InfoNu.nl > Mens en Samenleving > Politiek > De illiberal democracy: een Argentijns perspectief

De illiberal democracy: een Argentijns perspectief

De illiberal democracy: een Argentijns perspectief Onder wetenschappers bestaat er vaak de neiging een begrip te bedenken voor een fenomeen dat tot op heden nog geen naam heeft. Dit opzich is natuurlijk niet opmerkelijk. Het kan handig zijn, en bovendien blijft jouw naam altijd onlosmakelijk verbonden met dit begrip. Fareed Zakaria bedacht zo de illiberal democracy. In dit artikel zal ik de relevantie van dit begrip bespreken met betrekking tot het Argentijnse peronisme.

Inleiding

In dit artikel zal ik een stukje van de politieke geschiedenis van Argentinië bespreken, waarbij de voormalig president Juan Perón centraal zal staat. Dat deze man zo zijn stempel heeft gedrukt op de ontwikkeling van dit land is duidelijk, maar hoe hij dat heeft gedaan is een uitermate interessante vraag. Heeft hij dit gedaan als een brute despoot, of als een volwaardig democraat? Als dat eerste het geval was, hadden we dat waarschijnlijk al wel geweten. Als dat tweede het geval was, dan zouden we wellicht maar weinig over hem gehoord hebben. Het antwoord moet dus wel ergens in het midden liggen, en dat is dan ook het onderwerp van dit paper. Hoe zou Juan Perón de geschiedenis in moeten gaan, en welke benaming doet hem het meeste recht?

Om de huidige politieke situatie in Argentinië te begrijpen is het absoluut noodzakelijk kennis te hebben van het Peronistische verleden van het land. De belangrijkste reden daarvoor is dat het land ook een Peronistisch heden heeft. De huidige president van het land, Cristina Fernandez de Kirchner, is namelijk een peronist. Met haar verkiezing van november 2007, waarmee zij haar man Nestor Kirchner opvolgde, is de Peronistisch werkelijkheid weer voor minstens vier jaar verlengd. Deze Peronistisch werkelijkheid is uitsluitend een Argentijnse werkelijkheid gebleven. Zoals het gaullisme zich nooit echt buiten Frankrijk heeft kunnen bestaan, zo heeft het peronisme nooit echt buiten Argentinië kunnen bestaan. Het enige vleugje peronisme buiten Argentinië kunnen we vinden in Venezuela, waar Hugo Chavez zich tegen een journalist zo af en toe tot peronist verklaart.

De mate van democratie in Nederland onderzoeken zou geen probleem moeten zijn, want voor Nederland gebruik je Nederlandse maatstaven en kun je er vanuit gaan dat je met conclusies zult komen die voor andere Nederlanders begrijpelijk zijn. Iets gevaarlijker wordt het echter als je dit gaat proberen te bepalen voor een land aan de andere kant van de wereld. Een land met een andere ontstaansgeschiedenis, een andere relatie met buurlanden, een andere cultuur en een andere politieke traditie. Toch is er een auteur die een aantal leiders uit verschillende landen, maar met een vergelijkbare politieke signatuur heeft proberen te vangen in één enkel begrip: de illiberal leader.

In het eerste hoofdstuk zal ik de persoon Juan Perón kort inleiden. In het tweede hoofdstuk zal ik zal ik het thema illiberal democracy aansnijden: een term die in zekere mate verbonden is met de manier van regeren van Perón. Daarbij is de regering van Carlos Menem, in veel artikelen genoemd als het ideale voorbeeld van een illiberal leader, een interessant subonderwerp. In welke mate heeft zijn stijl van regeren iets te maken met de stijl van Perón, de oprichter van de partij namens wie Menem in 1989 de Argentijnse verkiezingen won? Tot slot zal ik in het laatste hoofdstuk de conclusie formuleren, waarin de vraag centraal zal staan of de peronistische leiders Juan Perón en Carlos Menem binnen de categorie van illiberal leaders passen.

