Sociaal Cultureel en Strips

Stripcultuur: hoe er tegenwoordig over strips gedacht wordt

Stripcultuur: hoe er tegenwoordig over strips gedacht wordt

De wereld lijkt 180 graden gedraaid te zijn binnen de opinie tegenover strips. De functies die strips tegenwoordig vervullen zou de pedagogen uit de jaren 50 zouden doen gruwen. Zelfs literaire werken zijn niet meer heilig voor het medium dat zo toegankelijks is voor alle lezers. Wereldschokkende gebeurtenissen zijn niet veilig voor de potloden van de stripauteurs. Toch valt er enige twijfel te bespeuren. Er klinkt nog steeds kritiek, zei het veel minder, uit de hoek van de tegenpartij.


Meer artikelen over Stripcultuur!

De horizon verbreden: oude en nieuwe mogelijkheden en toepassingen


Onderwijs
Inmiddels is er van de twijfelende houding tegenover strips op basisscholen, in 1949 opgeroepen door minister Rutten, niets meer te bekennen. In 2005 gebeurde het omgekeerde toen de regering besloot dat er 200.000 exemplaren van een educatieve strip verspreid moesten worden. Hierover later meer.(1)

Terwijl er vroeger met afschuw werd gekeken naar de slechte invloeden van strips op het taalgebruik en de woordenschat van jongeren, worden strips tegenwoordig veelvuldig gebruikt in het taalonderwijs. Strips laten jongeren bijvoorbeeld eenvoudig kennismaken met vreemde talen. Leerlingen kunnen de woorden eenvoudig in een context plaatsen door de aanwijzingen in de beelden. Dit is vooral een voordeel wanneer de leerling al bekend is met de stripserie in zijn eigen taal.(2)

Voor eventuele rampzalige gevolgen op taalkundig gebied hoeven pedagogen niet meer te vrezen. In 1993 is er uit een onderzoek van de Journal of Child Language gebleken dat een kind in een stripboek maar liefst twee keer zoveel nieuwe woorden leest als in het gemiddelde kinderboek. Het stripboek lijkt zelfs de educatieve waarde van een gemiddelde conversatie met een volwassene voorbij te streven, want een kind leert in een stripboek maar liefst vijf keer zo veel nieuwe woorden.(3) Het is dan ook niet verrassend dat uit onderzoek gebleken is dat striplezers bij de betere studenten behoren.(4)
Cover van de educatieve strip Van nul tot nu. Bron: Mutze.nl
Cover van de educatieve strip Van nul tot nu. Bron: Mutze.nl
Hoewel zelfs in de tijd dat de stripdiscussie op zijn hevigst was strips al werden toegepast in de geschiedenislessen (van nul tot nu, de verhalen van oom Wim), lijkt nu het hek helemaal van de dam. Er worden lespakketten samengesteld die uit strips bestaan waarin de geschiedenis van bepaalde periodes wordt behandeld. Voor iedere belangrijke periode uit de vaderlandse geschiedenis is er wel een strip te vinden. In dit soort strips worden uiteraard niet alleen maar theoretische gegevens opgediend, maar vaak wordt de lezer door een hoofdpersoon aan de hand meegenomen langs allerlei avonturen. Om de leerling te boeien mag de strip niet te zeer herkenbaar zijn als lesmateriaal. Zo heeft Eric Heuvel in samenwerking met de Anne Frankstichting een lespakket ontwikkeld over de tweede wereldoorlog. De hoofdpersoon vindt op de zolder van zijn oma spullen uit de Tweede Wereldoorlog. Zijn oma vertelt hem vervolgens de familiegeschiedenis uit die tijd.(5) De strip is inmiddels in het Engels en Duits vertaald. Ook is er een vervolg uitgebracht: De schuilhoek / Das Versteck. De strip is bedoeld voor Nederlandse en Duitse jongeren tussen 10 en 18 jaar en in het bijzonder voor de scholen uit de grensstreek rondom Aalten. Tot slot heeft Heuvel in 2006 in opdracht van het Oorlogsverzetsmuseum Rotterdam nog het beeldverhaal Frontstad Rotterdam gemaakt en verscheen in 2007 De Zoektocht met het verhaal van de holocaust. Het mag nu duidelijk zijn dat educatieve strips een ‘booming’ genre zijn.(6)

