ook leren. Volwassenen leren ook van hun kinderen. B.v. Pietje vertoont thuis druk gedrag, vader geeft hem een mep. Pietje stopt. Door te stoppen leert Pietje aan vader dat slaan in zo'n situatie dus de methode is om het drukke gedrag te stoppen. Ook al begint het rondhollen later opnieuw.

Leren is in het begin vooral nabootsen

Leren begint met nabootsen. Als een kind gewenst gedrag nabootst, moedig zijn pogingen dan aan, ook al is het resultaat nog zo onvolledig en teleurstellend. Als het kind niet spontaan nadoet of nabootst kun je het kind helpen door het eerst samen te doen. In deze fase is de beloning belangrijk!

De eerste fase van leren is: Nabootsen en belonen van het nabootsen is een stimulans om verder te leren

Nieuw gedrag heel concreet en eenvoudig maken - Enkelvoudige opdrachten stapjes

Concretiseren uitspraken

De opmerking 'rustig zijn' is voor een kind misschien niet zo duidelijk als je denkt. Nieuw gedrag, elk gedrag dat je het kind wilt aanleren moet je eerst omschrijven in heel eenvoudige termen. Bv. je zegt tegen het kind dat het vriendelijk moet zijn. Maar wat houdt dat concreet in: Niet tegenspreken?, je vriendje niet plagen?, helpen opruimen?, je speelgoed delen met andere kinderen?

Enkelvoudige opdrachten

Vooral voor een overbeweeglijk kind is het heel belangrijk dat de opdrachten enkelvoudig en supereenvoudig zijn. Je kunt ze het beste opschrijven: beter een lijstje met zeer eenvoudige opdrachtjes dan een moeilijke opdracht. Kleine stukjes gedrag! Belangrijk is dus om ingewikkeld gedrag te ontleden: in kleinere stapjes op te splitsen, voordat je het een kind aan wilt leren. De kans op succes wordt groter naarmate je het eenvoudiger houdt, wanneer je het kind één hooguit twee deelgedragingen tegelijkertijd gaat aanleren.

Ouders gezamenlijk

Je zult als ouders samen moeten beslissen, wat jullie prioriteiten zijn, welk gedrag je het eerst aan wilt pakken. Zeker met een overbeweeglijk kind is het niet mogelijk om hem of haar drie, vier dingen tegelijk aan- of af- te leren. Als het kind bv. ongehoorzaam is en vecht en zijn huiswerk niet maakt en spullen laat rondslingeren, dan zul je eerst samen moeten beslissen welk gedrag je het eerst aan gaat pakken (gehoorzamen is meestal de 1e keuze).

Aanleren van nieuw gedrag moet in hanteerbare stapjes en in eenvoudige, concrete en praktische woorden

Aanmoediging belangrijk en nodig bij aanleren nieuw gedrag

Aanmoediging gedrag

Een kind krijgt enorm veel te leren: kruipen, staan, lopen, zindelijk zijn, aankleden, gehoorzamen etc. Een kind volhardt in zijn pogingen doordat het van jou een hoop aanmoedigingen krijgt of omdat het gedrag zichzelf beloont. Aanmoedigen is een vorm van beloning. Telkens als het kind iets doet en daarvoor een beloning krijgt, zal hij aangemoedigd worden om datzelfde nog eens te doen, het beter te doen. Hij zal zelfs proberen er iets nieuws bij te doen. Ouders leren hun kind spontaan gedrag aan door het kind spontaan aan te moedigen en te belonen.

Gouden regel aanleren: gedrag meteen aanmoedigen, vergroot de kans dat het gedrag herhaald zal worden

Belonen gewenst gedrag

Gedrag wordt aangemoedigd als het een positief, prettig gevolg heeft, bv. 'goed zo', een kusje, aaitje, 'dankjewel', een knipoog, een snoepje, een extraatje etc. Dit zijn allemaal beloningen voor gewenst gedrag. Gedrag wordt ook aangemoedigd als het tot gevolg heeft, dat een niet prettige situatie ophoudt te bestaan. Eten maakt een eind aan het hongergevoel, gehoorzamen doet het gezeur van vader/moeder ophouden, de deur openkrijgen bevredigt de nieuwsgierigheid etc.

