Joodse Bijbel: Jakob op de vlucht voor Ezau

Joodse Bijbel: Jakob op de vlucht voor Ezau Nadat Jakob de zegen van zijn vader Izaäk heeft ontvangen moet hij vluchten voor Ezau die hem wil doden. Rebekka stelt aan Jakob voor om naar haar broer Laban te gaan in Haran (Mesopotamië). Onderweg krijgt Jakob een droom over een ladder met engelen. Wanneer hij wakker wordt maakt hij van de slaapplek een gedenkteken. Wanneer G'd hem veilig laat terugkeren naar zijn vader zal Jakob hier later een Huis van G'd bouwen, zo belooft hij.

Joodse Bijbel met commentaar van Rashi

Per vers het commentaar van Rashi, de Joodse Bijbelcommentator die leefde van 1040-1105. Rashi wordt beschouwd als de leraar van de leraren. Door alle traditionele Joden wordt Rashi als autoriteit op het gebied van de Joodse Bijbel en de Talmoed beschouwd. Vandaar dat het belangrijk is om zijn commentaar op de Joodse Bijbel weer te geven. Rashi gebruikt nieuw Hebreeuws aangevuld met Oud Franse woorden. Zijn taalgebruik is soms wat orakelachtig kort. Voor nadere verklaring is het verstandig een orthodox Joodse rabbijn te raadplegen.

Rebekka zendt Jakob naar Laban in Haran

Gedurende Jakobs afwezigheid neemt Ezau's haat af. Maar zodra Jakob terugkeert uit Eber, neemt zijn woede opnieuw toe en probeert hij een plan op te stellen hoe Jakob te doden. Toch vreest hij zijn vader om hem zoveel leed te veroorzaken en hij besluit zijn wraak uit te stellen tot na Izaäks dood.

Rebekka vertrouwt het niet en adviseert Jakob naar haar broer Laban in Haran te gaan om een vrouw voor hem te zoeken van één van Labans dochters. Izaäk roept Jakob bij zich en zegent hem: Genesis 28:3-4 "En G'd, de Almachtige zegene u, Hij make u vruchtbaar en vermenigvuldige u, zodat gij tot een menigte van volken wordt. Hij geve u de zegen van Abraham, u en uw nageslacht met u, zodat gij het land uwer vreemdelingenschap, dat G'd aan Abraham gegeven heeft, in bezit krijgt."

Commentaar van Rashi Genesis 28:3-4

En… de Almachtige G'd: Hebreeuws שַׁדַּי. Moge Hij die genoeg (שֶׁדָּי) zegeningen heeft voor degenen die gezegend zijn uit Zijn mond, u zegenen.

de zegen van Abraham: dat Hij tot hem zei (boven 12:2): "En Ik zal u tot een groot volk maken"; (boven 22:18): "[en alle naties van de wereld] zullen zichzelf zegenen met uw zaad." Mogen die bovengenoemde zegeningen voor u zijn. Moge die natie en dat gezegende zaad van u uitgaan. [Uit Tanchuma, Vezoth Haberachah 1]

Jakob en Elifaz

Met de zegen van zijn vader nog steeds na klinkend in zijn oren, verlaat Jakob Beer Sjeva en gaat naar zijn oom Laban in Padan Aram. Ezau komt er al snel achter dat zijn broer het huis heeft verlaten. Hij stuurt onmiddellijk zijn oudste zoon Elifaz met tien bewapende mannen om Jakob te achtervolgen en te doden. Maar Elifaz vermoordt zijn oom niet. In plaats daarvan neemt hij al de bezittingen van Jakob en laat Jakob verder reizen.

De droom van Jakob: ladder naar de hemel

De dag is voorbij en de nacht breekt aan. Jakob is in een open veld voor de stad Luz, nog steeds in het gebied van Kanaän. Moe van zijn reis pakt hij stenen als kussen en gaat liggen om te rusten. Tijdens zijn slaap krijgt hij een geweldige droom. Een ladder verschijnt naar hem die van de aarde naar de hemel reikt. Op de ladder stijgen en dalen engelen van G'd. Van boven is de stem van G'd te horen: Genesis 28:13-15 "Ik ben de Eeuwige, de G'd van uw vader Abraham, en de G'd van Izak; dit land, waarop gij ligt te slapen, zal Ik aan u geven, en aan uw zaad. En uw zaad zal wezen als het stof der aarde, en gij zult uitbreken in menigte, westwaarts en oostwaarts, en noordwaarts en zuidwaarts; en in u, en in uw zaad zullen alle geslachten des aardbodems gezegend worden. En zie, Ik ben met u, en Ik zal u behoeden overal, waarheen gij trekken zult, en Ik zal u wederbrengen in dit land; want Ik zal u niet verlaten, totdat Ik zal gedaan hebben, hetgeen Ik tot u gesproken heb."

