De productie van olijfoliezeep in Nabloes
Nabloes, in het noorden van wat vandaag de Westelijke Jordaanoever wordt genoemd, is beroemd om zijn olijfolie, olijfoliezeep en katoen. De traditionele zeepproductie beleefde aan het eind van de 19e zijn grootste bloeiperiode. Sindsdien staat de sector onder grote druk, de laatste jaren vooral als gevolg van de Israëlische bezetting. De van oorsprong Romeinse stad Nabloes maakte vanaf de 7e eeuw, met de komst van de Islam, een flinke bloeiperiode door. Al in de 10e eeuw was de stad een belangrijke producent van zeep. Hoewel de zeep uit Nabloes ook toen al beroemd was om zijn kwaliteit, was de stad niet altijd het belangrijkste centrum voor de productie ervan in Palestina. Toen de 19e eeuw viel die eer gedurende lange perioden te beurt aan Jeruzalem.De kwaliteit van de Palestijnse, en dan met name van Nabloes-zeep is onder andere af te lezen uit het gegeven dat tot de dure geschenken die vanuit Palestina naar Constantinopel, hoofdstad van het Ottomaanse rijk, gingen, steevast kisten zeep behoorden. Shemen Works, opgericht in 1922 en volledig in joodse handen, deed het in een advertentie voorkomen dat pas sinds Shemen’s oprichting de Palestijnse olijfolie wereldwijde roem kon oogsten; in een andere advertentie prijst het bedrijf zijn olijfoliezeep aan als van “Nabloes-kwaliteit”. Een vroeg voorbeeld van onteigening van Palestijns erfgoed.
Een periode van sterke groei
In het eerste kwart van de 19e eeuw begint een aantal kuststeden van ‘Groot-Syrië’ (het huidige Syrië, Libanon, Palestina en het westen van Jordanië), zoals Jaffa, Akka, Sidon en Beiroet, aan een economische opmars. Dit heeft onder meer te maken met de toenemende handel met Europa. Door de import van allerlei Europese goederen kwamen de meer landinwaarts gelegen steden, zoals Damascus en Hebron en in mindere mate Jeruzalem, in de problemen. Hun producten waren vaak duurder en van mindere kwaliteit dan de geïmporteerde.Een belangrijke uitzondering hierop was de zeepproductie in Nabloes. Deze begon juist in de jaren twintig van de 19e eeuw aan een forse groei en de stad nam in de loop van de eeuw de leidende positie op dit gebied van Jeruzalem over. Het aantal fabriekjes, de meeste gesitueerd in de oude stad, verdubbelde en stond in 1882 op 30, de productie steeg nog sterker. Aan het eind van de eeuw produceerde de stad ongeveer een kwart van alle zeep in Syrië en eenvijfde van de export via de havenplaats Jaffa bestond uit Nabloes-zeep.
Gunstige ligging
Dat Nabloes een belangrijk zeepcentrum was en gedurende de 19e eeuw alleen maar belangrijker werd, heeft voor een deel te maken met zijn ligging.Het gebied rond de stad (de Jabal Nabloes) wordt gekenmerkt door vele olijfboomgaarden die olijven en olijfolie van hoge kwaliteit leveren. Vanaf de tweede helft van de 18e eeuw was de macht over het gebied, en het landbezit, voor een groot deel in handen gekomen van leidende families uit de stad. Deze families, die ook het grootste deel van de politieke en sociale macht hadden, waren eigenaar van de zeepfabrieken. Door het landbezit wisten zij zich verzekerd van de belangrijkste grondstof voor hun olijfoliezeep.
De stad ligt relatief dicht bij het gebied waar veel loogkruid voorkomt, namelijk aan de andere kant van de rivier de Jordaan. De as en het houtskool van verbrand loogkruid levert de soda om de olijfolie te verzepen. De productie en het transport naar de zeepfabrieken werd verzorgd door bedoeïenen.
Deze soda van het loogkruid wordt in het Arabisch qilw of qilli genoemd. In combinatie met het Arabische lidwoord al ontstond uit qilli ons ‘alkali’, een oude benaming voor soda, ook gebruikt voor potas (“de in een pot geblakerde as van het zoutkruid”).
Aan de qilw wordt een kleine hoeveelheid shiid, kalk, toegevoegd, gewonnen in de kalkgroeven in de omgeving van de stad (het Engelse ‘lime’ betekent in deze context niet ‘limoen’).
De 19e eeuw was Nabloes’ Gouden Eeuw. De stad was een van de meest welvarende van Groot-Syrië, economisch drijvend op de productie van zeep en olijfolie. Ook de productie van katoen droeg hieraan bij, een gevolg van de tekorten op de wereldmarkt als gevolg van de Amerikaanse burgeroorlog en de grote vraag vanuit de Engelse textielindustrie.
