InfoNu.nl > Mens en Samenleving > Filosofie > Joodse filosofie – Heschel: Filosofie van het Jodendom

Joodse filosofie – Heschel: Filosofie van het Jodendom

Joodse filosofie – Heschel: Filosofie van het Jodendom Aan de hand van het boek 'God zoekt de mens' bespreken we het eerste hoofdstuk uit dat boek 'Het zelfbewustzijn van het Jodendom'. Hierin bespreekt Abraham Joshua Heschel de verhouding tussen wijsbegeerte en godsdienst. Waarbij we onder godsdienstfilosofie moeten verstaan het terugvinden van de vragen waar de godsdienst een antwoord op is. Het betreft de uiterste vragen van de mens. In het denkproces is een antwoord zonder vraag zinloos.

Wijsbegeerte en theologie

Heschel definieert wijsbegeerte als de kunst om de juiste vragen te stellen [Etsel: op Talmoed hogescholen zijn de beste studenten degenen die de beste vragen kunnen stellen].

Wat zijn de verschillen tussen wijsbegeerte en theologie?

WijsbegeerteTheologie
Begint met problemenBegint met dogma's
Men blijft 'eeuwig' doorvragen.Het antwoord zweeft boven alle vragen.
Het gaat over universele vragen.Universele vragen zijn persoonlijke problemen.
Het probleem wordt benadrukt.De persoon wordt benadrukt.

Zijn alle uiterste vragen te beantwoorden of zijn ze zinloos? Deze verlegenheid is het uitgangspunt van Heschels denken.

Situationeel denken

Er bestaat conceptueel en situationeel denken.
  • Conceptueel denken is een wijze van redeneren (onze kennis van de wereld vergroten).
  • Situationeel denken sluit een innerlijke ervaring in (kwesties begrijpen door ons bestaan op het spel te zetten – bevooroordeeld).

Scheppend denken wordt bevorderd door persoonlijke problemen – situationeel denken wordt veroorzaakt door verwondering, ontzag, betrokkenheid. Bij godsdienstfilosofie gaat het erom hoe wij komen tot een verstaan van God.

Grondig zelfbewustzijn

Er bestaan twee vormen van wijsbegeerte:
  1. Het analyseren van de inhoud van het denken;
  2. het analyseren van de verrichting van het denken.

Het intellectuele zelf is bezig op twee niveaus:
  1. Niveau van het inzicht;
  2. inzicht wordt omgezet in concepten en symbolen.

Het bestuderen van godsdienst kent twee taken:
  1. Doorgronden van de betekenis van geloven (probleem van het geloof);
  2. het uitleggen van de inhoud van het geloven (probleem van de leer).

De Middeleeuwse Joodse wijsbegeerte hield zich bezig met het probleem van de leer:
  • Inhoud van ons geloof in God;
  • aard van het geloof (waarom geloven we).

Meer aandacht voor wat we over God weten, dan hoe we over Hem weten. Het gaat om wijsbegeerte te ontwikkelen van hetgeen deel uitmaakt van de vrome mens. Het eerst moeten we de oorsprong van godsdienstige verschijnselen bespreken – waarom de mens ervaart en aanvaardt.

Diepte-theologie

Inzicht in de diepte van godsdienstig geloof is wat de mens niet kan uitdrukken in taal. Godsdienst moet in een vrome omgeving bestudeerd worden. De ziel moet openstaan voor het Goddelijke. We moeten in het bewustzijn van de vrome mens doordringen.

De zelfkennis van de godsdienst

De zelfkennis van de godsdienst naar zijn eigen geest is godsdienstfilosofie. Dit betreft zelfverheldering (daar waar we voor staan) en zelfonderzoek (onze positie onderzoeken).

Kritische herwaardering

Hoe moet godsdienstfilosofie bestudeerd worden?
  • Godsdienst verstaan naar haar eigen geest;
  • kritische herwaardering van de godsdienst uit filosofisch oogpunt.

Het gaat zowel om bruikbaarheid als het uiteenzetten van de geldigheid. Kritiek van de rede en twijfel bij ongelovigen dragen bij aan de gaafheid van het geloof, meer dan kritiekloos vertrouwen op eigen geloof.

Intellectuele eerlijkheid

Psalm 51:8 meldt: ”Gij wilt waarheid in het verborgene.” De waarheid is één van de hoogste doelen van godsdienstfilosofie. Het zegel van God is waarheid die onze enige maatstaf is. Job 13:16 meldt: ”Een huichelaar zal voor Zijn aangezicht niet komen.”

