InfoNu.nl > Mens en Samenleving > Religie > Torastudie 199: Menora – Numeri 8:2

Torastudie 199: Menora – Numeri 8:2

Torastudie 199: Menora – Numeri 8:2 Numeri 8:2 handelt over de Menora die bestaat uit zeven lampen. In deze Torastudie wordt op verschillende manieren uitgelegd wat de functie van de lampen is. Hoewel het licht bij God woont vraagt Hij Israël toch de lampen te ontsteken. De ziel van de mens is de lamp van God. Doel is de lampen onafhankelijk te laten schijnen. Iedere lamp kan weer een andere lamp ontsteken. Ook het licht van de Tempel verlicht de wereld.

Numeri 8:2

Zeg tegen Aharon dat hij de lampen zo op de standaard zet dat het licht van alle zeven lampen naar voren valt.

Tekst in het Hebreeuws

ב דַּבֵּר אֶל-אַהֲרֹן וְאָמַרְתָּ אֵלָיו בְּהַעֲלֹתְךָ אֶת-הַנֵּרֹת אֶל-מוּל פְּנֵי הַמְּנוֹרָה יָאִירוּ שִׁבְעַת הַנֵּרוֹת.

Numeri 8:2

Zeg tegen Aharon dat hij de lampen zo op de standaard zet...

offer

Aharon bracht geen offer samen met de andere hoofden van de stammen en dacht: misschien komt het door mij dat God de stam Levi niet accepteert. Maar God zei tegen Mozes dat hij tegen Aharon moest zeggen dat de offers alleen maar van kracht blijven zolang de Tempel overeind staat, maar dat de lampen altijd licht zullen geven.

Chanoekalampen

De lampen verwijzen naar Chanoekalampen die geïnstitutionaliseerd werden door de Hasmoneeën ten tijd van de Tweede Tempel. Deze lampen blijven altijd branden.

Numeri 8:2

Dat het licht van alle zeven lampen naar voren valt.

Psalm 139:12 en Daniël 2:22

In Psalm 139 vers 12 staat: “Ook dan zou het duister voor u niet donker zijn – de nacht zou oplichten als de dag, het duister helder zijn als licht.” De Eeuwige is één en al licht want in Daniël 2 vers 22 staat: “En het licht woont bij Hem.” Toch zegt God tot Israël: “Maak voor mij een standaard en lampen.”

Koning Salomo

Toen Koning Salomo de Tempel bouwde maakte hij de ramen van binnen smal en van buiten wijd zodat het licht van de Tempel de wereld kan verlichten.

Numeri 8:2

Het licht naar voren valt

de ziel van de mens

De ziel van de mens is de lamp van God, zo valt in Spreuken 20:27 te lezen. Het doel is het ontwikkelen van iemands talenten en vermogens zodat de lamp onafhankelijk schijnt en op zijn beurt het potentieel van andere lampen aanwakkert. Denk niet dat je een ander iets geeft wat hij nog niet bezit. De ziel van je naaste is al een lamp die alleen nog maar ontstoken moet worden door een andere lamp.

Nadere toelichting op bovenstaande Joodse commentaren

Op basis van gegevens uit de Tanya van Rebbe Schneur Zalman (Chabad Jodendom) gaan we nader in op de ziel. Elke Jood heeft twee zielen. Er is een dierlijke ziel dat in het bloed zit en er is een goddelijke ziel.

De dierlijke ziel (die niet-Joden ook hebben) geeft het lichaam levenskracht. Het bloed is het medium via welke de dierlijke ziel zich manifesteert. Hoewel alle negatieve karaktereigenschappen van een persoon voortkomen uit de dierlijke ziel is het niet noodzakelijkerwijze het “kwade” element in de mens. Er zitten ook positieve karaktereigenschappen in, zoals medeleven en liefdadigheid. Deze bepalen overigens ook weer niet dat de Jood per se een goed mens is. De eigenschappen vormen de aard van de mens en hebben niets van doen met heiligheid. De goede dingen die de Jood en de Noachied doen worden niet gedaan uit eigen belang. Dit komt door de kelipat noga (verlichte duisternis).

De goddelijke ziel, die alleen Joden hebben, moet de dierlijke ziel verfijnen en verheffen. Deze ziel nestelt zich bij een Joods meisje als ze 12 jaar wordt en bij een Joodse jongen als hij 13 jaar wordt.

Om nu terug te gaan naar de uitspraak in Spreuken dat de ziel van de mens de lamp van God is, is het goed te realiseren dat de hoge en lage zielen van Joden (er zijn oneindig veel gradaties van heiligheid en spiritualiteit) tezamen één ziel vormen ondanks dat ze elk hun eigen functie hebben. De Rebbe zorgt ervoor dat de zielen met elkaar verbonden zijn en hij wijst tevens op ieders verantwoordelijkheid. De individuele Jood (die een hele wereld vertegenwoordigt) dient de Joodse gemeenschap. Dus de lampen steken elkaar aan.



Samenvatting - vragen

Om voor uzelf te controleren of u de tekst goed begrepen heeft volgt hier een aantal vragen. De antwoorden vindt u terug in bovenstaande tekst.
  1. Waar was Aharon bevreesd voor?
  2. Wat was Gods antwoord hierop?
  3. Welke lampen blijven altijd branden?
  4. Waarom is het duister niet donker voor God?
  5. Op welke wijze bouwde koning Salomo de ramen van de Tempel?
  6. Wat wordt bedoeld met de uitspraak: “De ziel van de mens is de lamp van God?”

Lees verder

© 2015 - 2017 Etsel, het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Toelichting op 613 mitswot: positieve geboden 21-40Toelichting op 613 mitswot uit de Tora. In dit artikel aandacht voor de 21-40 positieve geboden: eerbied voor de Tempel,…
Toelichting op 613 mitswot: positieve geboden 41-60Toelichting op 613 mitswot uit de Tora. In dit artikel aandacht voor de 41-60 positieve geboden: het toegevoegde Shabbat…
De Staat Israël: Menora en de DavidsterDe Staat Israël: Menora en de DavidsterDe Menora is het staatsembleem van Israël terwijl de Davidster de Israëlische vlag siert. Het zijn symbolen die een lang…
Torastudie 116: de Menora - Exodus 25:31-40Torastudie 116: de Menora - Exodus 25:31-40In Exodus 25:31-40 gaat het over de Menora (Kandelaar). Er wordt een exacte omschrijving gegeven van de Menora die achtt…
Joodse Bijbel: Koning Salomo en de TempelJoodse Bijbel: Koning Salomo en de TempelKoning Salomo is de wijste man die ooit op aarde heeft geleefd. Zijn rijk strekt zich uit van de Nijl in het westen tot…
Bronnen en referenties

Reageer op het artikel "Torastudie 199: Menora – Numeri 8:2"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Infoteur: Etsel
Gepubliceerd: 26-06-2015
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Religie
Special: Torastudie
Bronnen en referenties: 6
Schrijf mee!