InfoNu.nl > Mens en Samenleving > Religie > Torastudie 196: Nazierschap/priesterlijke zegen (Num.6:4-27)

Torastudie 196: Nazierschap/priesterlijke zegen (Num.6:4-27)

Torastudie 196: Nazierschap/priesterlijke zegen (Num.6:4-27) In deze Torastudie aandacht voor het nazierschap en de priesterlijke zegen (Birkat kohaniem). Hierover staat te lezen in Numeri 6:4-27.

Tekst Numeri 6:4-27

Gedurende al de dagen van zijn Nazierschap zal hij van al, wat bereid wordt van de wijnstok, van pitten zowel als schil, niets eten. Gedurende al de dagen van zijn Naziergelofte zal geen scheermes over zijn hoofd gaan; totdat de dagen verstreken zijn, waarin hij zich onthouden wil ter ere des Eeuwigen, zal hij heilig zijn, wild laten groeien zijn hoofdhaar.
.....
.....
De Eeuwige zegene u en behoede u. De Eeuwige doe voor u Zijn aangezicht lichten en zij u genadig. De Eeuwige wende u Zijn aangezicht toe en schenke u vrede. En zij zullen Mijn naam doen rusten op de kinderen Israëls, en Ik zal hen zegenen.

Tekst in het Hebreeuws

ד כֹּל יְמֵי נִזְרוֹ מִכֹּל אֲשֶׁר יֵעָשֶׂה מִגֶּפֶן הַיַּיִן מֵחַרְצַנִּים וְעַד-זָג לֹא יֹאכֵל. ה כָּל-יְמֵי נֶדֶר נִזְרוֹ תַּעַר לֹא-יַעֲבֹר עַל-רֹאשׁוֹ עַד-מְלֹאת הַיָּמִם אֲשֶׁר-יַזִּיר לַיהוָה קָדֹשׁ יִהְיֶה גַּדֵּל פֶּרַע שְׂעַר רֹאשׁוֹ. ו כָּל-יְמֵי הַזִּירוֹ לַיהוָה עַל-נֶפֶשׁ מֵת לֹא יָבֹא. ז לְאָבִיו וּלְאִמּוֹ לְאָחִיו וּלְאַחֹתוֹ לֹא-יִטַּמָּא לָהֶם בְּמֹתָם כִּי נֵזֶר אֱלֹהָיו עַל-רֹאשׁוֹ. ח כֹּל יְמֵי נִזְרוֹ קָדֹשׁ הוּא לַיהוָה. ט וְכִי-יָמוּת מֵת עָלָיו בְּפֶתַע פִּתְאֹם וְטִמֵּא רֹאשׁ נִזְרוֹ וְגִלַּח רֹאשׁוֹ בְּיוֹם טָהֳרָתוֹ בַּיּוֹם הַשְּׁבִיעִי יְגַלְּחֶנּוּ. י וּבַיּוֹם הַשְּׁמִינִי יָבִא שְׁתֵּי תֹרִים אוֹ שְׁנֵי בְּנֵי יוֹנָה אֶל-הַכֹּהֵן אֶל-פֶּתַח אֹהֶל מוֹעֵד. יא וְעָשָׂה הַכֹּהֵן אֶחָד לְחַטָּאת וְאֶחָד לְעֹלָה וְכִפֶּר עָלָיו מֵאֲשֶׁר חָטָא עַל-הַנָּפֶשׁ וְקִדַּשׁ אֶת-רֹאשׁוֹ בַּיּוֹם הַהוּא. יב וְהִזִּיר לַיהוָה אֶת-יְמֵי נִזְרוֹ וְהֵבִיא כֶּבֶשׂ בֶּן-שְׁנָתוֹ לְאָשָׁם וְהַיָּמִים הָרִאשֹׁנִים יִפְּלוּ כִּי טָמֵא נִזְרוֹ. יג וְזֹאת תּוֹרַת הַנָּזִיר בְּיוֹם מְלֹאת יְמֵי נִזְרוֹ יָבִיא אֹתוֹ אֶל-פֶּתַח אֹהֶל מוֹעֵד. יד וְהִקְרִיב אֶת-קָרְבָּנוֹ לַיהוָה כֶּבֶשׂ בֶּן-שְׁנָתוֹ תָמִים אֶחָד לְעֹלָה וְכַבְשָׂה אַחַת בַּת-שְׁנָתָהּ תְּמִימָה לְחַטָּאת וְאַיִל-אֶחָד תָּמִים לִשְׁלָמִים. טו וְסַל מַצּוֹת סֹלֶת חַלֹּת בְּלוּלֹת בַּשֶּׁמֶן וּרְקִיקֵי מַצּוֹת מְשֻׁחִים בַּשָּׁמֶן וּמִנְחָתָם וְנִסְכֵּיהֶם. טז וְהִקְרִיב הַכֹּהֵן לִפְנֵי יְהוָה וְעָשָׂה אֶת-חַטָּאתוֹ וְאֶת-עֹלָתוֹ. יז וְאֶת-הָאַיִל יַעֲשֶׂה זֶבַח שְׁלָמִים לַיהוָה עַל סַל הַמַּצּוֹת וְעָשָׂה הַכֹּהֵן אֶת-מִנְחָתוֹ וְאֶת-נִסְכּוֹ. יח וְגִלַּח הַנָּזִיר פֶּתַח אֹהֶל מוֹעֵד אֶת-רֹאשׁ נִזְרוֹ וְלָקַח אֶת-שְׂעַר רֹאשׁ נִזְרוֹ וְנָתַן עַל-הָאֵשׁ אֲשֶׁר-תַּחַת זֶבַח הַשְּׁלָמִים. יט וְלָקַח הַכֹּהֵן אֶת-הַזְּרֹעַ בְּשֵׁלָה מִן-הָאַיִל וְחַלַּת מַצָּה אַחַת מִן-הַסַּל וּרְקִיק מַצָּה אֶחָד וְנָתַן עַל-כַּפֵּי הַנָּזִיר אַחַר הִתְגַּלְּחוֹ אֶת-נִזְרוֹ. כ וְהֵנִיף אוֹתָם הַכֹּהֵן תְּנוּפָה לִפְנֵי יְהוָה קֹדֶשׁ הוּא לַכֹּהֵן עַל חֲזֵה הַתְּנוּפָה וְעַל שׁוֹק הַתְּרוּמָה וְאַחַר יִשְׁתֶּה הַנָּזִיר יָיִן. כא זֹאת תּוֹרַת הַנָּזִיר אֲשֶׁר יִדֹּר קָרְבָּנוֹ לַיהוָה עַל-נִזְרוֹ מִלְּבַד אֲשֶׁר-תַּשִּׂיג יָדוֹ כְּפִי נִדְרוֹ אֲשֶׁר יִדֹּר כֵּן יַעֲשֶׂה עַל תּוֹרַת נִזְרוֹ. {פ}

