InfoNu.nl > Mens en Samenleving > Religie > Waarom geloven mensen?

Waarom geloven mensen?

Waarom geloven mensen? Leent het geloof zich als onderwerp van wetenschappelijk onderzoek? Nee, het onderzoek naar de vraag waarom mensen geloven wordt vaak gezien als ongepaste kritiek. Sommige schrijvers zoals de bioloog Richard Dawkins propageren op die manier het atheïsme. Maar dit wil niet zeggen dat alle literatuur die godsdienst aldus benadert, antigodsdienstig is. Daarom is het ook voor gelovigen zeer interessant kennis te nemen van deze inzichten.

Godslastering en sprookjes onthouden

Tussen godsdienstonderzoek door buitenstaanders, kritiek op godsdienst en beledigende godslastering liggen vage grenzen. Het verschil wordt door grote groepen gelovigen niet eens gezien. Iedere vorm van kritiek is godslasterlijk, dus verboden zoals in de meeste islamitische landen (maar ook in China). Inderdaad zijn boeken over het geloof door zulke buitenstaanders stevige kost voor mensen die hun geloof koesteren. Echter, een uitgesproken antigodsdienstige, atheïstische agenda ontbreekt in de boeken van de Amerikaanse filosoof Daniel Dennett, de Zwitserse geleerde in de klassieke talen Walter Burkert en de van oorsprong Franse antropoloog Pascal Boyer. Burkert is vooral boeiend omdat hij put uit tal van verhalen en gebruiken die voortkomen uit het onderzoek naar Middellandsezeeculturen van ver voor de tijd dat Christendom en Islam bestonden. Hij laat zien hoe volgens hem ideeën over het offeren aan god heel ver terug gaan, en maakt aannemelijk dat dit te maken heeft met ons verre verleden als dier. Zo vergelijkt hij het offer met de mens die ten prooi valt aan een roofdier en daarmee de rest van de groep redt. Verder wijst hij erop dat onze hersenen uitstekend geschikt zijn voor het onthouden van een verhaal dat vaak een vaste opbouw heeft: de hoofdpersoon wordt uitgekozen of aangewezen voor een moeilijke opdracht, op hem of haar wordt ingepraat om het niet te doen, hij of zij doet het toch, gaat op weg en krijgt het zwaar. Hij of zij dreigt te bezwijken maar overwint en aan het eind wacht een beloning, vaak een lang en gelukkig leven. Zo’n type verhaal kunnen we makkelijker onthouden dan een telefoonnummer van tien cijfers. Onze hersenen zijn dus beslist geen computer want daarvoor geldt het omgekeerde.

Godsdienst houdt de mens op het rechte pad

De antropoloog Boyer gaat hier vooral verder op in. Onze hersenen zijn niet zo geschikt voor kansrekening, biologie en aardrijkskunde. Dit wordt met moeite aangeleerd en de meeste jongeren zien deze schoolse leerkost als onterechte pogingen om hun jeugd te verpesten. De (jonge) mens koestert beelden over wat andere mensen doen en of zij zich daarmee kunnen vereenzelvigen. Ze zijn bezig met hun plaats in de groep en houden eerder van idolen van roem, macht en geluk. Hoewel in onze technologische maatschappij pech en geluk veel te maken heeft met kansrekening of de juiste toepassing van natuurkundige wetten, ziet de modale mens pech en geluk als acties van bovennatuurlijke machten. Verhalen over deze goden en geesten hebben vaak een opbouw, die de hersenen gemakkelijk vasthoudt. Veel gemakkelijker dan formules die de zwaartekracht beschrijven of een schools verhaal over het ontstaan van soorten in de loop van vier miljard jaar en die saaie Engelsman Charles Darwin. Daar staat ons hoofd niet naar.

