Europees Parlement en Brussel

Van Brussel naar Straatsburg, en terug

Van Brussel naar Straatsburg, en terug

Kort na de Tweede Wereldoorlog kwamen een paar Europese leiders tot de conclusie dat duurzame vrede gewaarborgd kon worden door politieke en economische krachten te bundelen. De eerste belangrijke stap daartoe werd gezet in 1951 met het verenigen van de kolen- en staalindustrie in diverse Europese landen.


Kolen en staal waren in die tijd de belangrijkste producten, en wederzijdse afhankelijkheid zou het moeilijker maken om onderling oorlog te voeren. De zes oprichtende landen van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS) zijn België, West-Duitsland, Frankrijk, Italië, Luxemburg en Nederland. Vanwege de Sovjetdreiging besloten de landen om verder samen te gaan, in 1957 worden in Rome de Verdragen van Rome ondertekend. De oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (EURATOM) en de Europese Economische Gemeenschap (EEG) zijn een feit. De EGKS, EURATOM en EEG vormen samen de Europese gemeenschappen. Vanaf 1967 fuseerden deze instellingen tot één Europese Commissie, één Raad van Ministers en één Europees Parlement. Thans hebben zich 27 landen aangesloten bij, inmiddels, de Europese Unie.

Brussel wordt ten onrechte de hoofdstad van Europa genoemd. Er is tot op heden geen sprake van een Europese grondwet, en het ontwerpverdrag heeft niet een stad als hoofdstad aangewezen. Brussel is één van de drie werkplekken van het Europees Parlement. Bij de oprichting van de Europese Unie is gekeken welke stad de meeste voordelen bood om de Europese instellingen te huisvesten. Brussel is centraal gelegen, en beschikte indertijd over voldoende gebouwen om de duizenden ambtenaren te vestigen. Als thuisbasis voor het Europees Parlement (EP) is in 1992 Straatsburg: (Frans: Strasbourg, Duits: Straßburg, Elzassisch:Strossburi) aangewezen als officiële zetel. De secretaris-generaal, belast met de organisatorische en aansturende taken, bevindt zich in Luxemburg. In de praktijk verblijven de europarlementariërs voornamelijk in Brussel. Daar vinden alle activiteiten plaats, en de talrijke vergaderingen van de vaste parlementaire commissies.

De vier dagen durende plenaire vergadering vindt maandelijks plaats in Straatsburg. Daartoe rijden elke maand zes verhuiswagens met ongeveer 3.700 stalen kisten met documenten de 450 kilometer van Brussel naar Straatsburg. De ruim 700 ambtenaren reizen per vliegtuig, trein of auto. Alle parlementariërs krijgen een riante reis- en onkostenvergoeding. Het Europese Parlement maakt jaarlijks 200 miljoen euro aan kosten voor de vierwekelijkse volksverhuizing. Om de parlementariërs op en neer te brengen tussen hotels en parlementsgebouw, komt een vloot taxi’s uit andere steden naar Straatsburg. De stad intussen verdiende voorheen miljoenen met het onderverhuren van het vergadergebouw dat eigendom was van het Nederlandse pensioenfonds Erasmus, en gehuurd werd door het EP. Bij de aankoop van het gebouw door het EP, het gebouw werd gekocht voor 143 miljoen euro, eiste de stad een compensatie van 29 miljoen euro vanwege inkomstenderving.

De meeste Europarlementariërs willen dat alle plenaire vergaderingen in Brussel worden gehouden. Alleen met unanieme instemming van de lidstaten zou het volledige Europees Parlement naar Brussel verhuisd kunnen worden. Dat Frankrijk dit zal doen lijkt uitgesloten. Straatsburg is daarmee het symbool van Europese geldverspilling geworden.
© 2007 - 2008 Steengoed, gepubliceerd in Politiek (Mens en Samenleving) op 18-12-2007. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Steengoed is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen

Bronnen en/of referenties

  • Ministerie van Buitenlandse zaken/geschiedenis EU
  • Ministerie van Buitenlandse zaken/Europa educatief
  • Website Brussels informatie-, documentatie- en onderzoekscentrum/hoe Brussel hoofdstad van Europa werd.

Reageer op het artikel "Van Brussel naar Straatsburg, en terug"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.