Compliment en straf

Sommigen onderschatten het belang van belonen, beschouwen bepaald gedrag van het kind dan als normaal, dat niet beloond hoeft te worden. Vinden het dan overbodig, misschien zelfs abnormaal om het kind aan te sporen iets goed te doen. Terwijl ze het wel normaal vinden om het kind te straffen, als het kind iets niet goed doet of helemaal niet doet. Het zit in onze cultuur ingebakken om veel meer te letten op wat iemand verkeerd doet en hem daarvoor te straffen dan hem een complimentje te geven voor wat hij goed doet. Dit is niet de juiste tactiek.

Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt

  • Gewenst gedrag kan moeilijk zonder enige aanmoediging of beloning aangeleerd worden
  • Straf doet dikwijls ongewenst gedrag toenemen (heeft dus eenaverechtse werking)
  • Aanmoedigen draagt bij tot een plezierige positieve sfeer waarin het aanleren van nieuw gedrag zowel voor het kind als voor zijn ouders als prettig ervaren wordt.
  • Straf ondermijnt de invloed van de ouders
  • Ouders die hun kinderen aanmoedigen, krijgen op hun beurt zelf ook de meeste aanmoediging terug. Ze worden door hun kinderen beloond.
  • Mensen kiezen die mensen tot vriend, die hun het meest aanmoedigen.
  • Aanmoedigen geeft een kind zelfvertrouwen. Het kind zal sneller leren zichzelf te behelpen.
  • Aanmoedigen stimuleert zijn creativiteit en zijn bereidheid initiatieven te nemen. Veel straf ondermijnt het zelfvertrouwen en werkt afremmend

Belonen en verwennen

Voor een overbeweeglijk kind is het geven van aanmoediging wel honderd keer belangrijker dan voor een ander kind! Ook al doet hij zijn best, dan nog gaat er zoveel fout dat zijn zelfvertrouwen er voortdurend door ondermijnd wordt. Dat zelfvertrouwen is enorm belangrijk: dus moedig aan! (Aanmoedigen en belonen hebben overigens niets te maken met verwennen. Je verwent een kind pas wanneer je hem aanmoedigt en beloont ook als hij zich niet goed gedraagt).

Sociale aanmoedigingen - Niet-materiële beloning werkt sterker dan materiële beloning

Geven van aandacht, aanraken, aaien, strelen, lachen, bewonderend kijken, kusjes geven, prijzen, in de handen klappen, juichen etc. zijn allemaal sociale aanmoedigingen. Deze hebben vaak een sterker effect dan materiële beloningen (geld, snoep etc.). Het doodgewoon geven van aandacht is een hele belangrijke sociale aanmoediging (net als eten en drinken hebben we dat nodig).

Straf is aandacht

Straf is niet prettig voor een kind, maar het is wel een vorm van aandacht geven (de zgn. negatieve aandacht, als het maar aandacht is). Vandaar dat straf soms een aanmoediging wordt om te volharden in negatief of ongewenst gedrag, vooral als het kind in kwestie weinig (prettige, positieve) aandacht krijgt.

Activiteit aanmoediging

Naast sociale en materiële aanmoediging is er een derde vorm van beloning: de aanmoedigende activiteit. Bv. samen een wandelingetje maken, een half uurtje langer op mogen blijven, samen knutselen etc.

Overbeweeglijk kind

Voor overbeweeglijke kinderen zal men - zeker in de beginfase van het iets nieuws aanleren - dikwijls materiële beloningen moeten gebruiken. Het voordeel van een materiële aanmoediging is dat dit een duidelijk en concreet belonend gebaar is. Je geeft iets concreets in ruil voor iets concreets. Materiële beloningen zijn ook dikwijls nuttig als de relatie tussen ouder en kind zo onaangenaam is geworden dat vriendelijkheid en/of andere sociale aanmoedigingen geen of zelfs een averechts effect hebben

Effect van succes

Een van de fijnste aanmoedigingen is dat je merkt dat je succes hebt. Dat geldt ook voor het kind. Daarom moet het kind een reële kans krijgen om te slagen, om succes te hebben. De weg naar het einddoel moet dan ook in kleine stapjes worden verdeeld zodat elk stapje met succes beëindigd kan worden.

