Torastudie 6: Schepping mens - Genesis (1:27-31)

Genesis 1:27-31 gaat verder met de Schepping van de mens. God schiep de mens naar zijn evenbeeld. Hij schiep hen mannelijk en vrouwelijk. Man en vrouw moeten zichzelf voortplanten en de aarde bevolken. En toen God klaar was zag hij dat het goed was. Hier volgt het Joodse commentaar op de stukjes uit Genesis.

Genesis 1:27-31

En God schiep de mens naar zijn beeld; naar Gods beeld schiep hij hem; man en vrouw schiep Hij hen. En God zegende hen en God zei tot hen: Weest vruchtbaar en wordt talrijk; vervult de aarde en onderwerpt haar, heerst over de vissen der zee en over het gevogelte des hemels en over al het gedierte, dat op de aarde kruipt. En God zei: Zie, Ik geeft u al het zaaddragend gewas op de gehele aarde en al het geboomte, waaraan zaaddragende vruchten zijn; het zal u tot spijs dienen. Maar aan al het gedierte der aarde en al het gevogelte des hemels en al wat op de aarde kruipt, waarin leven is, (geef Ik) al het groene kruid tot spijs: en het was alzo. En God zag alles wat Hij gemaakt had, en zie, het was zeer goed. Toen was het avond geweest en het was morgen geweest: de zesde dag.

De volledige tekst in het Hebreeuws luidt:
כז וַיִּבְרָא אֱלֹהִים אֶת-הָאָדָם בְּצַלְמוֹ בְּצֶלֶם אֱלֹהִים בָּרָא אֹתוֹ זָכָר וּנְקֵבָה בָּרָא אֹתָם. כח וַיְבָרֶךְ אֹתָם אֱלֹהִים וַיֹּאמֶר לָהֶם אֱלֹהִים פְּרוּ וּרְבוּ וּמִלְאוּ אֶת-הָאָרֶץ וְכִבְשֻׁהָ וּרְדוּ בִּדְגַת הַיָּם וּבְעוֹף הַשָּׁמַיִם וּבְכָל-חַיָּה הָרֹמֶשֶׂת עַל-הָאָרֶץ. כט וַיֹּאמֶר אֱלֹהִים הִנֵּה נָתַתִּי לָכֶם אֶת-כָּל-עֵשֶׂב זֹרֵעַ זֶרַע אֲשֶׁר עַל-פְּנֵי כָל-הָאָרֶץ וְאֶת-כָּל-הָעֵץ אֲשֶׁר-בּוֹ פְרִי-עֵץ זֹרֵעַ זָרַע לָכֶם יִהְיֶה לְאָכְלָה. ל וּלְכָל-חַיַּת הָאָרֶץ וּלְכָל-עוֹף הַשָּׁמַיִם וּלְכֹל רוֹמֵשׂ עַל-הָאָרֶץ אֲשֶׁר-בּוֹ נֶפֶשׁ חַיָּה אֶת-כָּל-יֶרֶק עֵשֶׂב לְאָכְלָה וַיְהִי-כֵן. לא וַיַּרְא אֱלֹהִים אֶת-כָּל-אֲשֶׁר עָשָׂה וְהִנֵּה-טוֹב מְאֹד וַיְהִי-עֶרֶב וַיְהִי-בֹקֶר יוֹם הַשִּׁשִּׁי.

Genesis 1:27

Mannelijk en vrouwelijk schiep Hij hen.

Tweezijdig schepsel
God schiep de eerste mens als een tweezijdig schepsel één mannelijk gezicht en één vrouwelijk gezicht. Hij splitste hem in tweeën en maakte een rug voor elke helft.

Als God verlangde om de mens zowel mannelijk als vrouwelijk te zijn, waarom schiep Hij dan niet meteen op die manier zoals hij had gedaan met andere dieren? Omdat als er twee originele en intrinsieke zijn, elk zou vallen in de exclusiviteit van zijn of haar identiteit. Hun ontmoeting zou een relatie zijn op zijn best en een oorlog op zijn slechts. De twee zouden twee blijven, echter geïntegreerd. Maar nog wenste God dat de mens een enkel wezen zou zijn. Als een enkel individu, was de mens zonder uitdaging en dus zonder de potentie voor groei en schepping. "Het is niet goed dat de mens alleen is," zei de Schepper; hij vereist een 'hulpmaat' en een 'tegenpool'. Dus God schiep hen één en splitste hen in tweeën. Dus de man zoekt een vrouw en de vrouw verlangt naar een man. Dus man en vrouw kleven aan elkaar en worden één.

Genesis 1:31

En God zag al, wat Hij gemaakt had, en ziet, het was zeer goed.

Het was zeer goed
"Zie het was zeer goed", dit is de goede neiging; "en zie het was erg goed", dit is de kwade neiging.
"Zie het was erg goed", dit is goed geluk; "en zie het was erg goed", dit is lijden.
"Zie het was erg goed", dit is paradijs; "en zie het was erg goed", dit is hel.
"Zie het was erg goed", dit is de levensengel; "en zie het was erg goed", dit is de doodsengel.

Genesis 1:31

Het was avond en het was ochtend de zesde dag.

Zes dagen schepping correspondeert met zesduizend jaar
De zes dagen schepping omvat de gehele geschiedenis, want de wereld zal zes duizend jaar bestaan.

Dat is waarom wordt gezegd dat Gods dag duizend jaar is.