כב וַיְדַבֵּר יְהוָה אֶל-מֹשֶׁה לֵּאמֹר. כג דַּבֵּר אֶל-אַהֲרֹן וְאֶל-בָּנָיו לֵאמֹר כֹּה תְבָרְכוּ אֶת-בְּנֵי יִשְׂרָאֵל אָמוֹר לָהֶם. {ס} כד יְבָרֶכְךָ יְהוָה וְיִשְׁמְרֶךָ. {ס} כה יָאֵר יְהוָה פָּנָיו אֵלֶיךָ וִיחֻנֶּךָּ. {ס} כו יִשָּׂא יְהוָה פָּנָיו אֵלֶיךָ וְיָשֵׂם לְךָ שָׁלוֹם. {ס} כז וְשָׂמוּ אֶת-שְׁמִי עַל-בְּנֵי יִשְׂרָאֵל וַאֲנִי אֲבָרְכֵם.

Numeri 6:4

Gedurende al de dagen van zijn Nazierschap zal hij van al, wat bereid wordt van den wijnstok, van pitten zowel als schil, niets eten.

De wijnstok

Ondanks dat de wijnstok wordt ondersteund kan het het gewicht van de wijn in de druiven niet dragen. Dus als de wijns eigen moeder de last niet dragen kan, hoe kan jij dat?