Hoofdstuk 1
Het spel begint

Das spiel beginnt. Dat is de titel van het eerste hoofdstuk van het boek “The Peron Era” dat ik jaren geleden in Duitse vertaling vond bij een antiquariaat, en dat een rilling over mijn rug deed lopen. Want zo was het, in 1945 begon in Argentinië een vreemd en spannend spel dat zo in een roman zou passen. Maar het was heel echt en veranderde de levens van miljoenen mensen voorgoed. De invloed van die periode is ook nu nog te merken in Argentinië.

Juan Perón, die sinds eens aantal maanden vanwege een gedwongen ontslag zijn militaire titel was kwijtgeraakt, werd in 1946 gekozen tot president van de Republiek Argentinië. Op het moment dat hij deelnam aan de verkiezingen was hij voor de stemgerechtigden een uitstekend voormalig Minister van Arbeid en Sociale Zaken, en de eerste die de gewone man had willen helpen. Dit was hem door zijn collegae uit de militaire regering niet in dank afgenomen en dientengevolge hadden zij hem vrij hardhandig verwijderd uit hun ministerraad en gevangen gezet. Na een massale staking die het gehele land platlegde op 17 oktober 1945, werd hij uit zijn cel bevrijd en werd hem de toezegging gedaan dat hij mocht deelnemen aan de presidentsverkiezingen. Deze verkiezingen won hij met een meerderheid van 52,4%.

In dit artikel zal ik geen poging doen om een gedetailleerde beschrijving te geven van de politieke ideologie van het peronisme. Dit is een dermate gecompliceerde zaak, dat een goede uitleg een veelvoud van het aantal pagina’s in dit paper zou beslaan. Bij het zoeken naar een heldere uitleg van wat peronisme nu precies is kun je een heel scala aan antwoorden aantreffen. Je vindt fanatieke aanhangers en fanatieke tegenstanders onder de vele auteurs die over dit onderwerp hebben gepubliceerd. In goedgedocumenteerde stukken in gerespecteerde kranten worden termen gebruikt die je aan het denken zetten. Zo noemde de New York Times het peronisme een ‘share-the-wealth demagoguery’, maar een goede inhoudelijke uitleg bleef achterwege. Om die reden is verderop in hoofdstuk 3 te lezen wat de factoren waren die uiteindelijk leidden tot de opkomst van het peronisme en de acceptatie ervan bij de bevolking. Ook is daar meer te lezen over de manier waarop hij zijn macht gebruikte om het land te leiden.

Hoofdstuk 2
Illiberal democracies

Zoals uit het eerste hoofdstuk kan worden opgemaakt, is Perón een democratisch gekozen leider. De verkiezingen die hij won voldeden aan de voorwaarden die we ook vandaag de dag in Nederland stellen aan verkiezingen. Maar in zijn regeringsperiode ging hij ook over tot acties die niet volledig te rechtvaardigen zijn binnen een liberale democratie. De bevolking genoot wel een vrij grote mate van vrijheid, maar deze is niet helemaal vergelijkbaar met die van Europese landen in dezelfde periode. Je zou dus kunnen zeggen dat Argentinië tussen 1946 en 1955 wel een democratie was, maar geen liberale democratie.

Een auteur die veel geschreven heeft over dit thema is Fareed Zakaria. Hij heeft ook een naam verbonden aan dit type democratie: de illiberal democracy. Dit fenomeen beschrijft hij in zijn veelbesproken artikel The Rise of Illiberal Democracy.
In dit artikel schrijft hij dat sommige democratisch gekozen regimes, die soms zelfs zijn herkozen en referenda hebben gewonnen, diverse constitutionele grenzen die zijn gesteld aan macht negeren, en hun bevolking verschillende rechten en vrijheden onthouden. Zij zijn dus democratisch in de zin dat ze op een eerlijke wijze hun macht hebben verkregen, maar de hieraan verbonden plichten van het bieden van democratische en liberale vrijheden komen zij in mindere mate na. Zakaria noemt dit niet-liberale democratieën.

Voor veel westerse landen die al vele decennia een liberale democratie kennen, is dit vaak moeilijk te begrijpen. De liberale democratie betekent zoiets als een politiek systeem dat niet alleen gekenmerkt wordt door vrije en eerlijke verkiezingen, maar ook door wetten en regels die worden nageleefd, een scheiding van de macht, en de bescherming van zekere basisvrijheden als vrijheid van meningsuiting, samenkomst, religie, en bezit.