Wijsbegeerte als godsdienst

De godsdienstfilosofie is meer een verhelderende methode, onderzoek en bevestiging van een bron van uiterste inzichten. Wijsbegeerte is geen vervanger van godsdienst. De verschillen tussen beide moet worden aangetoond.

Wijsbegeerte als uitzicht

Er bestaan meerdere wijsbegeerten die allen een verschillende kijk op godsdienst hebben. Wijsbegeerte is dus beperkt maar is wel een hulpmiddel om de wereld en haar onderdelen te overzien. Bij godsdienstfilosofie gaat het om de godsdienstige visie op het geheel van de kennis van mensen.

Elliptisch denken

Godsdienstfilosofie draait elliptisch om filosofie en godsdienst. De spanning tussen beide is een verrijking.

De godsdienst van de wijsbegeerte

Er is getracht wetenschap met godsdienst te verzoenen. Maar dit leidt juist tot ontbinding en het wegkwijnen van godsdienst. In plaats van een filosofie van de godsdienst, kwam er een godsdienst van de filosofie.

Een wijze van denken

Wijsbegeerte brengt een bepaalde wijze van denken met zich mee. De westerse wijsbegeerte is afgeleid van het Griekse denken. De Bijbel vertegenwoordigt ook een wijze van denken. De mens kan namelijk nooit de gehele werkelijkheid tegelijk begrijpen. Het Jodendom neemt wel bepaalde elementen van niet-Joodse culturen op ter verrijking maar die mogen het Jodendom nooit vervangen. Geestelijk gesproken is er een grote kloof tussen het Joods profetisch denken en de Griekse metafysica. Maar voor hetzelfde geldt had God Jeruzalem in het oosten geplaatst en zou het Joods profetisch denken onder invloed zijn geweest van oosterse denkers. Er is dus niets definitief.

Metafysica en metahistorie

De Bijbel en de wetenschap gaan niet van hetzelfde probleem uit. Bijvoorbeeld over de oorsprong van de aarde zegt de Bijbel niets. Bij de wetenschap is dat wel het geval.

Verschillende benaderingen wetenschap en Bijbel

wetenschapBijbel
Kijkt naar oorzakelijkheid (proces van oorzaak en gevolg).Kijkt naar de verhouding tussen de Schepper en de Schepping dat een gebeurtenis is die de oorzakelijkheid overstijgt omdat het ontstaat door de vrije wil van God.
Het gaat uit van de natuur.Vertelt Gods standpunt: het zijn als schepping. Tijd is belangrijker dan ruimte.
Feiten en processen in de natuur onderzoeken.Natuur begrijpen m.b.t. de wil van God.
Beantwoording van vragen van mensen en voldoen aan de behoefte aan kennis.Beantwoording van een vraag die niet door de mens gesteld wordt en het voldoen aan Gods behoefte aan de mens.
Dingen ontdekken.Mens onderrichten over de Schepper van dingen en het kennen van Zijn wil.
Analyseren en verklaren.Reinigen en heiligen.
Universele vooronderstellingen.Persoonlijk inzicht.
Aanvang met concepten.Aanvang met gebeurtenissen.

Een uitdaging voor de wijsbegeerte

Godsdienst kan niet door filosofie verklaard worden of in wetenschappelijke termen worden uitgedrukt. Godsdienst moet een uitdaging zijn voor de filosofie die veel van de Bijbel kan leren. Zo kan de filosofie leren dat niet het goede het meest verheven idee is maar het heilige. Er bestaat geen tweedeling tussen heilig en goed. Het heilige is het wezen, het goede is zijn uitdrukking.

De godsdienst gaat boven de filosofie uit, majesteit en mysterie gaan boven de geest uit. Godsdienstfilosofie moet de geest naar het hoogste denkpeil voeren.

De aanbidding van het verstand

Er moet een onderscheid gemaakt worden tussen onwetendheid en gevoeligheid voor het mysterie, tussen het subredelijke en superredelijke. We hanteren de reden omdat we streven naar de geest. Zonder geest verdort de rede. Rede wordt vereenzelvigd met wetenschap, maar wetenschap kan niet de hele waarheid van het leven geven. Daarvoor is de geest nodig. De wetenschap beperkt zich tot het heelal. De geest gaat over de verhouding tussen de Schepping en haar Schepper. Het gaat dus bij de geest om een grotere waarheid dan het heelal. De wetenschap komt uit de Bron die we God noemen.

