InfoNu.nl > Mens en Samenleving > Religie > Torastudie 33: Izaäks zegen - Genesis (27:11-22 en 28:9)

Torastudie 33: Izaäks zegen - Genesis (27:11-22 en 28:9)

Torastudie 33: Izaäks zegen - Genesis (27:11-22 en 28:9) In Genesis 27:11-22 ontsteelt Jakob de vaderlijke zegen van Ezau. Jakob wordt hierbij geholpen door zijn moeder Rebekka, die in hem een waardigere opvolger ziet in de voortzetting van de missie van Abraham. In Genesis 28:9 wordt vermeldt dat Ezau trouwt met Mahalath, de dochter van Ismaël. In dit artikel de commentaren van de Joodse wijzen uit heilige Joodse geschriften.

Genesis 27:11-22

Maar Jakob zei tot zijn moeder Rebekka: Zie, mijn broeder Ezau is een ruig man, en ik ben een onbehaard man. Misschien zal mijn vader mij betasten; dan zal ik in zijn ogen zijn als iemand, die de spot met hem drijft, en ik zal vloek over mij brengen en geen zegen. Maar zijn moeder zei tot hem: Uw vloek zij op mij, mijn zoon; luister nu naar mij en ga ze mij halen...Toen zei Izaäk tot Jakob: Kom toch dichterbij, opdat ik u betastte mijn zoon, of gij inderdaad mijn zoon Ezau zijt of niet. Jakob dan kwam dichterbij tot zijn vader Izaäk, en deze betastte hem. En hij zei: De stem is Jakobs stem, maar de handen zijn Ezau's handen.

De volledige tekst in het Hebreeuws luidt:

יא וַיֹּאמֶר יַעֲקֹב אֶל-רִבְקָה אִמּוֹ הֵן עֵשָׂו אָחִי אִישׁ שָׂעִר וְאָנֹכִי אִישׁ חָלָק. יב אוּלַי יְמֻשֵּׁנִי אָבִי וְהָיִיתִי בְעֵינָיו כִּמְתַעְתֵּעַ וְהֵבֵאתִי עָלַי קְלָלָה וְלֹא בְרָכָה. יג וַתֹּאמֶר לוֹ אִמּוֹ עָלַי קִלְלָתְךָ בְּנִי אַךְ שְׁמַע בְּקֹלִי וְלֵךְ קַח-לִי. יד וַיֵּלֶךְ וַיִּקַּח וַיָּבֵא לְאִמּוֹ וַתַּעַשׂ אִמּוֹ מַטְעַמִּים כַּאֲשֶׁר אָהֵב אָבִיו. טו וַתִּקַּח רִבְקָה אֶת-בִּגְדֵי עֵשָׂו בְּנָהּ הַגָּדֹל הַחֲמֻדֹת אֲשֶׁר אִתָּהּ בַּבָּיִת וַתַּלְבֵּשׁ אֶת-יַעֲקֹב בְּנָהּ הַקָּטָן. טז וְאֵת עֹרֹת גְּדָיֵי הָעִזִּים הִלְבִּישָׁה עַל-יָדָיו וְעַל חֶלְקַת צַוָּארָיו. יז וַתִּתֵּן אֶת-הַמַּטְעַמִּים וְאֶת-הַלֶּחֶם אֲשֶׁר עָשָׂתָה בְּיַד יַעֲקֹב בְּנָהּ. יח וַיָּבֹא אֶל-אָבִיו וַיֹּאמֶר אָבִי וַיֹּאמֶר הִנֶּנִּי מִי אַתָּה בְּנִי. יט וַיֹּאמֶר יַעֲקֹב אֶל-אָבִיו אָנֹכִי עֵשָׂו בְּכֹרֶךָ עָשִׂיתִי כַּאֲשֶׁר דִּבַּרְתָּ אֵלָי קוּם-נָא שְׁבָה וְאָכְלָה מִצֵּידִי בַּעֲבוּר תְּבָרְכַנִּי נַפְשֶׁךָ. כ וַיֹּאמֶר יִצְחָק אֶל-בְּנוֹ מַה-זֶּה מִהַרְתָּ לִמְצֹא בְּנִי וַיֹּאמֶר כִּי הִקְרָה יְהוָה אֱלֹהֶיךָ לְפָנָי. כא וַיֹּאמֶר יִצְחָק אֶל-יַעֲקֹב גְּשָׁה-נָּא וַאֲמֻשְׁךָ בְּנִי הַאַתָּה זֶה בְּנִי עֵשָׂו אִם-לֹא. כב וַיִּגַּשׁ יַעֲקֹב אֶל-יִצְחָק אָבִיו וַיְמֻשֵּׁהוּ וַיֹּאמֶר הַקֹּל קוֹל יַעֲקֹב וְהַיָּדַיִם יְדֵי עֵשָׂו.