De organisatie Freedom House heeft een soort checklist opgesteld van zaken die horen bij een democratie. De belangrijksten hiervan zijn:
  • Vrijheid van meningsuiting en religie
  • Een onafhankelijk pers
  • Recht op samenkomst en organisatie
  • Een onpartijdige rechtsspraak
  • De bescherming van de mensenrechten
  • Persoonlijke autonomie en economische rechten (zoals keuze van woonplaats en werk, rechten op bezit van grond, gelijke mogelijkheden in het onderwijs en bescherming tegen exploitatie).

Als we kijken naar de geschiedenis, dan betekent democratie voor de gewone burger dat de mensen in een land zeggenschap hebben over hoe hun land geregeerd wordt. Dit doen we door bij verkiezingen of referenda politici te belonen door hun onze stem te geven, of ze af te straffen door dit niet te doen. Als een land verkiezingen houdt waarbij op meerdere partijen gestemd kan worden, noemen we het democratisch. Als er iets wordt gedaan om de participatie te verhogen, zoals bijvoorbeeld het motiveren van mensen om actief deel te nemen aan de politiek, of door de uitbreiding van het kiesrecht, dan noemen we het nog democratischer. De hierop volgenden verkiezingen moeten dan eerlijk verlopen en iedereen moet z’n zegje kunnen doen. Maar als we verder gaan dan deze beperkte definitie, en een land enkel democratisch noemen wanneer het voldoet aan een breed scala aan sociale, politieke en economische rechten, dan maken we van de term democratie een soort medaille van verdienste in plaats van een descriptieve categorie, aldus Zakaria.

Een lijst met af te vinken voorwaarden als toetsing van het democratische gehalte van een land bestaat dus niet, en we zullen het moeten doen met ons eigen oordeel. Dit doet ook Zakaria als hij landen beschrijft die volgens hem tussen dictatuur en democratie in vallen. Opvallend in zijn artikel is dat hij Argentinië meermaals als voorbeeld van een niet-liberale democratie noemt. De reden hiervoor is dat op het moment van publicatie Carlos Menem als staatshoofd fungeerde. Deze ultraliberale peronist nam het niet al te nauw met de democratische wetten van het land. Dit ging van onschuldige en zelfs lachwekkende beslissingen als de invoering van een wet om te voorkomen dat zijn favoriete voetbalclub kon degraderen uit de hoogste divisie, tot zeer serieuze besluiten als het verlenen van amnestie aan veroordeelde militairen, waaronder Videla, die zich ten tijde van de Vuile Oorlog hadden schuldig gemaakt aan massamoord. Dit laatste deed hij als een gebaar van vrede richting het leger. Het is min of meer te vergelijken met een invitatie van Adenauer aan Rudolf Hess om weer een comfortabele villa in Duitsland te betrekken. De tegenstand die dit opriep is dus voor te stellen.

Maar naast dergelijke absurde zaken, ging er ook veel goed. Hij trad aan in 1989, midden in een periode van recessie en hyperinflatie, en ging de geschiedenis in als de man die dit wist te beteugelen. Dat was ook precies de reden van zijn herverkiezing in 1994. Tegen het einde van zijn presidentschap werd pas duidelijk op welke manier hij de economie weer op de rails had gekregen: hij verkocht staatsbedrijven voor een grijpstuiver, nam leningen van het IMF aan die nooit terugbetaald konden worden, en koppelde de Argentijnse peso aan de Amerikaanse dollar. Toen duidelijk werd dat de Argentijnse producten niet konden concurreren met de rest van de wereldmarkt was het met de koppeling ook gedaan. De ontkoppeling van de peso en de dollar zorgde in 2001 voor een economische crisis die zijn weerga niet kende. In ruil voor al deze werkzaamheden bedeelde Menem zichzelf en zijn familieleden ook nog eens astronomische salarissen toe, en nam hier en daar wat steekpenningen aan.