Altijd meteen aanmoedigen en blijven herhalen, consequent zijn

Aanmoedigen moet je consequent doen en gedurende een langere periode herhalen. Na verloop van tijd gaat het kind het verband zien tussen zijn gedrag en de beloning die het krijgt. Je moet het kind echt 'op beterdaad betrappen'. Als er tussen het gedrag en de aanmoediging enige tijd verstrijkt, verdwijnt het verband. Niet alle beloningen lenen zich voor dagelijkse herhaling. B.v. een uitstapje als beloning. In dat geval kunt je een spaarsysteem invoeren. B.v. het sparen van bonnetjes, muntjes, plaatjes: een van tevoren (!) afgesproken hoeveelheid geeft dan recht op de uiteindelijke beloning. Of b.v. als een kind graag een fiets wil. Maak dan een tekening van een fiets of knip een plaatje uit tijdschriften. Knip het in puzzelstukjes. Geef het kind bij het gewenste gedrag (b.v. een dag zonder agressie) een puzzelstukje. Plak dit op een groot vel en hang dit op. Als de puzzeltekening compleet is, krijgt het kind (in dit geval) de fiets.

Beter veel kleine aanmoedigingen en beloningen telkens meteen geven, dan een grote na verloop van tijd

Voorbeeld directe beloning

Bv. een ongehoorzaam kind krijgt telkens als hij erin slaagt gehoorzaam te zijn: een Legoblokje. Dit is een duidelijke concrete beloning en beter dan een kind over twee maanden een grote doos Lego in het vooruitzicht te stellen.

Afbouw beloningen

Pas wanneer het kind het eenmaal goed doet, mag je de beloning af en toe eens nalaten. Als het kind het eenmaal goed doet, dan is het zelfs belangrijk niet meer de hele tijd te belonen, maar nog slechts zo af en toe. Het nieuw aangeleerde gedrag blijft dan zelfs beter hangen dan als je telkens blijft belonen.

Het doelgedrag bereiken met kleine stapjes

Succes baart succes. Nieuw gedrag dat je het kind wilt aanleren, moet je eerst in kleine partjes opdelen. Zo klein dat het kind ze stuk voor stuk aankan en succes en een beloning op een reële manier binnen zijn bereik liggen.

Bv. een kind dat eng droomt en ouders die het kind in bed nemen, waarna het niet meer terug wil in zijn eigen bed.

Toepassen van de stapjesregel

Een kind slaapt in de kamer van de ouders, maar op een matras naast het bed. Trek een lijntje met krijt van de kamer van de ouders naar de kamer van het kind, met daarop elke meter een dwarsstreepje. Elke avond het matras een meter in de richting van de eigen kamer van het kind schuiven. Voor elke geslaagde stap s'ochtends prijzen, een sticker geven en 15 minuten langer op mogen blijven (want als je goed slaapt, heb je ook minder slaap nodig). Na ongeveer tien dagen zal je kind waarschijnlijk weer in zijn eigen kamer liggen.

Gedrag en nieuwe vaardigheden achterstevoren aanleren - Begin met laatste stapje

Men is geneigd om bij iets aanleren het kind te laten beginnen waar we zelf zouden beginnen. Beter is om het van achter naar voren te leren. Dus als je het gedrag opdeelt in stapjes, begin dan met het aanleren van het laatste stapje. Je doet de 1e keer alles samen (b.v. jas aantrekken). Dan doet het kind het laatste stapje (b.v. rits van halverwege tot bovenaan dicht). Hiervoor het kind sterk aanmoedigen. Daarna doe je het weer samen en het kind doet zelf het voorlaatste en het laatste stapje (b.v rits helemaal dichtdoen) etc.

Stapjes met succes

Het grote voordeel van het 'van achter naar voren werken' is, dat de nieuwe stap altijd gevolgd wordt door iets dat het kind al kent. Het eindigt dus altijd met een beloning en succes! Als het niet mogelijk is van achter naar voren, b.v. in zijn eigen bed leren slapen, dan begin je met wat het kind al kan of doet. Je vordert dan stapje voor stapje in de richting van het doel, elk stapje aanmoedigend.