Toen nu toe hebben we hier gesproken over het onderwijs voor jeugdigen. Maar strips worden ook veelvuldig ingezet als didactisch materiaal voor mensen met dyslexie, moeilijke lezers en immigranten die een nieuwe taal moeten leren.
Daarnaast kan volgens de Finse website World Comics vrijwel ieder onderwerp, idee of feit in een strip worden uitgelegd. Zij noemen de ‘acht sterktes van strips’. Daar staan ook de vier functies die strips kunnen hebben in de klas toegelicht: toegankelijk maken van onderwerpen, motiveren, serieuze thema’s openen en het zogeheten 'remedial teaching'.(7)

 Fragment uit De avonden van Dick Matena. Bron: Van Lennep Producties
Fragment uit De avonden van Dick Matena. Bron: Van Lennep Producties
Literaire werken
De laatste jaren worden er steeds meer literaire werken ‘verstript’. Voorbeelden hiervan zijn De Avonden van Dick Matena en Persepolis van Marjane Satrapi. Ook in de ‘betere boekhandel’ waar vroeger geen beeldverhaal te vinden was, liggen deze strips vanwege hun grote populariteit in de schappen. Het uitgeven van literaire werken heeft ervoor gezorgd dat de strips ook in de literaire kringen steeds meer respect kreeg.
Kanttekeningen zijn er ook. Er wordt getwijfeld over de meerwaarde van de strips tegenover de ‘originele’ literatuur. Een antwoord hierop is het gegeven dat dit soort strips een nieuw publiek laat kennismaken met een literaire hoogstaand genre.
Ook wordt er door sommige stripauteurs flink gesnoeid in de originele teksten. Een kwalijke zaak, vinden sommigen. Matena deed dit bewust niet in De Avonden en zegt hierover tijdens een interview met Het Nieuwsblad het volgende: “Je moet respect hebben voor de oorspronkelijke tekst. Stripversies van boeken zijn vrijwel altijd simplificaties. Dat wou ik met De Avonden niet op mijn geweten hebben. Die woorden, daar mag niemand aankomen.”(8)

Belangrijke gebeurtenissen
Naast literaire werken verschijnen er ook steeds vaker strips over belangrijke gebeurtenissen. Deze worden soms met het oog op onderwijs geschreven maar vaak ook niet.

Zo werd ongeveer 15 jaar geleden door de Duitse regering de opdracht gegeven voor stripverhaal dat de opkomst en val van Adolf Hitler uitlegt. Getiteld Hitler – Het Stripverhaal is dit een album van meer dan 200 bladzijden met pentekeningen en roodzwarte collages; de kleuren van het Derde Rijk. De reden voor de opdracht was dat de kennis over het Derde Rijk begon af te nemen bij de schoolkinderen van de huidige generatie. Ook het racistische geweld was een reden om met dit stripverhaal de onwetendheid weg te nemen. Auschwitz en andere doodskampen komen aan bod, evenals de Endlosung. Ook laat de strip de mentaliteit van de Duitsers zien, die destijds wel wisten dat er joden werden opgepakt en verdwenen maar zich niet afvroegen wat er met hen gebeurde. Ook dit stripverhaal is gebruikt voor educatieve doeleinden en is verspreid onder de Duitse scholen.(9)

Fragment uit Maus van Art Spiegelman. Bron: La Guardia Common Reading
Fragment uit Maus van Art Spiegelman. Bron: La Guardia Common Reading
Een ander voorbeeld, ook betreffende het Derde Rijk, is het stripalbum Maus: A Survivor’s Tale, van de auteur Art Spiegelman uit 1986. Het album gaat over het persoonlijke verhaal van stripauteur Speigelman. Het verhaalt de strijd van Spiegelmans vader, een Poolse jood, om te overleven onder de Holocaust. Spiegelman brengt het verhaal in de vorm van een fabel, door de Duitsers af te beelden als katten en de Joden als muizen. Na het verschijnen van het laatste tweede deel (Maus II: From Mauschwitz to the Catskills), kreeg Maus de Pullitzerprijs in de ‘hors catégorie’. Deze categorie was speciaal voor dit doel in leven geroepen. Dit album heeft uiteindelijk velen over de streep getrokken om het stripgenre serieus te nemen en te erkennen als een kunstvorm.(10)

