Sneller en goedkoper een zwemdiploma

Zwemles is voor de meeste ouders geen pretje. Om zwemdiploma A te halen, heeft een kind gemiddeld een jaar tot anderhalf jaar zwemles nodig. Reken voor het complete zwem-ABC twee jaar. Dat is een hele opgave. En dan hebben we het nog niet over de kosten, die alleen voor diploma A vaak al oplopen tot 500-750 euro. Kan het sneller (en dus goedkoper)? Ja. Met de tips uit dit artikel halen kinderen al snel twee tot zes maanden sneller hun A-dpiloma. Het geheim? Doe-het-zelf-zwemles.

Nederland, zwemland: zwemlescultuur en zwem-ABC

In geen land ter wereld is zwemles zo verankerd in de cultuur als in Nederland. En dat is logisch: in een waterrijk land als Nederland is het belangrijk dat kinderen al op jonge leeftijd leren zwemmen. Zwembaden en particulieren zwemscholen geven zwemlessen aan kinderen vanaf vier jaar om kinderen op te leiden voor het zwem-ABC, de drie Nationale zwemdiploma's die samen garanderen dat een kind zich goed kan redden in, op en aan het water.

In andere landen leren kinderen, als ze al leren zwemmen, meestal op een heel andere manier zwemmen. Vaak zijn het de ouders die hun kinderen leren zwemmen. Ze volgen daarbij hun gevoel of kopen een boek waarin de 'doe-het-zelf-zwemlessen' beschreven staan. Ook op internet zijn informatieve websites en instructievideo's te vinden. De meeste kinderen leren op die manier prima zwemmen. Reguliere zwemlesse zijn er ook in het buitenland, maar vaak gaan kinderen daar pas op latere leeftijd (acht, negen jaar) naartoe en vaak zijn dit alleen kinderen die moeite hebben met leren zwemmen of veel last hebben van watervrees.

Je kind zelf leren zwemmen?

Je kind zelf leren zwemmen is hoogst ongebruikelijk in Nederland. Nederlanders kiezen massaal voor professionele zwemles. En terecht: de Nederlandse zweminstructeurs zijn zeer goed opgeleid en het zwem-ABC is een onmisbaar keurmerk dat aangeeft dat je kind goed genoeg kan zwemmen. Niet voor niets mogen kinderen zonder officieel zwemdiploma in zwembaden niet zonder bandjes zwemmen. Dit artikel is dan ook nadrukkelijk geen pleidooi om af te zien van reguliere zwemlessen. Het is in het belang van de veiligheid van je kind dat het de officiële zwemdiploma's haalt.

Het is echter geen kwestie van of-of. Door zelf (een deel) van het zwemonderricht ter hand te nemen heeft je kind veel minder zwemlessen nodig en spaar je veel geld uit. Hoe je dat aanpakt, lees je hieronder.

Eén waarschuwing is wel op zijn plaats: vergewis je ervan dat je kind de zwemtechniek correct aanleert. Het afleren van een verkeerd aangewende techniek is ontzettend moeilijk en kost veel tijd en inspanning. Twijfel je of je in staat bent je kind de zwemslagen goed aan te leren, beperk je dan tot het eerste deel van het programma. Ook daarmee pak je al snel een maand of drie tijdwinst.

De ideale leeftijd om te beginnen met zwemles

Onder zwemleraren wordt vijf jaar genoemd als ideale leeftijd voor een kind om op zwemles te gaan. Steeds meer zwembaden en zwemscholen zijn er de afgelopen jaren toe over gegaan kinderen vanaf vier jaar toe te laten op zwemles. Sommige particuliere zwemscholen geven zelfs al zwemles aan driejarige kinderen. Kinderen van vijf zijn motorisch verder ontwikkeld en fysiek sterker dan jongeren kinderen. Kinderen van vijf zijn bovendien beter in staat om in een groep instructies te volgen dan jongere kinderen. Ze hebben al 'schoolervaring', weten wat het is om te luisteren naar een docent, laten zich minder snel afleiden door hun omgeving en weten instructies aan de groep te vertalen naar zichzelf. Dat verklaart waarom zwemlesinstituten een voorkeur hebben voor oudere kleuters en waardoor vijfjarigen vaak sneller hun zwemdiploma halen dan jongere kinderen.

