InfoNu.nl > Mens en Samenleving > Religie > Torastudie 171: ultieme eenheid – Leviticus 16:30

Torastudie 171: ultieme eenheid – Leviticus 16:30

Torastudie 171: ultieme eenheid – Leviticus 16:30 De Tien Dagen van tesjoeva (berouw, terugkeer) zijn de meest plechtige dagen van het jaar. Ze liggen volgens de Talmoed tussen Rosh Hashana (Joods Nieuwjaar) en Jom Kippoer (Grote Verzoendag) ondanks dat beide binnen die tien dagen liggen. Volgens de Chassidische leer gaat Rosh Hashana tesjoeva vooraf en vervangt Jom Kippoer tesjoeva. Dus ze horen zowel binnen als tussen de Tien Dagen van tesjoeva. Dit is een korte samenvatting van het artikel 'Day One' van Rebbe Menachem Mendel Schneerson. Tevens vindt u de visie van Etsel.

De deugd in de zonde

Het Joodse volk behoort God nabij. Wat betekent dit? Er zijn drie relaties met God mogelijk:
  1. Door nakomen van de verplichtingen (mitswot);
  2. Door het doen van tesjoeva na een zonde;
  3. Ultieme eenheid met God op Jom Kippoer.

nakomen van de mitswot

Dit houdt in het doen van Gods wil. Hiermee worden de ziel en het lichaam voertuigen van de Goddelijke wil.

het doen van tesjoeva

Door te zondigen ontstaat een diepere band met God omdat zonde duidelijk maakt dat er niets onnatuurlijker is dan dat de ziel zich van God verwijdert. Iemand die berouw toont (baal tesjoeva) bereikt zelfs een intensere band met God dan de rechtvaardige die niet zondigt.

ultieme eenheid met God – Jom Kippoer

In onze diepste wezen kan de ziel nooit los raken van God. Op Jom Kippoer zijn we bevoegd de onverstoorbare eenheid van de ziel met God te actualiseren. De dag zelf verzoent, zeggen de Joodse wijzen. En Rabbi Juda Hanassi zegt dat de dag zelfs verzoent voor degenen die geen berouw tonen omdat het ook het element van het ego ontbloot dat nooit door de zonde wordt geraakt.

Fundering

In de Tien Dagen van tesjoeva wordt de basis op Rosh Hashana gelegd en verkrijgt het haar uiteindelijke realisering op Jom Kippoer. Op Rosh Hashana accepteren we God als Koning over ons. Daarmee bevestigen we dat we onze band met Hem de essentie is van onze identiteit. Het vormt de basis voor onze banden op andere niveaus met God – mitswot en tesjoeva. Het concept van een Goddelijke mitswa heeft betekenis wanneer we Gods autoriteit erkennen en een zonde is alleen een zonde wanneer we dat gebod overschrijden.

Nadere toelichting op bovenstaande Joodse commentaren

Ieder mens is dus in de kern goed. Dat kan ook niet anders omdat onze ziel een goddelijke vonk is dat deel uitmaakt van God. En God is de bron van het goede (God richt nooit kwaad aan, alleen de mens doet dit). Toch woont ook in de ziel een kracht ten kwade. De Talmoed noemt dit 'een vreemde god'. Deze kracht probeert constant de bovenhand te krijgen. Zonder de hulp van God zou de mens deze kwade kracht niet kunnen weerstaan.

In Leviticus Rabba staat: 'De Heilige Hij zij geprezen; zegt tot de ziel: “Alles wat Ik in zes dagen van de Schepping geschapen heb, heb Ik alleen om jouwentwille geschapen en jij gaat heen en zondigt.” Zie, Ik ben rein, Mijn Woning is rein, Mijn dienaren zijn rein en de ziel die Ik je gegeven heb is rein, als je haar aan Mij teruggeeft zoals Ik je haar gegeven heb, zal het goed zijn, maar indien niet, dan zal Ik haar wegwerpen.'

Voortdurend worstelt de mens met de boze aandrift. Zelfs als hij zijn hele leven zonder zonde geleefd heeft kan één ogenblik van onachtzaamheid hem in de afgrond storten. Als hij de Schepper gehoorzaamt wordt hij door zondige gedachten gekweld. Hij moet zich daarom bewust zijn van zowel God als van zijn zonden.

