De maffia-oorlogen op Sicilie

De maffia-oorlogen op Sicilie

De maffia met zijn erecodes en ongeschreven regels hield eind jaren 50 van de vorige eeuw op te bestaan. De internationale drugshandel werd de belangrijkste activiteit. Het ging uitsluitend nog om geld, niet meer om respect of gezag. Tijdens de maffia-oorlogen in Italië in de jaren 80 en 90 van de 20e eeuw werden diverse prominente maffiajagers uit de weg geruimd. De grote volkswoede hiertegen leidde in 1993 tot de Operatie Schone Handen, waarbij honderden corrupte politici werden opgepakt.

De Siciliaanse maffia en de drugshandel

De tweede helft van de 20e eeuw bestond er geen maffiaromantiek meer -als die er al ooit geweest is- alleen nog grof geweld. Ook onschuldigen kwamen om bij laffe executies en bomaanslagen; niemand werd meer ontzien, ook de vrouwen van politiefunctionarissen werden zonder pardon neergeschoten. In deze periode tekenden de politiecommissarissen en onderzoeksrechters die openlijk de oorlog verklaarden aan de maffia hun eigen doodvonnis. Ze konden daarom geen normaal leven meer leiden, woonden in zwaarbewaakte bunkers en verplaatsten zich alleen met een escorte.

De eerste maffia-oorlog

In 1962 brak de eerste maffia-oorlog uit in Palermo. De Italiaanse regering reageerde al even traag als de Amerikaanse. Na de dood van zeven carabinieri (politieagenten) bij een bomaanslag in 1963 opende de overheid een heksenjacht, zodat veel maffiosi naar het buitenland vluchtten, met name naar Noord- en Zuid-Amerika. Een gouden greep, zo bleek later, want de maffiosi openden binnen no time pizzaketens als dekmantel voor drugsactiviteiten. Toen de zogenaamde French Connection door de Amerikaanse politie werd opgerold en de heroïnelaboratoria in Marseille waren gesloten, namen de Sicilianen onmiddellijk de markt van de Fransen over. Eerst de import en de productie, daarna de distributie. Met de olijfolie, de mozzarella en de ansjovis voor de pizza kwamen ook de drugs de VS binnen.

De eerste laboratoria op Sicilië werden opgezet met hulp van gevluchte Franse chemici in de jaren 70. De maffia maakte bij de invoer gebruik van de oude routes die de Comorra gebruikte voor de smokkel van sigaretten. Van de opiumvelden in Iran, Afghanistan en Pakistan werd ruwe morfine via Turkije en Cyprus naar Sicilië vervoerd om daar te worden verwerkt tot heroïne. Vervolgens werd het -verstopt tussen etenswaren- getransporteerd naar de VS om daar vanuit pizzeria's te worden verhandeld.

De inkomstenbronnen van de maffia

Per jaar verdiende de Siciliaanse maffia miljoenen dollars aan deze handel. Dit geld ging grotendeels op aan riante villa's, Ferrari's, motorboten en diamanten voor de vrouwen en vriendinnen. Voor het geld dat overbleef ontstond het luxeprobleem van het witwassen. En hier kwamen de banken, advocaten, notarissen en poltici in beeld. De financiële maffia was geboren; misdadigers gingen deel uitmaken van het internationale bedrijfsleven en kregen steeds meer greep op de politiek. Naast de drugs vormden ook overheidsgelden en EU-landbouwsubsidies een belangrijke inkomstenbron. Deze gelden waren bedoeld om overproductie tegen te gaan en de gedupeerde boeren te compenseren. Op Sicilië werden op grote schaal subsidies verstrekt voor landbouwterreinen en boomgaarden die niet bestonden. Weer waren het lokale politici en juristen die de maffia willens en wetens een handje hielpen bij het verschaffen van de benodigde documenten.

De tweede maffia-oorlog

Eén van de meest gevreesde maffiabazen op Sicilië was Salvatore 'Totò' Riina uit het dorpje Corleone bij Palermo. Hij was hoofd van de Corleone-clan of Corleonesi, bijgenaamd La Belva, Het Beest. Hij was even kil en gewetenloos als Al Capone. Zo
Totò Riina en Bernardo Provenzano
Totò Riina en Bernardo Provenzano
liet hij een keer alle mannen die hij thuis had uitgenodigd om Kerstmis te vieren in koelen bloede vermoorden. Riina begon in 1981 de tweede maffia-oorlog tegen concurrerende maffiafamilies uit Palermo met ca. 200 doden per jaar. Dat zijn alleen de slachtoffers wier lichamen gevonden zijn. Veel slachtoffers werden nooit gevonden: ze lagen op de bodem van de zee, onder de fundering van huizen of waren helemaal opgelost in een zuurbad. Door tips van een oud-politiecommissaris kon Riina 23 jaar uit handen van de politie blijven. Toen hij in 1993 werd gearresteerd en veroordeeeld tot levenslang werd hij opgevolgd door Bernardo Provenzano. Deze reorganiseerde de maffia tot een criminele organisatie die meer ondergronds opereerde. Als zodanig liet de Maffia weinig meer van zich horen, dit in tegenstelling tot het bewind van Riina waarin de ene na de andere brutale moordaanslag op klaarlichte dag werd uitgevoerd. Provenzano werd, na 42 jaar op de vlucht te zijn geweest voor politie en justitie, in 2006 opgepakt en ook hij werd tot levenslang veroordeeld.

