De laatste stappen naar de Balfour-verklaring
In de 19e eeuw gaan de religieuze opvattingen van het puriteinse protestantisme steeds meer samenvallen met de Britse politieke (koloniale) belangen. Het eind van de eeuw ziet de opkomst van het joodse zionisme. De doelstelling van deze beweging sluit goed aan bij de twee andere stromingen. Dit zal uiteindelijk resulteren in de Balfour-verklaring van 2 november 1917 waarin de joden een nationaal tehuis in Palestina wordt toegezegd. Naarmate de 19e eeuw vorderde, kwamen de Britse koloniale belangen meer op de voorgrond te staan en werd het religieuze element – de terugkeer van de joden naar Palestina om de verlossing naderbij te brengen – steeds meer een rechtvaardiging van het koloniale beleid en minder een aanjager van dat beleid. Zie “Christelijke voorlopers van het zionisme”.Door de politieke ontwikkelingen in Europa was de detente tussen de grootmachten om het Ottomaanse rijk intact te laten, scheuren gaan vertonen. Engeland bezet Egypte in 1882, Frankrijk bezet Tunesië in 1883, in 1898-99 wordt een gewapend treffen tussen Frankrijk en Engeland op het laatste moment voorkomen (Fashoda-incident), Frankrijk en Duitsland staan in 1911 op het punt van gewapend conflict om Marokko, en Engeland en Rusland maken ruzie over Perzië.
William Hechler
Aan het eind van de 19e eeuw kwam het joodse zionisme op (onder invloed van de Dreyfus-affaire en de pogroms in Oost-Europa). Voormannen van de beweging, zoals Theodor Herzl, lobbyden bij vele (niet-joodse) politieke leiders van die tijd.William Hechler (1845-1931), in 1885 de Anglicaanse huiskapelaan van de Britse ambassade in Wenen, een man die sterk geïnspireerd was door de denkbeelden van Lord Shaftesbury, kende Herzl. Hechler zag Herzl en zijn zionistische project als door God voorbeschikt om de bijbelse voorspellingen omtrent de terugkeer naar Palestina ten uitvoer te brengen.
Om Herzl te helpen zette Hechler zijn uitgebreide netwerk van politieke relaties in bij het vinden van een internationale sponsor voor het zionistische project. Zo regelde hij voor Herzl ontmoetingen met de Ottomaanse sultan, de Duitse keizer en, nadat deze contacten weinig hadden opgeleverd, ook met leden van de Britse politieke elite.
Joodse bekering raakt op de achtergrond
Tot ongeveer de jaren negentig van de 19e eeuw gingen de meeste christelijke zionisten er nog vanuit dat de joodse terugkeer naar Palestina pas zou plaatsvinden, nadat de joden zich hadden bekeerd tot het christendom. Met Hechler wordt hiervan afgeweken, in die zin dat christenen nu slechts worden opgeroepen te helpen de joden naar Palestina te laten terugkeren (een opmerkelijke parallel met hedendaagse Amerikaanse fundamentalistische stromingen).De nieuwe politieke realiteit van het eind van de 19e eeuw had geleid tot een nieuwe generatie niet-joodse zionisten in Engeland. Hoewel ook zij gedreven werden door een mix van religieuze en koloniale motieven, hielden zij zich veel minder dan bijvoorbeeld Shaftesbury en diens tijdgenoten bezig met de eindtijd. Zij waren bezig het Britse rijk op te bouwen en keken primair naar het strategische belang van het Midden Oosten. Hun idee om Palestina, en andere gebieden, te annexeren, door middel van een door Engeland gesteunde joodse terugkeer, vond steeds meer weerklank.
Joseph Chamberlain
Een van de ‘nieuwe’ niet-joodse zionisten was de Britse minister van koloniale zaken, Joseph Chamberlain (1836-1914). Chamberlain had weinig op met de bijbelse profetieën, zijn belang was het Britse rijk. In zijn pogingen het Britse rijk uit te breiden was hij constant op zoek naar Europese kolonisten om het land onder Britse vleugels tot ontwikkeling te brengen. Hij zag de kansen die de joodse zionistische beweging Engeland zou kunnen bieden.Joseph Chamberlain (1836-1914)
In april 1903 stelde Chamberlain Herzl als joods thuisland een deel van Noord-Kenia voor (Oeganda-plan). Om het plan verder uit te werken had hij al een advocatenfirma in de arm genomen, waarvan een van de partners Lloyd George was, tussen 1916 en 1922 Brits premier.
