'Hedendaagse' Filosofen

Naast de bekende filosofen als Nietsche, Socrates en Montaigne zijn er nog vele anderen die veel minder bekend zijn, maar toch van belangrijke invloed zijn. Zeker voor hen, die niet zo goed thuis zijn op het gebied van Filosofie is het wellicht een interessante aanvulling op de groten der aarde! In dit artikel vindt u een korte beschrijving van het leven en werken van Martin Heidegger.
Martin Heidegger, ook wel de ziener uit het Zwarte Woud genoemd, was een filosoof die in 1889 in Messkirch in het zuiden van Duitsland werd geboren. Hij bracht het grootste deel van zijn leven in de oude universiteitsstad Freiburg door, waar hij studeerde, promoveerde en hoogleraar werd. In het zuidelijker gelegen Todtnauberg, trok hij zich regelmatig terug in zijn berghut om er te schrijven en na te denken. Hij overleed in 1976 in Freiburg en werd begraven in Messkirch. Heidegger groeide op in een degelijk, katholiek gezin dat niet beschikte over voldoende financiële middelen om een hogere opleiding te bekostigen. Zijn gymnasiumopleiding werd gefinancierd door de kerk en dit soort hulp betekende in de meeste gevallen dat de leerling voorbestemd was voor het priesterschap. Na twee jaar theologie en filosofie gestudeerd te hebben aan de universiteit van Freiburg, brak Hij zijn priesteropleiding om gezondheidsredenen af. In 1913 werd hem een studiebeurs voor katholieke filosofie toegekend en kon hij zijn studie vervolgen.

Hoewel hij gedurende enige tijd een professoraat in de katholieke filosofie ambieert, breekt hij toch in 1919 met wat hij 'het systeem van het katholicisme' noemde. Deze beslissing is wellicht beïnvloedt door zijn huwelijk in 1917 met de evangelisch-lutherse Elfride Petri. Dit gemengde huwelijk was in die tijd opmerkelijk te noemen. Vervolgens wordt hij in 1918 assistent van de invloedrijke fenomenoloog Husserl, die met zijn streng wetenschappelijke benadering van de filosofie, niets wilde weten van de katholieke filosofie. In filosofisch opzicht is de verandering van keuze van Heidegger, een gelukkige geweest, want er breekt een creatieve periode aan die uiteindelijk in 1927 resulteert in zijn eerste werk; 'Sein und Zeit'. Tijdens zijn eerste proffessoraat aan de universiteit van Marburg is zijn reputatie die van 'de ongekroonde koning van de filosofie' Aldus keerde hij in 1928 als gevierd filosoof terug in Freiburg waar hij wordt benoemd tot opvolger van zijn oude leermeester Husserl.

Dan volgt de meest omstreden periode uit zijn leven. Begin jaren dertig verenigt hij zich met het nationaal-socialisme. Hij wordt lid van de NSDAP, neemt van 1933 tot 1934 het rectoraat van de universiteit op zich en ontplooid in deze periode allerlei politieke activiteiten. Die activiteiten variëren van propagandistische lezingen tot het invoeren van het 'Fuhrerprinzip' op de universiteit. Na de oorlog rechtvaardigt hij zich door zich te beroepen op zijn politieke naïviteit en op de kritiek die hij al sinds de jaren dertig op nazi-ideologie in zijn werk geuit heeft. Desondanks heeft hij zich nooit echt van zijn nazi-verleden gedistantieerd. In 1945 wordt hem door de Franse bezettingsmacht een doceerverbod opgelegd dat pas in 1951 werd opgeheven. Begin jaren vijfitg hervat hij zijn publieke filosofische cariére. In de laatste twintig jaar voor zijn dood neemt de invloed van zijn werk gestaag toe en tegenwoordig wordt hij beschouwd als een van de belangrijkste filosofen van deze eeuw.

Karakteristiek van zijn werk.

Een thema loopt als een rode draad door zijn oeuvre; de vraag naar de zin en de geschiedenis van het 'zijn'. Wat hij precies bedoeld heeft met 'zijn' is nog steeds aanleiding tot debat en geeft dit oeuvre een unieke positie op het filosofische toneel van deze tijd. Van alle spraakmakende filosofen in deze eeuw is hij de enige wiens werk in het teken staat van wat traditioneel wordt aangeduid als metafysica. Dat het desondanks van enorme invloed is op de filosofische ontwikkelingen van onze tijd heeft twee belangrijke redenen:
  1. Zijn onorthodoxe aanpak en uitwerking van de zijnsvraag, opent nieuwe filosofische perspectieven die in feite met de metafysica in de klassiek thomistische of kantiaanse zin, niets meer van doen hebben.
  2. De kritiek op de metafysica die hij vooral in zijn latere werk formuleert, loopt vooruit op de postmetafysische wending in de hedendaagse filosofie.
De uitwerking van de zijnsvraag vertoont in de loop van de jaren zowel inhoudelijk als methodisch een verschuiving. In de beginfase staat de verwevenheid van het menselijk bestaan met de zijnsvraag centraal en analyseert hij het mens-zijn.
In de jaren dertig en veertig radicaliseert hij de zijnsvraag tot een breed aangezette metafysica- en cultuurkritiek. Hij analyseert nu wat filosofie eigenlijk is en wat er precies gebeurt als er gefilosofeert wordt. Hij eindigt zijn werk met een poging het raadsel van het 'zijn' zelf te onthullen. Zijn aanpak verschuift gaandeweg van concrete, uiterst gedetailleerde fenomenologische analyses naar een lossere, meer speculatieve benadering.