Onverschrokken maffiajagers

De jaren 80 en 90 van de vorige eeuw vormden het tijdperk van wat de maffia luguber omschreef als de cadaveri eccellenti, de 'prominente kadavers'. Aan de lopende band werden hooggeplaatste autoriteiten zoals burgemeesters, rechters en politici vermoord. Zo werd generaal Dalla Chiesa in 1982 naar Sicilië gestuurd om de maffia aan te pakken. Hij had zijn sporen verdiend in de strijd tegen de linkse terreurbeweging Brigate Rosse (Rode Brigade), die in 1978 ex-premier Aldo Moro ontvoerde en vermoordde. Dalla Chiesa ontdekte meer dan goed voor hem was, werd tegengewerkt door zijn politieke superieuren, waarvan Giulio Andreotti , die tussen 1972 en 1992 zeven keer premier van Italië was, hem informatie achterhield. Later bleek Andreotti banden te hebben met de Siciliaanse maffia. Slechts vier maanden na zijn aankomst op Sicilië werd Dalla Chiesa in zijn auto door motorrijders ingehaald en samen met zijn jonge vrouw met kogels doorzeefd.

De volgende onkreukbare en onverzoenlijke maffiajager was onderzoeksrechter Giovanni Falcone (zie afbeelding inleiding). Hij had als Siciliaan het voordeel de taal van de maffiosi te spreken. Zijn grootste troef was Tommaso Buscetta, een hoge
maffiabaas, die uit de school klapt na de moord op zijn zoons en vele vrienden. Als spijtoptant (pentito) doet hij belangrijke onthullingen, zodat Falcone voldoende bewijzen verzamelt tegen Riina en andere capi van de maffia. Falcone wordt voortdurend tegengewerkt en bedreigd, ook door jaloerse collega's. In 1986 begint het spectaculaire en succesvolle megaproces tegen de maffia in een bunker van gewapend beton met 464 beklaagden in stalen kooien. Het merendeel wordt berecht. Als Falcone in mei 1992, als altijd met een escorte, richting Palermo rijdt, ontploft een zware bom precies op het ogenblik dat hij een viaduct passeert. De explosie is zo hevig dat de snelweg over een afstand van een kilometer wordt opengereten en de drie auto's praktisch in een krater verdwijnen. Falcone sterft met zijn vrouw en zijn bodyguards. Falcones oude jeugdvriend, Paolo Borsellino (zie foto links), met wie hij al die tijd nauw heeft samengewerkt, neemt de fakkel over en gaat door met de onderzoeken. Hij weet dat hij de moordenaars van zijn vriend bij de Corleonesi moet zoeken. Maar hij weet ook dat hij ten dode is opgeschreven. Nog geen twee maanden later, in juli 1992, ontploft een bom in de wijk waar hij zijn moeder bezoekt. Met hem sterven zijn vijf lijfwachten. Ook veel onschuldige passanten raken gewond en auto's en hele verdiepingen van gebouwen worden weggeblazen.

Operatie Schone Handen

De moorden op Falcone en Borsellino brengen in Italië een enorme volkswoede teweeg. Met duizenden gaan mensen de straat op, woedend, huilend, om te demonstreren tegen het eindeloze bloedvergieten. Zelfs de kerk zwijgt niet langer en laat bij monde van paus Johannes Paulus II tijdens een mis weten dat zij de maffia veroordeelt. In 1993 wordt Totò Riina eindelijk gearresteerd en op basis van bewijzen die onderzoeksrechter Falcone was begonnen te verzamelen, veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf. Tijdens zijn proces blijkt het Riina te zijn geweest die opdracht had gegeven Falcone en Borsellino uit de weg te ruimen. In dat jaar wordt ook oud-premier Andreotti gearresteerd op verdenking van nauwe banden met de Siciliaanse maffia. De Milanese rechter Di Pietro start zijn Operazione Mani Pulite, Operatie Schone Handen. Door dit project dat zich richt op smeergelden, worden honderden corrupte politici gearresteerd en/of uit hun functie ontheven. In 2003 wordt ex-premier Andreotti op grond van verjaring ontslagen van rechtsvervolging van de beschuldiging van banden met de maffia. De laatste jaren is het rustig geworden rond de Siciliaanse maffiosi. Toch speelt de maffia nog steeds een rol in de Siciliaanse maatschappij.
© 2011 - 2012 Staal, gepubliceerd in Internationaal (Mens en Samenleving) op . Het auteursrecht van dit artikel en antwoorden op reacties ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.

Gerelateerde artikelen
De maffia, politici en anti-maffia De georganiseerde misdaad in Italie wordt ook wel de maffia genoemd. Welgeteld zijn er…
Maffia: inwijding en organisatie Wie bij de maffia wil gaan, kan zich niet zomaar aansluiten. De kandidaat-maffioso wordt…
Italië – Palermo, hoofdstad van Sicilië De stad Palermo is de hoofdstad van de Italiaanse provincie Sicilië, he…
Crisis geen gevolgen voor Italiaanse maffia In tegenstelling tot de bovenwereld ondervindt de onderwereld geen negatieve…
Maffia: Van de oorsprong tot de code's Maffia betekent vrij vertaald eigenlijk georganiseerde misdaad. Voordat een crimin…

Bronnen en referenties
  • Cosa Nostra, de geschiedenis van de Siciliaanse maffia - John Dickie
  • Excellente kadavers, Kroniek van de Italiaanse maffia - A. Stille

Reageer op het artikel "De maffia-oorlogen op Sicilie"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Naam: E-mailadres: Meld mij aan voor de wekelijkse InfoNu nieuwsbrief. Reactie:
Infoteur: Staal
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Internationaal
Bronnen en referenties: 2
Schrijf mee!