Commentaar van Rashi Genesis 28:13-15

En zie, de Heer stond boven hem: om hem te bewaken.

en de God van Izaäk: hoewel we in de Schrift niet vinden dat de Heilige, gezegend is Hij, zijn naam associeert met die van de rechtvaardigen tijdens hun leven door te schrijven "de G'd van zus-en-zo", want er wordt gezegd (Job 15:15): “Zie! Hij gelooft niet in Zijn heiligen, ”[dwz G'd beschouwt zelfs Zijn heiligen niet als rechtvaardig tot na hun dood, wanneer ze niet langer onderworpen zijn aan de kwade neiging], niettemin, hier associeerde Hij Zijn naam met Izaäk omdat zijn ogen waren vaag geworden, en hij was opgesloten in het huis, en hij was als een dood persoon, de kwade neiging van hem was opgehouden (Tanchuma Toledoth 7).

waarop u ligt: (Chullin ad loc.) De Heilige, gezegend is Hij, vouwde het hele land Israël onder zich. Hij liet hem doorschemeren dat het net zo gemakkelijk door zijn kinderen zou worden veroverd (als vier el, die staan voor het gebied dat iemand inneemt [als hij ligt]). [Van Chullin 91b]

en u zult kracht winnen: Hebreeuws וּפָרַצ ְתָּ, zoals in יִפְרֹץ וְכֵן, "en zo kregen ze kracht" (Exodus 1:12). [naar targumim]

En zie, ik ben met je: [G'd beloofde dit aan Jakob] omdat hij bang was voor Esau en Laban.

totdat ik het heb gedaan: אִם wordt gebruikt in de betekenis van כִּי, [dat wil zeggen].

Ik heb over u gesproken: Hebreeuws ל ָ, voor uw welzijn en met betrekking tot u. Wat ik aan Abraham beloofde aangaande zijn zaad, beloofde ik met betrekking tot jou en niet met betrekking tot Esau, want ik zei niet tegen hem: "want Izaäk zal je nageslacht worden genoemd" [wat zou betekenen dat al Izaäks nakomelingen dit zouden doen worden beschouwd als dat van Abraham] maar "voor in Izaäk" [wat een deel van Izaäks nakomelingen betekent] maar niet alle [nakomelingen] van Izaäk (Nedarim 31a). Evenzo worden לִי, לוֹ, ל ָ en לָהֶם gebruikt in combinatie met een vorm van het werkwoord "spreken" (דִּבּוּר), ze worden gebruikt in de betekenis van "zorgwekkend". Dit [vers] bewijst het, omdat Hij tot nu toe niet met Jacob had gesproken.

Wanneer Jakob wakker wordt roept hij uit: Genesis 28:16-17: "De Heer is op deze plek en ik wist het niet." En hij wordt bang en zegt: "Hoe ontzagwekkend is deze plek! Dit is niets anders dan het huis van G'd, en dit is de poort naar de hemel."

Commentaar van Rashi Genesis 28:16-17

en ik wist het niet: want als ik het had geweten, zou ik niet op zo'n heilige plaats hebben geslapen. [van Bereishith Rabbathi, toegeschreven aan Rabbi Moshe Hadarshan]

dan het huis van God: Rabbi Eleazar zei in de naam van Rabbi Jose ben Zimra: Deze ladder stond in Beerseba en het midden van de helling reikte tot tegenover de Tempel, want Beerseba ligt in het zuiden van Juda en Jeruzalem [is gelegen] in het noorden, op de grens tussen Juda en Benjamin, en Beth-El was in het noorden van het gebied van Benjamin, op de grens tussen Benjamin en de zonen van Jozef. Bijgevolg is een ladder waarvan de voet in Berseba staat en waarvan de top in Beth-el is, het midden van de helling tegenover Jeruzalem. Dit komt overeen met wat onze wijzen zeiden, dat de Heilige, gezegend is Hij, zei: “Deze rechtvaardige is naar Mijn verblijfplaats gekomen [d.w.z. de Tempelberg]. Zal hij vertrekken zonder onderdak?" En verder zeiden ze: Jacob noemde Jeruzalem Beth-el. Maar deze plaats [die hij Beth-el noemde] was Luz, en niet Jeruzalem. Dus, waar hebben ze dit leren zeggen? [dwz dat Luz Jeruzalem was.] Ik geloof dat de berg Moria van zijn plaats werd ontworteld, en hij kwam hier [naar Luz, dwz in die tijd waren Luz, Jeruzalem en Beth-el allemaal op dezelfde plaats], en dit is de "ontspringen van de aarde" die in Tractate Chullin wordt genoemd, dwz dat de [plaats van de] Tempel naar hem toe kwam tot Beth-el. Dit is de betekenis van ויפגע במקום "En hij ontmoette de plaats." Als u nu vraagt: "Toen Jacob de tempel passeerde, waarom hield Hij hem daar dan niet vast?" [Het antwoord is:] Als hij niet wilde bidden op de plaats waar zijn voorvaders hadden gebeden, zouden ze hem dan vanuit de hemel tegenhouden? Hij ging zelfs zo ver als Haran, zoals staat vermeld in het hoofdstuk getiteld "Gid HaNasheh" (Hullin 91b), en de tekst "en hij ging naar Haran" (vers 10) ondersteunt dit. Toen hij in Haran aankwam, zei hij: "Is het mogelijk dat ik de plaats ben gepasseerd waar mijn voorvaderen baden, en ik heb daar niet gebeden?" Hij besloot terug te keren, en hij ging terug tot aan Beth-El, en de aarde 'sprong naar hem toe'. [Dit Beth-El is niet het ene bij Ai, maar het bij Jeruzalem, en omdat het de stad van G'd was, noemde hij het Beth-El, het huis van G'd, en dat is de berg Moria waar Abraham bad, en dat is het veld waar Izaäk bad, en zo zeiden ze in Sotah (sic.) (Pes.88a) [betreffende het vers] (Micha 4:2): “Kom, laten we opgaan naar de berg van de Heer, om het huis van G'd van Jacob." Het wordt niet [genoemd] zoals Abraham, die het een berg noemde, en niet zoals Izaäk, die het een veld noemde, maar zoals Jacob deed, die het het huis van G'd noemde. Een exacte uitgave van Rashi.

