Depressie: kenmerken, symptomen DSM-IV en behandeling
Er is sprake van een depressie wanneer iemand langer dan twee weken ongewoon somber is en/of nergens meer plezier in heeft. Dit gaat gepaard met een aantal andere klachten, zoals slaapstoornissen, verminderde eetlust, weinig energie, vermoeidheid, concentratieproblemen, besluiteloosheid, traagheid, lichamelijke onrust, schuldgevoelens, bovenmatige gedachten over de dood of zelfdoding. De klachten verstoren het dagelijks functioneren en er is sprake van psychisch lijden.Depressie
- Depressie symptomen en criteria DSM IV
- Verloop en duur van depressie
- Verschijningsvormen depressie
- Oorzaken en risicofactoren depressie
- Behandeling depressie
Depressie symptomen en criteria DSM IV
Een sombere, depressieve stemming in reactie op teleurstelling of verlies, is een normale toestand. Een dergelijke stemmingsdaling of rouwreactie is van voorbijgaande aard, waarvoor geen gerichte interventie nodig is. In de volksmond wordt de term 'depressief' al snel gebruikt wanneer iemand in een dip zit of wat terneergeslagen is. Men spreekt echter van een depressieve stoornis wanneer er sprake is van een aanhoudende depressieve stemming, die bijna dagelijks en gedurende het grootste deel van de dag aanwezig is, of bij anhoudend gebrek aan levenslust wat zich uit in vermindering van interesse en plezier.Niet iedere depressieve, sombere of verdrietige stemming is dus een depressie. Een depressie is een stemmingsstoornis. Volgens het alom gebruikte psychiatrisch classificatiesysteem DSM-IV is er sprake van een depressie als er ten minste vijf van de volgende symptomen gedurende ten minste twee weken aanwezig zijn en wijzen op een verandering ten opzichte van het eerdere functioneren van de betrokkene. Ten minste één van de symptomen is:
- depressieve stemming; of
- vermindering van interesse en plezier.
Dit zijn de twee kernsymptomen van een depressieve stoornis.
De negen symptomen van een depressieve stoornis volgens de DSM IV zijn:
- Depressieve stemming gedurende vrijwel de gehele dag, bijna elke dag. Dit kan worden vastgesteld door de persoon zelf of door anderen. Bij kinderen en adolescenten kan juist sprake zijn van prikkelbare stemming.
- Duidelijke vermindering van interesse voor of plezier in alle, of bijna alle activiteiten, gedurende vrijwel de gehele dag, bijna elke dag. Dit kan worden vastgesteld door de persoon zelf of door anderen.
- Onopzettelijk, duidelijk gewichtsverlies of onopzettelijke gewichtstoename, of een afname, respectievelijk toename van de eetlust. Bij kinderen kan er sprake zijn van het uitblijven van de verwachte gewichtstoename.
- Slaapklachten: insomnia, d.w.z. niet (voldoende) kunnen slapen, of hypersomnia, d.w.z. te veel moeten slapen, bijna elke dag.
- Psychomotorische agitatie (gejaagdheid) of geremdheid bijna elke dag.
- Vermoeidheid of verlies van energie, bijna elke dag.
- Gevoelens van waardeloosheid, of buitensporige c.q. inadequate (onterechte) schuldgevoelens.
- Vermindering van het vermogen om te denken, zich te concentreren, of besluiteloosheid.
- Gevoelens van wanhoop, terugkerende gedachten aan suïcide (zelfdoding), fantasieën over suïcide zonder specifieke plannen, een suïcidepoging of een specifiek plan om suïcide te plegen. Niet alleen de vrees dood te gaan.
De symptomen kunnen niet beter toegeschreven worden aan een stemmingsstoornis door een somatische aandoening (bijvoorbeeld hypothyreoïdie, dat is een traag werkende schildklier), stemmingsstoornis door een rouwreactie (een normale reactie op de dood van een geliefd persoon, het verlies van werk, enz.). De symptomen kunnen niet beter toegeschreven worden aan een psychotische stoornis (bijvoorbeeld schizoaffectieve stoornis). De symptomen zijn niet het gevolg van de directe fysiologische effecten van een middel (bijvoorbeeld drugs of een geneesmiddel).