Noach en de Satan

Toen de Satan voor Noach stond en aan hem vroeg: "Wat ben je aan het planten?" antwoordde Noach: "Een wijngaard." De Satan zei tegen hem: "Wat voor soort wijngaard?" Hij zei: "Haar vruchten zijn zoet, of vochtig of droog, en men maakt er wijn van dat je hart vreugde brengt." Satan zei tegen Noach: Zullen we samen planten, jij en ik?" Noach zei: "Ja." Wat deed Satan? Hij bracht een lam en slachtte die over de wijnstok; toen bracht hij een leeuw en slachtte het erover, hetzelfde deed hij met een aap en een varken. Satan zei tegen Noach: "Wanneer een persoon één kop wijn drinkt is hij als een lam, bescheiden en tam. Wanneer hij twee koppen wijn drinkt is hij als een leeuw en spreekt met trots: niemand kan zich met mij vergelijken. Zodra hij drie of vier koppen wijn drinkt handelt hij als een aap niet wetend wat hij doet. Wanneer hij dronken wordt, wordt hij als een varken, smerig door modder en vuiligheid.

Numeri 6:11

De priester zal dan ene doen worden tot zondoffer, en ene tot brandoffer en voor hem verzoening doen daarover, dat hij gezondigd heeft wegens het lijk; en hij zal op die dag zijn hoofd wijden.

zonde

Tegen welk lijk zondigde hij? Dat hij zichzelf geen wijn toekende. Als deze man een zondaar is, dan geldt dat zeker voor degene die zichzelf de geneugten van zoveel dingen onthoudt. Hij is heilig zegt rabbijn Eleazar. Als deze man zichzelf alleen wijn onthoudt, hoe heilig is hij dan die zichzelf alle geneugten onthoudt.

Simon de Rachtvaardige zei: in mijn hele leven heb ik nooit een zondoffer gegeten van een nazier, op één uitzondering na. Er kwam een man uit het zuiden naar me toe. Hij zag er knap uit. Ik vroeg hem: "Waarom heb je je mooie haar vernield?" Hij antwoordde: "In mijn geboortestad was ik de herder van mijn vader en wanneer ik water uit de bron haalde zag ik mijn weerspiegeling (in het water). Mijn hart maakte een sprongetje en mijn kwade neiging overviel me en probeerde mij te ruïneren. En ik zei: Kwade! Waarom maak je je meester over een wereld die de jouwe niet is? Want je einde is slechts wormen en maden. Ik zweer dat je deze haarlokken zal scheren ter glorie van de Hemel!" Toen stond ik op en kuste hem op zijn voorhoofd en zei tegen hem: "Mogen er vele naziers zijn zoals jij in Israël." Numeri 6:2 zegt daarover: "Wanneer een man of vrouw zich wijden zal door het uitspreken der gelofte van Nazier, om zich te onthouden ter ere des Eeuwige."

Numeri 6:13

En dit is de wet voor de Nazier op de dag, waarop verstreken zijn de dagen van zijn Nazierschap zal men hem brengen naar de ingang van de tent der samenkomst.

farbrengen

In de begin dagen van het chassidisme was een geleerde Joods aanwezig bij een farbrengen (bijeenkomst van Chassidiem). Hij zag op de tafel half lege flessen wodka staan en zag Joden zingen en dansen in plaats van Torastudie doen. Hij riep uit: Joden, de Heilige Tempel is verwoest, Israël is in ballingschap en jullie dansen en drinken?! Ook aanwezig op de farbrengen was Rabbijn David Ferkus, een volgeling van de Baal Shem Tov. "Ik heb een vraag voor u", zei de Rabbijn tegen de bezoeker. Hij legde uit dat Rashi twee zaken over een Nazier schrijft. Ten eerste dat hij niet mag drinken en ten tweede dat geheelonthouding een zonde is. Wat is waar? Is het drinken van wijn een positieve of negatieve handeling?" Rabbijn David gaf zelf de verklaring. Een persoon die alleen maar in staat is om het negatieve in zijn mede-Jood te zien kan beter geen wijn drinken omdat hij dan nog meer slechte dingen waarneemt. Maar voor degene die het goede in de mede-Jood ziet is het niet drinken van wijn een zonde. Het drinken van wijn stimuleert zijn hart de verborgen goede dingen in de harten van zijn naaste te zien.

Numeri 6:24

De Eeuwige zegene en behoede u.

Gods zegen

Met Gods zegen komt Zijn bescherming. In de Midrash Rabbah staat dat een sterfelijke koning in Rome een dienaar in Syrië had. De koning riep de dienaar bij zich. Hij gaf de dienaar honderd pond goud. De dienaar ging op reis. Rovers overvallen hem en nemen alles af.... Maar wanneer God rijkdom schenkt, beschermt hij ook tegen rovers.

