InfoNu.nl > Mens en Samenleving > Religie > Torastudie 42: Jozef naar Egypte - Genesis (37:1-35)

Torastudie 42: Jozef naar Egypte - Genesis (37:1-35)

Torastudie 42: Jozef naar Egypte - Genesis (37:1-35) In Genesis 37:1-35 staat het verhaal over Jozef. Jozef werd door zijn broeders geminacht omdat hij door zijn vader Jakob werd voorgetrokken. Toen hij dromen vertelde waarin duidelijk werd dat de broeders eens voor hem zouden buigen, was de maat vol. Wanneer Jozef hen op een dag komt opzoeken in het veld gooien ze hem in een put. Wanneer er later een karavaan langs trekt, halen de broers Jozef uit de put en verkopen hem. Jozef komt zo in Egypte terecht.

Genesis 37:1-35

Jakob echter woonde in het land der vreemdelingschap van zijn vader, in het land Kanaän. Dit is de geschiedenis van Jakob. Jozef, zeventien jaar oud -hij was dus nog jong- placht met zijn broeders, de zonen van Bilha en de zonen van Zilpa, de vrouwen van zijn vader, de schapen te hoeden. En Jozef bracht kwaad gerucht aangaande hen aan hun vader over...En zij zagen hem van verre. Maar voordat hij bij hen gekomen was, smeedden zij een aanslag tegen hem om hem te doden...Toen Midianietische mannen, kooplieden, voorbijgingen, trokken zij Jozef omhoog, haalden hem uit de put en verkochten Jozef voor twintig zilverstukken aan de Ismaëlieten; en deze brachten Jozef naar Egypte. Toen Ruben bij de put kwam, zie, Jozef was niet in de put...En Jakob scheurde zijn mantel, deed een rouwgewaad om zijn heupen en treurde lange tijd over zijn zoon. Al zijn zonen en al zijn dochters deden hun best hem te troosten, maar hij weigerde zich te laten troosten, en zei: Neen, rouw dragen zal ik tot mijn zoon in het dodenrijk neerdalen. En zijn vader beweende hem.

De tekst in het Hebreeuws luidt:

