InfoNu.nl > Mens en Samenleving > Religie > Torastudie 165: Berouwen – Leviticus 14:34-40

Torastudie 165: Berouwen – Leviticus 14:34-40

Torastudie 165: Berouwen – Leviticus 14:34-40 In deze Torastudie wordt duidelijk dat het doen van berouw belangrijk is om van de melaatsheid af te komen. Eerst wordt het huis getroffen, daarna de kleren en tot slot het lichaam. Door het doen van berouw kan het ziekteproces gestopt worden. Het kwaad is op zichzelf geen kracht. Alleen het goede (God) bestaat. Door ons op God (het goede) te richten wordt het kwaad bij de wortel aangepakt.

Tekst Leviticus 14:34-40

Wanneer gij zult gekomen zijn in het land Kena'an, dat Ik u in bezit geef, en Ik de ziekte der melaatsheid doe ontstaan aan een huis in het land, dat u bezit. Dan zal hij, wie het huis toebehoort, komen en de priester te kennen geven, als volgt: als een ziekte vertoont zich mij aan het huis.
…..
…..
Keert dan de priester terug op de zevende dag en ziet hij, en zie, de ziekte heeft zich uitgebreid aan de wanden van het huis. Dan zal de priester gelasten, dat men de stenen, waaraan de ziekte is, eruit neme, en deze zal men wegwerpen buiten de stad, op een onreine plaats.

Tekst in het Hebreeuws

לד כִּי תָבֹאוּ אֶל-אֶרֶץ כְּנַעַן אֲשֶׁר אֲנִי נֹתֵן לָכֶם לַאֲחֻזָּה וְנָתַתִּי נֶגַע צָרַעַת בְּבֵית אֶרֶץ אֲחֻזַּתְכֶם. לה וּבָא אֲשֶׁר-לוֹ הַבַּיִת וְהִגִּיד לַכֹּהֵן לֵאמֹר כְּנֶגַע נִרְאָה לִי בַּבָּיִת. לו וְצִוָּה הַכֹּהֵן וּפִנּוּ אֶת-הַבַּיִת בְּטֶרֶם יָבֹא הַכֹּהֵן לִרְאוֹת אֶת-הַנֶּגַע וְלֹא יִטְמָא כָּל-אֲשֶׁר בַּבָּיִת וְאַחַר כֵּן יָבֹא הַכֹּהֵן לִרְאוֹת אֶת-הַבָּיִת. לז וְרָאָה אֶת-הַנֶּגַע וְהִנֵּה הַנֶּגַע בְּקִירֹת הַבַּיִת שְׁקַעֲרוּרֹת יְרַקְרַקֹּת אוֹ אֲדַמְדַּמֹּת וּמַרְאֵיהֶן שָׁפָל מִן-הַקִּיר. לח וְיָצָא הַכֹּהֵן מִן-הַבַּיִת אֶל-פֶּתַח הַבָּיִת וְהִסְגִּיר אֶת-הַבַּיִת שִׁבְעַת יָמִים. לט וְשָׁב הַכֹּהֵן בַּיּוֹם הַשְּׁבִיעִי וְרָאָה וְהִנֵּה פָּשָׂה הַנֶּגַע בְּקִירֹת הַבָּיִת. מ וְצִוָּה הַכֹּהֵן וְחִלְּצוּ אֶת-הָאֲבָנִים אֲשֶׁר בָּהֵן הַנָּגַע וְהִשְׁלִיכוּ אֶתְהֶן אֶל-מִחוּץ לָעִיר אֶל-מָקוֹם טָמֵא.

Leviticus 14:34

Wanneer gij zult gekomen zijn in het land Kena'an, dat Ik u in bezit geef, en Ik de ziekte der melaatsheid doe ontstaan aan een huis in het land, dat uw bezit is.

schatten

De ziekten zullen hen treffen omdat de Emorieten schatten van goud verborgen houden in de wanden van hun huizen gedurende de veertig jaar waarin Israël in de woestijn was (opdat de Israëlieten, zo zij overwonnen, althans daar van niet zouden genieten), en men door toedoen van de ziekte het huis omverhalen, en ze vinden zou.

Leviticus 14:34

En Ik de ziekte der melaatsheid doe ontstaan.

berouw doen

Eerst treft de melaatsheid zijn huis. Als hij berouwt hoeven alleen de aangetaste stenen weggehaald te worden, zo niet dan moet het hele huis neergehaald worden. Dan treft de melaatsheid zijn kleren. Als hij berouwt moeten ze gewassen worden; zo niet dan moeten ze verbrand worden. Dan treft de melaatsheid zijn lichaam. Als hij berouwt moet hij zich reinigen; zo niet dan moet hij alleen wonen.

Leviticus 14:35

Als een ziekte vertoont zich mij aan het huis.

geleerd

Zelfs al betreft het een geleerde man en weet hij zeker dat het een ziekte is zegt hij niet “Er is een ziekte in mijn huis”, maar “Als een ziekte zich mij aan het huis vertoont.”