Genesis 28:9

Toen Ezau nu zag, dat de dochters van Kanaän zijn vader Izaäk zeer mishaagden, ging hij naar Ismaël, en nam zich bij zijn vrouwen Mahalath, de dochter van Ismaël, de zoon van Abraham, de zuster van Nebajoth, tot vrouw.

De tekst in het Hebreeuws luidt:

ט וַיֵּלֶךְ עֵשָׂו אֶל-יִשְׁמָעֵאל וַיִּקַּח אֶת-מָחֲלַת בַּת-יִשְׁמָעֵאל בֶּן-אַבְרָהָם אֲחוֹת נְבָיוֹת עַל-נָשָׁיו לוֹ לְאִשָּׁה.

Genesis 27:11

Zie, Ezau mijn broeder, is een harige man en ik ben een gladde man.

hoofdhaar en kaal

Twee man, één bezit dik hoofdhaar en de ander is kaal, stonden naast een dorstvloer. Wanneer iets in de lokken vloog van de eerste raakte het geklit in zijn haren, maar wanneer het naar het hoofd vloog van de kale man, streek hij zijn hand over zijn hoofd en verwijderde het.

Op dezelfde manier wordt de goddeloze Ezua vergiftigd door zijn zonde het gehele jaar door en heeft geen manier om verzoening te bereiken; terwijl Jacob wordt uitgedaagd door zonde gedurende het hele jaar, maar de Verzoendag heeft om vergiffenis te vragen.

Genesis 27:15

Nu nam Rebekka de prachtige kleren van Ezau....en kleedde Jakob.

kleren van Nimrod

Dit waren de kleren die Ezau van Nimrod had genomen na hem gedood te hebben.

Genesis 27:20

Omdat de Eeuwige, uw God, het mij heeft doen treffen.

naam van de Heilige

Spoedig nadat Jacob deze woorden zei, zei Izaäk tegen zichzelf: "Ik weet dat Ezau de naam van de Heilige niet noemt; omdat deze Hem noemt, is hij niet Ezau maar Jacob." Omdat Jacob dus sprak, zei Izaäk tegen hem: "Kom dichterbij alsjeblieft, dat ik kan voelen dat je werkelijk mijn zoon Ezau ben of niet."

Genesis 27:22

De stem is de stem van Jakob, maar de handen zijn de handen van Ezau.

stem van Jakob; handen van Ezau

"De stem is de stem van Jakob" -geen gebed is effectief tenzij het zaad van Jakob er deel vanuit maakt. "De handen zijn de handen van Ezau" -geen oorlog is succesvol tenzij het zaad van Ezau er deel vanuit maakt.

Genesis 28:9

Toen ging Ezau naar Ismaël en nam Machalath, de dochter van Ismaël, de zoon van Abraham, de zuster van Nebajoth, bij zijn vrouwen zich tot vrouw.

zuster van Nebajot

Wat is het punt om Machalath te identificeren als 'de zuster van Nebajot'? Rashi legt uit dat dit ons met een aanwijzing verschaft over Jacobs leeftijd wanneer hij de zegens ontvangt van zijn vader. Door haar Nabajoths zuster' te noemen geeft aan dat haar huwelijk met Ezau plaatsvond na de dood van Ismaël, zodat haar broer, liever dan haar vader, degene was die haar uithuwelijkte. Toch beschrijft het begin van het vers hoe Ezau naar Ismaël ging om het huwelijk te regelen. Dit betekent dat de gebeurtenis gebeurde vlak na de dood van Ismaël.

