InfoNu.nl > Mens en Samenleving > Religie > Torastudie 190: Joodse ballingschap – Leviticus 26:28-33

Torastudie 190: Joodse ballingschap – Leviticus 26:28-33

Torastudie 190: Joodse ballingschap – Leviticus 26:28-33 God heeft het Joodse volk vaak gestraft vanwege het niet nakomen van de geboden. God straft alleen uit liefde voor Zijn volk. Zou Hij niet straffen dan zou God niets om Zijn volk geven. Het straffen doet God zelf meer pijn dan de Joden. God strafte het Joodse volk met de Diaspora. Maar dankzij de Diaspora konden de Joden getuigen van de Ene God en zo licht brengen in de wereld. De straf van God is dus uiteindelijk een zegen voor de hele mensheid.

Tekst Leviticus 26:28-33

En indien gij hiermede niet naar Mij luisteren zult en vijandelijk tegen Mij zult optreden; Dan zal Ik tegen u optreden met de gramschap van vijandelijkheid en zal ook Ik u tuchtigen zevenvoudig voor uw zonden. En zult gij eten het vlees uwer zonen en zult gij het vlees uwer dochters eten.
…..
…..
En zal Ik verwoesten het land zodat daarover zich zullen ontzetten uw vijanden, die daarin zullen wonen. En Ik zal u verstrooien onder de volkeren, en zal Ik achter u het waard trekken en zal uw land verlaten en zullen uw steden verwoest zijn.

Tekst in het Hebreeuws

כח וְהָלַכְתִּי עִמָּכֶם בַּחֲמַת-קֶרִי וְיִסַּרְתִּי אֶתְכֶם אַף-אָנִי שֶׁבַע עַל-חַטֹּאתֵיכֶם. כט וַאֲכַלְתֶּם בְּשַׂר בְּנֵיכֶם וּבְשַׂר בְּנֹתֵיכֶם תֹּאכֵלוּ. ל וְהִשְׁמַדְתִּי אֶת-בָּמֹתֵיכֶם וְהִכְרַתִּי אֶת-חַמָּנֵיכֶם וְנָתַתִּי אֶת-פִּגְרֵיכֶם עַל-פִּגְרֵי גִּלּוּלֵיכֶם וְגָעֲלָה נַפְשִׁי אֶתְכֶם. לא וְנָתַתִּי אֶת-עָרֵיכֶם חָרְבָּה וַהֲשִׁמּוֹתִי אֶת-מִקְדְּשֵׁיכֶם וְלֹא אָרִיחַ בְּרֵיחַ נִיחֹחֲכֶם. לב וַהֲשִׁמֹּתִי אֲנִי אֶת-הָאָרֶץ וְשָׁמְמוּ עָלֶיהָ אֹיְבֵיכֶם הַיֹּשְׁבִים בָּהּ. לג וְאֶתְכֶם אֱזָרֶה בַגּוֹיִם וַהֲרִיקֹתִי אַחֲרֵיכֶם חָרֶב וְהָיְתָה אַרְצְכֶם שְׁמָמָה וְעָרֵיכֶם יִהְיוּ חָרְבָּה

Leviticus 26:28

En indien gij hiermede niet naar Mij luisteren zult en vijandelijkheden tegen Mij zult optreden; Dan zal Ik tegen u optreden met de gramschap van vijandelijkheid...

zonde en straf

Alle zonden komen voort uit de zonde van onverschilligheid. Onverschilligheid is arrogantie. Het betekent: “Ik kan doen dat ik wil.”

De meest verschrikkelijke straf is als God toegeeft aan de ijdelheid van de zondaar. Want dan zou God zich geen zorgen maken om wat er met de zondaar gebeurt.

Leviticus 26:28

Zal ook Ik u tuchtigen.

God voelt meer pijn

Wanneer een vader zijn kind straft is het lijden voor hem groter dan voor zijn kind. Zo is het ook met God: Zijn pijn is groter dan onze pijn.

Leviticus 26:30

En zal Ik uw lijken leggen op de lijken uwer afgoden.

afgod

Elia de Rechtvaardige trof een hongerig kind aan die zijn hele familie had verloren. Elia wilde het kind het Shema leren. Maar het kind zei dat zijn ouders hem geleerd hadden niet de naam van God te noemen. Het kind droeg een afgod bij zich en kuste het tot zijn buik barstte en de afgod viel en het kind er bovenop.