א וַיֵּשֶׁב יַעֲקֹב בְּאֶרֶץ מְגוּרֵי אָבִיו בְּאֶרֶץ כְּנָעַן. ב אֵלֶּה תֹּלְדוֹת יַעֲקֹב יוֹסֵף בֶּן-שְׁבַע-עֶשְׂרֵה שָׁנָה הָיָה רֹעֶה אֶת-אֶחָיו בַּצֹּאן וְהוּא נַעַר אֶת-בְּנֵי בִלְהָה וְאֶת-בְּנֵי זִלְפָּה נְשֵׁי אָבִיו וַיָּבֵא יוֹסֵף אֶת-דִּבָּתָם רָעָה אֶל-אֲבִיהֶם. ג וְיִשְׂרָאֵל אָהַב אֶת-יוֹסֵף מִכָּל-בָּנָיו כִּי-בֶן-זְקֻנִים הוּא לוֹ וְעָשָׂה לוֹ כְּתֹנֶת פַּסִּים. ד וַיִּרְאוּ אֶחָיו כִּי-אֹתוֹ אָהַב אֲבִיהֶם מִכָּל-אֶחָיו וַיִּשְׂנְאוּ אֹתוֹ וְלֹא יָכְלוּ דַּבְּרוֹ לְשָׁלֹם. ה וַיַּחֲלֹם יוֹסֵף חֲלוֹם וַיַּגֵּד לְאֶחָיו וַיּוֹסִפוּ עוֹד שְׂנֹא אֹתוֹ. ו וַיֹּאמֶר אֲלֵיהֶם שִׁמְעוּ-נָא הַחֲלוֹם הַזֶּה אֲשֶׁר חָלָמְתִּי. ז וְהִנֵּה אֲנַחְנוּ מְאַלְּמִים אֲלֻמִּים בְּתוֹךְ הַשָּׂדֶה וְהִנֵּה קָמָה אֲלֻמָּתִי וְגַם-נִצָּבָה וְהִנֵּה תְסֻבֶּינָה אֲלֻמֹּתֵיכֶם וַתִּשְׁתַּחֲוֶיןָ לַאֲלֻמָּתִי. ח וַיֹּאמְרוּ לוֹ אֶחָיו הֲמָלֹךְ תִּמְלֹךְ עָלֵינוּ אִם-מָשׁוֹל תִּמְשֹׁל בָּנוּ וַיּוֹסִפוּ עוֹד שְׂנֹא אֹתוֹ עַל-חֲלֹמֹתָיו וְעַל-דְּבָרָיו. ט וַיַּחֲלֹם עוֹד חֲלוֹם אַחֵר וַיְסַפֵּר אֹתוֹ לְאֶחָיו וַיֹּאמֶר הִנֵּה חָלַמְתִּי חֲלוֹם עוֹד וְהִנֵּה הַשֶּׁמֶשׁ וְהַיָּרֵחַ וְאַחַד עָשָׂר כּוֹכָבִים מִשְׁתַּחֲוִים לִי. י וַיְסַפֵּר אֶל-אָבִיו וְאֶל-אֶחָיו וַיִּגְעַר-בּוֹ אָבִיו וַיֹּאמֶר לוֹ מָה הַחֲלוֹם הַזֶּה אֲשֶׁר חָלָמְתָּ הֲבוֹא נָבוֹא אֲנִי וְאִמְּךָ וְאַחֶיךָ לְהִשְׁתַּחֲו‍ֹת לְךָ אָרְצָה. יא וַיְקַנְאוּ-בוֹ אֶחָיו וְאָבִיו שָׁמַר אֶת-הַדָּבָר. יב וַיֵּלְכוּ אֶחָיו לִרְעוֹת אֶת-צֹאן אֲבִיהֶם בִּשְׁכֶם. יג וַיֹּאמֶר יִשְׂרָאֵל אֶל-יוֹסֵף הֲלוֹא אַחֶיךָ רֹעִים בִּשְׁכֶם לְכָה וְאֶשְׁלָחֲךָ אֲלֵיהֶם וַיֹּאמֶר לוֹ הִנֵּנִי. יד וַיֹּאמֶר לוֹ לֶךְ-נָא רְאֵה אֶת-שְׁלוֹם אַחֶיךָ וְאֶת-שְׁלוֹם הַצֹּאן וַהֲשִׁבֵנִי דָּבָר וַיִּשְׁלָחֵהוּ מֵעֵמֶק חֶבְרוֹן וַיָּבֹא שְׁכֶמָה. טו וַיִּמְצָאֵהוּ אִישׁ וְהִנֵּה תֹעֶה בַּשָּׂדֶה וַיִּשְׁאָלֵהוּ הָאִישׁ לֵאמֹר מַה-תְּבַקֵּשׁ. טז וַיֹּאמֶר אֶת-אַחַי אָנֹכִי מְבַקֵּשׁ הַגִּידָה-נָּא לִי אֵיפֹה הֵם רֹעִים. יז וַיֹּאמֶר הָאִישׁ נָסְעוּ מִזֶּה כִּי שָׁמַעְתִּי אֹמְרִים נֵלְכָה דֹּתָיְנָה וַיֵּלֶךְ יוֹסֵף אַחַר אֶחָיו וַיִּמְצָאֵם בְּדֹתָן. יח וַיִּרְאוּ אֹתוֹ מֵרָחֹק וּבְטֶרֶם יִקְרַב אֲלֵיהֶם