Het Jodendom waardeert de rede wel maar deze kan niet aanbeden worden. In Spreuken 3:5 staat: ”Vertrouw op de Eeuwige met uw ganse hart en steun op uw eigen inzicht niet.” Ook Jesaja 47:10 komt met dergelijke bewoordingen. Zaken als eerbied, liefde, gebed, en vertrouwen gaan de rede te boven. Godsdienst ligt buiten de grenzen van de rede: het gevoel voor het onuitsprekelijke. Godsdienst en rede zijn niet elkaars tegenpolen. Ze hebben beide een andere taak. Zonder de rede is het geloof blind en kunnen we geen concrete problemen van het leven oplossen.

Ideeën en gebeurtenissen – het Jodendom

Wat houdt het Jodendom in? Mozes Maimonides heeft dit samengevat in dertien geloofsartikelen:
  1. Het bestaan van God;
  2. Zijn eenheid;
  3. Zijn onlichamelijkheid;
  4. Zijn eeuwigheid;
  5. God alleen is het voorwerp van aanbidding;
  6. Openbaring door zijn profeten;
  7. Mozes als grootste profeet;
  8. De hele Pentateuch is op Goddelijke wijze an Mozes gegeven;
  9. De Tora is onveranderlijk;
  10. Gods kennis van de daden en gedachten van de mens;
  11. Beloning en straf;
  12. De komst van de Masjiach;
  13. Wederopstanding.

De werkelijkheid gebeurt in gebeurtenissen en niet alleen in ideeën. God leert men te verstaan door de levende daden van Zijn zorg, Zijn dynamische aandacht de mens aan te voelen. Gods goedheid is mededogen. God leeft met de lijdende mens mee, zelfs al is het een misdadiger.

De filosofie van het Jodendom

Als voorwerp en als onderwerp:
  • voorwerp: het Jodendom onderzoeken als thema;
  • onderwerp: als bron van ideeën die we proberen te bevatten.

Bij het Jodendom gaat het om gebeurtenissen waar we lessen uit kunnen trekken: de toewijding van een volk aan God. De Joodse filosofie tracht dit te begrijpen. Dit is het uitgangspunt van Heschels boek.



Nadere toelichting op het bovenstaande filosofische betoog van Heschel

Heschel begint met de opmerking over het stellen van de juiste vragen. Het gaat om de uiterste vragen. Zo geeft het Jodendom antwoord op de uiterste vraag wat de zin van het leven is c.q. wat we hier op aarde doen. Het Jodendom stelt dat we de aarde moeten omvormen tot een 'woning' voor God. Het materiële moet spiritueel verheven worden. Toen Adam en Eva voor de Zondeval leefden waren lichaam en ziel één. Na de Zondeval werden lichaam en ziel twee tegengestelde polen. Met behulp van de Tora (voor Joden) en de Noachidische geboden (voor niet-Joden) moeten we de schade weer herstellen. Overigens is dit geheel volgens Gods plan omdat Hij de Schepping onafgemaakt heeft geleverd aan de mens. De mens moet een partner van God worden om de Schepping te voltooien. Doel van het leven is dus een perfecte wereld te creëren. Het Jodendom heeft echter geen duidelijk antwoord op de vraag waarom God de Schepping heeft gemaakt. De Schepping is voor de mens, niet voor God zelf omdat Hij al volmaakt is en niets nodig heeft. De Schepping bestaat zodat de mens God kan dienen luidt een ander antwoord.

Heschel merkt op dat de Middeleeuwse Joodse filosofen zich bezighielden met de vraag wat we over God weten. In feite weten we over God zelfs niets. We zijn niet in staat God te definiëren. Toch kunnen we wel iets over God te weten te komen door te kijken naar de Schepping en door de Tora na te leven. Naleving van de Tora gebeurt om Gods wil te doen uit vrije wil, net zoals God zelf een vrije wil heeft. Wat weten we nog meer over God? Hij heeft zich in de Tora geopenbaard als Eén. Dit houdt in dat Hij alleen bestaat vanuit Zijn perspectief bezien (de Tora is overigens geschreven vanuit Gods standpunt – niet uit het standpunt van de mens).

Abraham Joshua Heschel roert verder het onderwerp van de verzoening tussen wetenschap en godsdienst aan. Hij merkt terecht op dat deze niet aan elkaar gelijk zijn. Wetenschap beperkt zich tot natuurlijke verschijnselen. Wetenschap kan daarom God ook niet verklaren c.q. definiëren. God staat boven de natuur en de wetenschap. De natuur en wetenschap zijn van God afhankelijk. Wel gelooft het Jodendom dat we op den duur een formule zullen ontdekken die zal verklaren dat alles voortkomt uit Eén Bron (God). Die formule verklaart God zelf uiteraard niet. God staat buiten onze definities. Bovendien zou een meetbare God een product van de hersenen van de mens zijn en is die ook niet almachtig. De wetenschap maakt in feite dezelfde fout die het christendom eeuwenlang maakte door uit te gaan van dogma's en te beweren dat hun ideeën de enige waarheid zijn. Hier waarschuwt de Bijbel juist voor: vertrouw niet op eigen inzicht maar op de Eeuwige.