Dit wil echter niet zeggen dat jongere kinderen nog niet 'zwemrijp' zijn. In tegendeel. Hoe jonger een kind begint met zwemles, hoe makkelijker een kind de basisvaardigheden aanleert. Denk maar aan het succes van baby- en peuterzwemmen. Maar baby- en peuterzwemmen is een dure aangelegenheid; bovendien zijn de aanbieders ervan doorgaans ook degenen die zwemles geven voor het zwem-ABC. Commercieel gezien is het niet in hun belang om een stap verder te gaan dan watervrij maken, leren drijven en kinderen vertrouwd te maken met in en uit het water gaan. Met deze onderdelen beginnen ook de eerste reguliere zwemlessen.

Het duurt gemiddeld drie maanden voordat een kind 'watervrij' wordt verklaard. Pas dan beginnen de 'echte' zwemlessen. Heeft je kind op peuterzwemmen gezeten, dan zal het wel degelijk een voorsprong hebben op kinderen die nog weinig ervaring hebben in het zwembad. Het is echter een voorsprong die je ook heel gemakkelijk (en kostenloos) zélf aan je kind kunt geven.

Op welke leeftijd moet je daarmee beginnen? Idealiter start je het zwemproces zo snel mogelijk nadat je kind is geboren. Hoe eerder een kind vertrouwd raakt met water, hoe kleiner de kans dat het watervrees (een belangrijke zwemlesvertrager!) oploopt. Kinderen die van baby af aan toewerken aan leren zwemmen, kunnen met drie of vier jaar al een perfecte beginnersborstcrawl onder de knie hebben. Later 'instappen' kan natuurlijk ook. Het is van belang om in het achterhoofd te houden dat alle activiteiten die met water te maken bijdragen aan het watervrij maken van je kind.

Wat is watervrij?

Het begrip watervrij is een typische zwemlesterm. Er is niet één gangbare definitie. Wat als watervrij wordt beschouwd verschilt per zwemschool. In elk geval is een kind dat watervrij is niet bang voor water. Het durft in het zwembad te springen en met zijn gezicht onder water te gaan. Sommige zwembaden breiden de vereisten uit met zaken als op een drijvend vlot durven te springen, iets van de bodem durven te pakken met het hoofd helemaal onder water, onder water door een hoepel durven gaan, zelfstandig door het water voor te bewegen (lopend of met eigen zwembeweging), durven drijven op rug en buik, ervaring hebben met stuwbeweging.
Kortom: allemaal zaken die je kind prima zelf kunt aanleren!

Zwemles in bad

Voor de eerste zwemlessen hoef je echt niet naar het zwembad. Het bad (of eventueel het badje in de tuin) is een prima plek om te beginnen. Je kunt je kind dagelijks lesgeven in aangenaam warm water. Let op: kinderen drinken badwater, dus geen badschuim in het water tijdens de zwemactiviteiten. De meeste kinderen vinden het geweldig om 'zwemlesspelletjes' te doen; speel daar op in. Merk je weerstand bij je kind of watervrees, geef het project dan niet op maar probeer stapje voor stapje dichterbij je doel te komen. Forceer niets; gun je kind de tijd en wees blij dat het zijn of haar angsten of weerstand in een veilige, vertrouwde (en gratis...) omgeving mag overwinnen.

Begin met bellen blazen

Probeer elke dag dezelfde routine te doorlopen. Een van de dingen die je dagelijks doet is bellen blazen.
Blaas je kind het gezicht zodat het weet dat lucht uit je mond komt. Richt dan lager, vlak voor je kind, en blaas zelf bellen onder water. Ga niet te diep onder water, anders zijn de bellen niet goed zichtbaar voor je kind.

Laat nu je kind zelf uitblazen, eerst boven water. Het is belangrijk dat je kind niet alleen zijn/haar wangen vult met lucht, maar dat de lucht vanuit de longen komt. Houd je hand tegen de ribben om te voelen of de lucht daarvandaan komt.