Veel vrouwen die een depressieve episode doormaken, melden dat de symptomen een aantal dagen voor het begin van de menstruatie verergeren.
Verloop en duur van depressie
Er is dus een behoorlijk hoge drempel die genomen moet worden, vooraleer gesproken kan worden van een depressieve episode. Er moeten ten minste vijf symptomen tegelijk aanwezig zijn, bijna elke dag gedurende ten minste twee weken. Normaliter ontstaan de symptomen in de loop van dagen of weken. Voorafgaande aan een volledige depressieve episode, kan de persoon last hebben van angst of een lichte depressie. De duur van een depressie varieert, maar een onbehandelde episode duurt normaal gesproken zes maanden of langer.Depressie heeft een wisselend en grillig beloop. Het blijkt dat de helft van de depressieve episodes korter is dan drie maanden, terwijl twintig procent langer duurt dan twee jaar. Dit noemt men ook wel een chronische depressie. Een groot deel van de patiënten kent een volledige remissie van symptomen en keren terug naar het oude niveau van functioneren. Bij 20 tot 30 procent van de patiënten kan een deel van de klachten maanden- of zelfs jarenlang aanwezig blijven (gedeeltelijk in remissie). Veel patiënten hebben recidiverende episoden. Het blijkt dat bij 40% van de mensen met depressie de stoornis binnen twee jaar terugkeert.
Depressie is een invaliderende psychische stoornis. Een depressie kan resulteren in verminderd sociaal, emotioneel en lichamelijk functioneren en toename van het ziekteverzuim. Voor de omgeving (partner, kinderen) van de patiënt is het emotioneel zwaar en belastend. .
Verschijningsvormen depressie
Een depressie kan over het hoofd worden gezien, doordat veel patiënten met een depressieve stoornis zich presenteren met een waaier aan lichamelijke klachten en hun psychische klachten onbenoemd laten. Ook kan het beeld gecompliceerd worden doordat depressieve patiënten vaak allerlei (fobische) angstsymptomen hebben. Ook melden veel patiënten zich bij de huisarts met slaapklachten.Voorts kan iemands cultuur de beleving en uitingsvorm van depressieve klachten danig beïnvloeden. In sommige culturen zal men klachten van somberheid en schuldgevoelens op een somatische manier uitdrukken.
Bij een depressie op oudere leeftijd staan vaak de negatieve symptomen van een depressie op de voorgrond en niet de uitgesproken somberheid met schuld- en insufficiëntiegevoelens.[1] Wat dan opvalt is het verlies van interesses en plezier, lusteloosheid en traagheid, en angstklachten. Somatische en cognitieve symptomen kunnen ook naar voren worden gebracht, zoals moeheid, doorslaapklachten, gewichtsverlies bij gebrek aan eetlust, moeheid en concentratie- en geheugenstoornissen.
Jongere kinderen kunnen ook last krijgen van een depressie. Kinderen met een depressie zijn vooral prikkelbaar en druk in plaats van somber en futloos. Dit maakt het herkennen van depressiviteit bij kinderen vaak moeilijk. Het kind voelt zich vaak waardeloos en onbemind en is bovenmatig bezig met de dood. Het heeft vaak een pessimistische en negatieve kijk op het (eigen) leven. Een depressief kind ondervindt voorts problemen met vriendschappen, omdat het zich terugtrekt uit sociale interacties of juist agressief gedrag vertoont. Meisjes trekken zich vaak terug en jongens vertonen eerder onhandelbaar gedrag. Verlies van eetlust en onverklaarbare lichamelijke pijn, komen ook vaak voor. Slaapproblemen, nachtmerries, moeheid, verminderde concentratie en slechtere schoolprestaties zijn andere veel voorkomende kenmerken.