וַיִּתְנַכְּלוּ אֹתוֹ לַהֲמִיתוֹ. יט וַיֹּאמְרוּ אִישׁ אֶל-אָחִיו הִנֵּה בַּעַל הַחֲלֹמוֹת הַלָּזֶה בָּא. כ וְעַתָּה לְכוּ וְנַהַרְגֵהוּ וְנַשְׁלִכֵהוּ בְּאַחַד הַבֹּרוֹת וְאָמַרְנוּ חַיָּה רָעָה אֲכָלָתְהוּ וְנִרְאֶה מַה-יִּהְיוּ חֲלֹמֹתָיו. כא וַיִּשְׁמַע רְאוּבֵן וַיַּצִּלֵהוּ מִיָּדָם וַיֹּאמֶר לֹא נַכֶּנּוּ נָפֶשׁ. כב וַיֹּאמֶר אֲלֵהֶם רְאוּבֵן אַל-תִּשְׁפְּכוּ-דָם הַשְׁלִיכוּ אֹתוֹ אֶל-הַבּוֹר הַזֶּה אֲשֶׁר בַּמִּדְבָּר וְיָד אַל-תִּשְׁלְחוּ-בוֹ לְמַעַן הַצִּיל אֹתוֹ מִיָּדָם לַהֲשִׁיבוֹ אֶל-אָבִיו. כג וַיְהִי כַּאֲשֶׁר-בָּא יוֹסֵף אֶל-אֶחָיו וַיַּפְשִׁיטוּ אֶת-יוֹסֵף אֶת-כֻּתָּנְתּוֹ אֶת-כְּתֹנֶת הַפַּסִּים אֲשֶׁר עָלָיו. כד וַיִּקָּחֻהוּ וַיַּשְׁלִכוּ אֹתוֹ הַבֹּרָה וְהַבּוֹר רֵק אֵין בּוֹ מָיִם. כה וַיֵּשְׁבוּ לֶאֱכָל-לֶחֶם וַיִּשְׂאוּ עֵינֵיהֶם וַיִּרְאוּ וְהִנֵּה אֹרְחַת יִשְׁמְעֵאלִים בָּאָה מִגִּלְעָד וּגְמַלֵּיהֶם נֹשְׂאִים נְכֹאת וּצְרִי וָלֹט הוֹלְכִים לְהוֹרִיד מִצְרָיְמָה. כו וַיֹּאמֶר יְהוּדָה אֶל-אֶחָיו מַה-בֶּצַע כִּי נַהֲרֹג אֶת-אָחִינוּ וְכִסִּינוּ אֶת-דָּמוֹ. כז לְכוּ וְנִמְכְּרֶנּוּ לַיִּשְׁמְעֵאלִים וְיָדֵנוּ אַל-תְּהִי-בוֹ כִּי-אָחִינוּ בְשָׂרֵנוּ הוּא וַיִּשְׁמְעוּ אֶחָיו. כח וַיַּעַבְרוּ אֲנָשִׁים מִדְיָנִים סֹחֲרִים וַיִּמְשְׁכוּ וַיַּעֲלוּ אֶת-יוֹסֵף מִן-הַבּוֹר וַיִּמְכְּרוּ אֶת-יוֹסֵף לַיִּשְׁמְעֵאלִים בְּעֶשְׂרִים כָּסֶף וַיָּבִיאוּ אֶת-יוֹסֵף מִצְרָיְמָה. כט וַיָּשָׁב רְאוּבֵן אֶל-הַבּוֹר וְהִנֵּה אֵין-יוֹסֵף בַּבּוֹר וַיִּקְרַע אֶת-בְּגָדָיו. ל וַיָּשָׁב אֶל-אֶחָיו וַיֹּאמַר הַיֶּלֶד אֵינֶנּוּ וַאֲנִי אָנָה אֲנִי-בָא. לא וַיִּקְחוּ אֶת-כְּתֹנֶת יוֹסֵף וַיִּשְׁחֲטוּ שְׂעִיר עִזִּים וַיִּטְבְּלוּ אֶת-הַכֻּתֹּנֶת בַּדָּם. לב וַיְשַׁלְּחוּ אֶת-כְּתֹנֶת הַפַּסִּים וַיָּבִיאוּ אֶל-אֲבִיהֶם וַיֹּאמְרוּ זֹאת מָצָאנוּ הַכֶּר-נָא הַכְּתֹנֶת בִּנְךָ הִוא אִם-לֹא. לג וַיַּכִּירָהּ וַיֹּאמֶר כְּתֹנֶת בְּנִי חַיָּה רָעָה אֲכָלָתְהוּ טָרֹף טֹרַף יוֹסֵף. לד וַיִּקְרַע יַעֲקֹב שִׂמְלֹתָיו וַיָּשֶׂם שַׂק בְּמָתְנָיו וַיִּתְאַבֵּל עַל-בְּנוֹ יָמִים רַבִּים. לה וַיָּקֻמוּ כָל-בָּנָיו וְכָל-בְּנֹתָיו לְנַחֲמוֹ וַיְמָאֵן לְהִתְנַחֵם וַיֹּאמֶר כִּי-אֵרֵד אֶל-בְּנִי אָבֵל שְׁאֹלָה וַיֵּבְךְּ אֹתוֹ אָבִיו.