Als je kind goed uit kan blazen boven water, komt de volgende stap: bellen blazen onder water. Laat je kind eerst vertrouwd worden met (een deel van) het gezicht onder water houden. Vraag of het zijn kin in het water durft te houden. Gaat dat goed, laat het dan ook met de mond onder water gaan. Vervolgens ook met de neus en tot slot laat je je kind het hele gezicht in het water houden. Gun je kind de tijd om hier zich hier prettig bij te voelen. Durft het niet verder te gaan dan de kin, beperk je dan eerst tot de kin en blijf boven water oefenen met bellen blazen. De volgende stappen komen vanzelf.

Is je kind zo ver dat het met de mond in het water durft, oefen dan met bellen blazen in het water. Doorgaans is dat geen probleem; kinderen vinden die bellen die ze zelf maken een fantastisch gezicht.

Durft je kind met het hele gezicht in het water durft, laat het dan in het water bellen blazen. Meestal is dit in het begin lastig. Veel kinderen vergeten in het begin vanuit de longen te blazen; ze blazen hun wangen leeg, komen in ademnood en ademen van schrik een slok water in. Oefen dan eerst weer op het droge met goed blazen vanuit de longen, vervolgens met alleen de mond in het water en tot slot met het hele gezicht.

Is je kind erg bang voor water, probeer het dan stapje voor stapje te helpen die watervrees te laten overwinnen. Giet eerst eens een heel klein beetje water of zijn handen. Dan over zijn armen, schouders en als laaste hoofd (eerst alleen het achterhoofd, later het hele hoofd). Heb geen haast, dat werkt alleen maar averechts.

Ogen openhouden

Veel jonge kinderen vinden het eng om onder water hun ogen open te houden. Toch is dit een vaardigheid die ze onder de knie moeten krijgen. Om je onder water te kunnen oriënteren moet je immers iets kunnen zien. Voor het Zwem-ABC is het dan ook een vereiste dat kinderen onder water door een gat heen zwemmen.

Ook dit kijken onder water kan je goed oefenen in bad. Hiervoor heb je een paar verschillende badspeeltjes nodig (badeentje, kikker, ring, etc.) Vraag je kind zijn of haar gezicht in het water te doen. Houd een badspeeltje onder het gezicht op de bodem. Je kind moet zeggen welk speeltje je vasthield. Variatie: beweeg het speeltje heen en weer en laat je kind het afpakkken.

Ook het bekende spel snoepjes happen is een goede oefening, zowel voor het onder water durven gaan als voor het onder water oriënteren. Leg snoepjes in een bak water (of in het bad) en laat je kind die ophappen.

Blijft je kind het eng vinden om onder water de ogen open te houden, koop dan een zwembrilletje. Het zal later misschien enige tijd duren om het gebruik van de zwembril af te wennen (bij het afzwemmen mogen kinderen geen zwembril dragen), maar dat tijdverlies wordt ruimschoots gecompenseerd door de tijdwinst die je haalt door verder te kunnen gaan met het watervrij maken en het aanleren van de basiszwemprincipes.

Kan je kind bellen blazen, onder water kijken, met het gezicht in het water gaan, dan heeft het de eerste en moeilijkste stap van het leren zwemmen gezet: je kind heeft geen watervrees meer, waardoor het zich in het water ontspannen voelt. Pas als dat het geval is, is het tijd voor de volgende stap: leren drijven.

Leren drijven

Ook leren drijven kan je oefenen in bad, al zijn de mogelijkheden bepert door de geringe afmetingen van het bad. Op dit moment is het zinnig om het zwembad op te zoeken. Soms is dit ook het juiste moment om je kind op te geven voor zwemles. Als er geen wachtlijst is, is je kind watervrij genoeg om met een voorsprongetje te starten. In de meeste gevallen zal er echter wel een wachtlijst zijn. Die wachttijd kan je goed benutten om je kind te leren drijven en misschien zelfs de eerste zwembeginselen bij te brengen. Bijkomend voordeel: veel zwembaden bieden de mogelijkheid om gratis met je kind te gaan zwemmen zolang het op de wachtlijst staat. Benut die gratis zwembadtijd, daarmee spaar je veel zwemleskosten uit!