Relatief hoge investeringskosten
Het gehele proces van zeepproductie vereiste dat de eigenaren van de fabrieken over flink wat kapitaal moesten beschikken. In de eerste plaats hadden zij hoge investeringskosten voor het fabrieksgebouw en de opslagruimten voor de olijfolie en de andere ingrediënten. Ook de koperen vaten waarin de zeep werd gekookt, legden een fors beslag op de beschikbare middelen van de eigenaar.Daarnaast moest de eigenaar in staat zijn de periode te overbruggen waarin hij wel kosten maakte maar waarin de zeep nog niet verkocht kon worden. Voordat de eerste zeep op de markt kon worden gebracht, ging er wel zo’n twee à drie jaar voorbij. De olijfolie moest veelal één jaar voor de feitelijke levering zeker worden gesteld om, als het zover was, over voldoende van deze grondstof te beschikken. Het koken van de zeep, het drogen en uitharden (enkele maanden), verpakken, transporteren en uiteindelijk verkopen nam ook al gauw een jaar in beslag. Deze kosten konden natuurlijk niet door iedereen worden gedragen. De zeepproductie was dan ook grotendeels in handen van rijke, traditionele families.
In de loop van de 19e eeuw vindt er een ontwikkeling plaats waarbij ook rijke handelaren zich gaan bezighouden met de lucratieve zeepproductie. Zij bevonden zich in een gunstige positie om alle zaken die bij de productie en verkoop van de zeep komen kijken, bij elkaar te brengen, daarmee de totale productie opstuwend.
Het hebben van een zeepfabriek alleen was niet voldoende. Om alle productiefactoren (olijven, olie, soda, afzetkanalen, enz.) bij elkaar te brengen en de productie te coördineren waren economische, sociale en politiek macht en anderszins goede relaties op verschillende niveaus van groot belang. De laag van de leidende families in Nabloes wordt dan ook geleidelijk uitgebreid met vertegenwoordigers van de handelaren.
Bezit van uitgestrekte landgoederen met olijfboomgaarden in de Jabal Nabloes – met de daar wonende en werkende boeren – was een eerste vereiste om de belangrijkste ingrediënt voor de zeep zeker te kunnen stellen. Via zeggenschap over de locale olijfperserijen en door controle over het transport waren de fabrieken verzekerd van de benodigde hoeveelheden olie voor de zeepproductie.
Het waren bedoeïenen ten oosten van de Jordaan die grote hoeveelheden loogkruid verzamelden, verbrandden en de as en het houtskool in grote balen naar Nabloes transporteerden, in karavanen van honderden tot wel enige duizenden kamelen. Dit kon natuurlijk alleen als er een goede verhouding tussen de stad en de bedoeïenen bestond (hieruit blijkt dat het traditionele beeld van roofzuchtige bedoeïenen in ieder geval in dit geval niet klopt).
verbranden van het loogkruid
Hoewel de feitelijke productie van de zeep relatief weinig arbeidskracht vereiste, moest de inhuur en het werk van de arbeiders (koken van de zeepmengsels, snijden en verpakken van de zeep) worden gecoördineerd door een opzichter (ra’ies).
Zware omstandigheden
De Eerste Wereldoorlog had een zeer nadelig effect op de zeepindustrie van Nabloes. De Middellandse Zee was nauwelijks nog een betrouwbare handelsroute. Voor de zeepindustrie betekende dit verlies aan inkomsten uit de export. Het vrijwel stilvallen van de invoer van kolen bleek op de langere termijn een nog zwaardere klap te zijn. Door een gebrek aan kolen stonden de Turkse treinen – die moesten zorgen voor de troepenverplaatsingen van het leger – stil. Met het kappen van meer dan zestig procent van de olijf- en andere bomen, probeerde het leger te voorzien in een alternatieve brandstof. De bevolking werd zodoende beroofd van een belangrijk bestanddeel van zijn dagelijks voedsel en de zeepindustrie van zijn belangrijkste grondstof. In een zeldzame vorm van samenwerking tussen de nieuwe, Britse bezetter van Palestina, de zionistische beweging en de Palestijnen werd na de oorlog een programma van herbebossing ter hand genomen.In 1927 werd Nabloes getroffen door een aardbeving die grote delen van de oude stad, waar de meeste zeepfabrieken waren gevestigd, verwoestte. Door de recessie van de jaren dertig van de 20e eeuw viel de Egyptische markt – die tot dan toe goed was voor afname van wel de helft van de zeepproductie van Nabloes – grotendeels weg. En op de locale markt kreeg de Nabloes-zeep steeds meer last van de concurrentie van de Shemen fabriek uit Haifa. Het aantal zeepfabrieken in de stad liep gestaag terug.