Genesis 37:1

Jakob echter woonde in het land van het oponthoud zijns vaders, in het land Kanaän.

rustig leven:
Jakob wenste in rust te leven, maar de doodsstrijd van Jozef greep hem aan. Want wanneer de rechtvaardige in rust wil leven zegt God: "Is het niet genoeg voor de rechtvaardige wat voor ze wordt voorbereid in de Komende Wereld dat ze ook voor een rustig leven vragen in deze wereld?"

Genesis 37:2

Dit zijn de geslachten Jakob: Jozef zeventien jaar oud...

Waarom Jozef?:
Had er niet moeten staan: "Dit zijn de geslachten van Jakob: Ruben, etc?" Waarom Jozef?
Omdat alles wat bij Jakob gebeurde, gebeurde bij Jozef. Zoals Jakob besneden werd geboren, zo werd Jozef besneden geboren; zoals Jakobs moeder onvruchtbaar was, zo was Jozefs moeder onvruchtbaar; zoals Jakobs moeder moeilijkheden had bij de geboorte, zo had Jozefs moeder moeilijkheden bij de geboorte; zoals Jakobs moeder twee zonen baarde, zo baarde Jozefs moeder twee zonen; zoals Jakob werd gehaat door zijn broer; zo werd Jozef door zijn broers gehaat; zoals Jakobs broer hem zocht te doden, zo zochten Jozefs broers om hem te doden.

Jakob was een schaapsherder en Jozef was een schaapsherder, Jakob werd vervolgd en Jozef werd vervolgd; Jakob werd gezegend met tien zegens en Jozef werd gezegend met tien zegens; Jakob werd verbannen uit het Heilige land en Jozef werd verbannen uit het Heilige Land; Jakob nam een vrouw uit het buitenland en Jozef nam een vrouw uit het buitenland; Jakob kreeg kinderen in het buitenland, en Jozef kreeg kinderen uit het buitenland; Jakob werd vergezeld door engelen, en Jozef werd vergezeld door engelen; Jakob werd groot gemaakt door een droom, en Jozef werd groot gemaakt door een droom; het huis van Jakobs schoonvader werd gezegend op zijn rekenschap, en het huis van Jozefs schoonvader werd gezegend op zijn rekenschap; Jakob ging naar Egypte en Jozef ging naar Egypte; Jakob beëindigde de hongersnood en Jozef beëindigde de hongersnood; Jakob bezwoer zijn kinderen, en Jozef bezwoer zijn broeders. Jakob gaf zijn kinderen een opdracht, en Jozef gaf zijn broers een opdracht; Jakob stierf in Egypte, en Jozef stierf in Egypte; Jakob werd gebalsemd, en Jozef werd gebalsemd; de beenderen van Jakob werden van Egypte naar Israël gebracht, en de beenderen van Jozef werden van Egypte naar Israël gebracht.....

