Bestaat journalistiek beroepsgeheim?

Het journalistieke beroepsgeheim en bronbescherming zijn bekende onderwerpen in de discussie over de rol van de journalist en vormen een ethisch dilemma. ‘Kunnen journalisten indien noodzakelijk gebruik maken van anonieme bronnen en is het hun beroepsethische plicht om deze bronnen te beschermen?’ is de vraag die gesteld kan worden bij dit ethische dilemma en vormt daarnaast ook de leidraad in dit opiniestuk.
Verschillende partijen met verschillende belangen zijn betrokken bij dit ethische dilemma, waarbij tegengestelde waarden in het geding zijn. Een journalist kan middels de vrijheid van nieuwsgaring (wat een onderdeel is van vrijheid van meningsuiting) achter allerlei informatie komen maar kan dit soms niet zonder geheimhouding van de bron. Belangrijke informatie komt vaak van anonieme bronnen waarmee journalisten een vertrouwensrelatie hebben en dienen deze bron dus geheim te houden. In het geval van een rechtszaak kan aan de journalist naar deze broninformatie worden gevraagd, maar is de journalist verplicht deze informatie te geven of kan hij/zij zich beroepen op vrijheid van nieuwsgaring en de daarmee wellicht samenhangende beroepsethische plicht van bronbescherming? Aan de ene kant is het zeer belangrijk dat de journalist vrij kan opereren en zijn bronnen kan beschermen om een onafhankelijke positie te behouden ten opzichte van politie en justitie bij het identificeren van verdachten in het belang van opsporingsonderzoek. Daarnaast argumenteerde het Europees Hof voor de Rechten van de Mens te Straatsburg vanuit het in artikel 10 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens gegarandeerde recht van vrijheid van meningsuiting. “Dit recht houdt ook een onbelemmerde vrijheid van nieuwsgaring in. De daaruit voortvloeiende waarborgen impliceren dat een journalist in beginsel zijn bronnen geheim mag houden” (Evers, 2007).
Aan de andere kant kan waarheidsvinding van groter belang zijn dan vrijheid van nieuwsgaring en kan justitie de journalist verplichten bepaalde broninformatie te onthullen. Dit is echter alleen van toepassing als ernstige misdrijven kunnen worden voorkomen of opgelost, voorwaarde is echter wel dat justitie de informatie eerst via andere wegen probeert te verkrijgen voordat naar de journalist wordt gestapt. Daarnaast heeft een journalist niet zoals een arts een wettelijk erkend beroepsgeheim en een daarmee corresponderend verschoningsrecht. Verschoningsrecht houdt in “de bevoegdheid van de getuige om zich ontheven te achten van de verplichting om op de gestelde vragen te antwoorden” (Evers, 2007). Dit betekent dat, afhankelijk van de context, de rechter bepaalt of de journalist bepaalde broninformatie moet geven of dat hij/zij zich kan beroepen op het verschoningsrecht. Vaak wordt als tegenargument van journalistiek verschoningsrecht, de twijfel aan de kwaliteit van de beroepsuitoefening en aan de integriteit van de beroepsgroep als geheel genoemd. Daarnaast is het moeilijk om journalistiek verschoningsrecht toe te passen, want door vrijheid van meningsuiting kan de journalistiek geen gesloten beroep zijn en kan iedereen zich dus een journalist noemen.

Samengevat kunnen er tot nu toe twee partijen worden onderscheiden, namelijk de journalist en de overheid (justitie), waarbij het belang van vrijheid van nieuwsgaring tegenover het belang van waarheidsvinding kan worden gesteld. De rechter bepaalt uiteindelijk of vrijheid van nieuwsgaring wel of niet van groter belang is dan waarheidsvinding.
Daarnaast kan nog een derde partij worden onderscheiden, namelijk het publiek. Het publieke belang bij dit ethische dilemma is dat de journalistiek onafhankelijk is en bestuursorganen kan controleren, wat zeer belangrijk is in een democratische samenleving.

Eigen visie

Bij het bepalen van mijn eigen positie in deze discussie zal mijn keuze voor aan de ene kant vrijheid van nieuwsgaring en aan de andere kant waarheidsvinding volledig afhangen van de context van een bepaalde zaak. Principieel zal mijn keuze vooral uitwijken naar vrijheid van nieuwsgaring omdat ik de onafhankelijke positie van de journalist ten opzichte van de overheid zeer belangrijk vind. Daarnaast vind ik dat een journalist wel alles eraan gedaan moet hebben om anonimiteit te ontwijken en informatie via andere wegen te verkrijgen. Door anonieme bronnen te gebruiken wordt het verhaal oncontroleerbaar voor derden en dit tast de geloofwaardigheid van het verhaal aan. Hetzelfde geldt voor de overheid, zij moet ook alles eraan gedaan hebben om via andere wegen achter bepaalde informatie te komen voordat zij de journalist vraagt naar deze informatie. Indien anonimiteit de enige mogelijkheid was om achter bepaalde informatie te komen, zal de rechter uiteindelijk moeten bepalen of het belang van waarheidsvinding zwaarder weegt dan het belang van vrijheid van meningsuiting. Hierbij is het uiterst belangrijk dat de rechter niet bij voorbaat waarheidsvinding zwaarder laat wegen maar dat de rechter het belang van vrijheid van nieuwsgaring ook onderkent.
© 2009 - 2012 Paulo, gepubliceerd in Diversen (Mens en Samenleving) op . Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Paulo is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer informatie…

Gerelateerde artikelen
Journalistiek: nieuwsgaring - hoe vergaar je nieuws? Via journalistiek vergaren we op systematische wijze informatie en v…
Journalistiek: beeldjournalistiek - infografiek Naast de fotojournalistiek en de gewone journalistiek bestaat er ook beel…
Journalistiek: de sportverslaggever & sportverslaggeving Een sportverslaggever verslaat het sportnieuws. Hoe wordt het sp…
Journalistiek: de mediapagina De mediapagina in kranten bestaat pas sinds de jaren 1980. Daarvoor beperkten de kranten zi…
Journalistiek: persvrijheid en communicatievrijheid Net als het gezondheidsrecht voor artsen en verpleegkundigen van groo…

Reageer op het artikel "Bestaat journalistiek beroepsgeheim?"

Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.
Bronnen en referenties
  • Evers, H. (2007). Media-ethiek. Groningen: Wolters-Noordhoff.
Infoteur: Paulo
Rubriek: Mens en Samenleving / Diversen
Bronnen en referenties: 1
Schrijf mee!