Geschiedenis Jodendom 32: Moderne stromingen -Haskala/Reform

Naast Mozes Mendelssohn, die veel tegenstand van orthodoxe Joden ondervond, waren er mensen die eveneens voor de Verlichting kozen. Zij maakten de term Haskala (Verlichting) tot hun parool en ze noemden zich maskiliem. Zij brachten het tijdschrift Hameassief uit, geschreven in het Hebreeuws. De maskiliem hadden een hekel aan het Jiddisch. Hebreeuws moest de weg banen voor opname van de culturele waarden van het westen.

Naftali Herz Wesseley (1725-1805)

Naftali Herz Wesseley was een belangrijke aanhanger van Mendelssohn. Hij riep Joden op om Duits te gebruiken en om moderne scholen op te richten waar ook les zou worden gegeven in profane vakken.

Jüdisch Freischule

In 1778 werd in Berlijn de Jüdische Freischule opgericht met Joodse en niet-Joodse vakken die in het Duits gedoceerd werden. Toch werden Joden niet gelijk behandeld. Vooroordelen tegen het Jodendom waren te diep geworteld.

Emancipatie van de Joden

In 1791 kwam de emancipatie van de Joden in zicht. De Franse Nationale Vergadering gaf de Joodse burgers volledige burgerrechten. In bijna alle landen die Napoleon veroverde kregen de Joden een nieuwe rechtspositie. Eind 19de eeuw hadden de Joden in West-Europa en de VS gelijke rechten. In Oost-Europa was dit nog niet het geval.

Joden gingen aan het culturele en economische leven deelnemen. Toch waren Joden onvoorbereid en kwamen zo in een crisis terecht. Veel Joden verlieten het Jodendom en werden christen in de hoop geaccepteerd te worden. Anderen zochten een oplossing in de drie geloofspunten van Mendelssohn: het bestaan van God, de voorzienigheid en de onsterfelijkheid van de ziel. De nationale elementen van het Jodendom werden verworpen. Zelfs de naam 'Jood' werd verworpen. Zo ontstond geleidelijk de Reformbeweging die in Duitsland ontstond en zich verspreidde naar Engeland en de VS.

De reformbeweging

David Friedländer (1756-1834), een leerling van Mozes Mendelssohn, legde de grondslag voor de reformbeweging. Aan de ene kant wilde men de vlucht uit het Jodendom voorkomen, aan de andere kant was er verlangen naar assimilatie. Men wilde kijken hoe het vasthouden van de Joodse levenswijze invloed kon hebben op de betrekkingen tussen Joden en niet-Joden.

Friedländer probeerde de Lutherse kerk te vragen om Joden in de kerk toe te laten hun eigen diensten te vieren. Maar dit verzoek werd uiteraard geweigerd. Daarom veranderde hij het Jodendom om de goede betrekkingen tussen Joden en niet-Joden niet in de weg te staan. Duits ging het Hebreeuws vervangen in de synagoge.

Israël Jacobson (1788-1828) richtte de eerste reformsynagoge op in Zeesen (Westfalen). Bij de dienst werden christelijke elementen gebruikt, zoals preek in het Duits, Duits koorzang, Duitse gebeden en kerkorgel.

De reformsynagoge werd tempel genoemd omdat men niet verwachtte dat de Tempel in Jeruzalem hersteld zou worden.

Andere wijzigingen waren:
  • bar mitswa op Wekenfeest
  • invoeren van bat mitswa
  • geen psalmodiërende voordracht meer
  • geen gebeden voor nationaal-Joods herstel
  • Messiaanse tijdvak voor de hele mensheid

Met Samuel Holdheim (1806-1860) en Abraham Geiger (1830-1874) werd de reformbeweging radicaler. Volgens Holdheim was Jodendom uitsluitend een godsdienst. Alle rituelen en wetten die hen onderscheidden van de niet-Joden moesten worden afgeschaft. Ook mochten mannen en vrouwen bij elkaar zitten in de synagoge dienst, en hoefde geen kippa (keppeltje) en gebedsmantel worden gedragen, opheffing van het blazen op de sjofar tijdens het Nieuwjaarsfeest, geen zegen meer van de gemeente door de kohaniem (priesters).

Geiger was minder radicaal. Hij wilde nog wel Hebreeuws gebruiken in de synagoge. Maar het Jodendom was volgens hem universeel en niet nationalistisch. Daarom werden alle gebeden voor herstel van de Joodse staat uit het gebedenboek geschrapt. Ook mocht er niets meer verwijzen naar Messiaanse hoop. Er werd weinig waarde gehecht aan de Talmoed en de Bijbel. Dit leidde tot individualisme en vele opvattingen binnen de reformbeweging. Via synodes probeerde men eenheid te bewaren maar dat mislukte.

Zacharias Frankel (1801-1875) richtte de 'positief-historisch' richting op: onderscheid tussen geloof en praktijk en de volledige vrijheid van onderzoek m.b.t. geloof en de geschiedenis van de Joden.

Meer informatie: Geschiedenis Jodendom: Moderne stromingen Jodendom.

Lees verder

© 2011 - 2012 Etsel, gepubliceerd in Religie (Mens en Samenleving) op . Het auteursrecht van dit artikel en antwoorden op reacties ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.

Gerelateerde artikelen
Geschiedenis Jodendom 34: Moderne stromingen – Wissenshaft Dat Joden voor reform Jodendom kozen bracht het gevaar met zic…
Geschiedenis Jodendom 31: Moderne stromingen-M. Mendelssohn De Verlichting heeft direct of indirect een rol gespeeld op d…
Geschiedenis Jodendom 33: Moderne stromingen–neo-orthodoxie De orthodoxe Joden bestreden de reform en de positief-histori…
Religieuze geschiedenis Joden 53: de Reform (Liberale) Joden De Duitse Joden die de Reformbeweging stichten benadrukken h…
Geschiedenis Jodendom 35: Moderne stromingen–jesjivot/moesar Er ontstond de behoefte om voordrachten te houden in de land…

Bronnen en referenties
  • Het jodendom - joodse godsdienst in historisch perspectief - Isidore Epstein

Reageer op het artikel "Geschiedenis Jodendom 32: Moderne stromingen -Haskala/Reform"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Naam: E-mailadres: Meld mij aan voor de wekelijkse InfoNu nieuwsbrief. Reactie:
Infoteur: Etsel
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Religie
Bronnen en referenties: 1
Schrijf mee!