Ondanks de grote verschillen tussen het vroege en het latere werk, vormt zijn filosofische stijl een constante. Die stijl is gedreven en vergt van zijn lezers een grote betrokkenheid. Tegelijkertijd is hij een filosoof van extremen. Dit dubbele karakter van zijn werk verklaart wellicht de brede weerklank die het heeft gekregen. Het spreekt ook een niet academisch publiek aan dat op zoek is naar antwoorden op existentiële zinvragen.

Sein und Zeit.

Zijn en tijd (vertaling van dit boek) is een compact werk en in dit boek formuleert hij het project dat hij in zijn colleges van de jaren twintig, uitvoerig en in al zijn facetten behandelt. Het behelst de uitwerking van twee veronderstellingen.
  1. De gedachte dat beantwoording van de zijnsvraag, een fundamentele analyse van het menselijk bestaan vergt.
  2. De gedachte dat het zijn in samenhang met de tijd begrepen moet worden.
In dit boek komt hij echter niet meer aan de uitwerking van de tweede veronderstelling toe.

De methode die hij in deze periode hanteert, is een kritische herziening van Husserls fenomenologie. In deze fenomenologie staat het bewustzijn centraal. Dit betekent dat het zijn van dingen, de materie, herleid kan worden tot een voor en door het bewustzijn geconstitueerd zijn; dat de de dingen er zijn, betekent dat ze zich voordoen aan een bewustzijn. Dit idealistisch primaat wordt door Heidegger vervangen door een ontologisch primaat. Vanuit ontologisch oogpunt is herleiding tot het bewustzijn misleidend. De specifieke zijnswijze van zowel de mensen als de dingen worden daardoor verhuld. Niet de waarneming en de voorstelling van de dingen en de wereld om ons heen, maar de praktische omgang met de dingen en het zorgend in de wereld staan, vormen de basishouding van het menselijk bestaan.

Via zijn analyse van het zijnsverstaan komt hij op het sppor van de rol in van tijd in het menselijk bestaan. Hij onderscheidt drie aspecten aan de structuur van het zijnsverstaan: geworpenheid, ontwerp en articulatie. Deze drie aspecten verwijzen ook naar de temporele structuur van het menselijk bestaan. Met zijn geboorte wordt de mens in een bepaalde wereld met een bepaalde taal geworpen. Vanuit de betekenissamenhang van die wereld en de taal leren wij onszelf, de dingen en de mensen om ons heen kennen en begrijpen. In temporeel opzicht verwijst de 'geworpenheid' naar het verleden; een verleden dat we niet achter ons laten, maar dat we steeds zijn.

In dit boek besteedt hij veel aandacht aan het onderscheid tussen eigenlijkheid en oneigenlijkheid. Het alledaagse bestaan is oneigenlijk als wij ons verliezen in de dagelijkse zorgen en beslommeringen. In plaats van zelf te leven, laten we ons leven door alle dingen die beslag op ons leggen. De tijdservaring is hierdoor vervlakt tot een vluchtig heden. Hoewel dit verval onontkoombaar is, kan deze toestand doorbroken worden door momenten van eigenlijkheid. Verleden en toekomst krijgen dan hun dragende dimensie terug. Wij confronteren onszelf dan met de eigen bestaansmogelijkheden en de uiterste mogelijkheid die we onder ogen moeten zien is dan het 'niet-zijn', de eigen dood. In confrontatie met de eigen dood, verschijnen de ware contouren van het eigen bestaan. We realiseren ons dan pas dat we, weliswaar ongevraagd, geworpen in het bestaan, dit eigen bestaan op ons moeten nemen.
© 2009 - 2012 Wijsneus, gepubliceerd in Filosofie (Mens en Samenleving) op . Het auteursrecht van dit artikel en antwoorden op reacties ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.

Gerelateerde artikelen
Filosoof uitgelicht; Thales van Milete Thales van Milete wordt beschouwd als de eerste natuurwetenschapper en analytische…
Wat is metafysica? In woordenboeken vinden we vaak een vreemde omschrijving van het begrip metafysica. Het wordt beschrev…
Averroës oftewel Ibn Ruschd Ibn Ruschd, die in het Westen bekendheid kreeg als Averroës, was een eminent geleerde in…
Filosofie in de Klassieke Oudheid Filosofie is de oudste theoretische discipline die verlangt en streeft naar wijsheid. H…
Geschiedenis Jodendom 18: Joodse filosofie - Philo & Saädja De oorsprong van de Joodse filosofie dateert al vanuit d…

Bronnen en referenties
  • Bron: Sein und Zeit vertaald als Zijn en Tijd.

Reageer op het artikel "'Hedendaagse' Filosofen"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Naam: E-mailadres: Meld mij aan voor de wekelijkse InfoNu nieuwsbrief. Reactie:
Infoteur: Wijsneus
Rubriek: Mens en Samenleving
Subrubriek: Filosofie
Bronnen en referenties: 1
Schrijf mee!