In september 2006 verscheen de strip The 9/11 Report, a Graphic Adaption geschreven en getekend door Ernie Colón en Sid Jacobson. Het was gebaseerd op The 9/11 Commission Report uitgegeven in 2004. Schrijver Jacobson meldt dat hij 99 procent van de tekst uit het rapport heeft geschrapt voor hij met het opstellen van de strip begon. Het uiteindelijke verhaal blijkt perfect overeen te komen met de werkelijkheid. Door de verschijning van het album werd het onderzoeksrapport toegankelijk gemaakt voor lezers die normaal gesproken dat rapport nooit zouden lezen. The New York Sun, toch een van de conservatievere kranten, leverde positief commentaar: “Een triomf van de journalistiek voor een breed publiek. Dit kan geen New Yorker onberoerd laten, en dat is goed.”(11) Ook Art Spiegelman, de auteur van Maus, bracht een stripboek uit: In the shadow of no Towers (2004). Zelfs Amazing Spider-Man was in de strips aanwezig op de puinhopen van de ingestorte torens.(12)

Ook over het verstrippen van belangrijke gebeurtenissen laten critici regelmatig hun mening horen. Zo vonden zij het onderwerp van Jodenvervolging (Maus) niet geschikt voor het ‘lichtzinnige’ genre strips. Aan de auteur werd de vraag gesteld of hij een strip over Auschwitz niet van een slechte smaak vond getuigen. Spiegelman antwoordde hierop: “Nee, ik vind dat Auschwitz van slechte smaak getuigd.”(13)
De strip naar aanleiding van het onderzoeksrapport over 11 september viel veel kritiek ten deel. Velen vinden het totaal smakeloos en walgelijk dat er een ‘comic-book’ over 9/11 is gemaakt. Vooral personen die de ramp van dichtbij hebben meegemaakt en/of vrienden of familie hebben verloren vinden de uitbeelding in cartooneske plaatjes van de aanslag die 2.973 levens kostte smakeloos.

Andere veranderingen in de wereld van de strips

Naast de drie voorgenoemde toepassingen van strips onder de ‘nieuwe’ stripmoraal, hebben er zich nog andere veranderingen voorgedaan in en rond de stripcultuur. Om maar enkele kleine zaken te noemen die ten tijde van de vroegere negatieve opinie rond strips niet of nauwelijks mogelijk zouden zijn:

  • In een internetartikel van de BBC en British Council komt het laten lezen van strips voor in een lijst met adviezen om kinderen te helpen met hun woordenschat.60
  • Prins Bernhard vond het nodig om naar aanleiding van een stripverhaal over zijn leven (Agent Orange) een verklaring af te leggen over zijn lidmaatschap van de NSDAP.61
  • In tegenstelling tot de situatie zoals die in het artikel ‘hoe er vroeger of strips gedacht werd’ wordt geschreven, zijn stripauteurs tegenwoordig doorgegroeid tot de sterrenstatus. Persoonlijk contact kan vrijwel alleen nog maar plaatsvinden tijdens signeersessie en volgens strakke schema’s.62
  • De ooit door Wertham gepredikte kritiek in 1954 lijkt vergeven en vergeten. In 2007 is Fun Home door Time Magazine uitgeroepen tot de beste strip van 2006 én tot het beste boek van dat jaar. (16)
  • In Almere-Buiten vindt men sinds enkele jaren de Stripheldenbuurt, compleet met Dick Bospad, Boonestaakstraat en Sigmundplantsoen.63

Valt er toch nog enige twijfel te bespeuren?

Zoals al eerder al is aangegeven is er nog steeds enige twijfel over de geschiktheid van strips als medium om ‘zware’ onderwerpen als oorlogen etc. te behandelen. Het lijkt erop dat er nog meer getwijfeld wordt waar het de kwaliteiten van strips betreft.

Het blijft nog steeds een feit dat de spelling in sommige strips aller-beroerdst is. In 2007 zei Ruth Joos tijdens de presentatie van de Uil-shortlist: “De ontbrekende woorden zijn niet te tellen, de dt-fouten evenmin en dat allemaal op de eerste pagina. In een enkel geval zelfs al in de vierde zin.”(14)

Anderen vinden beelden goedkoop en inferieur aan het woord. Jeroen Steenhouwer wijdt dit aan de verdwijning van de hoogstaande afbeeldingcultuur. Er wordt meer en meer gefotografeerd en getekend. Vroeger was een afbeelding vrij uniek, tegenwoordig slechts een muisklik van ons weg.(15)
Een ander opvallende feitje is de definitie van het begrip ‘leesluiheid’ in het woordenboek. Zoals al eerder gezegd vreesde men altijd voor leesluiheid wanneer de jeugd veel strips las. De juistheid hiervan is nooit aangetoond. In tegenstelling tot vroeger neemt de menigte die het omgekeerde beweerd in omvang toe. De Van Dale (2005) blijft hierbij kennelijk in het verleden hangen, want de definitie van leesluiheid luidt: “gebrek aan motivatie tot lezen van moeilijkere teksten (dan strips bv.)”(16)

Was de commotie terecht?