Door grootschalige invallen van het Israëlische leger in de oude stad van Nabloes tijdens de tweede intifada (vanaf 2000) werden verscheidene zeepfabriekjes die zich tot die tijd staande hadden gehouden, verwoest. De aanvoer van olijven en olijfolie wordt daarnaast geschaad doordat het leger en kolonisten op grote schaal olijfbomen kappen. Veel boomgaarden zijn door de loop van de Israëlische afscheidingsmuur vrijwel niet meer bereikbaar voor de boeren.
Wegversperringen, checkpoints met vaak lange wachttijden – als er al doorgang wordt verleend – en het gedwongen gebruik van allerlei omwegen maken de economische situatie er ook niet beter op. Goederen bederven tijdens het lange wachten of omrijden, leveranciers en producenten hebben moeite om samen te komen en het is maar afwachten of de arbeiders hun werk kunnen bereiken.
En dat terwijl in de Palestijnse Gebieden zo’n 100.000 gezinnen op enige manier voor hun inkomen afhankelijk zijn van de olijvenoogst, met een olieproductie die in goede jaren boven de 30.000 ton uitkomt. Het grootste areaal bevindt in het noorden van de Westelijke Jordaanoever (rond de steden Nabloes en Jenin). De opbrengst blijft bijna geheel binnen de locale economie – meer dan negentig procent als olie, de rest als consumptieolijven en als ingrediënt voor zeep. Slechts een klein deel van de productie vindt zijn weg naar het buitenland.
Toch zijn er verschillende initiatieven om dit Nabloes-, of meer algemene Palestijnse erfgoed te bewaren. In Engeland verkoopt sinds september 2009 supermarktketen Sainsbury fair trade olijfolie uit het gebied van Nabloes/Jenin (in Nederland te koop in de betere natuurvoedingswinkel). En natuurlijk zijn er lokale initiatieven, zoals het project van de YWCA. In Nabloes zelf is de 400 jaar oude Arafat-zeepfabriek gerenoveerd en verbouwd tot een cultureel centrum, met onder meer een permanente tentoonstelling over de traditionele manier van zeep maken.
Meer weten?
Publicaties van Beshara Doumani, met name “Rediscovering Palestine. Merchants and Peasants in Jabal Nablus, 1700-1900” (Berkeley: University of California Press, 1995) en “The Political Economy of Population Counts in Ottoman Palestine. Nablus, Circa 1850” (International Journal of Middle East Studies, February 1994) geven een gedetailleerd beeld van de zeepproductie en de algehele situatie in de Jabal Nabloes. Ook Paul Horton’s “A Land with a People. The Political Economy of Jerusalem and Nablus in the Nineteenth Century” (Burnaby: Simon Fraser University, 1993) biedt veel waardevolle informatie. Een kort artikel is “Nablus Soap: Cleaning Middle Eastern Ears for Cent” (SEMP Biot, September 20, 2006).De internationale actie “Houd Hoop Levend” (in Nederland ondersteund door ICCO, Cordaid, IKV Pax Christi en de Nederlandse YMCA en YWCA) maakt het mogelijk olijfbomen te sponsoren die in Palestina worden geplant.
Voor een breder perspectief waarin dit artikel kan worden geplaatst, zie de special Het Midden-Oosten in westerse invloedssfeer: 1800-1935.
© 2009 - 2012 Dreus, gepubliceerd in Sociaal cultureel (Mens en Samenleving) op .
Het auteursrecht van dit artikel en antwoorden op reacties ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Saboen ghaar: olijfoliezeep uit Aleppo Aleppo, een grote stad in het noorden van Syrië, is al vele eeuwen beroemd om zijn…
Judea en Samaria 1: Fysische geografie en Arabische dorpen Judea en Samaria (West Bank) vormt het decor van een Joodse-Ar…
Olijfolie, het vloeibare goud Olijfolie wordt dagelijks toegepast in de landen rond de Middellandse Zee. Zij kennen de ge…
Jimmy Carter en Israël - Palestine: Peace not Apartheid Jimmy Carter heeft een boek geschreven dat "Palestine: Peace…
Gerelateerde artikelen
Olijfoliezeep: het traditionele procédé op hoofdlijnen De kern van het maken van olijfoliezeep bestaat uit…Saboen ghaar: olijfoliezeep uit Aleppo Aleppo, een grote stad in het noorden van Syrië, is al vele eeuwen beroemd om zijn…
Judea en Samaria 1: Fysische geografie en Arabische dorpen Judea en Samaria (West Bank) vormt het decor van een Joodse-Ar…
Olijfolie, het vloeibare goud Olijfolie wordt dagelijks toegepast in de landen rond de Middellandse Zee. Zij kennen de ge…
Jimmy Carter en Israël - Palestine: Peace not Apartheid Jimmy Carter heeft een boek geschreven dat "Palestine: Peace…