Drijfmiddelen zijn een handig hulpmiddel bij het leren drijven en bovendien verplicht in zwembaden. Belangrijk is dat je de juiste drijfmiddelen gebruikt. Zwembandjes om de armen helpen je kind om verticaal te drijven. Dat is veilig, omdat het gezicht altijd boven water blijft zodat je kind goed kan ademhalen, maar niet heel geschikt om goed te leren drijven. Combineer ze met kurkjes om het middel je kind een horizontale positie in het water te laten aannemen. Ook de zogenaamde drijfpakjes of floatsuits (ook bekend onder de merknaam Easyswim) stimuleren dit horizontale drijfvermogen. Ze hebben bovendien als voordeel dat je het drijfvermogen kunt aanpassen als je kind vorderingen maakt en dat je kind meer bewegingsvrijheid heeft (geen belemming in de armslag).

De meeste kinderen leren gemakkelijker drijven op de buik dan op de rug. Begin daar dus mee. Dat kan in bad: zodra je kind met het gezicht in het water durft, vraag je of het dit ook durft te proberen terwijl het op de buik in bad ligt. Doe niet te veel water in het bad, een klein laagje is voldoende. In eerste instantie is er nog geen sprake van drijven, je kind ligt gewoon op de bodem. Let erop dat het gezicht in het water is. Probeer te oefenen om deze houding een tijdje vol te houden. Als je kind het bellen blazen (uitblazen vanuit de longen dus) goed onder de knie heeft, zal het gemakkelijk eerst vijf, dan tien en later zelfs twintig tellen kunnen volhouden.

Gaat dit goed, doe dan wat meer water in het bad. Je kind zal voelen dat het niet meer steunt op de bodem. Daar kan het van in paniek raken en paniek is een slechte metgezel in het water. Ondersteun zijn of haar buik daarom met je hand. Laat je kind ervaren hoe het is als die steun even weg is. Begin met een seconde en maak de tijd pas langer als je kind rustig en relaxed, met het gezicht in het water, blijft liggen. Geleidelijk aan laat je je kind zo ervaren dat het kan drijven.

In het zwembad zijn goede drijfspelletjes om je kind voort te trekken door het water. Probeer je kind te stimuleren zijn of haar gezicht in het water te houden. Dat klinkt misschien wat geforceerd of overdreven, maar daarmee heb je echt een enorme winst te pakken tijdens zwemles straks. Niet voor niets zijn het aanleren van een goede borstcrawl (gezicht in het water) en door het gat heen leren durven zwemmen de grootste struikelblokken tijdens zwemles. Door 'gezicht in het water' als uitgangspositie te nemen vanaf de allereerste zwemles, voorkom je dat je kind andere (in eerste instantie wellicht 'veiliger aanvoelende') waterstrategieën aanwint die het later weer moet afleren. Bedenk dat het altijd gemakkelijker is om iets moeilijks aan te leren, dan om iets verkeerds af te leren.

Durft je kind in bad te drijven of zich te laten voortrekken door de ouder, laat het dan oefenen met drijven (gezicht in het water!) terwijl het zichzelf vasthoudt aan de rand van het zwembad of een trappetje. Is dit nog te moeilijk, ga dan zelf voor je kind staan en laat je kind zich vasthouden door de handen op jouw schouders te leggen. Net als in bad kan je je kind ondersteunen door een hand onder de buik te houden en die stapje voor stapje langer los te laten.

Durft je kind op deze manier te drijven, vraag dan of het zich durft af te zetten vanaf het trapje en zo naar jou toe kan drijven. Deze 'raketduik' lukt het best met de armen vooruit gestrekt. Oefen dat eerst zonder afzetten. Laat je kind de armen uitstrekken, leg de ene hand over de andere en breng vervolgens beide armen omhoog langs het hoofd tot achter de oren. Dat zet je kind zich af en schiet als een raket naar jou toe door het water.

Volg voor het drijven op de rug dezelfde methode. Hierbij is het belangrijk dat je kind zijn of haar hoofd in het water durft te leggen. De meeste kinderen houden hun hoofd krampachtig omhoog, wat het aanleren van een goede rugslag in de weg staat. Ondersteun bij het oefenen de billen (duw ze omhoog: dat is de juiste drijfhouding) en het hoofd (laat je hand rustig zakken tot het hoofd netjes horizontaal in het water ligt). Verminder beetje bij beetje de steun onder de billen; je kind moet leren zijn of haar buik en billen goed omhoog te duwen. Houd de hand onder het hoofd er langer bij om je kind eraan te wennen het hoofd ver genoeg in het water te laten zakken. Oefen ook hier met afzetten vanaf te kant (armen langs het lichaam).