Hoe geweldig: de Targum geeft weer: Hoe geweldig (דְּחִילוּ) is deze plek! דְּחִילוּ is een zelfstandig naamwoord, zoals in (Targum Exodus 31: 3): "begrijpen" סוּכְלָתָנוּ; (onder vers 20): "een kledingstuk (וּכְסוּ) om te dragen."

en dit is de poort van de hemel: een plaats van gebed, waar hun gebeden opstijgen naar de hemel (Pirkei d’Rabbi Eliezer, hoofdstuk 35). En de midrasj-interpretatie is dat de hemelse tempel precies op de aardse tempel gericht is. [Uit Genesis Rabbah 69: 7]

Jakobs eed bij Beth-El (het Huis van G'd)

Jakob staat 's morgens vroeg op. Hij neemt de steen die als kussen heeft gediend en plaatst het als gedenkteken. Hij noemt de plaats Beth-El (het Huis van G'd). Dan legt hij een eed af dat als G'd bij hem zal zijn en hem veilig terugbrengt naar zijn vaders huis, hij een Huis van G'd zal oprichten op de plek van de steen.

Samenvatting - vragen

Om voor uzelf te controleren of u de tekst goed begrepen heeft volgt hier een aantal vragen. De antwoorden vindt u terug in bovenstaande tekst.
  1. Naar wie vlucht Jacob?
  2. Hoe neemt Izaäk afscheid van Jakob?
  3. Wie stuurt Ezau op Jakob af en wat doet deze persoon met Jakob?
  4. Waarover droomt Jakob?
  5. Wat doet Jakob als hij 's ochtends wakker wordt?

Lees verder

© 2008 - 2021 Jehoeda, het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming is vermenigvuldiging verboden. Per 2021 gaat InfoNu verder als archief, artikelen worden nog maar beperkt geactualiseerd.
Gerelateerde artikelen
Tora lezing - Parasha: GenesisDe Tora lezing in de synagoge begint met het Bijbelboek Genesis. De volgende parashot komen aan de orde: Parsha Bereishi…
Kabbala: Abraham kabbalist - Sefer JetziraTien generaties na Noach verscheen Abraham op het toneel. Hij was de zoon van Terach uit Mesopotamië. Terach diende afgo…
Torastudie: Jakob bij Laban - Genesis 28:22 en 29:13-34Torastudie: Jakob bij Laban - Genesis 28:22 en 29:13-34Genesis 28:22 vertelt dat de steen die Jakob heeft opgericht na zijn droom over de ladder, een huis Gods zal wezen. In G…
Torastudie: De verkrachting van Dina - Genesis 34:1-2Torastudie: De verkrachting van Dina - Genesis 34:1-2En Dina, de dochter van Lea, die zij Jakob had gebaard, ging uit om te zien naar de dochters des lands. Toen zag haar Sh…

Joodse Bijbel: Jakob bij LabanJoodse Bijbel: Jakob bij LabanJakob arriveert na zijn vlucht voor Ezau bij zijn oom Laban in Haran. Hij ontmoet Rachel. Laban belooft dat Jakob met Ra…
Torastudie: nieuwe maan - Exodus12:2/I Samuël 20:18Torastudie: nieuwe maan - Exodus12:2/I Samuël 20:18In de eerste mitswa die we kregen als Joodse natie, beval God dat we onze levens verbinden met de maan (zie Exodus 12:2)…
Bronnen en referenties
  • Inleidingsfoto: OpenClipartVectors, Pixabay
  • Our People, history of the Jews - Jacob Isaacs
  • Tenach
Jehoeda (1.614 artikelen)
Laatste update: 07-06-2021
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Religie
Bronnen en referenties: 3
Per 2021 gaat InfoNu verder als archief. Het grote aanbod van artikelen blijft beschikbaar maar er worden geen nieuwe artikelen meer gepubliceerd en nog maar beperkt geactualiseerd, daardoor kunnen artikelen op bepaalde punten verouderd zijn. Reacties plaatsen bij artikelen is niet meer mogelijk.