InfoNu.nl > Mens en Samenleving > Religie > Joodse Bijbel: Koning Amasja van Juda

Joodse Bijbel: Koning Amasja van Juda

Joodse Bijbel: Koning Amasja van Juda Koning Amasja van Juda is de zoon van Koning Joas van Juda. Hij regeert het land van 661 tot 631 voor het begin van de gewone jaartelling. Amasja huurt 100.000 soldaten van het Koninkrijk Israël om hem bij te staan in de oorlog tegen Edom. De profeet waarschuwt tegen een dergelijke alliantie met de afgoden dienende Israëlieten. Amasja stuurt daarom de soldaten terug, en verbeurt het geld dat hij vooraf betaald heeft. Amasja verslaat de Edomieten, maar hij brengt de afgoden uit Edom naar Jeruzalem en aanbidt hen. Omdat Koning Amasja niet tevreden is met de overwinning daagt hij Koning Joas van Israël uit met een oorlog. De Israëlieten verslaan Juda, plunderen de Tempel en nemen veel gijzelaars. Amasja wordt vermoord. Dit Joodse Bijbelverhaal wordt voorzien van commentaar door de Joodse Bijbelcommentator Rashi die leeft van 1040 tot 1105 van de gewone jaartelling.


Amasja's bestuur

Zodra Amasja zich veilig voelt op de troon van Judea, doodt hij de moordenaars van zijn vader. Hij handelt echter strikt volgens de wetten van de Tora. Hij straft alleen de schuldige personen en niet hun kinderen. In het algemeen zorgt Amasja ervoor dat hij geen van de tradities en wetten van het Joodse geloof verbreekt, hoewel hij persoonlijk niet aan de religieuze normen van de vrome koningen van het Huis van David voldoet.

Amasja concentreert al zijn energie en inspanning op het versterken van de militaire macht van zijn land, dat zoveel geleden heeft onder leiding van zijn voorgangers. Hij roept alle jonge mannen van boven de 20 op om in het leger te dienen. Maar zijn plannen eisen meer dan de ongeveer driehonderdduizend man waaruit zijn leger bestaat. Daarom benadert hij zijn buurman, Koning Joas van Israël, en vraagt om nog eens honderdduizend soldaten, in ruil voor een voorschot van honderd talenten zilver. Echter, een profeet komt naar koning Amasja toe en vertelt hem dat G'd tegen deze nauwe band met het afgoden dienende Noordelijke Koninkrijk Israël is en hem beveelt om het gehuurde leger naar huis terug te sturen.

Commentaar van Rashi
Rashi meldt bij 2 Kronieken 25 vers 7: “Want G'd is niet met Israël, alle zonen van Efraim; want Jeroboam was van de stam van Efraim, en hij was de eerste om Israël te laten zondigen. En in elke generatie daarna bleef hij een struikelblok voor hen, omdat zij de gouden kalveren van Jeroboam aanbidden."

Rashi meldt in 2 Kronieken 25 vers 8: "Als je mijn woorden niet gelooft, probeer dan niet de inspanning te doen in je militaire campagne. Kom, en versterk jezelf voor de oorlog. Hij [G'd] heeft de kracht om u te helpen zonder het leger van Efraim en u te laten struikelen als u ze met u meeneemt."


Amasja gehoorzaamt en verbeurt het vooraf betaalde geld. De soldaten uit Israël keren terug, maar voelen zich beledigd omdat ze door de koning van Juda zijn afgewezen. Ze plunderen en vernietigen hele steden op weg naar Israël.

Amasja verslaat Edom

Zodra Amasja ziet dat zijn militaire macht sterk genoeg is, bereidt hij zich voor op de oorlog tegen Edom, de provincie die het juk van Judea onder Koning Joram had afgeschud. Sindsdien heeft de koning van Edom geen moeite gedaan om hun positie te versterken en hun steden, vooral hun hoofdstad, Sela te versterken. Gebouwd op een hoge rots, wordt het onneembaar gemaakt door een dubbele ring van sterke forten. Amasja slaagt erin om het leger van Edom te verslaan en Sela te vangen. Maar dronken door deze overwinning uiten de koning en de soldaten uit Judea hun woede door vele duizenden Edomieten te doden.

