Religie en Gebedsriemen

Het Joodse heilige teken: de tefillien (gebedsriemen)

Het woord 'tefillien' is de benaming voor de gebedsriemen, die door de Joden bij het bidden gebruikt worden. Het woord 'tefillien' is afgeleid van de werkwoordstam 'hitpallel' (bidden). In de Tora komt op vier verschillende plaatsen het voorschrift voor als gedachtenis aan hetgeen God deed, symbolen of tekenen op de hand (arm) en tussen de ogen (op het voorhoofd) te dragen.


Exodus 13:1-10

Toen sprak Adonai tot Mozes, zeggende:
Heilig Mij alle eerstgeborenen; wat enige baarmoeder opent onder de kinderen Israëls, van mensen en van beesten, dat is Mijn.
Verder zeide Mozes tot het volk: Gedenkt aan dezen zelfden dag, op welken gijlieden uit Egypte, uit het diensthuis, gegaan zijt; want Adonai heeft u door een sterke hand van hier uitgevoerd; daarom zal het gedesemde niet gegeten worden.
Heden gaat gijlieden uit, in de maand Abib.
En het zal geschieden, als u de Adonai zal gebracht hebben in het land der Kanaänieten, en der Hethieten, en der Amorieten, en der Hevieten, en der Jebusieten, hetwelk Hij uw vaderen gezworen heeft u te geven, een land vloeiende van melk en honig; zo zult gij dezen dienst houden in deze maand.
Zeven dagen zult gij ongezuurde broden eten, en aan den zevenden dag zal Adonai een feest zijn.
Zeven dagen zullen ongezuurde broden gegeten worden, en het gedesemde zal bij u niet gezien worden, ja, er zal geen zuurdeeg bij u gezien worden, in al uw palen.
En gij zult uw zoon te kennen geven te dienzelven dage, zeggende: Dit is om hetgeen de Adonai mij gedaan heeft, toen ik uit Egypte uittoog.
En het zal u zijn tot een teken op uw hand, en tot een gedachtenis tussen uw ogen, opdat de wet van Adonai in uw mond zij, omdat u Adonai door een sterke hand uit Egypte uitgevoerd heeft.
Daarom onderhoudt deze inzetting ter bestemder tijd, van jaar tot jaar.


In deze passage wordt aan het volk Israël opgedragen steeds te gedenken hoe God hen uit Egypte leidde en bevrijdde van de slavernij. Dit wordt jaarlijks bij de Pesach-viering herdacht en aan de kinderen doorgegeven. Het gebod bepaalde tekenen op de hand en op het voorhoofd te dragen, als permanente gedachtenis hieraan, vinden wij in het 9de vers: En het zal u zijn tot een teken op uw hand, en tot een gedachtenis tussen uw ogen (wehajah lecha le'ot al jadcha oelezikaron bein einecha).

Exodus 13:16

En het zal tot een teken zijn op uw hand, en tot voorhoofdspanselen tussen uw ogen; want Adonai heeft door een sterke hand ons uit Egypte uitgevoerd.

In dit vers wordt vers 9 bijna letterlijk herhaald. In plaats van 'gedachtenis' (zikkaron) wordt over 'symbool' (totafot) tussen de ogen gesproken.

Deuteronomium 6:8

Ook zult gij ze tot een teken binden op uw hand, en zij zullen u tot voorhoofdspanselen zijn tussen uw ogen.

Hier wordt de tekst van Exodus herhaald. Het is belangrijk dat in het Shema de woorden van de Tora als teken op de hand te binden en tussen de ogen te dragen. In het Hebreeuws luidt het begin van deze tekst: eoqeshartam le'ot al jadeka. Het verschil met Exodus 13:6 en 16 ligt in het feit dat in Deuteronomium 6:8 wordt gezegd dat de tekenen op de arm moet worden gebonden, terwijl in Exodus 13:9 en 16 alleen gezegd wordt dat zij tot teken op de hand zullen zijn.

Deuteronomium 11:18

Legt dan deze mijn woorden in uw hart, en in uw ziel, en bindt ze tot een teken op uw hand, dat zij tot voorhoofdspanselen zijn tussen uw ogen.

Nogmaals wordt de opdracht herhaald Adonai lief te hebben en te dienen en Zijn woorden te gedenken.

De tefillien

De bovenstaande vier Bijbelteksten schrijft men op perkament afkomstig van reine dieren (bij voorkeur een kalf). Eenmaal schrijft men de vier bijbelteksten gezamelijk opéén strook perkament en eenmaal worden deze teksten afzonderlijk op vier strookjes perkament geschreven.

De stukken beschreven perkament worden opgerold en in kleine, vierkante huisjes of doosjes gelegd. Deze kleine doosjes hebben de vorm van een kubus en zijn eveneens van perkament gemaakt. De zijden van de kubus zijn ca. 4 cemtimeter. Elke kubus wordt op een vierkant vlak geplaatst, dat iets groter is dan de kanten van de vierkante huisjes. Onder de vier zijden van de kubus moet een rand van gelijke breedte uitsteken. Dit vlak vormt de achterzijde. Daar zit een opening waar een riem wordt gestoken. Met de riem wordt het huisje tijdens het gebed op de arm en op het voorhoofd gebonden. De tefillien bestaan uit twee huisjes met riemen: één voor de arm en één voor het voorhoofd.

In het volgende artikel wordt uitgelegd hoe de tefillien moeten worden aangelegd: Bidden: het aanleggen van de tefillien (gebedsriemen).

Alleen mannen dragen tefillien tijdens het ochtendgebed en soms bij het middaggebed. Bij het avondgebed worden de tefillien nooit aangelegd omdat in de avond de dag reeds zelf een symbool is geworden van de tefillien en daarom ook geheiligd is. Daarom worden de tefillien ook niet in de synagoge gedragen.

Meer over Joodse tekens is te lezen in mijn special De drie tekens: Mezoeza, Tefillien, Tsietsiet (Talliet).
© 2008 - 2010 Etsel, gepubliceerd in Religie (Mens en Samenleving) op 15-12-2008, laatst gewijzigd op 16-12-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Etsel is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Het Joodse heilige teken: de tefillien (gebedsriemen)"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.