Tevreden met kleine stapjes

Sommige ouders hebben moeite met tevreden te zijn met een klein stapje en dit als een echt succes te beschouwen. Maar als je te veel ineens wilt bereiken, is de kans heel groot dat je van mislukking naar mislukking loopt, terwijl het veel plezieriger en efficiënter is van succesje naar succesje toe te werken.

Gedrag beïnvloeden door de situatie te veranderen

Bij het aanleren van gedrag moeten we buiten aanmoedigen ook kijken naar de omstandigheden waaronder het plaatsvindt. Als een kind iets doet, doet hij dit dikwijls omdat het door de situatie wordt uitgelokt (naast de aanmoediging).

Uitlokkende situatie -------> Gewenst gedag <-------> Aanmoediging

Concentratie aanmoedigen

Veel overbeweeglijke kinderen hebben grote moeite zich te concentreren. We kunnen ze helpen door te beginnen met korte opdrachten en hen vervolgens tot steeds langere periodes van goede concentratie aan te moedigen.

Situatie aanpassen

We kunnen ook op een andere manier helpen: we passen de situatie aan zodat hun aandacht vanzelf al groter is, omdat we elke vorm van afleiding uitschakelen. B.v. voor het maken van schooltaken een prikkelarm hoekje of kamertje inrichten. Als het hoekje of kamertje alleen daar voor dient en het kind stapje voor stapje heeft geleerd zich in dat kamertje te concentreren, dan kan er op den duur een automatisme, een soort reflex ontstaan. Dat zorgt ervoor dat het kind zich al geconcentreerd voelt, zodra hij het kamertje binnenkomt. Het kamertje wordt dan een plek waar het kind geprikkeld wordt tot geconcentreerd bezig zijn ('geconditioneerde reflex').

Wat te doen als aanmoedigingen averechts effect hebben?

Een verklaring kan zijn dat voor een kind aanmoediging en ontmoediging niet altijd even duidelijk gescheiden zijn. Bv. als je op ongewenst gedrag altijd eerst vriendelijk reageert door het kind vriendelijk te vragen ermee op te houden en dan snel boos wordt wanneer het kind niet op je vriendelijk verzoek ingaat, dan gaat het kind denken: pas op voor die volwassenen. Eerst zijn ze lief, maar even later worden ze boos en krijg je straf. Je vriendelijke houding wordt dan besmet met onvriendelijkheid.

Ongewenst gedrag uitlokken

Of andersom: je wordt meteen boos n.a.v. ongewenst gedrag; voelt je schuldig, krijgt spijt en doet daarna meteen weer vriendelijk. Het kind gaat zich ongewenst gedragen om je vriendelijkheid uit te lokken en neemt de eerste boosheid die er aan voorafgaat op de koop toe. Je ontmoediging wordt zo dus aanmoediging.

Aanmoedigen en ontmoedigen

Het is heel belangrijk dat je een duidelijk onderscheid maakt tussen ontmoediging (straf) en aanmoediging (beloning). Je kunt in het begin zelfs beter wat overdrijven (bv. met een reeks materiële aanmoedigingen). Geleidelijk aan voeg je dan andere vormen van aandacht toe. Eerst 'goed zo', dan een aaitje, een kusje etc. Maar echt geleidelijk aan en uitsluitend naar aanleiding van één bepaald gewenst gedrag. Je beloont het gewenste gedrag dus steeds onmiddellijk en in overdreven mate met een ondubbelzinnige, materiële aanmoediging. Pas later volgen dan andere vormen van aandacht.

Aanmoedigen eenvoudig gedrag

Indien aanmoedigen een averechts effect heeft, kun je het beste beginnen met het aanmoedigen van heel eenvoudig gedrag. Gedrag dat het kind al tamelijk dikwijls doet, zodat je volop de mogelijkheid hebt om dit aan te moedigen. Belangrijk is om volledig te stoppen met mopperen, zeuren, boos worden etc. Je moet straf duidelijk als straf herkenbaar maken. Er zijn ouders die denken dat een goede straf flink pijn moet doen. Dat is niet zo. Het belangrijkste is dat je je straf ondubbelzinnig laat blijken en dat je dat heel consequent doet.