Oorzaken en risicofactoren depressie
Vaak is de oorzaak of aanleiding van een depressie niet duidelijk. Er is in ieder geval niet één oorzaak voor depressie aan te wijzen. Depressie is multifactorieel bepaald. Het kwetsbaarheid-stressmodel, ook kortweg kwetsbaarheidsmodel (stress-vulnerability model) kan behulpzaam zijn als verklaring voor het ontstaan van depressieve episodes. Het model geeft aan welke factoren een rol spelen bij het uitbreken van een depressie. Het model gaat er van uit dat het individu enerzijds een bepaalde kwetsbaarheid (vulnerability - ofwel de aanleg voor de stoornis) in zich draagt en dat anderzijds omgevingsfactoren (stressbronnen) een rol spelen bij het ontstaan ervan. Deze factoren staan dus niet los van elkaar, maar werken onderling op elkaar in.Bij het ontstaan van een depressie, gaat het om een combinatie van de volgende factoren [2/3]:
- Geslacht en leeftijd. Vrouwen worden bijna twee keer vaker dan mannen getroffen door een depressie, vooral in de leeftijd van 18 tot 24 jaar.[4]
- Individuele kwetsbaarheid:
- Erfelijke belasting (neemt af met het toenemen van de leeftijd);
- Het eerder doorgemaakt hebben van een depressie;
- Neurotische persoonlijkheid;
- Internaliserende copingstijl bij tegenslag, frustratie en kritiek (overdrijven, vermijding, zelfverwijt en schuldgevoelens);
- Chronische lichamelijke ziekte of andere psychische stoornissen;
- Homoseksualiteit bij volwassen mannen en vrouwen.
- Sociale omgevingsfactoren:
- Laagopgeleiden;
- Het ontbreken van een betaalde baan;
- Het ontberen van of gebrek aan sociale steun of intieme contacten (alleenstaanden en gescheiden mensen);
- Detentie;
- Het zorgen voor een partner met dementie of Parkinson.
- Levensgebeurtenissen:
- Traumatische jeugdervaringen, waaronder seksueel misbruik, mishandeling en emotionele verwaarlozing;
- Het meemaken van traumatische gebeurtenissen (zoals bij vluchtelingen);
- Andere stressvolle levensgebeurtenissen op het interpersoonlijke vlak (vooral vrouwen) of aan de gezondheid gerelateerde gebeurtenissen, zoals afname van lichamelijke gezondheid (vooral ouderen).
Behandeling depressie
Aan patiënten met een eerste lichte depressie, worden zogeheten 'eerste-stap interventies' aangeboden. Er worden grofweg vijf verschillende eerste-stap interventies onderscheiden:- Bibliotherapie: het gebruik van geselecteerde lectuur als therapeutisch hulpmiddel;
- Zelfhulp of zelfmanagement (met eventueel e-health, internettherapie of zelfhulp cursussen tegen depressie);
- Activerende begeleiding;
- Fysieke inspanning/lichamelijke activiteit of running therapie (runningtherapie is het therapeutisch inzetten van de 'rustige duurloop');
- Counseling (een in Nederland nog weinig bekende vorm van begeleiding).
Door vroegtijdig ingrijpen kan worden voorkomen dat een lichte depressie zich ontwikkeld tot een moeilijk behandelbare stoornis. Wanneer bovenvermelde interventies evenwel onvoldoende soelaas bieden of er sprake is van een matig tot ernstige depressie, worden psychologische interventies en psychotherapie gecombineerd met medicamenteuze behandeling aangeboden. Cognitieve gedragstherapie is de meest toegepaste en beproefde psychotherapeutische behandelmethode. Voor mensen met recidiverende depressies is er een groepsbehandelaanbod ontwikkeld met mindfulness-based cognitieve therapie.
Voor patiënten met een chronische en/of recidiverende depressie, bestaan er dagbehandelprogramma's. Bij een onduidelijk of complex klinisch beeld, kan het nodig zijn om een patiënt klinisch op te nemen op een speciale depressieafdeling.
Klik hier voor een special over depressie.
Noten
- Jansen, P.A.F., Laan, J.R. van de, & Schols, J.M.G.A. (2008). Het Geriatrie Formularium. Een praktische leidraad. Houten: Bohn Stafleu van Loghum, p.474.
- Ormel, J., Neeleman, J., en Wiersma, D. (2001). Determinanten van psychische ongezondheid; implicaties voor onderzoek en beleid. Tijdschrift voor Psychiatrie, 43:245-257.