Jakob leidde de Stammen, en Jozef leidde de Stammen; Jakob verloor zijn vader 22 jaar, en Jozef verloor zijn vader 22 jaar; Jakob werd bij contract verbonden vanwege een vrouw, en Jozef werd gevangen genomen vanwege een vrouw; Jakob steunde Jozef 17 jaar, en Jozef steunde Jakob 17 jaar....

Genesis 37:2

Jozef nu bracht kwade berichten over hen aan hun vader.

negatieve praat:
De wijzen zeiden: twee rechtvaardige mannen werden gestraft vanwege het maken van slechte verslagen: Jakob en Jozef. Omdat Jozef kwaad sprak over zijn broers, belandde hij voor 12 jaar in de gevangenis; en omdat Jakob naar deze verslagen luisterde, vertrok de Goddelijke geest 22 jaar van hem. Dit leert ons dat wanneer men negatief over een ander praat men eens wordt gestraft, terwijl degene die naar het negatieve gepraat van een ander luistert tweemaal wordt gestraft.

Genesis 37:3-11

Israël hield van Jozef meer dan al zijn andere kinderen....en zijn broers waren jaloers op hem.

jaloersheid:
"Liefde is sterk als de dood" -dit is de liefde waarmee Jakob Jozef lief had...."Jaloersheid is hard als het graf" -dit is de jaloersheid van de broers naar Jozef. Wat kan liefde bereiken tegenover jaloersheid?

jas met vele kleuren:
Resh Lakish zei in de naam van Rabbi Eleazar ben Azaria: Een man mag geen onderscheid maken tussen zijn kinderen, vanwege de jas met vele kleuren die onze vader Jakob maakte voor Jozef, "Zij haatten hem...."

Genesis 37:3

Een veelkleurige jas.

passiem:
Ketonet passiem, in het Hebreeuws. Het woord passiem kan worden vertaald als 'kleurvol' (Radak; septuagint), geborduurd (Ibn Ezra), 'gestreept' (Ibn Janach), of geïllustreerd' (Targoem Jonathan). Het kan ook een lange mantel aanduiden die tot de palmen van de handen reikt (Rashbam), en de voeten (Lekach Tov). Alternatief duidt het woord het materiaal aan waaruit de jas werd gemaakt dat fijn wol was (Rashi) of zijde (Ibn Janach). Toch, Ketonet passiem, mag ook vertaald worden als 'een vol gevoerde mantel', 'een jas met vele kleuren', 'een zijden mantel'.

Genesis 37:4

Haatten zij hem en konden niet tot hem spreken ter begroeting.

lofwaardig:
Uit hetgeen in hun nadeel wordt gezegd leren wij het lofwaardige in hen kennen, dat zij met de mond niet anders spraken dan met het hart.

Genesis 37:5-7

Toen Jozef gedroomd had een droom en het verteld had aan zijn broeders...."Ziet dan, wij bonden schoven in het midden des velds, en ziet, mijn schoof richtte zich op en bleef ook staan, en ziet, uw schoven plaatsten zich rondom en wierpen zich neder voor mijn schoof.