Volgens Boyer zijn wij als sociaal dier verstokte complotdenkers en we willen veel liever weten wat andere mensen van ons vinden. Roddelbladen verkopen beter dan populair wetenschappelijke tijdschriften. Wat iemand anders over ons denkt, komt zelden als een rechtstreeks en duidelijk antwoord. Daarom zijn we uiterst gevoelig voor de gedachte dat er wezens zijn die deze informatie wel hebben: goden en geesten. Dit zijn volledig geïnformeerde instanties die ons ook kunnen vertellen wat goed en kwaad is. Dit is een belangrijk element in de godsdienst, het geeft de mens een moraal. Het levert een ankerpunt een manier om goed en kwaad te onderscheiden. Boyer vindt dit een misvatting. Wij hebben als mens in onze genen wel degelijk een moraal, we hebben behoefte aan moraal en volgens hem parasiteren godsdienstige ideeën over goed en kwaad op deze veel eerder aanwezige aanleg.

Gezag en horen bij een groep

Bij inwijdingsrituelen voor jong volwassenen, het vieren van het aangaan van relaties als het huwelijk en de omgang met de dood, speelt godsdienst een belangrijke rol. Hierover is Boyer zeer uitgebreid en kan putten uit een baaierd aan gegevens waarover hij beschikt als antropoloog die volkeren in Afrika heeft bestudeerd. Heel opvallend is hoe belangrijk inwijdingsrituelen zijn. De “entreeprijs” om te mogen behoren bij een bepaalde groep is vaak heel hoog, bijvoorbeeld door het ondergaan van vernederingen en soms vormen van marteling. Omgekeerd is bij veel godsdiensten ook de exitprijs opvallend hoog. Binnen de traditionele Islam is dit zelfs de doodstraf. Volgens Boyer is het geweld van radicale moslims dan ook geen politieke strijd om de macht. Het is merendeels gericht op de eigen groep, waarvoor de uitstapprijs via geweld hoog wordt gemaakt. Moslims zelf zijn vele malen vaker het slachtoffer van dit soort geweld. Zelfs de 2974 doden, hoe vreselijk ook, van 11 september 2001 in de VS, vormen een fractie van de ruim 12.000 dodelijke slachtoffers van terreur alleen al in 2011, waarvan 71% veroorzaakt door islamitische terreurbewegingen in Afrika, het nabije Oosten en Zuid-Azië, streken met overwegend islamitische landen, tegen 168 doden door terreur in landen in Europa (exclusief Rusland en Turkije). Dodelijke slachtoffers van militaire acties zijn hierbij nadrukkelijk uitgesloten (NCTC-rapport).

De filosoof Daniel Dennett betwijfelt ook of moraliteit en godsdienst veel met elkaar de maken hebben. Hij pleit voor onbevooroordeeld, natuurwetenschappelijk onderzoek. Hij gaat uitgebreid in op een aantal vooronderstellingen over het nut van godsdienst als iets waarvan iedereen, gelovigen en niet-gelovigen voordeel heeft. Het zou de samenleving als geheel harmonieuzer maken en meer bestaanszekerheid bieden. In deze situatie waagt geen enkel wijs mens zich aan atheïstische propaganda. Vooral Burkert wijst hierbij ook op het belang van stabiele gezagsverhoudingen dankzij godsdienst. In alle grote beschavingen bestaat de traditie dat alleenheersers hun macht niet ontlenen aan zichzelf, maar zich aan hun onderdanen voorstellen als de uitvoerder van een hogere macht. Een hemelse macht die hen als heerser laat zorgen voor vrede en gerechtigheid: bij de gratie Gods, het hemelse mandaat.