- Schoemaker C (RIVM), Spijker J (Trimbos-instituut). Welke factoren beïnvloeden de kans op depressie? In: Volksgezondheid Toekomst Verkenning, Nationaal Kompas Volksgezondheid. Bilthoven: RIVM, <http://www.nationaalkompas.nl> Nationaal Kompas VolksgezondheidGezondheid en ziekteZiekten en aandoeningenPsychische stoornissenDepressie, 22 maart 2010.
- Jaarprevalentie (absoluut en per 1.000) van depressie, dysthymie en enigerlei stemmingsstoornis uit bevolkingsonderzoeken in de periode 2007-2009. Gegevens bewerkt door het RIVM. http://www.nationaalkompas.nl/gezondheid-en-ziekte/ziekten-en-aandoeningen/psychische-stoornissen/depressie/prevalentie-en-incidentie-naar-leeftijd-en-geslacht (voor de laatste keer geraadpleegd op 10 november 2011)
Fotoverantwoording
- De afbeelding bovenaan het artikel betreft het schilderij 'Sad Days Indeed' van Asbjorn Lonvig.
Lees verder
© 2011 - 2012 Tartuffel, gepubliceerd in Psychologie (Mens en Samenleving) op .
Het auteursrecht van dit artikel en antwoorden op reacties ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Herfstdepressie: kenmerken, symptomen en signalen Welke symptomen, signalen en kenmerken kennen seizoensgebonden depressi…
Diagnostiek van een psychisch probleem: Het DSM systeem Voor sommigen zal de afkorting DSM vraagtekens oproepen daar het…
Depressie: een niet te onderschatten aandoening Er wordt nog weleens luchtig gedaan over een depressie. Iedereen voelt zi…
Depressie bij jongeren kan zich anders uiten Vroeger dacht men dat depressiviteit alleen voor kon komen bij volwassenen.…
Gerelateerde artikelen
Postnatale depressie: symptomen, oorzaken & behandeling Een postnatale depressie is een depressie die optreedt bij vrouwe…Herfstdepressie: kenmerken, symptomen en signalen Welke symptomen, signalen en kenmerken kennen seizoensgebonden depressi…
Diagnostiek van een psychisch probleem: Het DSM systeem Voor sommigen zal de afkorting DSM vraagtekens oproepen daar het…
Depressie: een niet te onderschatten aandoening Er wordt nog weleens luchtig gedaan over een depressie. Iedereen voelt zi…
Depressie bij jongeren kan zich anders uiten Vroeger dacht men dat depressiviteit alleen voor kon komen bij volwassenen.…
Bronnen en referenties
- Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders, fourth edition, DSM-IV, American Psychiatric Association, Washington DC, 2005.
- DSM-IV patiëntenzorg : diagnostiek en classificatie van psychische stoornissen voor de geneeskunde, Swets & Zeitlinger, tweede druk, 2002.
- Jaarprevalentie (absoluut en per 1.000) van depressie, dysthymie en enigerlei stemmingsstoornis uit bevolkingsonderzoeken in de periode 2007-2009. Gegevens bewerkt door het RIVM. http://www.nationaalkompas.nl
- Jansen, P.A.F., Laan, J.R. van de, & Schols, J.M.G.A. (2008). Het Geriatrie Formularium. Een praktische leidraad. Houten: Bohn Stafleu van Loghum, p.474.
- Ormel, J., Neeleman, J., en Wiersma, D. (2001). Determinanten van psychische ongezondheid; implicaties voor onderzoek en beleid. Tijdschrift voor Psychiatrie, 43:245-257.
- Schoemaker C (RIVM), Spijker J (Trimbos-instituut). Welke factoren beïnvloeden de kans op depressie? In: Volksgezondheid Toekomst Verkenning, Nationaal Kompas Volksgezondheid. Bilthoven: RIVM, <http://www.nationaalkompas.nl> Nationaal Kompas VolksgezondheidGezondheid en ziekteZiekten en aandoeningenPsychische stoornissenDepressie, 22 maart 2010.