Leviticus 14:36

Hierop zal de priester gelasten, en zal men het huis ontruimen.

zuinig

De Tora is zuinig op het eigendom van de Jood.

aarden vaten

Alles moet verwijderd worden uit het huis voordat de priester komt. Anders is alles onrein. Houten of metalen vaten kunnen ondergedompeld worden. Voedsel en drinken kunnen genuttigd worden tijdens de onreine toestand. De Tora is alleen bezorgd over aarden vaten die niet gereinigd kunnen worden.

vervloekt

Een man loog tegen zijn vriend dat hij geen graan, dadels, etc. had. Wat deed God? Hij strafte met melaatsheid en de man verwijderde al zijn spullen. Toen zagen de mensen dat hij wel graan en dadels had. Vervloekt is het huis met de vervloekte inwoners.

Leviticus 14:40

Dan zal de priester gelasten, dat men de stenen waaraan de ziekte is ...

nieuwe stenen

Een ramp voor de goddeloze en zijn buurman. Beide moeten stenen verwijderen, de muren krabben en nieuwe stenen brengen.

Nadere toelichting op bovenstaande Joodse commentaren

Wanneer de mens zondigt beschikt hij over de innerlijke kracht om berouw te tonen. Positieve vonken kunnen dan bevrijd worden. Daarom geeft de Tora ook keer op keer aan dat het doen van berouw zeer belangrijk is. God heeft de mens die mogelijkheid geboden. De mens moet zelf berouw tonen, niemand anders kan voor hem de zonden op zich nemen. Iemand die kwaad doet en berouw toont kan meer aandacht voor het Goddelijke krijgen. Het licht van het goede is namelijk sterker dan het licht van het kwade.

Overigens is het goed te beseffen dat Gods schepping (dus ook de mens en de wereld) in wezen goed zijn. God is immers goed en alleen God bestaat. Het kwaad bestaat alleen omdat we de voorkeur geven aan het materiële en niet het spirituele. Sinds de Zondeval van Adam en Eva zijn materie en geest gescheiden. De wereld werd, vanuit het perspectief van de mens bezien een onafhankelijke besloten werkelijkheid – dit is een vervormde opvatting. In werkelijkheid heeft het kwaad geen kracht van zichzelf, zoals goedheid die wel heeft. Het kwaad is geen werkelijkheid op zichzelf. Het kwaad moet niet bestreden worden maar we moeten goedheid in onszelf en anderen aankweken. Door onzelfzuchtig en goed te handelen laten we God in ons leven toe en wordt het kwaad bij de wortel aangepakt.



Samenvatting - vragen

Om voor uzelf te controleren of u de tekst goed begrepen heeft volgt hier een aantal vragen. De antwoorden vindt u terug in bovenstaande tekst.
  1. Hoe vinden de Israëlieten de schatten van goud die de Emorieten verborgen houden in de wanden van hun huizen?
  2. Noem drie fasen van de ziekte der melaatsheid.
  3. Hoe kan de melaatsheid gestopt worden.
  4. Wat moet iemand zeggen die zeker weet dat het een ziekte is?
  5. Waarom moet alles uit het huis ontruimd worden voordat de priester komt?
  6. Wat kan niet gereinigd worden?
  7. Waarom is het goede sterker dan het kwaad?
  8. Waarom bestaat het kwaad niet?
  9. Waarom ervaren wij het kwaad?

Lees verder

© 2011 - 2017 Etsel, het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Joodse rituele spijsbereiding - reine en onreine dierenJoodse rituele spijsbereiding - reine en onreine dierenDe Tora maakt een onderscheid tussen 'reine' en 'onreine' dieren en geeft hierbij aan wat de kenmerken en eigenschappen…
Torastudie 143: Vrede/Zondoffer– Leviticus 3 en 4Torastudie 143: Vrede/Zondoffer– Leviticus 3 en 4Bij een vredeoffer doet iedereen mee. Het vredeoffer is niet voor God maar voor de mens. Toch worden offers Gods brood g…
Torastudie 140: offeren - Leviticus 1:1-2Torastudie 140: offeren - Leviticus 1:1-2De jonge Joodse kinderen beginnen de Torastudie met Leviticus. Dit komt omdat ze nog puur (zonder zonde) zijn, zo puur a…
De komst van de Masjiach (messias) bespoedigenDe komst van de Masjiach (messias) bespoedigenEr zijn een aantal manieren om de komst van de Masjiach te bevorden voor zijn laatste dag. In het algemeen gesproken bet…
Bronnen en referenties
  • Inleidingsfoto: Tdjgordon / Pixabay
  • Rashi
  • Midrash
  • Midrash Rabbah
  • Talmoed, Negaim 12:5
  • Talmoed, Rosh Hashanah 27a
  • Sifra
  • Talmoed, Negaim 12:6
  • Zinvol leven - Menachem Mendel Schneerson

Reageer op het artikel "Torastudie 165: Berouwen – Leviticus 14:34-40"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Infoteur: Etsel
Laatste update: 11-12-2016
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Religie
Special: Torastudie
Bronnen en referenties: 9
Schrijf mee!