Er kan dus geconcludeerd worden dat Carlos Menem perfect past in het plaatje van een niet-liberale leider zoals deze wordt omschreven door Zakaria: democratisch gekozen en herkozen, maar corrupt en met weinig respect voor bestaande wetten.
Frappant is dat Menem zelf over Perón spreekt als ware het een godheid. Het is niet onaannemelijk dat de peronisten die met hem zijn eerste kabinet vormden ervan overtuigd waren dat ze de goede oude tijd konden doen herleven, en helemaal niet van plan waren om deel te nemen aan een corrupte regering. Van Menem zelf kan ook niet gezegd worden dat hij een ware tiran was. Zijn regering past juist wel in het geheel van Latijns Amerika, waar dergelijke varianten op de liberale democratie helemaal niet ongewoon zijn. De ontwikkeling naar democratie heeft in de afgelopen drie decennia juist een grote vaart genomen, en de regeringen zoals die van Menem zijn waarschijnlijk een soort tussenfase geweest. Argentinië heeft op moment van schrijven namelijk wel een democratie die vrijwel geheel liberaal genoemd kan worden.

In 1972 waren slecht zes van de achttien landen in Latijns Amerika democratisch, terwijl dat er in 2004 inmiddels al zestien zijn. Van die zestien democratieën zijn er zes liberaal democratisch en maarliefst twaalf niet liberaal. Het is dus aannemelijker dat de koers van Carlos Menem meer te maken heeft met de algemene tendens op het Latijns Amerikaanse continent dan met de erfenis van de naamgever van zijn partij.

Hoofdstuk 3
Perón en de illiberal democracy

Om weer terug te keren naar Perón: de periode waarin hij president was valt buiten het bereik van de weergegeven tabel. Een overzicht van presidenten die in Latijns Amerika president waren in de periode tussen 1946 en 1955 geeft echter een wel heel droevig beeld: met namen als Stroessner (Paraguay), Urriolagoitia (Bolvia) en Delgado Chalbaud (Venezuela) was het democratische gehalte niet erg hoog. Veel van de op dat moment regerende presidenten zijn ook door middel van een staatsgreep aan de macht gekomen of hebben hun voorganger opgevolgd zonder dat ze een verkiezing hebben gewonnen.
In dat opzicht is het al opmerkelijk dat dit bij Perón wel het geval was. Uit de manier waarop hij zijn deelname aan de verkiezingen heeft weten te verkrijgen, (het volk dwong dit door een massademonstratie af), zou zelfs kunnen worden opgemaakt dat zijn verkiezing een turning point in de geschiedenis van het land was, juist omdat het volk de democratie waar het naar hunkerde opeiste. Perón’s charisma speelde hierbij een niet onbelangrijke rol.

Zoals Carlos Menem prima in het plaatje van een illiberal leader viel, zo vind je in artikelen over dit onderwerp de naam Perón niet terug. Dit komt waarschijnlijk doordat hij nóg beter past binnen een andere stroming die in de jaren ’50 van de 20ste eeuw in opkomst was in Latijns Amerika: het populisme. Die opkomst van het populisme heeft een aantal verklaringen. Waar in Europa de politiek bepaald werd door partijen die een gevestigde klasse vertegenwoordigden als katholieken, protestanten of liberalen, zo hebben prominente persoonlijkheden in Latijns Amerika altijd een hoofdrol voor zich opgeëist. Het toenemende ideologische eclecticisme dat hieruit voortkwam creëert dan weer een vruchtbare grond voor populisme. In dezelfde periode nam ook de macht van de oligarchie af. Door de hierop volgende afwisseling van autoritaire en (semi)democratische regeringen die telkens elkaars raamwerken probeerden af te breken ontstond een situatie die voor de algemene (economische) ontwikkeling van het land niet erg positief was.

In Argentinië kwam daar nog een andere factor bij. Het land was rijk geworden doordat het in de Eerste Wereldoorlog grote hoeveelheden graan en vlees had geëxporteerd naar Europa. In die periode was er dan ook bijzonder veel werk op het platteland. Toen echter in 1929 de wereldcrisis uitbrak, voerde diverse landen importstoppen in en daalden de inkomsten van de Argentijnse agrarische sector bijna tot het nulpunt. Daarmee vielen ook de inkomsten van de regering weg om fabrieksproducten uit het buitenland te importeren. De producten die dus altijd van elders kwamen moesten nu zelf geproduceerd worden. Zo gebeurde het dat Argentinië pas aan het begin van de jaren ’30 van de 20ste eeuw begon met de industrialisatie. Grote groepen arbeiders trokken nu van het platteland, waar ze werkloos geworden waren, naar de grote stad om in de fabrieken te gaan werken.