Leviticus 26:31

En zal Ik uw heiligdommen verwoesten

heilig blijven

De Talmoed meldt dat de heiligdommen zelf in hun verwoesting hun heiligheid handhaven.

Leviticus 26:32

En zal Ik verwoesten het land, zodat daarover zich zullen ontzetten uw vijanden, die daarin zullen wonen.

zegen voor Israël

Dit is feitelijk een zegen voor Israël omdat de vijanden geen genoegdoening ontvangen van het land, want het zal verlaten zijn zolang de mensen van Israël eruit verbannen zijn.

Leviticus 26:33

En zal Ik u verstrooien onder de volkeren.

Het Joodse volk kan niet vernietigd worden

De Talmoed spreekt over de Diaspora van de Joden onder de volkeren als een gebaar van vriendelijkheid van God. Als ze op één plek zouden blijven zouden de gojiem oorlog tegen hen voeren; maar omdat ze verspreide waren konden ze niet vernietigd worden. Ook meldt de Talmoed dat dit de mogelijkheid gaf voor niet-Joden zich te bekeren tot het Joodse volk. De bekeerlingen worden door de Talmoed 'vonken van heiligheid' genoemd. De bronnen worden verheven tijdens de dienst aan God.

Nadere toelichting op bovenstaande Joodse commentaren

We willen op twee zaken wat dieper ingaan: de Diaspora en het verlaten land Palestina.

De Diaspora moet niet alleen als straf gezien worden. De Diaspora van de Joden heeft er ook toegeleid dat niet-Joden op de hoogte werden gebracht van het bestaan van Eén God. In zowel het christendom als de islam vinden we elementen terug van de Noachidische geboden die voor de niet-Joden gelden. Met de Galoet heeft God vonken van heiligheid de wereld in gebracht. Joden hebben laten zien dat het kwade (de vervolgingen) overwonnen kan worden.

Ondanks de Joodse ballingschap heeft geen enkel ander volk in Palestina een nieuw land opgericht. De bezetters van Palestina verwaarloosden het land. Pas met de terugkeer van de Joden naar Israël in de moderne tijd is Palestina opnieuw tot bloei gekomen. Zelfs als de Arabieren erin zouden slagen om opnieuw de Joden te verjagen zal Palestina wederom in armoede vervallen. Alleen het Joodse volk kan het Land Israël op waardige wijze besturen.

Samenvatting - vragen

Om voor uzelf te controleren of u de tekst goed begrepen heeft volgt hier een aantal vragen. De antwoorden vindt u terug in bovenstaande tekst.
  1. Waaruit komen alle zonden voort?
  2. Waarom is het belangrijk dat God straft?
  3. Waarom zullen de vijanden van Israël nooit genoegdoening vinden in het Land Israël?
  4. Waarom noemt de Talmoed de Diaspora een gebaar van vriendelijkheid van God?
  5. Wat is er dankzij de Diaspora nog meer gebeurd?

Lees verder

© 2013 - 2017 Etsel, het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Toerisme Israël: MuseaIn dit artikel aandacht voor een aantal belangrijke musea in Israël: The Jewish Diaspora Museum (Diaspora Museum), The B…
De geschiedenis van het ZionismeDe geschiedenis van het ZionismeZionisme is de Joodse nationale bevrijdingsbeweging. 'Zionisme' is ontleend aan de naam 'Zion' (een heuvel in Jeruzalem)…
HaTikva (de hoop) - Het Israëlisch volksliedHaTikva (de hoop) - Het Israëlisch volksliedDe titel van het nationaal volkslied van Israël, HATIKVA, betekent 'De hoop'. Het werd geschreven door Naftali Herz Imbe…
Bronnen en referenties
  • Inleidingsfoto: Tdjgordon / Pixabay
  • Chassidische meesters
  • Rabbi Israel Baal Shem Tov
  • Talmoed, Sanhedrin 63b
  • Talmoed, Megillah 28a
  • Rashi
  • Talmoed Pesachim 87b; Midrash Lekach Tov

Reageer op het artikel "Torastudie 190: Joodse ballingschap – Leviticus 26:28-33"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Infoteur: Etsel
Laatste update: 11-12-2016
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Religie
Special: Torastudie
Bronnen en referenties: 7
Schrijf mee!