De mijlpalen in de geschiedenis van het Nederlanse Onderwijs

Alvorens Nederland van het prachtige onderwijsstelsel mocht genieten dat ze nu heeft, is er een heel andere tijd van onderwijs geweest in Nederland. Aanvankelijk, en dan spreken we over de achttiende eeuw en daarvoor, gingen slechts de rijkste jeugd naar school. De volgende maatregelen waren doorslaggevend voor het creëren van het Nederlandse onderwijs zoals het nu is.
Een essentieel feit om van op de hoogte te zijn, is dat er veel meningsverschillen waren over onderwijs, haar inhoud en de plichten die hier aan vast zaten. Er werd onderscheid gemaakt tussen openbare en bijzondere scholen, wat het gat tussen veelal confessionelen en liberalen vergrootte. Het is namelijk zo dat bijzondere scholen niet gesubsidieerd werden, aanvankelijk waren confessionele bijzondere scholen zelfs verboden; calvinisme was de overheersende godsdienst, hier mocht in het onderwijs niet van afgeweken worden. Alle joden, katholieken, doopsgezinden, etc mochten dus niet hun eigen onderwijs voeren. Een doorn in het oog voor velen was het feit dat schoolgang niet verplicht was, tevens was er ook veel meningsverschil over de inhoud van het onderwijs. Het waren de verlichte ideeën die de onderwijsverbetering in Nederland op gang brachten.

De belangrijkste wettelijke maatregelen in het Nederlands onderwijs vonden grotendeels plaats in de 19e eeuw. De puntjes werden in de 20e eeuw op de i gezet. Hieronder worden deze belangrijke veranderingen weergeven, gerangschikt naar tijd.

De schoolwet van 1806

De schoolwet van 1806 was gebaseerd op verlichte ideeën. Deze schoolwet ging over de inhoud van het onderwijs. Zo werd van het oude hoofdelijke onderwijs, waarbij er verschillende leeftijdsgroepen bij elkaar in de klas zaten, en de leraar richt slecht op enkele of één persoon per keer richtte, afgeschaft en naar klassikaal onderwijs gestreefd. Hierbij was de leraar met de hele klas bezig, welke uit leeftijdsgenoten diende te bestaan, en niet meer dan veertig leerlingen bedroeg. Ook moest het confessionele tintje van het onderwijs af, en diende leerlingen zelf te ondervinden, in plaats van de leraar na te praten. ‘Kennis leidt tot deugd’, klonk de leus, en hier paste zaken als voorlezen uit de bijbel niet bij.

De grondwet, 1848

Koning Willem II voelde dat de druk op het koningshuis toenemen. Men vond dat de koning te veel macht had, en er iets moest veranderen. Willem II liet dan ook de eer aan zichzelf om van Nederland een ‘constitutionele monarchie met parlementair stelsel’ te maken. Dit ging gepaard met een grondwet, waarin geschreven stond dat de koning onschendbaar werd en zijn macht symbolisch. Ook bevatte de grondwet een verandering die betrekking had op het onderwijs: met had ‘vrijheid van onderwijs’, iedereen kon dus in principe zijn of haar eigen school oprichten. Voor andere groeperingen als de calvinisten was dit dus een grote verandering.

De schoolwet van 1857

De schoolwet van 1857 benadrukte wat er in de grondwet vastgelegd werd: zij garandeerde de vrijheid van onderwijs. Ook werd er in deze schoolwet dieper in gegaan op de inhoud van het onderwijs; er werden vakken verplicht gesteld, zodat men ook in het volksonderwijs kinderen op kon leiden tot ‘vakbekwame burgers’.

De schoolwet van 1878

Omdat men nog steeds niet tevreden was over het onderwijs zoals dat eind 19e eeuw was, werd er in de schoolwet van 1878 dieper ingegaan op het onderwijs; de wet zorgde voor aanzienlijke kwaliteitsverbetering, wat enorme kosten met zich meebracht. Het invoeren van deze wet zorgde voor toename van de discussie tussen de confessionele partijen en de rest van het parlement, het bijzonder onderwijs werd immers niet gesubsidieerd, maar moest wel aan deze dure eisen voldoen.

De leerplichtwet, 1901

Met invoering van de leerplichtwet in 1901, welke met slechts één stem verschil aangenomen werd, kwam er definitief een einde aan het weliswaar steeds meer ingekrompen, maar nog steeds grootschalige schoolverzuim. Iedereen, ongeacht afkomst, rijkdom of klasse, moest naar school gaan. Kinderen van 6 jaar oud moesten 6 aaneengesloten jaren naar school toe gaan. Door de steeds beter sociale voorzieningen en de toename van vervolgopleidingen, gingen er dus automatisch steeds meer kinderen naar een vervolgopleiding.

De onderwijspacificatie, 1917

Wat de verschillen in het onderwijs voorgoed onderuit haalde, was de onderwijspacificatie in 1917. Een historisch compromis vond plaats tussen confessionelen en sociaal-democraten: zij zouden allen stemmen voor invoering van het algemeen kiesrecht, én voor de invoering van de financiële gelijkstelling van bijzondere en openbare scholen. Hierdoor werd elke school dus op dezelfde manier gesubsidieerd, wat het voor iedereen mogelijk maakte zijn of haar eigen school te kiezen, of zelfs op te richten.
© 2007 - 2013 Wez_, gepubliceerd in Onderwijs (Mens en Samenleving) op . Het auteursrecht van dit artikel en antwoorden op reacties ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.

Gerelateerde artikelen
Particulier onderwijs, toenemende plaats in onderwijsland Uit onvrede met het reguliere onderwijs sturen meer en meer oud…
De leerplicht en Leerplichtwet Ieder kind in Nederland moet van zijn 5e tot en met zijn 18e jaar naar school toe. Dit kom…
De nieuwe leerplicht: kwalificatieplicht ‘Jij moet verder leren dan je neus lang is’. Zo klinkt de nieuwe motto voor de l…
Leerplicht in Nederland In Nederland is het verplicht dat alle kinderen goed worden opgeleid. Ze moeten worden voorbereid…
Wat houdt leerplicht in? De leerplicht geldt voor kinderen van 5 jaar tot en met het einde van het schooljaar waarin het…

Reageer op het artikel "De mijlpalen in de geschiedenis van het Nederlanse Onderwijs"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Naam: E-mailadres: Meld mij aan voor de wekelijkse InfoNu nieuwsbrief. Reactie:
Infoteur: Wez_
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Onderwijs
Schrijf mee!