Numeri 6:25

De Eeuwige doe voor u Zijn aangezicht lichten en zij u genadig.

genade en dankbaarheid

God zal u de wijsheid geven genadig en dankbaar te zijn jegens de ander.

Numeri 6:26

De Eeuwige wende u Zijn aangezicht toe en geve u vrede

aangezicht

God zal u Zijn aangezicht toewenden, want er bestaat een verschil tussen iemand begroeten terwijl hij kijkt of terwijl hij wegkijkt.

vrede

Als er geen vrede is, is er niets.

Numeri 6:27

En zij zullen Mijn naam doen rusten op de kinderen Israëls, en Ik zal hen zegenen.

priesters

Indien de priesters verlangen Israël te zegenen, dan zal Israël gezegend worden. Maar als de priesters dat niet doen, dan zal Israël niet gezegend worden. Daarom vertelt het vers: "Ik zal hen zegenen." In beide gevallen zegent God. God zegent ook de priesters.



Nadere toelichting op bovenstaande Joodse commentaren

We willen hierbij dieper ingaan op de priesterlijke zegen. Wanneer wordt deze uitgesproken? In de tijd van de Heilige Tempel spraken de priesters de zegen uit na de ochtend offers. Na de verwoesting van de Tempel wordt de zegen uitgesproken in de loop van de gebedsdiensten, gedurende de herhaling van het Amida door de chazzan. Er moet een minjan aanwezig zijn.

In Jeruzalem wordt de Birkat Kohaniem (priesterlijke zegen) elke ochtend uitgesproken. Op de dagen van de Moesaf dienst wordt het zowel gedurende het Shachariet als Moesaf gebed gereciteerd. In andere steden in Israël wordt het soms elke dag uitgesproken en soms alleen op Shabbat.

In de Diaspora wordt de Birkat Kohaniem op de grote feestdagen gereciteerd tijdens het Moesaf gebed. Op Simchat Tora vindt de Birkat Kohaniem plaats tijdens de ochtenddiensten omdat velen kiddoesj (op alcoholische dranken) maken voor Moesaf. Ook op Jom Kippoer wordt de priesterlijke zegen uitgesproken.



Samenvatting - vragen

Om voor uzelf te controleren of u de tekst goed begrepen heeft volgt hier een aantal vragen. De antwoorden vindt u terug in bovenstaande tekst.
  1. Wat mag een Nazier niet doen?
  2. Wanneer mag wel wijn gedronken worden en wanneer niet?
  3. Waarom zegent God?
  4. Wanneer wordt de priesterlijke zegen uitgesproken?

Lees verder

© 2014 - 2017 Etsel, het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Toelichting op 613 mitswot: positieve geboden 21-40Toelichting op 613 mitswot uit de Tora. In dit artikel aandacht voor de 21-40 positieve geboden: eerbied voor de Tempel,…
Grenzen van Israël: vanaf Abraham tot rijk van SalomoDe klassieke Joodse bronnen (de Joodse Bijbel en de Talmoed) onderscheiden drie grenzen. (1) De grenzen van de Aartsvade…
Torastudie 199: Menora  Numeri 8:2Torastudie 199: Menora Numeri 8:2Numeri 8:2 handelt over de Menora die bestaat uit zeven lampen. In deze Torastudie wordt op verschillende manieren uitge…
Toelichting op 613 mitswot: positieve geboden 41-60Toelichting op 613 mitswot uit de Tora. In dit artikel aandacht voor de 41-60 positieve geboden: het toegevoegde Shabbat…
Bronnen en referenties
  • Inleidingsfoto: Tdjgordon / Pixabay
  • Midrash Rabbah
  • Midrash Tanchuma
  • Talmoed, Taanit 11a
  • Talmoed, Nazir 4b; Sifri
  • Rashi
  • Reshimat Devarim
  • Torat Kohanim
  • Sifri Zuta
  • When is the Blessing Aministered - Naftali Silberberg

Reageer op het artikel "Torastudie 196: Nazierschap/priesterlijke zegen (Num.6:4-27)"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Infoteur: Etsel
Laatste update: 01-07-2015
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Religie
Special: Torastudie
Bronnen en referenties: 10
Schrijf mee!