We weten dat Ismaël 14 jaar ouder was dan Izaäk (Genesis 16:16); dat Izaäk 60 jaar ouder was dan Jacob en Ezau; en dat Ismaël stierf op de leeftijd van 137 jaar. Dus Jacob en Ezau waren 63 jaar oud toen Jacob de zegeningen van zijn broer stal en door Izaäk naar Charan werd gezonden om een vrouw van Labans dochters te nemen.

Maar volgens ander aanwijzingen verschaft door de Tora, vernemen we dat Jakob een aantal jaren later in Charan arriveerde. Bij zijn aankomst in Egypte vertelt Jacob de Farao dat hij 130 jaar oud is (Genesis 47:9); Jozef was toen 39, wat betekent dat Jacob 91 was bij de geboorte van Jozef; en Jozef werd 14 jaar na Jakob aankomst in Charan geboren, nadat hij twee perioden van 7 jaar gewerkt had voor Lea en Rachel.

Met andere woorden, Jakob verliet zijn ouderlijk huis in Beer Sheva toen hij 63 was en kwam 14 jaar later op 77 jarige leeftijd in Charan aan (Eliëzer deed er 1 dag over). Onze wijzen verklaren dat Jacob thuis was bij zijn voorganger en leraar Eber (de achterkleinzoon van Shem), waar hij zich bezig hield met de studie van de Tora.



Samenvatting - vragen

Om voor uzelf te controleren of u de tekst goed begrepen heeft volgt hier een aantal vragen. De antwoorden vindt u terug in bovenstaande tekst.
  1. Waarom kon Ezau geen verzoening krijgen en Jakob wel vergiffenis?
  2. Waarom twijfelde Izaäk aan het feit dat Jakob geen Ezau was?
  3. Wat maakt een gebed effectief?
  4. Wat maakt een oorlog effectief?
  5. Wat is het punt om Machalath te identificeren als 'de zuster van Nebajot'?

Lees verder

© 2007 - 2019 Etsel, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Torastudie 39: De verkrachting van Dina - Genesis (34:1-2)Torastudie 39: De verkrachting van Dina - Genesis (34:1-2)En Dina, de dochter van Lea, die zij Jakob had gebaard, ging uit om te zien naar de dochters des lands. Toen zag haar Sh…
Torastudie 38: Jakob ontmoet Ezau weer - Genesis (33:3-19)Torastudie 38: Jakob ontmoet Ezau weer - Genesis (33:3-19)In Genesis 33:3-19 vindt de verzoening plaats tussen Jakob en Ezau. Ezau stelt aan Jakob voor om bij hem te komen wonen,…
Joodse Bijbel: Jakob ontvangt de zegen van IzaäkJoodse Bijbel: Jakob ontvangt de zegen van IzaäkIzaäk ligt op zijn ziekbed. Als laatste verrichting wil hij zijn zoon Ezau zegenen. Izaäk ziet Ezau's goddeloze gedrag n…
Joodse denkers: Rasji – Bijbelcommentaar (pesjat/derasj)Joodse denkers: Rasji – Bijbelcommentaar (pesjat/derasj)Rasji wilde de letterlijke betekenis van de Bijbel geven (pesjat). In zijn tijd gaven de rabbijnen de midrasj als exeges…
Torastudie 37: Jakob vecht met de engel -Genesis (32:2-27)Torastudie 37: Jakob vecht met de engel -Genesis (32:2-27)In Genesis 32:2-27 vreest Jakob Ezau te ontmoeten. Hij stuurt van tevoren een geschenk naar Ezau om hem gunstig te stell…
Bronnen en referenties
  • Inleidingsfoto: Tdjgordon, Pixabay
  • Midrash Rabbah
  • Talmoed

Reageer op het artikel "Torastudie 33: Izaäks zegen - Genesis (27:11-22 en 28:9)"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Infoteur: Etsel
Laatste update: 10-07-2018
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Religie
Special: Torastudie
Bronnen en referenties: 3
Schrijf mee!