Bij overbeweeglijke kinderen de regels strikt aanhouden

De bovengenoemde punten gelden voor alle kinderen. Voor een overbeweeglijk kind is het moeilijker om iets aan te leren, te onthouden en goed te blijven doen. Bij gewone overbeweeglijke kinderen kunnen de ouders vanaf het moment dat het gedrag verbeterd is, de regels soepeler gaan toepassen. Bij ADHD kinderen dienen de regels veel langer en strikter te worden aangehouden.

Gedragstherapeutische aanpak kort samengevat

Als je het kind iets wilt aanleren, zijn de volgende aspecten belangrijk:
  • Gedrag is iets dat je kunt waarnemen
  • Gedrag begrijpt je beter als je de situatie goed observeert
  • Gedrag is iets dat aangeleerd wordt
  • Kinderen leren van anderen en omgekeerd
  • Leren is in het begin vooral nabootsen
  • Nieuw gedrag moet je heel concreet en eenvoudig maken
  • Voor het aanleren van gedrag is aanmoediging nodig
  • Sociale aanmoedigingen zijn de beste
  • Altijd meteen aanmoedigen en je aanmoediging blijven herhalen
  • Het doelgedrag bereiken met kleine stapjes
  • Als het kan de stapjes aanleren van achter naar voren
  • Hou de omgeving, omstandigheden in het oog die gewenst gedrag kunnen uitlokken
  • Als aanmoedigingen een averechts effect hebben, moeten aanmoediging (beloning) en ontmoediging (straf) heel duidelijk van elkaar gescheiden worden
  • Overbeweeglijke kinderen en ADHD kinderen leren moeilijker iets aan dan andere kinderen

Lees verder

© 2007 - 2019 Sila, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Pedagogisch werkAls Pedagogisch werker ben je werkzaam op de kinderopvang, basisschool of jeugdzorg. Je werkt dan in de sector sociaal a…
Nagelbijten afleren bij kinderenNagelbijten bij een kind afleren is mogelijk. De manier van belonen bij goed gedrag werkt vaak het beste. Er zijn echter…
Taken van de pedagoogDe pedagogiek houdt zich bezig met de opvoeding. Een andere naam voor pedagogiek is opvoedingsleer, opvoedkunde of opvoe…
Opvoeden, hoe doe ik het goed?Opvoeden is niet makkelijk. Het is een ingewikkeld proces met allerlei verschillende deelaspecten. Bij opvoeden beïnvloe…
Wat doet een psycholoog?Wat doet een psycholoog?Psychologen bestuderen het menselijk gedrag. Ze proberen het gedrag te begrijpen, te verklaren en te voorspellen en daar…
Bronnen en referenties
  • Compernolle, Th. Zit stil: handleiding voor het opvoeden van overbeweeglijke kinderen.Tielt: Lannoo

Reageer op het artikel "Opvoeden en gedragsverandering - Gedragstherapeutisch"

De infoteur van dit artikel heeft aangegeven wegens omstandigheden moeilijk of niet te kunnen reageren.
Reageren op het artikel of reageren op reacties blijft mogelijk, maar antwoord van de infoteur zal mogelijk uitblijven.

Plaats een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Reactie

Coby79 (infoteur), 19-02-2008 08:22 #1
Hoi Sila,
Een goed en uitgebreid artikel, met veel nuttige tips! Het boek 'Zit stil' van Compernolle heb ik zelf ook, toch maar weer eens lezen, sommige tips vergeet je na een poosje weer.
Groetjes Coby Reactie infoteur, 19-02-2008
Coby, dit boek van Compernolle blijft toch een hele mooie basis, ondanks dat er sindsdien heel veel meer gepubliceerd is over de gedragstherpeutische aanpak.
Een paar basistips over omgaan met bepaald gedrag van kinderen kun je er zeker uithalen, denk ik, ongeacht de eventuele problematiek van een kind.

Leuk dat je gereageerd hebt!
Groetjes van je collega-infoteur Sila

Infoteur: Sila
Laatste update: 09-12-2008
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Pedagogiek
Bronnen en referenties: 1
Reacties: 1
Schrijf mee!