Commentaar van Rashi
Rashi meldt bij 2 Koningen 14 vers 7 dat Amasja tienduizend Edomieten verslaat in de Zoutvallei en de plaats Jokteëel noemt; want hij stak zijn tanden op de rand, [קִהוּי שִׁנַיִם in het Hebreeuws; dat wil zeggen, de resultaten van deze verovering waren ongunstig voor Amasja] zoals staat geschreven in II Kronieken 25 vers 14: "Nadat Amasja van zijn overwinning op de Edomieten, de inwoners van Seïr, was teruggekeerd, liet hij hun godenbeelden naar Jeruzalem overbrengen en daar opstellen. Hij knielde ervoor neer en bracht ze offers.” En de profeet schoot hem af en zei tegen hem (vers 16): "Ik weet dat God besloten heeft u te gronde te richten." Wat was het advies? Dat hij hem overreed om de koning van Israël te provoceren.

Veel steden worden verwoest, en het hele gebied rond Sela wordt door Juda opgenomen. Amasja wordt ernstig bestraft voor zijn harde behandeling van de verslagen vijand, en de profeten en priesters waarschuwen hem voor de komende vergelding.

De zonde van Amasja

Naar heidense gewoonte uit die tijd, brengt Amasja de afgoden van Edom naar Jeruzalem en aanbidt hen. De profeten en priesters zijn verafschuwd door deze handelingen. De broer van de koning, Amos, de vader van de profeet Jesaja, komt naar hem en tuchtigt hem. Amos vertelt hem dat G'd een zware straf voor hem in petto heeft en dat zijn lot is bezegeld.

Commentaar van Rashi
Rashi meldt bij 2 Kronieken 25 vers 16: “Als u niet luistert naar Mijn advies om het rechte pad te volgen, zou u moeten weten, o koning, dat de Heer raad heeft gegeven om u te vernietigen, omdat u dit gedaan hebt en niet naar het advies hebt geluisterd. Wat is het advies? Dat Hij u verleid had om de koning van Israël te provoceren en voor hem te vallen, zoals geschreven staat: En Amasja, de koning van Juda, heeft advies gegeven, en Hij zond Joas, enzovoort."

Na de overwinning op Edom wil Amasja echter nog meer roem vergaren. Hij daagt Koning Joas van Israël uit. Joas waarschuwt de arrogante Amasja evenwel voor de gevolgen van het beginnen van een oorlog tegen Israël. Maar Amasja slaat de waarschuwing in de wind. Bij Beth Shemesh in Juda wordt Koning Amasja verslagen. Koning Joas trekt op naar Jeruzalem, plundert de hoofdstad, en keert rijk naar Samaria terug met veel gijzelaars.

Commentaar van Rashi
Rashi meldt bij 2 Koningen 14 vers 14: "En de gijzelaarskinderen: de kinderen der officieren, die in het paleis van het koninkrijk werden geplaatst, om er zeker van te zijn dat hun vaders niet tegen hem in opstand zouden komen."

Rashi meldt bij 2 Kronieken 25 vers 24: "Want de Joden staan niet langer toe dat Amasja koning is in Jeruzalem, tot hij de kinderen van de officieren tot gijzelaars heeft gemaakt, zodat zij niet meer tegen hem zouden rebelleren, en dat vertaalde Jonathan in II Koningen 14 vers 14 als: 'Kinderen van de officieren.' Rabbi Joseph (Kara) verklaarde 'de gijzelaarskinderen' om de gijzelaars te beschrijven die de koning had genomen, zodat hun vaders niet tegen hem zouden rebelleren. Dit lijkt me (lees: Rashi) echter niet juist te zijn omdat we niet vinden dat Juda dergelijke macht had over anderen dat ze hen zouden kunnen dwingen Juda hun kinderen als gijzelaars te geven."

Amasja wordt gevangen genomen, maar later weer vrijgelaten. Hij keert zich tot de afgoden. De bevolking van Juda wordt onrustig en smeden een plot tegen de koning. Amasja vlucht naar Lachish waar hij veel vrienden en volgelingen heeft. Zijn tegenstanders wijzen zijn zoon Uzzia aan als koning van Juda, maar zij doen er ondertussen alles aan om Amasja te elimineren. Omdat Lachish echter een sterke fort is duurt het 15 jaar voor ze Amasja te pakken krijgen en hem doden.

