Werken om te leven
Menig fulltime werkende is maar wat blij als het vrijdagmiddag is. De werkweek zit er weer op. Tijd om energie bij te tanken in het weekeinde. Hoe vermoeiend ook, vergeleken met nog niet eens zo heel lang geleden, hebben we het zo zwaar nog niet. In de Middeleeuwen lag de jaarlijkse arbeidsduur van arbeiders op ongeveer 3200 uur. In de negentiende eeuw was dat gestegen tot ongeveer 3800 uur. In 1900 is er een lichte afname tot 3700 uur. Daarna heeft er een spectaculaire daling plaats tot 2500 uur in 1950, 2100 uur in 1970 en 1750 uur in 2000. Belangrijke datum in deze is 18 september 1919. Op die dag wordt de 8-urige werkdag aangenomen. De totale werkweek komt daarmee op gemiddeld 45 uur. Anno nu is dat 35 uur.Eens per jaar – op 1 mei - besteden we aandacht aan het heuglijke feit dat we arbeid mogen verrichten. Dat de ‘Dag van de arbeid’ niet op de 18e september wordt gevierd maar op 1 mei, heeft alles te maken met een massademonstratie in Chicago. Op 1 mei 1886 werd aldaar een grote betoging gehouden voor de invoering van de achturige werkdag. Onrust alom bij de politieke leiders. De bijeenkomst werd dan ook bloedig neergeslagen. Dit bracht de Tweede Internationale Arbeidersassociatie in 1889 ertoe de 1e mei als ‘Dag van de Arbeid’ uit te roepen en op die dag voortaan grote manifestaties te houden.
De directe aanleiding tot de invoering van de achturige werkdag was een politieke. In het publieke debat wezen tegenstanders, behalve op de gevolgen voor de internationale concurrentiepositie van de Nederlandse nijverheid, op het gevaar dat de arbeiders niet goed met hun vrijheden zouden weten om te gaan. Voorstanders meenden dat deze angst overtrokken was. Arbeiders konden een recht op een menswaardig bestaan laten gelden en vooral via de opvoeding en onderwijs zouden eventuele problemen zijn te verhelpen.
Een Ford voor iedereen
Arbeidsdiscipline is door de eeuwen heen een probleem geweest. Alle middelen werden uit de kast gehaald om de arbeider vooral maar aan het werk te krijgen. Lijfstraffen en loonsverlaging hadden nooit het gewenste effect. Autofabrikant Henry Ford neemt volgens deskundigen de belangrijkste plaats in als het gaat om verandering van de arbeidsdiscipline. In 1920 kreeg hij een briljant idee: hij verhoogde het arbeidsloon van de gebruikelijke 2 dollar per dag naar 5 dollar. Later zou hij zeggen dat hij er spijt van had er geen 7 of 8 dollar van gemaakt te hebben. Hoe dan ook, de gevolgen van zijn beslissing waren spectaculair. Eenmaal op de hoogte van het hoge te verdienen loon, stond er binnen no time een leger van werkwilligen aan de poort van zijn fabriek. Het destijds hoge verloop van vierhonderd procent liep terug naar een half procent. Het Fordje, dat in eerste instantie aalleen aan de elitaire bovenlaag werd verkocht, werd nu de droom van elke arbeider. En daarmee werd ook Fords droom verwezenlijkt. Hoewel de disciplinering in de fabriek zwakker wordt, accepteert de arbeider die nu, want hij had een doel. Wat in driehonderd jaar dwang mislukt, lukt Henry Ford: werken moet, al is het maar om te meer te kunnen consumeren dan het dagelijks maal, de huurpenningen en de wekelijkse borrel. Daar het niet de bedoeling was dat de arbeiders het extra loon in de kroeg zouden verbrassen, richt Ford zijn Social Department op, die de arbeiders ook in hun privé-tijd controleert of zij wel een deugdzaam leven leiden. Alcohol is ten strengste verboden: het mag zelfs niet in huiselijke kring worden genuttigd. Vroeg naar bed en sparen, dat was het credo. De vrouw van de arbeider mocht niet eens werken. Zij moest er voor zorgen dat het voor de man goed thuiskomen was. Ze creëerde Ford de Happy Family: hard werken bij Ford, rustig leven in de privé-tijd en sparen voor de aanschaf van een auto.Ora et labora
De afname van het aantal arbeidsuren door de jaren heen betekent niet automatisch een overeenkomstig aantal extra vrije uren. Maar dat arbeidsduurverkorting aanzienlijk heeft bijgedragen tot de groei van vrije tijd spreekt voor zich. Vooral sinds de jaren ’50 is de omvang van de vrije tijd gestegen. Arbeid heeft het leven van de mens steeds vorm gegeven. Aanvankelijk organiseerde de mens zijn leven vooral rond de arbeid, omdat het de voornaamste mogelijkheid was om in de meest noodzakelijke levensbehoeften te voorzien. Waar deze beweegreden onvoldoende bleek, werd de arbeidswaardering versterkt door godsdienstige stromingen (ora et labora), spreekwoorden (arbeid adelt en ledigheid is des duivels oorkussen) en repressie (van hevigheid tot werkhuis).Anno nu zijn de redenen tot arbeid gevarieerder. Het voorzien in noodzakelijke levensbehoeften speelt nog steeds een belangrijke zo niet de voornaamste rol. Helaas voor velen is leven zonder arbeid te verrichten een utopie. Daarnaast zijn echter sociaal contact, ontwikkeling en zelfverwerkelijking geen onbelangrijke waarden.