Tegen het begin van de Tweede Wereldoorlog werden ze daar geconfronteerd met bazen die weinig onderdeden voor slavendrijvers. De fabrieken die veelal in handen waren van Engelsen en Fransen moesten de productie opvoeren om te kunnen voldoen aan de vraag van een vaderland in oorlog. Deze situatie had een weinig positieve invloed op de arbeidsomstandigheden in de fabrieken, wat weer leidde tot ontevredenheid onder de bevolking. De regering, die militair was, bekommerde zich hier nauwelijks om en had een situatie voor ogen als net na de Eerste Wereldoorlog: grote inkomsten en Europese mogendheden die bij hen in het krijt stonden.

Dergelijke ontevredenheid over de eigen situatie en de houding van de regering leidde in Europa tot de opkomst van het communisme. Dit communisme was in Argentinië zeker niet afwezig, maar was veel te verdeeld om echt een blok te vormen.
In Argentinië waren de factoren die leidden tot het ontstaan van het peronisme compleet:
  • Een industrialisering met de nadruk op consumptiegoederen en minder op het initiatief van een lokale bourgeoisie als op dat van de agrarische en financiële oligarchie en het buitenlandse kapitaal;
  • Een militaire fractie die een nationalistisch industrialiseringsconcept opstelde;
  • Een ongeorganiseerde arbeidersklasse die vanaf de start door haar ‘avantgarde’ in de steek gelaten was en die de strijd aangebonden had tegen de dagelijkse uitbuiting.

Toen Perón de verkiezingen gewonnen had, hadden vrijwel al zijn maatregelen een directe link met de arbeidersbeweging. Het versterken van de CGT (Confederación General del Trabajo, de centrale vakbond) was hierbij de belangrijkste strategische zet. Deze vakbond, die eigenlijk meer functioneerde als een soort Ministerie van Arbeid, moest hem helpen bij het uitvoeren van zijn Vijfjarenplan. Door middel van dit plan zou Argentinië de industrialisatie echt door moeten zetten.
Het leek alsof alles alleen nog maar in het teken stond van de arbeiders. Deze transitie kon natuurlijk niet plaatsvinden zonder protest van de mensen die daardoor de macht die zij al jaren hadden zomaar zagen verdwijnen. De ontstane situatie lijkt een ideaal beginpunt voor een illiberal democracy: de machtelozen komen aan de macht en krijgen de kans het land naar eigen inzicht te modeleren. Aan het hoofd van deze hervormingsbeweging stond een tactisch en strategisch zeer goed onderlegde generaal, die naast veel charisma ook nog eens beschikte over de gave om vriend en vijand te doen geloven dat hij het allemaal goed met ze voor heeft, terwijl hij eigenlijk altijd alleen maar aast op de voor hem beste uitkomst.

Het voorgoed buitenspel zetten van de agrarische oligarchie en de buitenlandse eigenaren van fabrieken gaat niet zonder slag of stoot. De grootste krant van het land bijvoorbeeld, La Prensa, blijft z’n gal spuwen en roept arbeiders zelfs op tot staken. Ook publiceert het beschuldigingen dat Perón zichzelf verrijkt, om zo de arbeiders op te zetten tegen hun president. Het zijn dan ook de beschuldigingen dat er in Argentinië geen persvrijheid was, die het beeld van Perón in de wereld het meest bepalen. Een tijd lang heeft de regering met trots gewezen naar de tolerantie ten opzicht van opstandige redacteuren van kranten, maar toch werden ze weldegelijk tegengewerkt. Dit gebeurde niet door het verbieden van publicaties, maar eerder door maatregelen die meer op pesterijen leken, zoals het verhogen van belastingen op papier en het opleggen van boetes voor bijvoorbeeld het ontbreken van eerstehulpkisten op de werkvloer. Daarnaast moesten de negatieve berichten gecompenseerd worden door positieve berichten die werden gepubliceerd in bijvoorbeeld de door Perón’s vrouw Eva geleidde krant La Democracia.