Beginnersborstcrawl

heb je besloten dat je je kind de eerste zwemslagen wilt bijbrengen. Begin dan met borstcrawl (en later rugcrawl). Deze slag sluit naadloos aan op de oefeningen die we tot dusver hebben besproken. Bovendien loop je met de borstcrawl minder risico op het aanleren van een verkeerde techniek. De manier waarop de schoolslag moet worden uitgevoerd is tegenwoordig anders dan de meeste ouders het geleerd zullen hebben. De kans je je kind daarmee op een verkeerd spoor zet is aanwezig. De eisen die aan borstcrawl worden gesteld (zeker voor het A-diploma) zijn bovendien minder streng dan die voor de schoolslagtechniek. Daarnaast ligt bij de meeste zwemscholen het zwaartepunt voor het A-diploma bij de schoolslag. Pas daarna komen de crawlslagen echt aan bod. Mocht je kind al op zwemles zitten, dan kan je het aanleren van borstcrawl en rugcrawl dus zien als een aanvullende zwemles, waarmee je kind later een grote sprong zal maken ten opzichte van andere kinderen.

USwim, Australische doe-het-zelf-zwemles

Met de juiste aanpak kun je je kind borst- en rugcrawl leren zwemmen op een niveau dat de meeste zwemlessen in Nederland niet halen (ook niet voor het B- en C-diploma; de winst is dus enorm groot). Het bewijs daarvan wordt geleverd op de instructievideo's van het Australische zweminstructieprogramma USwim, die terug te vinden zijn op YouTube en via de website van het programma. Daarop laten heel jonge kinderen al een perfect uitgevoerde borstcrawl en rugcrawl zien. Stap voor stap laten de instructeurs zien hoe je kinderen de slag bij moet brengen en aan welke voorwaarden moet zijn voldaan voordat je een stapje verder kunt gaan. Het enige lastige aan het programma is dat je zelf de filmpjes goed in moet prenten, omdat je ze immers niet aan de waterkant kunt afspelen als je het even niet meer weet.

Er zijn meer websites en filmpjes over hoe je zelf zwemles kunt geven aan je kinderen. Het (gratis) programma van USwim steekt er echter met kop en schouders bovenuit. Het is professioneel gemaakt, heeft een duidelijke opbouw, is zeer helder en uitvoerig in uitleg en bovendien - zo wijst de ervaring uit - het werkt!

Besluit je met je kind dit programma te gaan volgen, laat je kind dan thuis meekijken naar de filmpjes voordat je naar het zwembad gaat. Zo weet het al wat de bedoeling is. Bovendien blijkt het heel stimulerend om te zien dat een ander (jong) kind het voordoet.
© 2010 - 2012 Kennishelp, gepubliceerd in Ouder en gezin (Mens en Samenleving) op . Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Kennishelp is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer informatie…

Gerelateerde artikelen
Een zwemdiploma halen Zwemles voor kinderen, hier kun je vinden wat je moet kunnen voor het A-diploma, op welke leeftijd…
Zwemdiploma A: Toen en nu Vanaf 30 september 1998 is het ‘Zwem-ABC’ van kracht geworden. Vanaf dat moment zijn de eisen v…
Zwemdiploma B: Toen en nu Vanaf 30 september 1998 is het ‘Zwem-ABC’ van kracht geworden. Vanaf dat moment zijn de eisen v…
Van Basiszwemdiploma naar C diploma Vanaf 30 september 1998 is het ‘Zwem-ABC’ van kracht geworden. Vanaf dat moment zijn…
Op welke leeftijd kunnen kinderen het best leren zwemmen? Net zoals voor een rijbewijs zijn er ook spoedcursussen om kin…

Reageer op het artikel "Sneller en goedkoper een zwemdiploma"

Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.
Infoteur: Kennishelp
Rubriek: Mens en Samenleving / Ouder en gezin
Schrijf mee!