Arbeid is er in veel opzichten zeker niet makkelijker op geworden. De industrialisering, mechanisering en automatisering hebben geleid tot een toenemende vervreemding in de arbeid. Hadden ambachtslieden in het verleden van productie tot uiteindelijke verkoop nog contact met hun product, nu is dat gevoel vaak grotendeels verdwenen. Vooral bij grote multinationals voelen mensen zich meer dan eens een minuscuul onderdeel van het grote geheel.
Mensen verrichten arbeid omwille van de economische zaak, maar ook om de toegenomen consumptiebehoefte te bevredigen. De waarden en normen die zich rond arbeid gevormd hebben, die de arbeid tot een centrale rol in ons leven maakt en die ook de leefwijze buiten de arbeidstijd bepalen, wordt arbeidsethos genoemd. Sinds de jaren vijftig is er stilaan een vrijetijdsethos gegroeid. Mensen beginnen meer en meer waarde te hechten aan het hebben van vrije tijd en laten zich vaker leiden door de normen en waarden die hun betekenis ontlenen aan hun belang voor arbeid. Soms wordt het arbeidsethos volledig verdrongen door het vrijetijdsethos, bijvoorbeeld bij sommige jongeren-subculturen. Maar meestal staat het vrijetijdsethos naast het arbeidsethos: zonder werk daalt het inkomen, een laag inkomen is een rem op de gewenste vrijetijdsbesteding. Het arbeidsethos blijft dus domineren maar staat in belangrijke mate in functie van het vrijetijdsethos. De waardering van vrije tijd wordt bijvoorbeeld duidelijk in het toegenomen aantal deeltijdbanen en in het opnemen van onbetaald verlof en sabbatical leaves.
© 2009 - 2012 Enroute, gepubliceerd in Carriere (Mens en Samenleving) op .
Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Enroute is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer informatie…
Arbeid in de verzorgingsstaat Drie keer per jaar op vakantie, met oudjaar voor miljoenen euro's vuurwerk de lucht in schi…
Werk: een bijdrage aan de Goddelijke opdracht Voor de één is werk een plezierige bezigheid, voor de ander een dagelijkse…
Vanaf welke leeftijd mogen jongeren werken? Vanaf dertien jaar is het al toegestaan om arbeid te verrichten. Het gaat in…
Economie: Welvaart Uitleg over de vraag: wat is economie? In dit artikel leggen we het derde antwoord uit: Economie is (o…
Gerelateerde artikelen
Wat is werk en waarom werken mensen? Indien mogelijk zal bijna ieder mens in onze samenleving werk willen hebben. Veel me…Arbeid in de verzorgingsstaat Drie keer per jaar op vakantie, met oudjaar voor miljoenen euro's vuurwerk de lucht in schi…
Werk: een bijdrage aan de Goddelijke opdracht Voor de één is werk een plezierige bezigheid, voor de ander een dagelijkse…
Vanaf welke leeftijd mogen jongeren werken? Vanaf dertien jaar is het al toegestaan om arbeid te verrichten. Het gaat in…
Economie: Welvaart Uitleg over de vraag: wat is economie? In dit artikel leggen we het derde antwoord uit: Economie is (o…
Reageer op het artikel "Werken om te leven"
Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.