Het is opmerkelijk om te zien hoe Perón zijn aanpak van de antiperonistische kranten met trots verklaarde aan de buitenlandse pers. De reden hiervoor zal geweest zijn dat hij dacht dat hij het allemaal erg goed aanpakte. Dit is niet vreemd, aangezien zijn voorgangers waarschijnlijk niet geaarzeld zouden hebben een dergelijke krant die het werk van de staat ondermijnde, direct te verbieden. Naast het inperken van de persvrijheid waren er nog meer redenen om zijn regering af te doen als niet-democratisch. Zo uit Goñi in zijn boek over Perón beschuldigingen van betrekkingen met criminelen uit de Tweede Wereldoorlog. Het boek heeft echter een zeer speculatief karakter en onomstotelijk bewijs wordt er niet geleverd.

Een andere bekende tegenstander van Perón is de wereldberoemde schrijver Jorge Luis Borges. Vanwege hun onenigheid werd hij door Perón gedegradeerd van zijn post als hoofdbibliothecaris naar inspecteur van kippen. Dit was een van de zaken die bijdroegen aan Borges’ latere steun voor de regering van Videla, die Perón’s derde vrouw Isabel had weten af te zetten door middel van een staatsgreep. In een toespraak in Chili zei verklaarde hij zichzelf zelf een tegenstander van democratie. Hij noemde democratie op zichzelf een “misbruik van statistieken”. “Als een meerderheid van de mensen niet in staat is een goed begrip te krijgen van literatuur, waarom dan wel van de politiek?”, aldus Borges.

Een van de redenen dat de bevolking van een land een illiberal leader accepteert, is dat hij zorgt voor welvaart. Als hier tijden een gebrek aan is geweest en er plots iemand ten tonele verschijnt die kan zorgen voor verandering, is men al snel geneigd de niet-democratische aspecten ervan voor lief te nemen. Anderzijds is het wel zo dat mogelijke tegenstanders deze aspecten direct zullen afstraffen door ze tot speerpunten van hun tegencampagne te maken. De welvaart die Perón bracht kwam grotendeels voort uit de gigantische inkomsten die Argentinië had overgehouden aan de export van consumptiegoederen naar Europa in de Tweede Wereldoorlog. Dergelijke inkomsten waren ook binnengestroomd tijdens en na de Eerste Wereldoorlog. De toenmalige regeringen hadden echter andere plannen met dit geld, en het kwam nauwelijks ten goede aan de burgers.

Perón liet het wel ten goede komen aan de burger door de bouw van diverse ziekenhuizen en scholen, verhogingen van de salarissen, verhoging van het aantal vakantiedagen en vele andere maatregelen die door de bevolking werden ervaren als een grote luxe. Perón’s probleem was echter dat deze inkomsten eenmalig waren. Een echt stabiele industrie is er nooit opgebouwd, zodat veel van zijn plannen in het water vielen toen de staatskas leeg raakte. Met de economische achteruitgang kwam er ook meer kritiek. Pas toen zijn ook de ‘neutrale’ Argentijnse analitici, mensen die niet voortkwamen uit een klasse die hen direct aan het voor- of tegenkamp bond, kwam de echte gegronde kritiek op gang. Dit betreft dan dus voornamelijk de economische aspecten. Zoals de geschiedenis heeft uitgewezen zijn de peronistische bewindslieden nooit echt handig geweest met economische vraagstukken.

Conclusie

Het bestuderen van het artikel van Fareed Zakaria en de aanvullende literatuur die min of meer hetzelfde onderwerp behandeld, is zeer interessant geweest. Inmiddels voel ik me dan ook wel voldoende gekwalificeerd om het artikel van Zakaria een waardeoordeel te geven. Persoonlijk denk ik dat wij Nederlanders zijn als Fareed Zakaria. Wij vinden graag termen uit voor verschijnselen die we tegenkomen, ook al vertonen deze verschijnselen erg veel overeenkomsten met al bestaande en reeds benoemde zaken. Dit blijkt erg goed samen te gaan met, als het gaat om politiek, onze voorkeur voor het denken in hokjes. Je kan namelijk ook een term bedenken die een aantal verschillende hokjes dekt, om vervolgens de schijn te wekken dat je een heel nieuw hokje hebt uitgevonden. Dit lijkt ook een beetje te gebeuren met het artikel van Fareed Zakaria. Het is prikkelend en zet mensen aan het denken. Het lezen van diverse recensies levert ook de conclusie op dat, een aantal uitzonderdingen daar gelaten, het artikel vrij positief ontvangen is. Maar hij heeft niets nieuws uitgevonden.