Commentaar van Rashi
Rashi meldt bij 2 Koningen 14 vers 17: "De hele vijftien jaar regeert zijn zoon Uzzia tijdens zijn leven, want zo staat het in 2 Kronieken 25 vers 27: Toen Amasja de Eeuwige eenmaal ontrouw was geworden, werd er in Jeruzalem tegen hem samengespannen. Hij vluchtte naar Lachish, maar ze kwamen hem achterna en doodden hem daar."

Rashi meldt bij 2 Kronieken 25 vers 27: "En hij vluchtte naar Lachish: een versterkte stad waartegen Sennacherib oorlog voerde. Hij vluchtte naar Lachish, waar hij vijftien jaar bleef totdat ze hem naar Lachish volgden en hem daar vermoordden. En gedurende die vijftien jaar waarin dat hij in Lachish was, regeerde Jecolia, de moeder van Uzzia, in zijn plaats. Zo lijkt het mij (lees: Rashi). In het commentaar van Rabbi Joseph (Kara), zag ik dat gedurende zijn vijftien jaar dat hij in Lachish was, zijn zoon Uzziah in zijn plaats regeerde, maar het is onjuist om het zo te interpreteren, want er staat geschreven in 2 Kronieken 26 vers 1: "Uzzia was zestien jaar oud." We merken op dat toen zijn vader vluchtte, hij maar één jaar oud was. Bovendien, als dit het geval is, zou er moeten staan, "maakte Uzzia koning in plaats van zijn vader tijdens zijn leven." In plaats daarvan schrijft de Schrift dat hij niet heerste tijdens zijn vaders leven."

Over het leven van Koning Amasja valt in de Bijbel te lezen in 2 Koningen 14:1-20 en in 2 Kronieken 25.



Samenvatting - vragen

Om voor uzelf te controleren of u de tekst goed begrepen heeft volgt hier een aantal vragen. De antwoorden vindt u terug in bovenstaande tekst.
  1. Waarom mag Koning Amasja geen soldaten uit Israël vragen van een profeet?
  2. Waarom is G'd niet met Israël?
  3. Waarom was de overwinning op Edom geen succes?
  4. Waarom wordt Koning Amasja door Koning Joas van Israël verslagen?
  5. Waarom smeedt de bevolking van Juda een plot tegen Koning Amasja?
  6. Wie regeert Juda wanneer Amasja op de vlucht is in Lachish?

Lees verder

© 2017 Etsel, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Joodse Bijbel: Het Huis van JehuJoodse Bijbel: Het Huis van JehuKoning Jehu is aan de macht in Israël en besluit de Baäl godsdienst te verwijderen uit Israël. Toch aanbidt Jehu niet al…
Grenzen van Israël: Rechabeam tot Griekse overheersingHet Koninkrijk van Salomo splitste onder Rechabeam in twee delen: het noordelijke Koninkrijk Israël bevatte Efraïm, Gali…
Joodse Bijbel: Koning David regeert over IsraëlJoodse Bijbel: Koning David regeert over IsraëlDavid wordt in Hebron tot koning gekroond. Hij is bij alle inwoners van Israël geliefd. Na 7,5 jaar in Hebron te hebben…
Achtergronden bij de profetie tegen Edom in het boek ObadjaAchtergronden bij de profetie tegen Edom in het boek ObadjaIn het Bijbelboek Obadja wordt alleen maar geprofeteerd tegen de Edomieten. Dit roept de vraag op hoe de verhoudingen tu…
Joodse Bijbel: het koninkrijk van JeroboamJoodse Bijbel: het koninkrijk van JeroboamJeroboam komt in opstand tegen Koning Rehabeam die zijn vader Koning Salomo had opgevolgd. Na de succesvolle opstand tra…
Bronnen en referenties
  • Inleidingsfoto: OpenClipart-Vectors, Pixabay
  • Our People, history of the Jews - Jacob Isaacs
  • Tenach
  • Commentaar van Rashi

Reageer op het artikel "Joodse Bijbel: Koning Amasja van Juda"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Infoteur: Etsel
Laatste update: 28-08-2017
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Religie
Special: Bijbelse geschiedenis/personen
Bronnen en referenties: 4
Schrijf mee!