Waarom zijn de mitswot zo belangrijk? Dit is de enige manier om het materiële geestelijk te verheffen. Na de zondeval ontstond er een splitsing tussen de spirituele en materiële wereld. Zondigen betekent dat er teveel aandacht wordt geschonken aan de materiële wereld. Er bestaat dan een beperkte kijk op de eendimensionale stoffelijke wereld. Door goedheid aan te kweken via de mitswot bij onszelf en bij anderen wordt het kwaad genegeerd en heeft het geen kans. Het kwade groeit pas als we het aandacht geven. Mochten we toch zondigen dan bestaat er altijd de mogelijkheid tot berouw c.q. terugkeer. Terugkeer is alleen mogelijk omdat God goed is en dus ook onze kern. Zouden we per definitie slecht zijn c.q. zondig geboren zijn dan zou berouw onmogelijk zijn.

In het Jodendom ligt de nadruk op de mitswa en niet op de zonde. Waarom? Omdat het doen van het goede de neiging om te zondigen vermindert. Zouden we ons te veel richten op de zonde en er te lang stil bij blijven staan dan hebben we juist de neiging om nog meer te zondigen. Het kwaad moet nooit geanalyseerd worden. Een mitswa betekent geestelijke winst behalen, terwijl een zonde (avera) verspillen betekent. Overgrote vrees voor zonde kan leiden tot het geringschatten van goede daden; maar overgrote waardering voor mitswa kan leiden tot eigengerechtigheid. Van zonde bewust worden betekent leren van de fouten. Het gaat om geestelijke groei. Daarom kan niemand anders de persoonlijke zonden van een ander op zich nemen; hierover is de Tora glashelder. Anders zou er ook geen geestelijke groei mogelijk zijn. God heeft juist de neiging tot zonde bij ieder mens gecreëerd om hem zo de mogelijkheid te bieden te groeien en een partner van God te worden in het Scheppingsproces. Overigens gebruiken vrome Joden de volgende tactiek om zonden te mijden: constant beelden ze zich in dat God voor hen staat zodat ze meteen verantwoording moeten afleggen voor hun daden.



Samenvatting - vragen

Om voor uzelf te controleren of u de tekst goed begrepen heeft volgt hier een aantal vragen. De antwoorden vindt u terug in bovenstaande tekst.
  1. Het Joodse volk behoort God nabij. Wat betekent dit?
  2. Welke drie relaties met God zijn mogelijk?
  3. Wat houdt het nakomen van de mitswot in?
  4. Waarom heeft iemand die berouw doet een intensere band met God dan een rechtvaardige?
  5. Waartoe zijn we op Jom Kippoer bevoegd?
  6. Waarom is ieder mens in de kern goed?

Lees verder

© 2012 - 2017 Etsel, het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Torastudie 123: Ketoret (wierook) en tesjoeva – Exodus 30:35Torastudie 123: Ketoret (wierook) en tesjoeva – Exodus 30:35Mensen kunnen onder alle omstandigheden God dienen en tesjoeva (berouw) tonen. De meest heilige plek en het meest heilig…
Toelichting op 613 mitswot: positieve geboden 41-60Toelichting op 613 mitswot uit de Tora. In dit artikel aandacht voor de 41-60 positieve geboden: het toegevoegde Shabbat…
Jodendom: Joodse maand Elloel/Eloel/Elul: zelfreflectieDe laatste maand van de Joodse (Hebreeuwse) kalender is de belangrijkste maand van het jaar. De maand heet Elloel (Eloel…
Torastudie 181: Joodse feestdagen – Leviticus 23:2-42Torastudie 181: Joodse feestdagen – Leviticus 23:2-42In deze Torastudie bespreken we de Joodse feestdagen. De Joodse feestdagen worden 'uitroepingen tot heiliging' genoemd i…
Bronnen en referenties
  • Inleidingsfoto: Tdjgordon / Pixabay
  • Day One – Menachem Mendel Schneerson
  • God zoekt de mens – Abraham Joshua Heschel
  • Zinvol leven – Menachem Mendel Schneerson

Reageer op het artikel "Torastudie 171: ultieme eenheid – Leviticus 16:30"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Infoteur: Etsel
Laatste update: 11-12-2016
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Religie
Special: Torastudie
Bronnen en referenties: 4
Schrijf mee!