De eerste dag van de schepping, die de schepping van licht was, correspondeert met het eerste millennium van de geschiedenis - het millennium van Adam, het licht van de wereld, toen de wereld nog steeds werd verzadigd met de kennis van zijn Schepper en werd onderhouden door de goedheid van God. De tweede dag, waarop de Schepper onderscheid maakte tussen de spirituele en fysieke elementen van Zijn schepping, bracht een tweede millennium van veroordeling en onderscheid -als gereflecteerd in de Zondvloed die de corrupte mensheid wegvaagde en de rechtvaardige Noach en zijn familie spaarde. De derde dag, waarop het land naar voren treedt uit de zee en groen voortbracht en fruitbomen, reflecteert het derde millennium waarin Abraham de waarheid van de Ene God begon te onderwijzen en de Tora werd gegeven op de berg Sinaï. De vierde dag, waarop de zon en de maan werden geschapen, de twee grote hemellichamen, corresponderen met het vierde millennium waarin de Eerste en de Tweede tempel in Jeruzalem diende als de Goddelijke verblijfplaats van waaruit licht straalde op de gehele wereld. De vijfde dag, de dag van de vissen, vogels en reptielen, reflecteren de wetteloze Donkere Middeleeuwen van het vijfde millennium. De zesde dag, wiens vroegste uren de schepping van de beesten op het land zag gevolgd door de schepping van de mens, is ons millennium, een millennium gekenmerkt door sterke, krachtige rijken wier beestachtige overheersing gevolgd zal worden door de komst van de Masjiach, de perfecte mens die het Goddelijke doel in de schepping in realisatie brengt en het zevende millennium inleidt -de Komende Wereld- een tijd van perfecte vrede en rust.

Tien dingen geschapen
Tien dingen werden geschapen op de vooravond van de sjabbat bij zonsondergang. Deze zijn: de mond van de aarde, de mond van de bron, de mond van de ezel, de regenboog, de manna, de staf, de shamier, en het handschrift, de inscriptie en de tafels (van de tien geboden).



Samenvatting - vragen

Om voor uzelf te controleren of u de tekst goed begrepen heeft volgt hier een aantal vragen. De antwoorden vindt u terug in bovenstaande tekst.
  1. Hoe zag de eerste mens eruit?
  2. Waarom vond God het niet goed dat de mens alleen was?
  3. Hoelang duurt een dag van God?
  4. Waarom corresponderen de dagen van de Schepping?
  5. Hoe zag het millennium van Adam eruit?
  6. Wat bracht het tweede millennium?
  7. Wat reflecteert het derde millennium?
  8. Welke heiligdommen werden in het vierde millennium gebouwd?
  9. Waardoor kenmerken zich de Middeleeuwen?
  10. In welk millennium zitten we nu?
  11. Hoe ziet het zevende millennium eruit?

Meer over de Tora in onze special Torastudie (deel I).

Lees verder

© 2007 - 2012 Etsel, gepubliceerd in Religie (Mens en Samenleving) op . Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Etsel is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer informatie…

Gerelateerde artikelen
Torastudie 1: Schepping hemel en aarde - Genesis (1:1) 'In den beginne schiep God de hemel en de aarde'. Zo begint de Tor…
Wat is het doel van het leven? (1): de schepping van de mens Waarom leven we en wat doen we in deze wereld? Het antwoord…
Torastudie 12: God berouwt de mens - Genesis (5:1 en 6:6) In Genesis 5:1 en Genesis 6:6 komen respectievelijk het geslach…
Bijbel (Tenach) - De positie van de mens De mens wordt in de Tenach aangeduid door middel van verschillende woorden, die…
Kabbala 1: Adam de eerste kabbalist Aan de hand van teksten uit de Tora (het boek Genesis) leren we u kennis maken met ee…

Reageer op het artikel "Torastudie 6: Schepping mens - Genesis (1:27-31)"

Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.
Bronnen en referenties
  • Midrash Rabbah
  • The Lubavitcher Rebbe
  • Talmud, Rosh Hashanah 31a
  • Rosh Hashanah: (lit. “head of the year”); the solemn New Year holiday, falling on 1 and 2 Tishrei, and beginning the ten Days of Repentance.
  • Adam: (a) (3760-2830 BCE) The first man, created by G-d. Married Eve, and together they are the progenitors of the human race. They were placed in the Garden of Eden, but were banished from there after eating from the forbidden Tree of Knowledge. (b) Man.
  • Noah: a) The second Parshah (weekly reading) in the Torah (See 21 related articles) b) (a) (2704-1754 BCE) Tenth generation descendent of Adam, he and his immediate family were the only ones to remain righteous when all of humankind descended into a state of anarchy and lawlessness. He and his family survived the Flood that wiped out the rest of the human race by taking shelter in the Ark he constructed. According to the Midrash, he invented the plow. (b) A common Jewish name.
  • Abraham: (a) (1813-1638 BCE) The first of the three Patriarchs; the first Jew. He discovered G-d on his own and rejected the idolatry of his contemporaries. G-d commanded him to travel from his Mesopotamian homeland to Canaan, where He bequeathed the land to his descendants in the Covenant between the Parts. He successfully withstood ten tests with which G-d challenged him, including the Binding of Isaac incident. Husband of Sarah and Hagar, father of Ishmael and Isaac--his heir. (b) A common Jewish name.
  • Jerusalem: holiest city; capital of Israel; site of the Holy Temple
  • Nachmanides
Infoteur: Etsel
Rubriek: Mens en Samenleving / Religie
Bronnen en referenties: 9
Schrijf mee!