Uit dit artikel blijkt wel dat de opinie rondom de stripcultuur tegenwoordig 180 graden gedraaid is. Strips mogen (weer). Maar waren alle zorgen rond de gevolgen van de beeldverhalen terecht? De nadelige gevolgen van het lezen van strips zijn nooit op verantwoorde wetenschappelijk wijze aangetoond, terwijl het omgekeerde wel het geval is.

Wel is duidelijk dat een van de gevolgen van de negatieve opinie juist de toenemende populariteit van strips heeft veroorzaakt. Alles wat niet mag of niet gewenst is, wordt juist interessant. Als voorbeeld kan hier de strip Dick Bos genoemd worden. Deze werd, weinig verrassend, door ouders en pedagogen gezien als vergif door de jeugd. In de bundel 1000 jaar vaderlandse geschiedenis komt de historicus Peter Klein tot de conclusie dat de populariteit van Dick Bos juist veroorzaakt werd door het feit dat pedagogen de strip zagen als een gevaar.(17)

Vandaag de dag worden er geen meldingen meer gemaakt van geweldplegingen onder invloed van strips. We kunnen daarom aannemen dat de commotie in het verleden inderdaad niet terecht is geweest.
© 2009 - 2010 Paschja, gepubliceerd in Sociaal Cultureel (Mens en Samenleving) op 11-02-2009, laatst gewijzigd op 01-03-2009. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Paschja is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen

Bronnen en/of referenties

  • 1. K. Ribbens, R. Sanders. Getekende tijd. Utrecht : Matrijs, 2006. p. 56.
  • 2. J. Cumps, K. Morissens. Laat ze strips lezen! Leuven : Acco, 2007. p. 144.
  • 3. —. Laat ze strips lezen! Leuven : Acco, 2007. p. 136.
  • 4. —. Laat ze strips lezen! Leuven : Acco, 2007. p. 29.
  • 5. Boom, Wilco. De Tweede Wereldoorlog, wanneer was dat? Algemeen Dagblad. 22 februari 2003.
  • 6. K. Ribbens, R. Sanders. Getekende tijd. Utrecht : Matrijs, 2006. p. 56.
  • 7. J. Cumps, K. Morissens. Laat ze strips lezen! Leuven : Acco, 2007. p. 83.
  • 8. —. Laat ze strips lezen! Leuven : Acco, 2007. p. 111.
  • 9. Mediaredactie. Derde Rijk als stripverhaal. Het Parool. 27 september 1993.
  • 10. H. Pols, et al. Dertig jaar stripschap. Amsterdam : Het stripschap, 1997. p. 69.
  • 11. Bossema, Wim. R-RRUMBLE! Daar storten de Twin Towers in; Het debat in: de Verenigde Staten. De volkskrant. 9 september 2006.
  • 12. NRC. Verstripping 9/11. NRC. 31 augustus 2006.
  • 13. H. Pols, et al. Dertig jaar stripschap. Amsterdam : Het stripschap, 1997. p. 69.
  • 14. J. Cumps, K. Morissens. Laat ze strips lezen! Leuven : Acco, 2007. p. 56.
  • 15. —. Laat ze strips lezen! Leuven : Acco, 2007. p. 50.
  • 16. Cumps, J. Strips en andere buitenbeentjes…. Leuven : sn, 2008.
  • 17. K. Ribbens, R. Sanders. Getekende tijd. Utrecht : Matrijs, 2006. p. 63.
  • 60. J. Cumps, K. Morissens. Laat ze strips lezen! Leuven : Acco, 2007. p. 118.
  • 61. K. Ribbens, R. Sanders. Getekende tijd. Utrecht : Matrijs, 2006.
  • 62. H. Pols, et al. Dertig jaar stripschap. Amsterdam : Het stripschap, 1997. p. 13.
  • 63. K. Ribbens, R. Sanders. Getekende tijd. Matrijs : 2006, Utrecht. p. 79.

Reageer op het artikel "Stripcultuur: hoe er tegenwoordig over strips gedacht wordt"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.