gefragmenteerde wereld:
We leven in een onsamenhangende en gefragmenteerde wereld. Haar talloze onderdelen lijken elk hun eigen weg te gaan, elk schepsel zoekt zijn eigen bescherming en vooruitgang. Onze eigen levens bevatten talloze gebeurtenissen en ervaringen, omhelzen verschillende prioriteiten, ons in verschillende richtingen trekkende. Maar dit is maar het meest oppervlakkige beeld van de werkelijkheid. Hoe dieper we de natuur en haar wetten doorgronden hoe meer we een onderliggende eenheid ontdekken. Hoe meer we de lessen van het leven opnemen, hoe meer we 'een leidende hand' bespeuren en een coherente bestemming. Hoe meer we onze talenten en bronnen gebruiken, hoe meer de verschillende aspecten van onze unieke individuele rol op zijn plaats valt. Dit is de diepere betekenis van Jozefs droom. We zijn allemaal schoven in het veld van het leven. Hier groeit elke stengel in zijn eigen onderscheiden kleine groef; onze uitdaging is om richting te geven aan deze diversiteit, deze stengels te verzamelen en ze te binden als een enkele schoof. Maar dit alleen is niet genoeg. Zoals Jozef in zijn droom zag, stonden zijn broers' individuele schoven in een cirkel en bogen naar hem. Dit betekent dat terwijl elke individu de verschillende componenten van zijn leven als een onderscheidende 'schoof' ziet, is het stukje samen van zijn leven niet een doel op zichzelf, maar de middelen tot een hoger doel. In de woorden van onze wijzen: "De gehele wereld werd alleen voor mijn doel geschapen; en ik werd slechts geschapen om mijn Schepper te dienen." Dus terwijl iedere persoon zijn eigen wereld ziet -de bronnen en de mogelijkheden die Goddelijke aanwezigheid zijn weg op heeft gestuurd- als zijnde daar voor hem, deze 'schoof' moet op zijn beurt toegewijd worden aan de vervulling van zijn Goddelijk ingestelde missie in het leven. De manier waarop dit wordt bereikt is door het onderwerpen van iemands eigen schoof tot die van 'Jozefs schoof'. De Tora is Gods communicatie van Zijn wil aan de mens en brengt de loop voor de mens weer om zijn Schepper te dienen. En elke generatie heeft zijn Jozef, een uiterst rechtvaardige individu wiens leven de perfecte belichaming is van de ethiek en idealen van de Tora. Dit is de Tsaddiek aan wie de 'schoven' van de verschillende stammen van Israël zichzelf onderwerpen, zich naar hem wenden voor leiding hoe het beste het doel van hun levens te realiseren.

Genesis 37:14

En hij zond hem heen van het dal van Hebron en hij kwam naar Sichem.

Sichem:
Een plaats voorbestemt voor het kwaad: in Sichem werd Dina verkracht; in Sichem werd Jozef verkocht aan zijn broers; en in Sichem werd het koninkrijk van het Huis van David verdeeld.

Genesis 37:15-17

Nu trof hem een man, en zie, hij dwaalde op het veld; en de man vroeg hem zeggende: wat zoekt gij? Hierop zei hij: mijn broeders zoek ik; geef mij toch te kennen, waar zij weiden! En de man zei: zij zijn weggetrokken van hier, want ik hoorde hen zeggen: laat ons gaan naar Dothan; hierop ging Jozef zijn broers achterna en trof hen in Dothan.

Gabriël:
'De man' was de engel Gabriël.

Genesis 37:19

En zij zeiden de een tot de ander.

Simeon en Levi:
Wie waren zij? Simeon en Levi.

Genesis 37:21

Ruben echter hoorde het en redde hem uit hun hand.

Ruben:
Had Ruben geweten dat de Tora over hem zou schrijven dan had hij Jozef op zijn schouders gezet en hem teruggebracht naar zijn vader.

Genesis 37:24

En zij namen hem en wierpen hem in de put; de put nu was leeg, er was geen water in.

put:
Van de implicatie van wat wordt gezegd "En de put was leeg" weet ik niet dat er geen water in was? Wat wordt dan geleerd door "er was geen water in"? Er was geen water in maar er waren slangen en schorpioenen in.

water:
De gedachte en het hart zijn nooit leeg. Als er geen levend voedselrijk 'water' in is, dan zijn er 'slangen en schorpioenen in'.

Genesis 37:29

Hierop keerde Ruben terug naar de put, en zie, Jozef was niet in de put.

Waar was Ruben?:
Waar was hij geweest? Rabbi Eleazar zei: hij zat in zak en as (in berouw over zijn zonden in het geweld aandoen van zijn vaders bed), en toen hij vrij kwam ging hij naar de put....Rabbi Juda zei: Iedereen bezocht zijn vader op een dag en die dag was het Rubens beurt.

