
Scheiding tussen kerk en staat
Veel christelijke politici wordt verweten dat zij in strijd handelen met de scheiding van kerk en staat, wanneer zij streven naar christelijke normen en waarden in de samenleving. Wat ís nu eigenlijk precies de scheiding tussen kerk en staat? Houdt het in dan politici hun geloof buiten de politiek moeten houden?
Veel christelijke politici wordt verweten dat zij in strijd handelen met de scheiding van kerk en staat, wanneer zij streven naar christelijke normen en waarden in de samenleving. Zij zouden ‘moraliseren’ en ‘betuttelen’. ‘Geloven doe je maar thuis’. De overheid hoort moreel-neutraal te zijn. Wat ís nu eigenlijk precies de scheiding tussen kerk en staat? Houdt het in dan politici hun geloof buiten de politiek moeten houden?
Het is als eerste misschien goed om aan te geven dat de scheiding tussen kerk en staat nergens wettelijk staat vastgelegd. De scheiding tussen kerk en staat komt er kortgezegd op neer dat in Nederland de kerk en de staat ieder een eigen ambt te vervullen hebben. De kerk mag geheel vrij van de staat haar publieke taak uitoefenen en mag daarbij zelf haar eigen organisatie bepalen. Daar tegenover staat dat de overheid haar eigen ambt uitoefend zonder zeggenschap van de kerk daarbij. Ze hebben beide elk hun eigen openbare taken en verantwoordelijkheden.
De scheiding tussen kerk en staat is ontstaan in de 18e eeuw. Vóór de Franse Revolutie waren in Nederland kerk en staat sterk met elkaar verweven. Historicus Lieberg geeft in zijn boek ‘Nederlandse Religiegeschiedenis’ een helder beeld van de religieuze geschiedenis van Nederland: “Toen in 1648 de Republiek internationaal werd erkend, is in een bevestiging van de bepaling van de Unie van Utrecht vastgelegd dat het de gewesten niet vrij stond zelf hun openbare godsdienst te kiezen. De Republiek zag zichzelf als een protestante mogenheid en zowel de kerk als de staat beschouwden het als hun gemeenschappelijke taak de ware religie aan hun bevolking op te leggen (Lieberg, 2006).” Hoewel deze publieke kerk het leven op religieus en maatschappelijk vlak sterk domineerde was er echter heen sprake van een ‘staatskerk’. Geen inwoner van de noordelijke Nederlanden was verplicht lid te worden van de gereformeerde kerk. Niet gereformeerden misten echter wel een aantal (belangrijke) rechten zoals de toegang tot het avondmaal en het recht op publiek-kerkelijke armenzorg. Ook konden niet-greformeerden geen toegang krijgen tot publieke ambten en afhankelijk van het gebied waar iemand vandaan kwam konden ook het gildelidmaatschap en het poorterrecht worden geweigerd.
Gaandeweg raakte de Republiek steeds meer religieus gefragmenteerd en tussen 1650 en 1850 was nog maar zo’n 55 procent van de noordelijke Nederlanden gereformeerd. Andere religies werden beetje bij beetje toegestaan en anders-religieuzen kregen gaandweg dezelfde rechten als gereformeerden. Immers, als mensen zondig zijn en geneigd de waarheid te vermijden, geldt dat net zozeer voor overheidspersonen als voor burgers. Zo tekende er zich een feitelijke breuk af tussen de verwevenheid van kerk en staat. “Het is al erg genoeg als een onfeilbare overheid het zwaard in de hand zou nemen, maar het wordt een nachtmerrie wanneer dit gebeurt door zondige mensen die de waarheid evenmin liefhebben als hun onderdanen.”(Paas, 2007). De gereformeerde kerk begon het geloof te zien als een geschenk van God en niet als een product van dwang. De feitelijke breuk tussen de kerk en de staat zorgde ervoor dat de kerk onafhankelijk werd ten opzichte van de staat en dat de kerk vrijheid had binnen diezelfde staat. De staat bemoeide zich niet met de kerkelijke zaken; de kerk heeft zijn eigen rechtpositie en zijn eigen organisatie. De kerk heeft geen zeggenschap in overheidszaken.
Handelen gelovige politici dan in strijd met de scheiding van kerk en staat wanner zij streven naar christelijke normen en waarden voor de samenleving? Het antwoord luidt: nee. Er is hier sprake van begripsverwarring. De begrippen ‘kerk en staat’ worden hier verward met de begrippen ‘geloof en politiek’.
Minister en ChristenUnie politicus A. Rouvoet over deze begripsverwarring: “Als de dag van gisteren herinner ik mij hoe de vertegenwoordigers van de christelijke politieke partijen, waaronder ikzelf, enkele malen expliciet werden terechtgewezen door onder meer de woordvoerder van D66, omdat onze argumentatie, voorzover ontleend aan het spreken van de Bijbel over deze zaken, in strijd zou zijn met het beginsel van de scheiding van kerk en staat. Waar de dogma’s van het zelfbeschikkingsrecht en de individuele vrijheid deze debatten domineerden, werden de bijbelse uitgangspunten van het leven als geschenk van God en het huwelijk als instelling voor man en vrouw het parlementaire veld uit gestuurd en naar het privédomein verbannen.”
Gelovige politici handelen niet in strijd met de scheiding van kerk en staat wanneer zij streven naar christelijke normen en waarden voor de samenleving. De scheiding tussen kerk en staat draait om de kerk ‘als instituut’, niet om gelovige politci. © 2008 - 2010 Michaelferron, gepubliceerd in Politiek (Mens en Samenleving) op 31-05-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Michaelferron is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...
Verwante artikelen
- De neutrale overheid: Geloof en politiek zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. In dit artikel wordt uiteengezet hoe dat komt.
- Kerkasiel: een maatschappelijk probleem: Het debat over kerkasiel (onderdak verlenen aan mensen die vervolgd worden met de bedoeling deze mensen te beschermen tov de overheid) treft voornamelijk het religieu…
- Kerkhervormers Johannes Calvijn en Maarten Luther: Het is dit jaar 500 jaar geleden dat Johannes Calvijn werd geboren. Natuurlijk wordt dan 2009 uitgeroepen tot Calvijnjaar. Johannes Calvijn vertegenwoordigt…
- Het wereld- en mensbeeld van de joods-christelijke cultuur: Dit is een artikel over het wereldbeeld en het mensbeeld van de joods-christelijke cultuur. Hierbij gaat het om de visies van de joods-christelijke…
- Kerkgeschiedenis: de Gnostiek en de dwaling van Marcion: Vanaf het ontstaan van de christelijke kerk ontstonden de dwalingen van binnenuit. Er kan bijvoorbeeld gedacht worden aan de Gnostiek, een stroming di…

Reageer op het artikel "Scheiding tussen kerk en staat"

En kindertjes uit ongelovige gezinnen halen gebasseerd op laster en smaad en geen hoor en wederhoor principe en vooral niet doen aan waarheidsvinding onderzoek door justitie en dan gevolgens het ongelovige kind in een pleeggezin proppen die een sekte aanhangt als dhr Andre rouvoet zelf... Vindt ik hier sprake van schending van scheiding kerk en staat en betreffende is hier sprake van de namen van het beesje anders benoemen... dooddoender dus...