Zakaria valt ook niet iets te verwijten, aangezien hij aan het begin van zijn artikel al aangeeft dat het door hem bedachte begrip illiberal democracy heel erg ruim is en een breed scala aan politici dekt, van gematigde voorbeelden als Argentinië tot bijna-tirannieën als Kazachstan en Wit-Rusland, en met landen als Roemenië en Bangladesh daar tussenin. Zakaria geeft zelf aan dat de helft van de democratiserende landen illiberale democratieën zijn. Dan moet het wel een ruim begrip zijn.

Zoals ik in het derde hoofdstuk van dit artikel al besproken heb, ligt de politiek van Carlos Menem, volgens Zakaria een van de voorbeelden van een niet-liberaal democratische leider, helemaal in de lijn van de ontwikkelingen van een groot deel van Latijns-Amerika in die tijd. Het is zeker mogelijk om vervolgens een lijn te trekken met de overkoepelende term illiberal democracy. Maar zou het niet veel nuttiger zijn een meer regiogebonden analyse te maken? Een spelletje zoek-de-verschillen tussen de president van Argentinië en die van Kazachstan zou voor de gemiddelde brugklasser goed te doen moeten zijn. Om deze reden ontbreekt naar mijn inzien het nut van het plakken van een dergelijke term op een bepaald soort politieke leider.
Op een zelfde manier ligt de politiek van Perón, zoals ook aangetoond in het derde hoofdstuk, weer volledig in de lijn van de ontwikkeling van het Latijns-Amerikaanse populisme. Om deze reden is Perón helemaal een geval apart. De term populisme is al heel oud, veel ouder dan de term illiberal democracy. Dit is een veel toegespitster begrip en dekt reeds veel van de eigenschappen van Perón’s regeringen. Hem onderbrengen in een nieuwe subgroep van niet-liberaal democratische leiders is dan ook zeker wel mogelijk, maar het voegt niet echt iets toe.

Over het algemeen vind ik dat Zakaria knap werk heeft verricht met beschrijven van de term illiberal democracy. Hij heeft hiermee historici en politicologen een nieuw referentiekader gegeven. In die zin wil ik de positieve recensies van zijn artikel dus zeker niet afzwakken. Ik wil echter wel wijzen op het feit dat er een gevaar schuilt in het noemen van voorbeelden. Zeker in het veld van de politicologie is het zo dat eigenlijk vrijwel alles al een keer beschreven is. Als je dan vervolgens een overkoepelende term gaat bedenken, kun je altijd het verwijt verwachten dat er voor het aangehaalde voorbeeld reeds een term bestaat die de lading nog beter dekt. Op de gevallen van Perón en Menem is dit verwijt zeker van toepassing.
© 2008 - 2019 Dessal, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Eva "Evita" Perón, een legendeEvita was tegelijkertijd een door velen zeer geliefd persoon en een door anderen zeer gehaat persoon. Bij haar dood vloe…
Eva Peron was de machtigste vrouw van ArgentiniëEva Peron was de machtigste vrouw van ArgentiniëEva Perón was gedurende enige jaren de machtigste vrouw van Argentinië. Zij werd geboren als een arm meisje en ze is noo…
Argentinië, Zuid-AmerikaArgentinië, een groot ver land gelegen in Zuid-Amerika. Een land met een prachtige natuur, mooie bezienswaardigheden, en…
Wie is de huidige president van ArgentiniëWie is de huidige president van ArgentiniëDe eerste presidente ter wereld was een Argentijnse. Isabel Perón volgde in 1974 in Argentinië haar overleden echtgenoot…
Bronnen en referenties

Reageer op het artikel "De illiberal democracy: een Argentijns perspectief"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Infoteur: Dessal
Laatste update: 14-09-2011
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Politiek
Bronnen en referenties: 1
Schrijf mee!