Lees verder

© 2012 - 2017 Etsel, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Boekrecensie: De aarde is des Heren – A.J. HeschelrecensieBoekrecensie: De aarde is des Heren – A.J. HeschelDe aarde is des Heren (1991) is een boek van de Joodse filosoof Abraham Joshua Heschel. Het boek gaat over de kleine Joo…
Boekrecensie: In het licht van Zijn aangezicht –A.J. HeschelrecensieBoekrecensie: In het licht van Zijn aangezicht –A.J. Heschel'In het licht van Zijn aangezicht' van Abraham Joshua Heschel gaat over de betekenis van het gebed in de Joodse gedachte…
Joodse filosofie – Heschel: Jodendom en tijdJoodse filosofie – Heschel: Jodendom en tijdDe woorden van de Bijbel zijn niet tijdloos. Er bestaat een verband tussen tijd en denken, daad en inhoud, schrijver en…
Boekrecensie: Israel een echo van eeuwigheid - A. J. HeschelrecensieBoekrecensie: Israel een echo van eeuwigheid - A. J. Heschel'Israel, een echo van eeuwigheid' is een boek van Abraham Joshua Heschel uit 1995 (oorspronkelijk 1967). Dit boek is ges…
Joodse filosofie – Heschel: de Bijbel en de mensenJoodse filosofie – Heschel: de Bijbel en de mensenDe Joodse filosofie van Heschel betoogt dat de Bijbel geen abstract idee is maar een altijd aanwezige werkelijkheid die…
Bronnen en referenties
  • Inleidingsfoto: Hurk, Pixabay
  • God zoekt de mens - Abraham Joshua Heschel - vertaald door H. de Bie (uitgeverij - De Haan/Unieboek bv - Houten - 1987 - tweede druk ISBN 90 228 4578 8)
  • Artikelen Etsel - InfoNu site

Reageer op het artikel "Joodse filosofie – Heschel: Filosofie van het Jodendom"

Plaats een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Reactie

Giamo, 05-11-2013 00:34 #1
Het komt er dus op neer dat G'd centraal staat sinds Zijn eigen schepping. Hij heeft daarbij de mens geschapen om Zijn schepping te voltooien. Deze voltooiing is thans dus nog niet volbracht. De aarde zal klaar gemaakt moeten worden voor, Zijn uiteindelijke doel! Dat is wat ik hieruit begrijp heer Etsel.
Het lijkt erop dat deze geschonken klus alsmaar door de mens moeilijk kan worden volbracht juist omdat de mens nog tegen zichzelf strijd. De mens draait zich weg van G'D. Toch verlangt G'D nog altijd naar de kroon van Zijn schepping. Zolang wij ons verbergen van Hem dan zal zijn Masterplan geen medewerking verleend krijgen door Zijn schepsel. Een trieste gebeurtenis wat de mens zichzelf aandoet op dit moment. Maar er is hoop. Die hoop kan alleen worden vervult door ons. Om maar eens te beginnen met onszelf. Een ontdekkingsreis naar onszelf zal dus leiden tot succes omdat in ieder van ons schuilt het onuitsprekelijke waar G'd zich verbergt in ieders harten. Laten we de moed niet opgeven. Alles wat misgaat is de nalatenschap van de mens. We hebben elkaar meer dan hard nodig. Alleen als wij elkaar hoop geven. Liefde maar vooral ook tolerantie in verschil van opvatting in religie. Er is maar één G'd. De Schepper die Zijn schepselen liefheeft. Reactie infoteur, 05-11-2013
Shalom,

Vóór de Zondeval van Adam en Eva waren lichaam en ziel één. Na de Zondeval strijden het lichaam en de ziel tegen elkaar. Het lichaam trekt naar de aarde en de ziel naar de hemel. De mens heeft de neiging meer te luisteren naar het lichaam dan naar de ziel. Om die reden zondigt de mens. Om niet te zondigen moet de ziel gevoed worden. Dit kan door naleving van de Tora door Joden en de Noachidische geboden door niet-Joden.

Groet,

Etsel

Infoteur: Etsel
Laatste update: 05-02-2017
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Filosofie
Special: Joodse filosofie
Bronnen en referenties: 3
Reacties: 1
Schrijf mee!