Een religie met toekomst: het ietsisme

Daarom noemen zich maar heel weinig mensen nadrukkelijk atheïst, zoals Richard Dawkins. Echter, als je een christen vraagt of hij gelooft in Ganesa, een veel aanbeden god van de Hindoes, afgebeeld met een olifantshoofd, dan zal hij dat nadrukkelijk ontkennen. Voor Hindoes is hij dus een godloochenaar, een atheïst. De Leidse filosoof Hermans Philipse brengt dit vaak naar voren bij discussies over religie. Veel christenen en moslims vinden het idee van een god met een olifantskop belachelijk, maar het is ongepast om dit te uiten. In een multiculturele samenleving toont men respect voor andere godsdiensten. Het is echter nogal schijnheilig om te doen alsof men voor iedere overtuiging respect heeft. Daarom is hier de uitdrukking 'iemand in zijn waarde laten' beter. Men heeft eerbied voor de medemens en het feit dat een geloof voor de mens een zeer belangrijke waarde is. Er bestaat dus zoiets als geloof in geloven, het idee dat het belangrijk is om te geloven, ongeacht de inhoud en de geloofsleer. Daniel Dennett wijdt een lange beschouwing aan dit geloof in geloof en wijst op het belang daarvan bij het behoud van de menselijke waardigheid bij beslissingen over leven en dood (orgaandonatie, geven van de laatste eer). Hoe dan ook, veel mensen vinden dat er “iets” is dat groter en machtiger is dan wij. De vorige minister van onderwijs, de bioloog Ronald Plasterk heeft dit geloof het ”ietsisme” genoemd. Walter Burkert is er van overtuigd dat religie, en zeker dit ietsisme een blijvertje is in de wereld. De mens laat zich niet wijs maken dat uit het universum alleen maar de echo van de oerknal weerklinkt. Men blijft op zoek naar iets waarvan men denkt dat de natuurwetenschap het nooit zal vinden. Dennett is echter van mening dat de natuurwetenschap in dit opzicht wordt onderschat.
© 2008 - 2019 Meeldauw, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Gebruiken rond sterven en dood: ietsisme, geloof in 'iets'Gebruiken rond sterven en dood: ietsisme, geloof in 'iets'Er is in onze samenleving een grote groep mensen die wel geloven dat er 'iets' is, maar die zich niet bezighouden met de…
Universele wetenschappelijke definitie van godsdienstUniversele wetenschappelijke definitie van godsdienstAl ruim duizenden jaren hebben geleerden geschreven en gepraat over godsdienst. De mogelijkheden die dat met zich meebre…
Handboek godsdienstwetenschap van Ninian SmartrecensieHandboek godsdienstwetenschap van Ninian SmartHet boek 'Godsdiensten van de wereld' is een standaardwerk op het gebied van godsdiensten in de wereld. Het boek is een…
Verbod op ritueel slachten en gelijkheid als nieuwe religiemijn kijk opVerbod op ritueel slachten en gelijkheid als nieuwe religieDe laatste maanden gaan in Nederland steeds meer stemmen op om (onverdoofd) religieus slachten te verbieden. Dit raakt z…
Bronnen en referenties
  • Boyer, P. (2002). Godsdienst verklaard: de oorsprong van ons godsdienstig denken. De Bezige Bij. ISBN 90-234-7083-4. Vertaling van: Religion Explained: the evolutionary origins of religious thought, Basic Books/Harper Collins, New York, 2001.
  • Burkert, W. (1996). Religion and the sacred: tracks of biology in early religion. Harvard University Press SBN 0-674-17570-0
  • Dawkins, R. (2006). God als misvatting (The God Delusion). Nieuw Amsterdam Uitgeverij. ISBN 978-90-468 0302-8.
  • Dennett, D. (2006). De betovering van het geloof. Religie als een natuurlijk fenomeen. (Breaking the Spell. Religion as a natural phenomenon). A’dam, Uitg. Contact ISBN 90-254-2687-3.
  • Philipse, Herman (1995). Atheistisch Manifest. Prometheus Amsterdam. ISBN 90-5333-380-0.

Reageer op het artikel "Waarom geloven mensen?"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Infoteur: Meeldauw
Laatste update: 14-06-2014
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Religie
Bronnen en referenties: 5
Schrijf mee!