Ondanks deze plannen bekommerde Chamberlain zich in humanitaire zin weinig om de joden (pogroms in Oost-Europa). Zo was hij er voorstander van de immigratie van Oost-Europese joden te beperken uit angst voor de reactie van de Britse arbeidersklasse en voor andere sociale problemen.
Arthur Balfour
Ook de niet-joodse zionist Arthur Balfour (1848-1930), premier van 1902 tot 1905 en onder Lloyd George minister van buitenlandse zaken van 1916 tot 1919, was pleitbezorger van de Vreemdelingenwet van 1905. Op grond van zijn religieuzeArthur Balfour (1848-1930)
Dat Balfour voorstander was van de Vreemdelingenwet, was voor hem geen anti-joodse daad, integendeel, hij was er vermoedelijk oprecht van overtuigd dat de christelijke beschaving ernstig in het krijt stond bij het jodendom. Na de afkondiging van de Balfour-verklaring op 2 november 1917, waarin de joden een nationaal tehuis in Palestina werd beloofd, liet hij optekenen dat hij was beïnvloed door de wens de joden weer hun rechtmatige plaats in de wereld te geven. Een groot volk zonder tehuis (home) was in zijn ogen niet correct.
Voor David Lloyd George (1863-1945), die in 1916 Brits premier werd, geldt een vergelijkbaar verhaal. Op de totstandkoming van de Balfour-verklaring had hij wellicht zelfs nog meer invloed gehad dan Balfour zelf. Zijn religieuze en politieke ideeën ontleende hij grotendeels aan Lord Shaftesbury en zijn goede contacten met de joodse voorman Chaim Weizmann hadden hem tot een overtuigd zionist gemaakt.
Balfour-verklaring van 2 november 1917
Met veel christelijke en koloniaal geïnspireerde politici op belangrijke posten hoefde de (joodse) zionistische beweging er niet over in te zitten of de Balfour-verklaring er zou komen. In deze verklaring – een brief van Balfour aan Walter Rothschild, een leider van de joodse gemeenschap in Engeland – wordt de joden in Palestina een nationaal tehuis beloofd, op voorwaarde dat de rechten van bewoners volledig worden gerespecteerd.Oppositie vanuit Brits-joodse kring kon eenvoudig worden genegeerd. Edwin Montagu, joods staatssecretaris voor India in het kabinet van Lloyd George, sprak zich op de kabinetszitting van 4 oktober 1917 uit tegen de Balfour-verklaring. Voor hem vormden de joden een religieuze gemeenschap en hij zag zichzelf als joodse Engelsman. Ook had hij een praktisch argument: hoe zou hij met het Indiase volk kunnen onderhandelen uit naam van de Britse overheid als diezelfde overheid zojuist heeft aangegeven dat zijn nationale tehuis zich op Turks grondgebied bevindt? Zijn argumenten werden van tafel geveegd.
Dat het met de Balfour-verklaring voor de zionistische beweging niet “eind goed, al goed” was, toont de geschiedenis van het Midden Oosten vanaf 1917. Engeland komt voor een deel terug op zijn beloften en de lokale bevolking ging zich meer en meer verzetten tegen het zionistische project.
Naar de special.
© 2009 - 2012 Dreus, gepubliceerd in Internationaal (Mens en Samenleving) op .
Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Dreus is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer informatie…
Zionisme 4: Theodor Herzl en de stichting van het Zionisme In het laatste deel van de 19de eeuw werd Zionisme getransform…
Modern Israël 12: Theodor Herzl en Altneuland De Zionistische Organisatie groeide geleidelijk: meer deelnemers aan d…
Geschiedenis Joodse volk 11 (Palestina en Zionisme) Het huidige Israël werd eeuwenlang door vreemde machthebbers bestuurd…
Modern Israël 13: Theodor Herzl en Achad Ha'am De intellectuele opponent van Theodor Herzl was Asher Ginzberg die be…
Gerelateerde artikelen
Modern Israël 14: Theodor Herzl en de Oeganda optie Na zijn bezoek aan Cromer in Egypte en het afwijzen van het al-A…Zionisme 4: Theodor Herzl en de stichting van het Zionisme In het laatste deel van de 19de eeuw werd Zionisme getransform…
Modern Israël 12: Theodor Herzl en Altneuland De Zionistische Organisatie groeide geleidelijk: meer deelnemers aan d…
Geschiedenis Joodse volk 11 (Palestina en Zionisme) Het huidige Israël werd eeuwenlang door vreemde machthebbers bestuurd…
Modern Israël 13: Theodor Herzl en Achad Ha'am De intellectuele opponent van Theodor Herzl was Asher Ginzberg die be…
Reageer op het artikel "De laatste stappen naar de Balfour-verklaring"
Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.