Genesis 37:31

Toen namen zij het overkleed van Jozef en slachtten een geitenbok en doopten het overkleed in het bloed.

betalen:
God betaalt de mens maat voor maat terug.....zelfs de rechtvaardige betaalt hij maat voor maat terug. Jakob bedroog zijn vader met geitenhuiden en zijn zonen bedrogen hem met het bloed van een geit....

Zo ook Juda, die zijn vader bedroog met het bloed van een geit, werd bedrogen door Tamar met een jonge geit.

Genesis 37:34

En Jakob verscheurde zijn klederen en deed een zak om zijn lendenen en treurde om zijn zoon lange tijd.

eed:
Waarom openbaarde God hem niet de waarheid? Omdat toen de broers Jozef verkochten zij een eed maakten dat niemand hun vader zou vertellen van hun daad, en zij betrokken God bij hun eed.

Goddelijke geest

Van hier leren we dat de Goddelijke geest niet rust op degenen die in een toestand van verdoving is, noch op degene die in een toestand van rouw is; dit is waarom Jakob het lot van Jozef niet kon vinden.

Genesis 37:35

Maar hij weigerde zich te laten troosten.

dood:
Men kan getroost worden over de doden, maar niet over de levenden...Met betrekking tot de dood is bepaald dat zij uit het hart worden vergeten, maar zo'n decreet werd niet bepaald met betrekking tot de levenden.



Samenvatting - vragen

Om voor uzelf te controleren of u de tekst goed begrepen heeft volgt hier een aantal vragen. De antwoorden vindt u terug in bovenstaande tekst.
  1. Wat zegt God wanneer een rechtvaardige in rust wil leven?
  2. Beschrijf de overeenkomsten tussen Jakob en Jozef.
  3. Waarom werden Jozef en Jakob gestraft?
  4. Hoe wordt passiem vertaald?
  5. Wat is de diepere betekenis van Jozefs droom?
  6. Waaruit blijkt dat Sichem is voorbestemd voor het kwaad?
  7. Wat zat er in de put?
  8. Waarom weigerde Jakob zich te laten troosten?

Lees verder

© 2008 - 2017 Etsel, het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Joodse Bijbel: Jozef en zijn broersJoodse Bijbel: Jozef en zijn broersJozef is de favoriete zoon van Jakob. Dit wekt veel jaloezie op bij de andere broers. Ze gaan hem nog meer haten wanneer…
Torastudie 56: Studiehuis in Egypte - Genesis 46Torastudie 56: Studiehuis in Egypte - Genesis 46In Genesis 46 wordt verteld dat Jakob naar Egypte verhuist en Juda vooruit stuurt om een studiehuis te vestigen voor het…
Waarom werd Juda leider van het volk Israël en niet Ruben?In zijn zegeningen aan zijn kinderen voor zijn dood, wees Jakob aan ieder van hen hun rol in de formatie van de joodse n…
Tora lezing - Parasha: GenesisDe Tora lezing in de synagoge begint met het Bijbelboek Genesis. De volgende parashot komen aan de orde: Parsha Bereishi…
Torastudie 54: Jozef en zijn broers - Genesis 45Torastudie 54: Jozef en zijn broers - Genesis 45In Genesis 45 maakt Jozef zich bekend aan zijn broers. Volgens Rebbe Schneerson loopt het conflict tussen Jozef en zijn…
Bronnen en referenties
  • Inleidingsfoto: Tdjgordon / Pixabay
  • Rashi
  • De Lubavitcher Rebbe
  • Talmoed, Sanhedrin 102a
  • Midrash; Rashi
  • Midrash Tanchoema
  • Talmoed, Shabbat 22a
  • De Chassidische meesters
  • Midrash Rabbah

Reageer op het artikel "Torastudie 42: Jozef naar Egypte - Genesis (37:1-35)"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Infoteur: Etsel
Laatste update: 26-06-2017
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Religie
Special: Torastudie
Bronnen en referenties: 9
Schrijf mee!